Posts tonen met het label VNG. Alle posts tonen
Posts tonen met het label VNG. Alle posts tonen

zondag 11 januari 2026

De vijf dossiers waar het bibliotheekwerk dit voorjaar mee te maken heeft en één olifant in de kamer

 

Vlak na de zomervakantie vorig jaar, zette ik op een rijtje welke dossiers in het najaar van 2025 aan de orde zouden komen. Inmiddels is dat jaar voorbij. En die vijf dossiers zijn allemaal een stuk opgeschoven maar nog allemaal actueel. En nu we een Kerstvakantie achter de rug hebben, een nieuw jaar zijn begonnen en het werkende leven - met sneeuw - weer is opgestart, legde ik mijn oor weer te luister in de wandelgangen en geef u een update van wat we nu weten. 

Het wordt weer een spannend half jaar, lees vooral verder. Ik geef u vijf dossiers en één olifant in de kamer die we bijna zouden vergeten. Maar voor dat ik begin: nog de beste wensen voor 2026!

Dossier 1: Bibliotheekwet: Proces en inhoud

Wet: behandeling in Tweede Kamer eerste helft 2026

Toen ik net na de zomer schreef over dit dossier was het kabinet net voor de tweede keer gevallen. Gelukkig lukte het de wetswijziging door de allerlaatste minsterraad te loodsen zodat het naar de Raad van State kon. De Raad van State toonde zich uiterst verguld met de wetswijziging en vlak voor de Kerst maakt de raad dan ook bekend geen opmerkingen te hebben met indiening. Een zogeheten dictum A; dat is een soort tien met een griffel voor wetsvoorstellen. De laatst bekende versie van de wetswijziging is hier te vinden.  

Die wet kan dus binnenkort door naar de Tweede Kamer is de verwachting en de behandeling zal dan wel de eerste helft van 2026 in beslag nemen. Logisch is dat er eerst een ronde voor schriftelijke vragen komt en daarna een overleg. En daarna amendementen en moties. 

Daarna kan de wet dan naar de Eerste Kamer en dat zal dan wel najaar worden. Per saldo komen we dus uit om een ingangsdatum van 1 januari 2027. Nergens nog officieel zo gecommuniceerd maar toch al een flink tijdje de datum die circuleert.

AMvB Meerjarenplan: binnenkort in consultatie

Ondertussen hebben de ambtenaren na overleg met een aantal partijen ook de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) voor de opstelling van het meerjarenplan.  Dit meerjarenplan moeten gemeenten opstellen samen met hun bibliotheek om te voldoen aan de zorgplicht. Als de zorgplicht op 1 janauri 2027 ingaat hebben gemeenten tot 1 januari 2028 om dit plan op te stellen. 

Deze AMvB zal in de tweede helft van januari openbaar worden doordat deze dan wordt aangeboden in een internetconsultatie. Dan mag iedereen er dus openbaar op reageren. Die consultatie hoeft de aanbieding van de wetswijziging aan de Kamer niet in de weg te staan. Met andere woorden: de wet gaat al naar de Kamer als de internetconsultatie waarschijnlijk loopt.  

Wie inhoudelijk nog een keer wil nalezen wat de voorgestelde wetswijzigingen zijn, kan terecht bij mijn artikel: De wijziging van de bibliotheekwet in vijf vragen


Dossier 2: Handreiking VNG en streefwaarden (voorheen normenkader)

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft aangegeven een handreiking te maken voor gemeenten om de wetswijziging goed te verwerken. KWINK maakt die handreiking. In het najaar circuleerde daar al een eerste concept van maar dat werd aangehouden omdat de wet nog niet naar de Kamer was en de teksten nog onvoldoende officieel waren. 

De verwachting is dat een eerste concept van deze handreiking in het voorjaar beschikbaar zal zijn als de Kamer nog de wet moet behandelen.  Daarmee kan iedereen zich al wel voorbereiden op het proces dat volgen moet nadat de wet is goedgekeurd.

In deze handreiking zullen ook de streefwaarden voor bibliotheekwerk genoemd en geduid worden. Deze streefwaarden zijn het normenkader zoals dit begin 2025 is ontwikkeld door VOB en VNG. 

Dossier 3: Verkiezingen en onderzoek naar gratis bibliotheekabonnementen

Steeds meer bibliotheken kennen een vorm van gratis lidmaatschap voor volwassenen. In maart van dit jaar maakte ik hier het laatste overzicht van dat ondertussen al voor een deel achterhaald is. Dit omdat de ene na de andere bibliotheek hiermee start. 

In de laatste brief van minister Moes van vorig jaar aan de Kamer - op 18 december van 2025 - geeft hij aan waarom het ministerie hier onderzoek naar doet en hoe ver het is. Korter kan ik het niet zeggen:

Met de motie van de leden Rooderkerk en Kisteman van 26 november2024 heeft de Tweede Kamer verzocht onderzoek te doen naar demogelijkheden voor een automatisch lidmaatschap van de openbare bibliotheek. Het onderzoek is in augustus 2025 aan een organisatie vooronderzoek gegund. In de bibliotheeksector wordt op veel plekken met vormen van gratis lidmaatschap geëxperimenteerd. Daarom wordt in het onderzoek een verkenning naar deze vormen van gratis lidmaatschap in verschillende steden meegenomen. Het onderzoek is naar verwachting in het eerste kwartaal van 2026 gereed.

Ook dit dossier zou dus in het voorjaar van 2026 op de agenda komen.  

Dossier 4: Middelen voor de IDO’s: reparatie rond, herstel voorjaar 2026

Een dossier waar men vorig jaar het hele jaar over gesteggeld heeft was de financiering van de IDO's. Ik ben niet snel teleurgesteld in de politiek maar dit was echt een voorbeeld van 'regeren is vooruitschuiven'.  De IDO’s werden tot en met 2025 gefinancierd via een specifieke uitkering en het huidige kabinet had besloten die af te schaffen en de bedragen over te hevelen naar gemeenten met een efficiencykorting van 10%.  De Kamer ging daar wat betreft de IDO’s in een debat met toen nog staatssecretaris Szabo niet mee akkoord. Op donderdag 3 juli 2025 stemde de Kamer voor een motie van Barbara Kathmann van GroenLinks-PvdA waarin de korting op de IDO’s niet doorgaat. In deze motie stelde Kathmann dat de IDO’s een succes zijn en dat het niet zo kan zijn dat er nu door de overheveling van de specifieke uitkering naar de gemeenten er gekort gaat worden op dit bedrag. Het bedrag moet volledig behouden blijven en ook geïndexeerd worden. Dat laatste was tot nu toe ook nog niet het geval.

In de beleidsbrief digitalisering van staatssecretaris van Marum van Binnenlandse Zaken  over Q2-2025 werd gemeld dat hierover in Q4 van dit jaar afspraken moeten worden gemaakt met gemeenten. In de miljoenennota in september 2025 stond de korting gewoon nog overeind. En dus trok de kamer opnieuw aan de bel. Niet alleen over de middelen maar ook over der rol van de bibliotheek. Dit keer kwam er een motie van Kathman (GL/Pvda) en Vermeer (BBB) waarbij klip en klaar wordt gesteld dat de regie van de IDO's bij de bibliotheken ligt. Ook deze motie is aangenomen door de Kamer.

In het kamerdebat (van 12 minuten, met een staatssecretaris en één kamerlid) van december 2025 meldt de staatssecretaris dat hij de korting weg zal halen dat hiervoor ruimte is gevonden in de eerste begrotingswijziging. Wat betekent dit nu? Dat betekent dat alle gemeenten al geld hebben gehad voor de IDO's in de decentralisatieuitkering maar mét korting. Die korting zal gecorrigeerd worden in het voorjaar.  Als ik dat uitreken - maar niemand geeft duidelijkheid - komt je uit in de maart-circulaire van gemeenten. Het hele bedrag is er dus!

Zo ongeveer de laatste brief die vorig jaar naar de Kamer ging was van staatssecretaris Van Marum met de beleidsbrief digitalisering over Q4. Daarin schrijft hij ook dat er een wettelijke borging nodig is van de IDO's:

  • Het is mijn inzet dat laagdrempelige en empathische ondersteuning inde vorm van de IDO-dienstverlening in stand blijft. Bibliotheken blijvende primaire (maar niet exclusieve) uitvoerders hiervan, met ruimte voor gemeenten om, vanuit hun regierol, deze dienstverlening ook op andere plekken dan de lokale bibliotheek te organiseren.
  • Om dit te borgen onderzoek ik samen met de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), of op termijn een wettelijke verankering mogelijk is van het bieden van laagdrempelige en empathische ondersteuning, waaronder de dienstverlening zoals deze nu wordt geboden door de IDO’s, de regierol van gemeenten hierbij en de rol van bibliotheken. Hierbij kan worden gedacht aan een eigen wet, maarer wordt ook onderzocht of de Wet stelsel openbare bibliotheekvoor-zieningen (Wsob) hiervoor een oplossing kan bieden. 
  • Voor de volledigheid wil ik opmerken dat eventuele wettelijke verankering geen invloed heeft op het budget dat beschikbaar is voor IDO-dienstverlening; het budget voor de IDO’s blijft beschikbaar en ik houd mij aan de eerdere toezegging om de 10% korting te compenseren. 
De IDO's gaan dus linksom of rechtsom een wettelijke borging krijgen. Vanuit de wandelgangen begrijp ik dat er vanuit OCW ruimte is geboden om het in de bibliotheekwet op te nemen. Dan moet ook het geld overgeheveld van Binnenlandse Zaken (BZK) naar OCW. De staatsecretaris van Binnenlandse Zaken heeft hier kennis van genomen maar wil ook nog andere mogelijkheden onderzoeken. Op dit moment zitten de IDO's met een SPUK-regeling in de zijlijn van de Wet Modernisering Elektronisch Bestuurlijk Verkeer. De regeling voor de IDO's is officieel per 1-1-2026 vervallen dus er is in die zin een juridisch vacuüm. 

Komend jaar moet helder worden hoe dit wettelijk geborgd gaat worden. Theoretisch zou het dus in de Bibliotheekwet kunnen landen maar dan moet BZK eerst een ei leggen dat ze dat willen. En dan zou het nog mee kunnen in de behandeling van de wetswijziging. Mijn gevoel zegt dat BZK hier nog wel even tijd voor gaat nemen. Het geld voor 2026 is geregeld dus de storm is ook weer even weg. 

Dossier 5: Extra middelen Bibliotheek op school en Boekstart

Vlak voor de zomer 2025 werd bekend dat er € 50 miljoen structureel beschikbaar komt voor Bibliotheek op school en Boekstart. Daarbij is € 25 miljoen gereserveerd voor het onderwijs en € 25 miljoen voor bibliotheken. De regeling zal structureel ingaan per 2027. Maar omdat de huidige regeling afloopt per 1 juli 2026, zal de huidige regeling een voortzetting kennen van een half jaar. Dat zou betekenen dat je er als bibliotheek op mag rekenen dat je over de tweede helft van 2026, hetzelfde bedrag kunt krijgen als over de eerste helft van 2026. En ik verwacht dat dat bedrag dan ook weer via Stichting Lezen beschikbaar komt. 

Hoe de middelen van 2027 en verder verdeeld moeten worden is nog niet openbaar. Daar zijn ondertussen achter de schermen al veel gesprekken over gevoerd.  Wel is duidelijk dat de middelen rechtstreeks naar de bibliotheken zullen gaan. Maar hoe doe je dat? Is dat gewoon een bedrag per leerling in je werkgebied of moet dat genuanceerder?  En hoe maak je zo’n regeling nou zo aantrekkelijk mogelijk zodat scholen graag instappen?  De verwachting is dat we deze regeling in het voorjaar van 2026 wel in bespreking krijgen. 

De olifant in de kamer: gemeenteraadsverkiezingen

Een hoop landelijk gedoe. En je zou daardoor bijna vergeten dat de belangrijkste verkiezingen voor bibliotheekwerk aanstaande zijn: Gemeenteraadsverkiezingen. Want alle inspanningen van het Rijk en de provincies ten spijt, gemeenten zijn met ruim € 500 miljoen per jaar de grootste financiers van bibliotheekwerk. Wat er op lokaal niveau gaat gebeuren is dus misschien wel belangrijker dan wat men in Den Haag doet.

Dus bibliotheekdirecteuren: hoe gaat u zorgen dat de bibliotheek in de coalitieakkoorden komt na 18 maart dit jaar? Als ik eerlijk ben denk ik dat voor politieke partijen het gratis lidmaatschap een interessant punt kan zijn. Of dat nu een verruiming is tot 24, 27 of 30 jaar of dat u kiest voor een gratis abonnement voor iedereen, dat maakt niet zoveel uit. Maar het is wel een overzichtelijk en - in vergelijking met andere verkiezingsthema's - redelijk eenvoudig uitvoerbare maatregel.

In Velsen hebben ze dat punt bij D66 al opgepikt. Kijk maar eens naar de 'vijf doorbraken' die ze daar willen bereiken. De gratis bieb voor iedereen is daar het tweede 'doorbraakthema'. Lijsttrekker Smeets van D66 in Velsen schrijft daarover: 

'De tweede doorbraak is altijd blijven leren, op een manier die bij je past. D66Velsen maakt de bibliotheek gratis voor alle inwoners en ziet deze als het kennis- en ontmoetingscentrum voor alle inwoners. Onderwijs op maat, leven lang leren en een goede aansluiting op werk en techniek staan centraal. “Leren stopt niet bij school. Iedereen moet zich kunnen blijven ontwikkelen, ongeacht leeftijd of inkomen. De bibliotheek wordt zo ook een plek waar mensen elkaar ontmoeten.” aldus Smeets.'

Kansen dus en werk aan de winkel. En dit zijn de dossiers die daar het eerste half jaar van 2026  bij horen en wat we er in de wandelgangen over kunnen horen. U kunt er geen rechten aan te ontlenen. Maar we hoeven ons niet te vervelen. 

Een nieuw jaar wacht. Langzaam lijkt er een nieuw kabinet te komen en de gemeenteraadsverkiezingen zijn op komst. Volle kracht vooruit. En om met D66 in Velsen te spreken: omdat iedereen zich moet kunnen blijven ontwikkelen, ongeacht leeftijd of inkomen. Zo is het!

Volle kracht vooruit!

zondag 31 augustus 2025

De vijf dossiers waar het bibliotheekwerk dit najaar mee te maken heeft

De vakantie is voorbij. Iedereen is weer aan de slag. En Nederland stortte zich maar direct in een kabinetscrisis doordat de NSC-bewindslieden zich terugtrokken. Op moment van schrijven is de situatie dat het ministerie van Eppo Bruins tijdelijk wordt waargenomen door klimaatminister Sophie Hermans en dat men op zoek is naar een vervanger van BBB-huize. Maar wat staat er verder op de rol voor bibliotheken? Ik legde mijn oor te luister in de wandelgangen en kwam tot minimaal vijf dossiers die dit najaar voorbij zullen komen.  

Dossier 1: Bibliotheekwet: Proces en inhoud

Tja, zo’n kabinetscrisis en gerommel op een ministerie is nooit handig voor een wetswijziging. Want  die wetswijziging stond op het punt om via de ministerraad en de Raad van State naar de Kamer te gaan. En als de wetswijziging nu voor het verkiezingsreces alvast naar de Raad van State kan, dan kan die na verkiezingen door naar de Kamer. Dan is het verkiezingsreces slim gebruikt. Maar ja, toen kwam die tweede kabinetscrisis. Mensen die het kunnen weten zeiden dat de vorige minister nog maar een paar dagen verwijderd was van ondertekening van de wetswijziging en dat deze dan naar de ministerraad zou kunnen. Dat ligt nu weer even stil. Het wordt dus spannend of de wet naar de ministerraad gaat voor het verkiezingsreces. Daarbij komt dat iets niet zomaar in een minsterraad komt, maar dat er ook nog een ‘onderraad’ is die weer eerder vergadert. We gaan zien of het lukt. Aan het onderwerp ligt het niet. Dat is absoluut niet controversieel. Als het niet voor het reces naar de Raad van State gaat, levert dat minimaal enkele maanden vertraging op in de behandeling van de wet. 

Wie doortelt komt tot de conclusie dat de kortst mogelijke ingangsdatum van de wet is nog 1 juli 2026 is maar 1 januari 2027 wordt wel steeds realistischer. Dat zou dan betekent dat 1 januari 2028 de gemeenten samen met bibliotheken een meerjarenplan moeten hebben gemaakt. 

Inhoudelijk kunnen we ook nog wel wat van de wet zeggen. De 'urennorm' van één vestiging die 15 uur per week professioneel geopend is, zal niet in de wet staan. Die vestiging blijft wel staan maar het aantal uren verdwijnt. Die is gesneuveld bij de internetconsultatie en zal vervangen worden door een meer kwalitatieve norm. Minder hard maar wel passend bij de lokale situaties. Hoe dat beschreven zal worden is op dit moment nog een goed bewaard geheim.

Daarnaast is de verwachting dat er een onderdeel is toegevoegd aan de bibliotheekwet die de Bibliotheek op school  en Boekstart tot een verplichting zal maken. Dit vloeit voort uit de structurele rijksmiddelen die hiervoor beschikbaar komen. Verderop zal ik ook stilstaan bij wat er gaat gebeuren om die extra middelen bij bibliotheken te krijgen. 

Dossier 2: Normenkader/Streefwaarden en handreiking VNG

Iets wat ook al lang in de pijplijn zit en wat we nog niet hebben gezien is het definitieve normenkader en de handreiking van VNG. In die handreiking zou het normenkader verwerkt worden. KWINK, die de handreiking voor VNG maakt, heeft een eerste concept klaar en dat circuleert bij experts voor commentaar. Tja, hoe doe je dat, een handreiking maken voor een wetswijziging die er officieel nog niet is? Dan werk je dus met de teksten die er tot nu toe zijn. En die kunnen dus nog wijzigen. De definitieve handreiking van VNG kan dus ook echt pas in de loop van 2026 beschikbaar komen, pas als het parlement het heeft goedgekeurd. Maar mijn verwachting is dat er in het late najaar wel een concept-handreiking zal komen op basis van de wetswijziging die naar de Kamer gaat. Daarmee kan iedereen zich al wel voorbereiden op het proces dat volgen moet nadat de wet is goedgekeurd.

Het normenkader zal onderdeel uitmaken van de handreiking maar zal wel anders gaan heten. Omdat het geen normen zijn die verplichtend zijn zal het een andere naam krijgen. Denk aan iets als: streefwaarden. Ook is de verwachting dat een aantal ‘streefwaarden’ nog aangepast zal worden met meer recente cijfers. Denk dan bijvoorbeeld aan de financiële getallen. 

Dossier 3: Verkiezingen en onderzoek naar gratis bibliotheekabonnementen

En dan de olifant in de kamer die alles overhoop gooit: op 29 oktober hebben we gewoon extra landelijke verkiezingen. We zagen bij de behandeling van de bibliotheekwet al dat het verkiezingsreces wellicht wat vertraging kan betekenen voor de bibliotheekwet. Maar het betekent ook dat er – opnieuw – allerlei verkiezingsprogramma’s komen. In veel van die programma's zullen bibliotheken wel weer genoemd worden. De VOB volgt dat altijd keurig en zal het ongetwijfeld opnieuw keurig op een rij zetten. Maar ik vermoed dat het gratis bibliotheeklidmaatschap voor volwassenen wel in een aantal verkiezingsprogramma’s zal staan. 

Het ministerie is – mede op eerder aangeven van de Kamer - een traject gestart om te onderzoeken op welke wijze bibliotheken hun bereik en gebruik kunnen vergroten bijvoorbeeld door een gratis lidmaatschap of hoe ieder kind automatisch lid kan worden. Beiden zijn overigens ook doelen van het bibliotheekconvenant. 

In de zomerperiode zijn hiervoor meerdere onderzoeksbureaus benaderd en binnenkort zal bekend worden wie dit zal gaan uitvoeren. Ik heb de uitvraag van het ministerie gezien en dat wordt een goed en slim onderzoek waar veel aspecten in benoemd gaan worden rondom het lidmaatschap. Als de sector slim is, gaan ze daar handig gebruik van maken. Eind dit jaar zou er een onderzoeksrapport moeten liggen. Maar in de wandelgangen horen we er vast al eerder wat van.  

Dossier 4: Middelen voor de IDO’s

Een lastig onderwerp is nog de financiering van de IDO’s. De IDO’s worden gefinancieerd via een specifieke uitkering en het huidige kabinet had besloten die af te schaffen en de bedragen over te hevelen naar gemeenten met een efficiencykorting van 10%.  De Kamer ging daar wat betreft de IDO’s in een debat met toen nog staatssecretaris Szabo niet mee akkoord. Op donderdag 3 juli stemde de Kamer voor een motie van Barbara Kathmann van GroenLinks-PvdA waarin de korting op de IDO’s niet doorgaat. In deze motie stelde Kathmann dat de IDO’s een succes zijn en dat het niet zo kan zijn dat er nu door de overheveling van de specifieke uitkering naar de gemeenten er gekort gaat worden op dit bedrag. 

Ze deed toen de volgende oproep:

  • verzoekt de regering om structureel extra middelen beschikbaar te stellen aan gemeenten voor de uitvoering van de Informatiepunten Digitale Overheid (IDO’s) door bibliotheken, en dit voor de komende jaren te dekken uit de vrij te besteden middelen ten behoeve van betere overheidsdienstverlening,
  • verzoekt de regering om een voorstel uit te werken dat tenminste de huidige kosten en jaarlijkse indexering van de IDO’s dekt en dit te verwerken in de begroting van het komende jaar

De motie haalde een meerderheid in de Kamer en daarmee is dit de facto een feit. Sterker: de motie roept op het bedrag ook te indexeren. Dat was tot op heden nog niet het geval. 

Toch is het nog niet een gelopen race met de financiering van de IDO’s.  In de beleidsbrief van staatssecretaris van Marum wordt gemeld dat hierover in Q4 van dit jaar afspraken moeten worden gemaakt met gemeenten. Dat is dus nog helemaal niet rond. Als de spuk wegvalt, valt ook de wettelijke verankering weg voor de bibliotheek. Gemeenten kunnen dan zelf verzinnen wat ze willen. En niemand die zich er dan nog officieel landelijk om bekommerd. Het gaat dus om verankering en financiering. In de wandelgangen hoor ik wel dat het hier om een grote mix van belangen gaat. Zowel ambtelijk als politiek. Op 2 oktober vindt het Kamerdebat hierover plaats, nog net voor het verkiezingsreces. Dat wordt dus een belangrijk debat om te volgen en de VOB roept bibliotheekmensen ook op om daarbij aanwezig te zijn.  Hier kun je je aanmelden om het debat te volgen. Hier kunt u zich aanmelden om bij het debat te zijn. 

Dossier 5: Extra middelen Bibliotheek op school en Boekstart

Vlak voor de zomer werd bekend dat er € 50 miljoen structureel beschikbaar komt voor Bibliotheek op school en Boekstart. Daarbij is € 25 miljoen gereserveerd voor het onderwijs en € 25 miljoen voor bibliotheken. De regeling zal structureel ingaan per 2027. Maar omdat de huidige regeling afloopt per 1 juli 2026, zal de huidige regeling een voortzetting kennen van een half jaar. Dat zou betekenen dat je er als bibliotheek op mag rekenen dat je over de tweede helft van 2026, hetzelfde bedrag kunt krijgen als over de eerste helft van 2026. En ik verwacht dat dat bedrag dan ook weer via Stichting Lezen beschikbaar komt. 

Hoe de middelen van 2027 en verder verdeeld moeten worden over bibliotheken zal dit najaar ook een gespreksonderwerp worden tussen het ministerie en de landelijke partners Stichting Lezen, VOB, KB en SPN. Wie het geld gaat uitkeren aan bibliotheken is nog niet helemaal duidelijk. Wel is duidelijk dat de middelen rechtstreeks naar de bibliotheken zullen gaan. Maar hoe doe je dat? Is dat gewoon een bedrag per leerling in je werkgebied of is dat een bedrag per leerling met scholen waar je een contract mee hebt? En hoe maak je zo’n regeling nou zo aantrekkelijk mogelijk zodat scholen graag instappen? Daar mogen een paar knappe koppen zich de komende maanden over gaan buigen. Die regeling zal namelijk in het voorjaar 2026 wel klaar moeten zijn om in 2027 ingezet te kunnen worden. Ook dat gaat dit najaar dus al lopen.

Een spannend najaar

Er zijn nog steeds mensen die denken dat werken in een bibliotheek een rustig baantje is. Wie de dossiers ziet waar het om gaat dit najaar, ziet dat bibliotheken in het midden van de samenleving staan en politiek ook zo gezien worden. Het zijn dynamische organisaties met groot maatschappelijk rendement en grote politieke relevantie. En dat met een clubje van zo'n 7.000 medewerkers en zo'n 30.000 vrijwilligers. 

Werk aan de winkel dus. Duidelijk is dat vakantie voorbij is, dat het land zicht stortte in een politieke crisis en dat bibliotheken rustig maar gestaag verder werken. En dit zijn dus dossiers die daar dit najaar bij horen en wat we er in de wandelgangen over kunnen horen. U kunt er geen rechten aan te ontelenen. Maar we hoeven ons niet te vervelen. Terwijl de rest van het land kibbelt, gaan wij volle vaart vooruit. Voor een land dat een leven lang ontwikkelen verdient. 

Hup aan de slag en veel succes!

zondag 13 oktober 2024

Het bibliotheekconvenant 2024-2027 in een notendop


Op elke basisschool en middelbare school een Bibliotheek op school. En de leeftijd van het gratis lidmaatschap omhoog naar bijvoorbeeld 27 jaar. Het zijn twee van de ronkende doelstellingen die in het nieuwe bibliotheekconvenant staan. Dat convenant werd afgelopen week, op donderdag 10 oktober, in de bibliotheek van Rijswijk ondertekend. Het persbericht kopte: 'Hoera, we hebben een nieuwe Bibliotheekconvenant!'. Mogen we inderdaad hoera roepen? Ik ging het voor u na en maakte een beknopte samenvatting. Die ziet u hierboven.  

Wat doet het convenant?

Het convenant is een inhoudelijke aanvulling op de bibliotheekwet. De wet regelt de stelselverantwoordelijkheid: het zegt wat elke overheidslaag moet doen om tot een goed bibliotheeknetwerk te komen. Maar het zegt weinig over de richting van die inspaning. In 2020 werd een eerste convenant opgesteld en zijn er drie maatschappelijke thema's benoemd waar de overheidslagen en bibliotheekpartners gezamenlijk willen oppakken. Die drie thema's zijn niet gewijzigd. Wel zijn er wat accentverschuivingen gekomen.

Verhoging leeftijd gratis lidmaatschap

In het vorige convenant werd bijvoorbeeld nog als doel opgenomen dat alle kinderen gratis lid zouden moeten zijn in Nederland. Medio 2022 is dat wettelijk verankerd en zijn alle kinderen tot 18 jaar wettelijk gratis lid. In het nieuwe convenant wordt benoemd dat het goed zou zijn deze leeftijd verder te verhogen. Steeds meer gemeenten maken hiervoor inderdaad afspraken met hun bibliotheken en verhogen die leeftijd van het gratis lidmaatschap tot 27 en soms zelfs 30 jaar. 

100% Bibliotheek op school

Ook de 100% dekking van Bibliotheek  op school  in zowel basisonderwijs als voortgezet onderwijs is een stevige aanscherping ten opzichte van het vorige convenant. Daar was toen sprake van inzetten op een leesoffensief en het doorontwikkelen van het voorkeursmodel van de Bibliotheek op school. Wellicht weet u nog dat er nog iets met rechthebbenden geregeld moest worden voor de Bibliotheek op school.  Dat was toen nog een belemmering. Ondertussen zijn er extra gelden van het ministerie van Onderwijs en breiden bibliotheken op volle kracht hun dienstverlening uit. 

De waarde van de bibliotheek als publieke ruimte en een rol in het versterken van de democratie

Ook de tekst dat 'de bibliotheek voor iedereen een openbare, neutrale en laagdrempelige leer-, ontmoetings- en ontwikkelplek moet zijn' geeft iets aan. Het benadrukt de hernieuwde aandacht voor de publieke ruimte die bibliotheken zijn en de rol die publieke ruimte heeft in het goed functioneren van een samenleving en een democratie.  Deze inzet sluit ook aan bij de SPUK-regeling waarbij gemeenten extra gelden konden aanvragen voor nieuwe vestigingen of verruiming van openingstijden. 

Dat goed functioneren van de samenleving zien we ook terug in een programmatische versterking van de thema's democratie en het burgerschap in het convenant.

Hoe maak je een convenant?

Ik heb de totstandkoming van het convenant vanaf de zijlijn gevolgd. Af en toe stuurde iemand eens een concept toe en ik hoorde hoe bibliotheekpartijen de voorbereiding deden. En daarna volgde de afstemming met Rijk, provincies en gemeenten. En telkens is het een beetje stoeien. Eerst om doelstellingen: die erin, die eruit en later nog op woordjes en punten en komma's. Ik heb doelstellingen zien sneuvelen en ik heb doestellingen overeind zien blijven staan. Criticasters kunnen zeggen dat het een gemiste kans is dat de zorgplicht niet nadrukkelijker gekoppeld is aan dit convenant. Of men kan zeggen dat een enkele doelstelling als vaag of enigszins cryptisch is. Maar over het geheel? Dit convenant typeert hoe we werken in een democratie: samen een weg vinden met oog voor veel standpunten. En ik denk dat we er onze handen wel vol aan  hebben de komende vier jaar.

Het vorige convenant telde elf pagina's, het nieuwe convenant nog maar zeven. Deels heeft dat te maken met het feit dat we minder hoeven uit te leggen waarom er een convenant is, deels is het echt puntiger geformuleerd en deels is het omdat er weinig beeldend wordt vormgegeven. 

Stap voor stap bouwen aan de toekomst

Stap voor stap kijken we hier naar hoe beleidsmatig de toekomst van het bibliotheekwerk wordt gebouwd. De afgelopen weken ging over het geld voor 2025 en volgende jaren. Nu is er het convenant en de volgende stap zal de consultatie van de bibliotheekwet worden. Ergens in de komende week zal ook die wel voorbij komen. En tot slot moet er nog iets met het normenkader van de Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Het convenant en het normenkader zijn denk ik twee prima documenten om straks gemeentelijke meerjarenplannen op te bouwen.  

Vorige week stond ik stil bij de goede resultaten die de sector toonde. Ik zei toen dat het cijfers waren waarin je kon zien dat de sector zich voorbereid op een groeispurt. Wie het vorige convenant naleest ziet dat er veel gerealiseerd is. Dat geeft goede hoop dat dit nieuwe convenant één van de beleidsmatige documenten zal zijn die die genoemde groeisprong mogelijk gaat maken en richting zal geven. 

Het persbericht kopte: 'Hoera, we hebben een nieuwe bibliotheekconvenant'. En dat is geen holle kreet. Het is nu nog papier maar straks zal dit te zien en te voelen zijn in vele gemeenten en voor vele burgers. Want onze sector bestaat namelijk niet uit 'roepers' maar uit 'doeners'. Als er al iets geroepen wordt, gebeurt het ook bijna altijd. Kom daar eens om in onze samenleving van roepers.

Ook ik roep dus één keer: Hoera, we hebben een nieuw bibliotheekconvenant! En dan, hop, aan de slag!

zondag 4 februari 2024

Is er een ravijnjaar en wat kunnen gemeenten van bibliotheken leren?


Vandaag heb ik een onderwerp waar velen bij in slaap vallen en waarbij sommige bestuurders opveren. Het onderwerp? Gemeentefinanciën. Maar ik beloof u, ik ga proberen het zo aantrekkelijk mogelijk te brengen. Want voor bibliotheekwerk is het wel degelijk van belang. En... gemeenten blijken nog wel wat te kunnen leren van bibliotheken. Toch interesse? Lees dan vooral verder.

Het ravijnjaar 2026 en hoe dat al in 2015 begon
In gemeenteland hoor je telkens over het ravijnjaar. Daarmee bedoelt men het jaar 2026 en vanaf dat moment zal het gemeentefonds, het bedrag dat het Rijk beschikbaar stelt aan gemeenten, slinken van 38 miljard naar ongeveer 35 miljard. En dus zijn veel wethouders bang om financiële toezeggingen te doen aan bijvoorbeeld bibliotheken over structurele financiering en zijn veel gemeenten bang dat ze moeten bezuinigen.

Wie wil weten waar dat ravijnjaar begon moet een flink eind terug in de tijd. Het begon namelijk in 2015. In dat jaar vond de grootste bestuurlijke herstructurering van ons land plaats. Gemeenten werden vanaf dat jaar verantwoordelijk voor jeugdzorg, werk en inkomen en zorg aan langdurig zieken en ouderen. Dit noemt men de decentralisatie. De gedachte was dat als gemeenten deze zorg zouden organiseren dat dit betere en efficiënter zou kunnen. Gemeenten zitten dichter op de burger, kunnen beter zorg organiseren op de lokale schaal en kunnen beter gebruik maken van wat er lokaal al is.

Parallel aan die decentralisatie presenteerde, jawel, minister Plasterk, een plan waarbij die gemeenten dan wel moesten opschalen naar minimaal 100.000 inwoners. Anders zouden gemeenten onvoldoende robuust en toekomstbestendig blijken. En met die twee stappen: het overhevelen van taken naar gemeenten en de gemeenten dwingen tot opschaling boekte het kabinet alvast een korting in op het gemeentefonds. Het proces van opschaling zou in 2025 voltooid moeten zijn. Dus, in 2026 kon het bedrag omlaag...

Het plan van opschaling ging uiteindelijk van tafel. Eerder ingeboekte kortingen werden al ongedaan gemaakt. Maar de korting vanaf 2026 bleef staan omdat Rutte niet over zijn graf wilde regeren. 

Onderzoek van BDO
Accountantskantoor BDO presenteert elk jaar de financiële benchmark van Nederlandse gemeenten. En dit jaar kwam dit rapport precies uit tijdens de formatieonderhandelingen. Waar inderdaad ook gesproken moet worden over de slechte gemeentefinanciën. Tja, wie dit zo leest, zal ongetwijfeld ook wel even glimlachen dat het diezelfde Plasterk is die die onderhandelingen moet leiden. 

Maar goed. Wat staat er in dat rapport van BDO? Dat meldde bij monde van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) op 19 januari het volgende: ‘Zo’n 280 gemeenten presenteren voor 2026 en 2027 een negatief resultaat in hun meerjarenbegroting. Dit laat zien dat de financiële korting geen fictief probleem is. Onderzoek van BDO laat zien dat 280 van de 342 gemeenten, ruim 80%, voor 2026 en 2027 een tekort voorzien in hun begroting. Dit is het effect van de korting vanaf 2026 op het gemeentefonds, wat de belangrijkste inkomstenbron is voor gemeenten. Uit de kwantitatieve analyse blijkt dat de overige 20% van gemeenten, al dan niet cosmetisch, een nipt sluitende begroting heeft aangeleverd voor de jaren 2026 en 2027.’

Ik vroeg het BDO-rapport op (dat kan via deze aanvraagpagina) om na te kijken welke onderbouwing erbij zat. Dat is een aardig rapport. Het rapport is natuurlijk vooral bedoeld om de formerende partijen te bewegen om voldoende middelen voor gemeenten beschikbaar te stellen. Eén van de hoofdkaartjes uit het rapport staat bovenaan dit artikel en geeft aan hoe de begrotingen voor verschillende gemeenten uitpakken. Wie de tekst naast het kaartje leest, ziet ook dat het nogal genuanceerd ligt. 2025 is nog een heel positief jaar en 2026 slaat plotseling om.  

 Er wordt ook een doorkijk gegeven door de jaren heen per provincie. Dan ziet het er zo uit.

Linksboven 2024, linksonder 2025, rechtsboven 2026 en rechtsonder 2027. Hier zie je duidelijk dat 2025 de uitzondering is en dat in 2026 en 2027 de omslag komt. BDO biedt op de website ook een tool aan om je eigen gemeente te bekijken en hoe ze er voor staan.

Het structurele tekort van gemeenten bedraagt ongeveer € 1 miljard per jaar.  Dat is al minder dan die opschalingskorting van € 3 miljard die was ingeboekt. Gemeenten hebben dus in de afgelopen jaren wel geprobeerd de tering naar de nering te zetten. 

Is een miljard euro veel geld?

Is een bedrag van € 1 miljard veel geld? Tja, dat is hoe je het bekijkt. Natuurlijk is het een groot bedrag. Zeker als er weinig ruimte is om te investeren. Als we kijken naar de omvang van de rijksbegroting dan zie je dat die voor 2024 ruim € 430 miljard bedraagt. Tja, dan lijkt een miljard niet veel. Het rijk indexeerde het gemeentefonds van 38 miljard dit jaar met 5,32%. Alleen indexering - ongeveer € 2 miljard, leverde dus al een bedrag op dan gemeenten nu zeggen tekort te komen. Met andere woorden. Over dat miljard zou je het dus best eens moeten worden. Het gaat over een paar procent. 

Om de vergelijking te maken: het gaat om in omvang hetzelfde bedrag dat bibliotheken ontvangen aan boetes bij het te laat terugbrengen van boeken. Toch zien we dat op heel veel plekken in Nederland die boetes afgeschaft worden... 


Een bedrag van een € 1 miljard per jaar is veel geld en zal zeker een punt van bespreking zijn in de coalitieonderhandelingen. Dat er iets gaat gebeuren ter reparatie is eigenlijk wel zeker. Maar er was dus een korting van € 3 miljard. Daar blijkt nog een € 1 miljard echt aan tekort te komen en de indexering voor gemeenten bedroeg al meer dan € 2 miljard.

Wat gemeenten van bibliotheken kunnen leren
Tja, ik heb al vele bezuinigingen meegemaakt op bibliotheekwerk. En ik heb meegemaakt dat wethouders met droge ogen 20% op bibliotheekwerk durfden te bezuinigen en ook nog meegaven dat er geen vestiging mocht worden gesloten. In de periode tussen 2010 en 2018 hadden bibliotheken te maken met de bankencrisis én de decentralisatie. De vrije ruimte van gemeenten is beperkt en bezuinigingen komen dan snel terecht bij wat men zelf nog kan beïnvloeden: cultuur en sport. Een kleine bezuiniging op gemeenten is altijd een grote bezuiniging op de instellingen die door gemeenten gefinancierd worden.  

Zaten bibliotheken bij de pakken neer? Nee. Bibliotheken kregen minder geld maar gingen meer open. Bibliotheken kregen minder geld maar openden wel een paar duizend schoolbibliotheken. Er werd her en der opgeschaald of er kwamen slimme gecombineerde instellingen. Meer taken, minder geld. Er zijn tal van creatieve oplossingen gevonden in die tijd. En ja, het eerlijke verhaal is ook dat we vestigingen en mensen zijn kwijt geraakt. Gelukkig keert het tij nu voor bibliotheken op vele vlakken en komen er extra middelen. Maar het wordt alleen extra als de gemeente niet aan de basis moet bezuinigen.

Ik denk dat alle gemeenten knetterhard hun best doen voor burgers. En per gemeente verschilt het ook erg. Dus het is altijd oppassen met generaliseren. Het tekort - hoe klein het ook lijkt - leidt op veel plekken tot problemen. Ik vind dat gemeenten dus zeker extra geld moeten krijgen. Maar wellicht valt er voor gemeenten ook nog wat te leren van wat bibliotheken hebben meegemaakt. Robuust en toekomstbestendig. Kom er eens om bij bibliotheken. Het blijken plotseling ook thema's bij gemeenten.

Het gaat dus om € 1 miljard op een gemeentefonds van € 38 miljard. In dit vlakke Nederland noemen we elke heuvel een berg.  En een gat in het gemeentefonds heet al snel een ravijn. En informateur Plasterk mag dus iets oplossen wat destijds minister Plasterk invoerde. 

U bent weer bij. Het is me gelukt u een heel artikel over gemeentefinanciën te laten lezen. Mijn dag is weer goed.

zondag 13 februari 2022

VNG zegt (via Berenschot): investeren in de bibliotheek is gewoon ontzettend slim! : Bibliotheken in crisistijd, deel 29

Een kleine twee weken presenteerde Berenschot de hernieuwde gids voor herstel en transitie van de culturele sector. Het rapport werd gemaakt in opdracht van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG). Precies een jaar geleden presenteerde Berenschot in opdracht van VNG al een scenarioverkenning voor gemeenten, cultuur en corona. Toen met de gedachte dat we toch snel uit de crisis zouden komen na vaccinatie. Een jaar later hebben we meer besmettingen dan ooit, zijn we drie prikken verder máár liggen de ziekenhuizen niet meer helemaal vol. Hoewel iedereen hoopt dat nú dan toch echt het einde van de crisis nadert, weet niemand het zeker. 

Een jaar geleden scheef ik over de eerste versie van het rapport en gaf aan dat het rapport prima aanknopingspunten bood om als bibliotheken het gesprek aan te gaan met de gemeente. Ik deed toen vooral ook de oproep om zelf als bibliotheek al een route uit te stippelen naar de toekomst. Wat nemen we mee uit de crisis en wat laten we graag achter?

In het onlangs verschenen rapport staat Berenschot op de eerste plaats stil bij de gaten die de coronacrisis heeft geslagen in de culturele infrastructuur. Financieel zijn grotere musea en bibliotheken er best genadig van afgekomen, met de steun en coulance van gemeenten. Maar bijvoorbeeld amateurkunstverenigingen en kleine musea leiden een kwijnend bestaan. Van amateurverenigingen denkt de helft dat ze (veel) kleiner uit deze crisis komen óf dat ze niet meer bestaan. In de haarvaten van de cultuur, stroomt nauwelijks nog bloed en is de hartslag nauwelijks voelbaar.

Ook de makers en zzp'ers zijn hard getroffen. Kort door de bocht raakte 25% van alle medewerkers de belegde boterham kwijt. Kortom, een bloedbad en als het u niet getroffen heeft, dan mag u uw zegeningen tellen. 

Het meest interessante deel, zal voor velen, toch vooral het deel zijn dat gaat over de scenario's voor de verschillende sectoren. 

Vier scenario's

Berenschot hanteerde ook vorig jaar al vier scenario's die gevoed worden langs twee assen. U zag het plaatje al helemaal bovenaan het artikel. Op de ene as gaat het over op welke wijze de overheid de sector kan blijven financieren (krap of ruim) en op de andere as staat of de vraag uit de samenleving nu wel of niet drastisch gaat wijzigen. Berenschot handhaaft dit model maar ik merk zelf dat naarmate de crisis langer duurt, het steeds lastiger wordt om te benoemen of een vraagverandering nu voortkomt uit de crisis of dat we eigenlijk allang op die weg aan het gaan waren. Een voorbeeld is het Informatiepunt Digitale Overheid. Bibliotheken waren daar al mee bezig voordat de coronacrisis uitbrak maar het heeft de ontwikkeling wel versneld. Welke snelheid komt uit de crisis en welke snelheid maakten de bibliotheken zelf al?

Voor bibliotheken schetst Berenschot bijgaande uitwerking van bovenstaande scenario's. 

Ik moet eerlijk zeggen dat ze ten opzichte van vorig jaar het beeld van de bibliotheek flink in positieve zin hebben aangepast. 

Over de richting waarin bibliotheken zich bewegen merken ze in het rapport volgende op:
"Ten aanzien van de duurzame toekomst van de bibliotheeksector is de transitie van uitleenbibliotheek naar maatschappelijke en educatieve bibliotheek relevant. De gevolgen van de coronacrisis voor de gehele samenleving vergroten de potentiële toegevoegde waarde van de bibliotheken voor maatschappelijke ontwikkelingen, zoals het tegengaan van laaggeletterdheid, digi-analfabetisme en tweedeling in de samenleving. Het Rijk maakt de komende jaren € 18 miljoen vrij voor Informatiepunten Digitale Overheid in de openbare bibliotheken om de kloof tussen burgers en overheid te verkleinen. "
Ik geef toe, het is natuurlijk beleidswol van het zuiverste water maar in gewone-mensentaal staat hier: de bibliotheek is gewoon hartstikke belangrijk geworden in de coronascrisis! En die bibliotheek is een verrekte handige instelling om de samenleving verder te helpen in deze roerige politieke tijd.

Nou, vooruit doe ik nog zo'n mooi citaat:
"De bibliotheekvoorziening moet hiertoe niet alleen op peil blijven, maar er moeten, volgens betrokkenen bij de sector, ook stappen vooruit gezet worden ten behoeve van de toekomstbestendigheid. De bijdragen van gemeenten zijn in vorm (incidenteel, structureel) en omvang (beperkt of ruim) zeer bepalend voor de toekomst van de lokale bibliotheekvoorziening."
Ook dit zal ik even ondertitelen. Hier staat eigenlijk: als je iets wil met je bibliotheek dan moet je er in investeren. 

Iglo-model

Tot slot staat Berenschot nog even stil bij het eigen raamwerk voor financiering van culturele instellingen, ook wel het Iglo-model genoemd. Dat Iglo-model is ontstaan uit het feit dat gemeenten graag verschillende culturele instellingen langs een eenduidige meetlat willen financieren. Ook willen gemeenten helderheid over het feit dat de subsidie moet gaan naar waar de gemeente voor wil financieren. 

Over dit model merkt Berenschot op:

"Op elk deel kan apart beleid worden gemaakt (concrete prestatieafspraken). Want: duidelijk is welke subsidiedeel wordt gebruikt voor welke soort lasten. Uit de inmiddels veelvuldige analyses van de bedrijfsvoering van culturele instellingen aan de hand van het Iglo-model blijken veel voorkomende uitkomsten:

  • Het grootste deel van de subsidie gaat naar deel A, vooral naar huur, die in veel gevallen terugvloeit naar de gemeente
  • Instellingen met exploitatieproblemen kunnen met subsidie de kosten voor deel A niet gedekt krijgen
  • Gesprekken tussen gemeenten en culturele instellingen gaan vooral over deel B, waar het bestaansrecht zit
  • Financiële speelruimte voor culturele instellingen voor maatschappelijke bijdragen in deel B is vaak beperkt
  • De mate waarin deel C rendeert wisselt zeer sterk per soort instelling: poppodia veel meer dan bibliotheken
  • Er is zeker verdienpotentieel maar er zijn nauwelijks voorbeelden van alternatieve verdienmodellen"

Nou, ik vind dat wel een herkenbaar verhaal, hoewel bibliotheken met productbegrotingen wel steeds vaker het risico lopen dat deel A (waar de vaste lasten inzitten) versleuteld moeten worden in de "producten" (deel B). Bij bezuinigingen loop je dan het risico dat dan klakkeloos in minder "producten" kan worden gerekend. Minder producten betekent dan ook minder bijdragen aan de vaste lasten waarbij dan alsnog vestigingen onder druk kunnen komen te staan. Het definiëren van wat nou wat is in deze iglo is dus nog wel van belang.  

Maak een plan!

Vorig jaar waren we nog bang dat er heel snel bezuinigd zou gaan worden na de coronacrisis. Hoewel lang niet elke gemeente financieel even solide is, zien we dat grote landelijke bezuinigingen op het gemeentefonds (vooralsnog) achterwege blijven. Verder is er zicht op extra Rijksgeld uit het regeerakkoord. En zelfs het VNG zegt bij monde van Berenschot: wie slim is, investeert in de bibliotheek. Ik zeg: volle kracht vooruit op de drie grote maatschappelijke opgaven! Maak lokaal een plan voor de geletterde samenleving, voor participatie in de digitale informatiesamenleving en voor een leven lang ontwikkelen. Anticipeer op Rijksgeld en koppel dat aan extra lokale investeringen. 

Bibliotheken hebben zich bewezen in de coronacrisis. Nu aan de slag voor na de crisis!

donderdag 11 juli 2013

Een 'cordon sanitaire'?

UK - London (Occupy the London Stock Exchange)

In Nederland kennen we enkele gemeenten die in het geheel geen bibliotheek subsidiëren. En de verwachting op basis van de laatste brief van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten is dat dit aantal de komende jaren wel eens snel zou kunnen toenemen.

In de nieuwe bibliotheekwet is opgenomen dat als een gemeente ingrijpende veranderingen wil aanbrengen in het bekostigingsniveau van de bibliotheek, dat dan overleg met de omliggende gemeenten vereist is. Hier staat met nette bewoordingen: je stopt niet zomaar met het financieren van je lokale bibliotheek.

Als een gemeente stopt met financieren, is er echter niet meer nodig dan overleg. Er staat niet dat men overeenstemming moet hebben met deze omliggende gemeenten. Vandaar dat ik via Twitter de vraag maar eens uitzette hoe gemeenten dat regelen als ze willen stoppen met het financieren van een lokale bibliotheek.

Gemeenten in een basisbibliotheek
Ik kreeg daarop een aardige reactie van Theodoor de Lange van Longus. Hij gaf op de eerste plaats aan dat het niet de gemeenten zijn die stoppen met de bibliotheek maar bibliotheekstichtingen zelf. En daar heeft hij wel een punt 20% van de begroting van bibliotheken bestaat uit gebruikersinkomsten (contributies en boetes). Daarnaast gaf hij aan dat hij de laatste tijd veel met productbegrotingen bezig is geweest om gemeenten inzicht te verschaffen in wat welke dienstverlening kost. Hij gaf aan dat zeker in constructies met basisbibliotheken (dus meerdere gemeenten betalen samen een bibliotheek) het nog lastig is om je als gemeente zomaar terug te trekken. Want in gezamenlijkheid worden vaak alle bovenlokale kosten als die van management, ICT en back-office gedeeld. Als een gemeente stopt met fiancieren staan de andere gemeenten dus in de kou. De gemeenten zitten dus samen in een badkuip met warm water. Als er één uitstapt wordt het water van de anderen snel koud. Nou ja, figuurlijk dan.

Free riders
Een andere reactie kreeg ik van Erica de Winter, manager bij Bibliotheek Rivierenland. Zij gaf aan hoe de gemeente Buren - medefinancier van deze basisbibliotheek - had aangegeven niet meer te willen bijdragen aan de bibliotheek. Hoewel de zaak heel genuanceerd ligt (men betaalt nu weer wel voor Bibliotheek op School bijvoorbeeld) heeft dit er wel toe geleid dat inwoners van Buren niet meer tegen gelijke condities lid kunnen worden van een bibliotheek in omliggende gemeenten. Kinderen uit Buren betalen in omliggende gemeenten € 25,- contributie per jaar en volwassen betalen € 100,- per jaar. De omliggende gemeenten passen er dus voor om hun lokale subsidie uit te geven aan inwoners van Buren.  Hiermee wordt zogeheten 'free ridersgedrag' van gemeenten voorkomen.

Cordon sanitaire?
En mijn vraag is dan ook of je daar nu niet al een gezamenlijk standpunt als bibliotheken over moet innemen. Als de gemeente bij de buren stopt met financieren, lijkt het mij niet logisch dat die inwoners dan wel tegen hetzelfde tarief gebruik kunnen maken een bibliotheek een plaats verderop.
Als je dat wel doet, krijgen gemeenten een vrijbrief om hun financiering terug te draaien en omliggende gemeenten voor kosten te laten opdraaien. Met andere woorden: moet je niet een 'cordon sanitaire' opwerpen tegen gemeenten die niet meer meefinacieren?

Zo'n cordon sanitaire zou eruit kunnen zien zoals de regeling van Buren. Maar er zijn vast nog creatievere oplossingen te bedenken. Ik ben daar eigenlijk wel benieuwd naar. Maar een statement lijkt me niet verkeerd. Nu kunnen bibliotheken daar nog redelijk vrij met elkaar over denken. Straks in de hitte van de bezuinigingsstrijd is dat misschien lastiger.

Voorkomen beter dan genezen
Blijft natuurlijk staan dat we hopen dat we zo'n regeling nooit nodig hebben. Maar ik heb toch liever de achterdeur dicht voor het geval dat.

Want voor het overige toont ook dit geval aan dat wij in onze klassieke bibliotheekfunctie stevig opnieuw (lees: efficiënter) moeten organiseren: samenwerkingsconstructies, gezamenlijke huisvesting, burgerkracht, co-creatie, inkoopbundeling en alle andere oplossingen zullen we pro-actief moeten inzetten. En zoals ook in de brief van de VNG stond, tegelijkertijd een nieuwe lijn opzetten rond leesbevordering en laaggeletterdheid.

Nou, wat denkt u, moeten we iets afspreken over een 'cordon sanitaire'?

Foto: xpgomes8

dinsdag 2 juli 2013

Vergrendel de deuren, controleer het nachtslot.....

Safety

Vergrendel de deuren, controleer het nachtslot, verberg het tafelzilver en breng vrouw en kinderen in veiligheid. Dat is wat ik dacht na het lezen van de brief die de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) deze week stuurde aan alle leden van gemeenteraden. Hieronder treft u de samenvatting aan.

De opening van het bezuingingsbal
Volgend jaar zijn de gemeenteraadsverkiezingen. Over het algemeen wordt aangenomen dat veel gemeenten na die verkiezingen weer fors zullen moeten bezuinigen. Voor de verkiezingen wordt het electoraat gespaard, na de verkiezingen begint het bezuingingsbal.

Ik ben geen pessimist. Ik hoop dat ik het mis heb, maar onderstaande brief lijkt mij toch een openlijke uitnodiging om de subsidiebedragen flink terug te schroeven.

Aanval is de beste verdediging
Bij de gemeente worden de messen geslepen. Aan bibliotheken de uitdaging om het komende jaar helder te maken waar zij voor staan, hoe zij de samenleving gaan ondersteunen en op welke wijze kosten gereduceerd gaan worden.  Bibliotheekdirecteuren doen er goed aan  om te komen met een aanvalsplan waarin leesbevordering en laaggeletterdheid centraal staan. Aanval is nog altijd de beste verdediging.

Voor de liefhebbers: lees de analyse van het VNG-rapport "Handreiking VNG Bibliotheek in het digitale tijdperk" nog maar eens terug. Mijn eindconclusie was toen: "Daarmee is VNG als iemand die waarschuwt dat je toch langzaam dat houten huis moet verlaten vanwege brandgevaar. Waarna sommige gemeenten al met lucifers klaar staan…

Hou ze weg bij de lucifers is het enige dat ik kan zeggen…"

Samenvatting van de brief
De samenvatting van de brief luidt als volgt (de onderstrepingen zijn van mij):  

"De minister van OCW heeft een conceptwetsvoorstel stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob) openbaar gemaakt. De wet zal naar verwachting in 2015 in werking treden.

Het Rijk wordt verantwoordelijk voor de financiering van de digitale bibliotheek, die voor burgers zowel direct als via de lokale fysieke bibliotheek toegankelijk zal zijn. De uitname uit het gemeentefonds die zal plaatsvinden in verband met de centralisatie van de inkoop van e-content, waaronder e-books, is naar 2015 uitgesteld. In het kader van de meicirculaire 2014 zal u over het plafondbedrag en het groeipad daar naartoe een mededeling ontvangen. In conceptwetsvoorstel worden gemeenten niet verplicht gesteld om een lokale, fysieke bibliotheek te subsidiëren. Wel moet een bibliotheek aan een aantal verplichtingen voldoen om deel te nemen in het netwerk, waaronder aansluiting op de digitale infrastructuur en de ondersteuning van het onderwijs. De VNG zet zich in voor een beperking van de verplichtingen.

Bestuurders van de VNG en het IPO en de minister van OCW hebben op 10 april jl. Bestuurlijke afspraken openbare bibliotheekwerk 2013-2014 ondertekend. Dit om de periode tot inwerking treden van de Wsob in 2015 te overbruggen.
  • Afgesproken is dat sluiting van een bibliotheek door een gemeente niet eerder geschiedt dan na overleg met de naburige (centrum)gemeente over de toegang van haar inwoners tot het lidmaatschap van de bibliotheek in de naburige (centrum)gemeente.
  • Verder is afgesproken dat gemeenten bibliotheken zullen aansturen op de ondersteuning van digitaal lezen en dat gemeenten, tezamen met het Rijk en de provincies, zich inzetten voor leesbevordering en bestrijding van laaggeletterdheid.
  • Er is geen afspraak gemaakt over de subsidiering volgens de zogenoemde instapniveaus (minimumniveaus naar aantal inwoners). De subsidiering moet in relatie staan tot het vermogen om de opgedragen taken uit te voeren.

Er is geen bezwaar tegen uitvoering van bibliotheekwerk door een commerciële aanbieder.
De gemeente is verantwoordelijk voor bewaking van de kwaliteit en voor de opdrachtformulering aan de bibliotheek. Een (te) beperkte opdracht zal bij aanname van de Wsob ertoe kunnen leiden dat de bibliotheek niet kan deelnemen in het stelsel."
 

dinsdag 15 mei 2012

Over brandgevaar en lucifers… Handreiking VNG : Deel 6, epiloog

Match tips with match stick 
En zo sloot Van Swelmen het verhaal af. Op zijn eigen wijze draaide hij er een eind aan. En Ottavio reageerde terecht: En is dit het dan? Nee, dit kan het eind niet zijn.

Op de eerste plaats: het VNG-rapport op zichzelf is geen slecht rapport. Natuurlijk, ik heb er wel wat over op te merken. Maar het meest beroerde van het rapport is de timing. Om mij heen krijgen vele bibliotheken bezuinigingen aangezegd. Her en der in het land verdwijnt zelfs een hele bibliotheek en zal er straks geen bibliotheek meer zijn in een gemeente. Forse bezuinigingen waarbij de bibliotheek soms vraagt naar welke beleid er zit achter bijvoorbeeld die bezuiniging van 50%. Waarop een wethouder dan zegt: die 50% ís ons beleid. Met zo’n antwoord is geen dialoog mogelijk.

Het VNG-rapport en de bezuinigingen zijn twee verschillende verhalen en ik snap ze allebei. Het grote venijn is natuurlijk dat het VNG-rapport gebruikt wordt om bezuinigingen te rechtvaardigen. En zo wordt een rapport waar je een goede dialoog over zou kunnen hebben plotseling een document om de mond te snoeren.

Tegelijkertijd is dit voor bibliotheken niet het moment om het hoofd te laten hangen. Maar belangrijk is om het VNG-rapport en de bezuinigingen wel uit elkaar te trekken. Het VNG-rapport pleit voor landelijke samenwerking voor de digitale bibliotheek. En dat is een beweging die ik bibliotheken én PSO’s zie maken op dit moment. Hoe lastig ook, er is niemand die het betwist. De overeenkomsten zijn hier veel groter dan de verschillen. Leg het vergrootglas dus op die overeenkomsten.

Voor het overige moeten we inderdaad bezuinigingen invullen. Naar eer en geweten en soms met een : “tot hier en niet verder”. We hebben de plicht om nu de maximale samenwerking op te zoeken in regionale, provinciale en landelijke bibliotheeknetwerken. Waar het nog efficiënter kan, moeten we het efficiënter maken. En in onze eigen gemeenten hebben we de plicht om optimaal samen te werken met culturele en maatschappelijke instellingen.

Maar goed, met die constatering wringt het VNG-rapport natuurlijk wel. VNG komt met een mooi theoretisch verhaal dat natuurlijk haaks staat op de praktijk van forse bezuinigingen. Daarmee is VNG als iemand die waarschuwt dat je toch langzaam dat houten huis moet verlaten vanwege brandgevaar. Waarna sommige gemeenten al met lucifers klaar staan…

Hou ze weg bij de lucifers is het enige dat ik kan zeggen…

Foto: The Knowles Gallery

vrijdag 11 mei 2012

Van Swelmen en de geheime voorbereiding in Oppendam… VNG-handreiking : deel 5 en slot

::The secret is the answer to all that has been, all that is, and all that will ever be::
De immer erudiete directeur van de Bibliotheek in Oppendam had de noeste directeuren van onze landelijke clubs uitgenodigd voor een werkbezoek aan Oppendam. Dit als voorbereiding op de VNG-bijeenkomsten. Wij schuiven aan bij de genoeglijke after-party in Café Het Duifje.

“Van Swelmen, je hebt geen woord te veel gezegd. Je bent een voorbeeld voor de branche!” zei Ap de Vries (VOB) monter en hij hief het glas. “Oppendam is een toonbeeld voor de digitale ontwikkelingen” haastte Diederik van Leeuwen (Bibliotheek.nl) te zeggen. “En natuurlijk zal het ministerie van OC&W u weer noemen in haar brieven” besloot Maria Heijne(SIOB) de rij met loftuitingen.

“Zo, ik denk dat jullie nu goed voorbereid zijn voor de VNG-bijeenkomsten. Als Diederik nu weer flitsend presenteert over de digitale ontwikkelingen, Maria een mooi verhaal houdt over mensen in ontwikkeling en Ap over contemplatief lezen vullen jullie elkaar mooi aan. En ik neem aan dat jullie alle goede ideeën meenemen naar het Haagse en nooit meer iets zelf verzinnen. Want wat goed is voor Oppendam is ook goed voor het land! Tempo, regie en focus….. op het glas!” bulderde Van Swelmen.

Na nog enkele glazen tempo, regie en focus kwamen er toch wat barstjes in de eensgezindheid. “Diederik, ik heb nu wel lang genoeg gewacht op die landelijk infrastructuur. Hoe lang gaat dit nog duren?” zegt Ap de Vries (VOB) met een duidelijk verhit gemoed. “Als het nog langer duurt roep ik de bibliotheken om aan te sluiten bij onze Vlaamse gasten van Bibliotheek.be.!”

Dan slaat Maria Heine met de vuist op tafel. “Maar Ap dat kan toch niet de bedoeling zijn! En ik ga dat ook niet toestaan. Ik heb al geregeld dat het ministerie van Defensie om dat te voorkomen. Het leger heeft zich al verschanst aan de Belgische grens.” “Wat zullen we nou krijgen?” zegt Ap de Vries. “Jij wilt toch ook een competitieve kenniseconomie? Of ben je daar plotseling tegen, Maria?” “Leg mij geen woorden in de mond, Ap! Ik kan zelf mijn mening wel formuleren” kaatst Maria terug. “Natuurlijk ben ik voor die kenniseconomie. Het is dan ook niet voor niks dat ik ook het ministerie van Verkeer en Waterstaat al heb gevraagd om Bibliotheek.nl te helpen met de aanleg van de digitale snelweg. Zij zeggen dat ze al zijn begonnen met de milieueffectrapportage”.

“Jongens en meisjes, doe toch niet zo overspannen!” sust Diederik. “We hebben alleen een klein beetje vertraging. Als jullie je er niet continue mee zouden bemoeien waren we echt allang klaar geweest! Dankzij Maria moet ik nu óók al overleggen met het ministerie van Verkeer en Waterstaat! Alsof ik al niet genoeg heb aan al die bibliotheken van Ap die mij brieven schrijven over de brieven die ik hun gestuurd heb over de brieven ik hun heb gestuurd als antwoord op door hun gestuurde brieven.” “Geen kwaad woord over mijn bibliotheken” zegt Ap. “Hun belang is mijn belang. Hun brief, is mijn brief. Het is hun goed recht om juridisch goed te kijken naar de voorwaarden.” “Wat ouderwets, een brief” zegt Maria. “Kennen ze geen e-mail dan? En trouwens, ik heb het ministerie van Justitie ook gevraagd naar die voorwaarden te kijken. Zij vinden daar ook nog wat van.” “Nee, toch?” verzucht Diederik. “Niet ook nog het ministerie van Justitie!”.

“Dit wordt niks meer” zegt Ap. “ Ik stuur nu een brief naar alle bibliotheken om aan te sluiten bij Bibliotheek.be” en Ap maakt direct aanstalten om op te staan van zijn barkruk. Diederik duwde Ap terug en trok de bril van Ap’s neus en trapte hem demonstratief kapot. Maria riep dat Diederik daar mee moest stoppen: “in naam van het ministerie”! Op eigen initiatief voegde Maria daar haar handtas aan toe en sloeg die op het oog van Diederik. Waarna Diederik met zijn hippe stappers – speciaal aangeschaft voor het werkbezoek - vol op de linkerteen van Maria ging staan.

De avond viel over Oppendam. Voor de onoplettende toeschouwer verlieten drie directeuren eensgezind café Het Duifje. Eén zonder bril, één trok telkens het been bij en één had een blauw oog. De goede verstaander wist echter dat de verschillende belangen weer uitstekend verdedigd waren.

“Hé, Van Swelmen!” riep de barman van Het Duifje. “Je moet nog betalen!” “Ik stel voor dat we deze inname dit betalen met een uitname uit het gemeentefonds” kaatste Van Swelmen terug." 

En natuurlijk straalden Diederik van Leeuwen, Ap de Vries en Maria Heijne op de VNG-bijeenkomsten. Goed voorbereid. Onze dappere en onvolprezen boegbeelden van onze landelijke clubs. En niemand zou ooit het geheim weten van hun succes.

Foto: Zitona

woensdag 9 mei 2012

Even Nederland met Canada vergelijken.... Handreiking VNG : deel 4

ScreenShot088
In het VNG-rapport wordt melding gemaakt van een rapport over de Canadese bibliotheken. Dat voorbeeld is zeer lezenswaardig. De uitkomsten worden door VNG wel wat uit z’n verband gerukt en uitvergroot.

Uitmuntend lobbydocument
Op de eerste plaats. Het is een uitmuntend lobbyrapport van de Canadese bibliotheken waarin zij hun succesverhaal verhaal vertellen over de periode 2000 tot 2009. Zij leggen uit dat de bibliotheekleden de bibliotheek veel vaker zijn gaan gebruiken. VNG verklaart dat dit vooral komt door eBooks. Kijkt u even mee of u dezelfde conclusie trekt.

In bovenstaande tabel ziet u de gebruikscijfers van de bibliotheek. U kunt inderdaad zien dat het aantal internet visits flink gestegen is. Of dit echter uitleningen van eBooks zijn of gewoon bezoekers van de website vermeldt het onderzoek niet. Maar knap gedaan is dit staaltje statistiek wel. Want heeft u snel zo’n staatje van uw eigen bibliotheek paraat? 
ScreenShot090
Ook een mooi plaatje is bovenstaande. Dat toont aan waar het geld naar toe is gegaan. In de samenwvatting van het rapport wordt verwezen naar deze uitkomsten om aan te tonen dat er vooral meer eBooks zijn geleend. Het staatje toont echter aan dat er vooral meer geld is gegaan naar audiovisuele materialen. En daar gaat waarschijnlijk dus vooral om DVD’s. En overigens: uitgaven wil nog niet zeggen dat daar ook het gestegen gebruik zit. Maar knap gedaan is dit staaltje statistiek wel.

In het hele rapport wordt niet aangetoond dat er een substantieel aantal ebooks wordt uitgeleend. Wat geteld is zijn databaseraadplegingen en websitebezoekers.

VNG vertaalt deze resultaten met de alinea:
In enkele andere landen is het lenen van e-books al zeer populair. De Canadese bibliotheken beschikken reeds over een groot aantal titels die uitgeleend kunnen worden. Uit een onderzoek in opdracht van de Canadese bibliotheken is gebleken dat het gebruik van de bibliotheek door de leden het afgelopen decennium met maar liefst 45% is gestegen. De opleving van het bibliotheekgebruik wordt grotendeels toegeschreven aan de uitleningen van e-books.
Met alle respect maar ik meer informatie nodig dan het aangehaalde rapport om dat te kunnen concluderen.

Wat niet wordt vermeld door VNG
ScreenShot089
Waar echter niemand over rept is bovenstaande statistiekje waaruit blijkt dat de Canadese gemeenten in dezelfde periode ongeveer 50% meer zijn gaan uitgeven aan openbare bibliotheken. Altijd aardig om te goochelen met statistieken.

Maar dit Canadese rapport is zeker een aanrader voor de VOB. Snel zo’n rapport opstellen voor onze eigen branche. Zorg dat je zelf je beeld maakt voordat een ander het doet. En dat is misschien nog wel de sterkste les die we kunnen leren van de Canadese bibliotheken.

Van Swelmen
Zo, en daarmee gaan we de inhoudelijke behandeling van het rapport afsluiten. Helemaal het einde? Nee, dat niet. De heer Van Swelmen, directeur van Oppendam, overweegt nog gevoelige informatie te verschaffen. over de rol die hij speelde bij de totstandkoming van de VNG-bijeenkomsten. Maar om eerlijk te zijn moet hij nog over de streep getrokken worden. Hij twijfelt namelijk nog. Dus spoor hem aan om zijn geheime informatie prijs te geven!

maandag 7 mei 2012

Wie rolt wie het eerst? VNG-handreiking : deel 3

Indiana Jones and the Euro Crisis
Een heikel punt in de plannen van de staatssecretaris en de VNG gaat over de inkoop van digitale content. De staatssecretaris heeft voorgesteld om hiervoor vanaf 2014 een oplopend bedrag hiervoor beschikbaar te stellen. Dit bedrag zal vervolgens weggehaald worden bij de gemeenten, de zogeheten uitname uit het gemeentefonds. De hoogte moet hiervoor in 2013 vastgesteld worden.

Wie rolt wie het eerst?
Vooropgesteld: zo'n budget voor digitale content vind ik een hele goede stap. Vooral doen dus. De praktijk zal echter wat weerbarstiger zijn.Deze uitname kent een aantal spelers: het ministerie van OC&W, VNG, de gemeenten, de VOB en de bibliotheken en de uitgevers. En om eerlijk te zijn komt dit hele spel op mij over als: wie rolt wie het eerst. Kijk maar even mee.

Het ministerie
Voorgesteld wordt een uitname per 2014. Om dit te kunnen regelen moet de nieuwe bibliotheekwetgeving nog wel even door de kamer. Gezien de verkiezingen en een eventueel lange formatie zou alles wel eens wat in de vertraging kunnen komen. Daarnaast is sterk de vraag welk bedrag nodig is? Het ministerie gaat niet inkopen. Dat gaat naar alle waarschijnlijkheid de VOB doen. Helder voor mij is dat het ministerie er alles aan zal doen om per 2014 een bedrag weg te halen bij de gemeenten.

VNG
VNG speelt een dubbelrol in dit verhaal. Zij onderhandelt namens de gemeenten met het ministerie over de uitname. VNG is in principe akkoord met een uitname maar geeft tegelijkertijd aan dat er voorlopig dubbele kosten zullen zijn: dus digitale content én boeken. VNG zal in de onderhandeling aangeven dat OC&W de kost voor de baat uit zal moeten laten gaan: eerst zien dan geloven. Tegelijkertijd adviseert VNG nu gemeenten al om afspraken te maken met bibliotheken over die digitale content. Met andere woorden: bibliotheken gaan lokaal collectiebudget inleveren ten gunste van landelijk collectiebudget.

De gemeenten
Een gemiddelde gemeente zal pas in actie komen als OC&W zijn afspraken nakomt en de VOB goede content weet in te kopen. Tot die tijd zal een gemeente kiezen voor de belangen van een lokale bibliotheek. Alles zal dus afhangen van het moment dat OC&W de uitname uit het gemeentefonds dus doorzet. En dat hangt weer af van wat VNG uitonderhandelt.

De VOB en de bibliotheken
De VOB zal naar verwachting de inkoop van digitale content doen. Net zoals de inkoopcommissie nu doet. Die inkoopcommissie krijgt een netelige opdracht: hoe succesvoller zij kunnen inkopen, hoe hoger de uitname uit het gemeentefonds zal zijn. De lokale bibliotheken zullen naar mijn gevoel dezelfde strategie volgen als de gemeenten: zolang mogelijk een lokaal collectiebudget overeind houden. Die 20 eurocent per inwoner die nu al betaald werd, werd door velen al als een hele bedrag beschouwd. Niet dat men niet meer wilde afdragen maar het zijn gewoon lastige tijden en men is tot nog toe niet verrast over de kwaliteit van de inkoop.

Uitgevers
Linksom of rechtsom staan de uitgevers altijd aan het eind van de lijn. Of ze gaan het geld rechtstreeks krijgen van de bibliotheken of via een U-bocht via de VOB. De uitgevers kunnen rustig afwachten. Die hoeven dus niet zoveel in hun huidige gedrag te veranderen.

Dans om het geld…
En zo danst iedereen om het geld. Bij mij versterkt deze hele constructie het gevoel dat er vóór 2014 geen structurele beweging komt. En dat is natuurlijk jammer. Jos Debeij riep al eerder dat bibliotheken dan misschien ook beter kunnen gaan zoeken naar content waarvoor men niet zo ingewikkeld hoeft te onderhandelen. Steek in op Koninklijke Bibliotheek met hun digitale bronnen of zorg dat je met de NOS toch snel alle items van Jeugdjournaal of Klokhuis te pakken krijgt.

En in die zin kun je je afvragen of deze dans om het geld niet veel te veel aandacht krijgt. Misschien moeten we maar eens op zoek naar een andere danspartner dan de uitgevers. Is die hele uitname misschien wel helemaal niet nodig.

Foto: Stéfan

vrijdag 4 mei 2012

Dag Marc, dag Marianne, dag Erwin…. Handreiking VNG : deel 2

Absolute rubbish! 
Zo, na alle aardige woorden van gisteren, gaan we de handreiking van VNG nu maar eens bekritiseren. Want VNG creëert op een aantal punten wel een volstrekt eigen werkelijkheid.

Nou, nou, Deckers, ben je weer niet wat te absoluut? Om eerlijk te zijn: ik ben net zo absoluut als de staatssecretaris en de VNG.

De handreiking zegt namelijk zes keer:
“De provincies spelen geen rol in de digitale bibliotheek”.

Er staat niet: “de provincies zullen op lange termijn een kleinere rol spelen”. Nee, er staat: “de provincies spelen geen rol” Ja, een stukje implementatie zit er nog wel in maar daarna houdt het op.

Het VNG praat hier klakkeloos de staatssecretaris na die dit in zijn brief aan de Tweede Kamer ook meldt.

De afgelopen tien jaar heb ik me al ingezet voor de digitale bibliotheek. En jawel, ik werk op provinciaal niveau. Tien jaar lang heb ik niet van iemand gehoord dat de rol die we speelden geen goede zou zijn. Sterker nog, we kregen de ene loftuiting na de andere. Dit wordt dus ook over mij gezegd. En bedankt.

En mijn gedachten gaan naar al die mensen die ik ken bij provincies die zich inzetten voor de digitale bibliotheek. En in gedachten neem ik vast afscheid: ze hebben geen rol meer. Dag Marc van der Meulen, dag Marianne Elsjan, dag Diane Berghuis, dag Erwin Dekker, dag Leendert den Heijer, dag Mada Miessen, dag Bertus Douwes, dag Annet Knol, dag Jeroen van Beijnen, dag Johan Hoenink en zo kan ik nog wel een tijdje doorgaan. Allemaal goede gasten die het bibliotheekwerk dragen. En allemaal werkzaam op provinciaal niveau.

Een cruciale misser is de ontkenning dat het bibliotheekwerk een keten is waar alle drie bestuurslagen een taak hebben. Waar op alle drie lagen goede mensen zorgen dat overal de verbindingen worden gemaakt. En ontkend wordt ook dat die provinciale netwerken vaak in opdracht werken van lokale bibliotheken.

En natuurlijk is internet niet iets dat zich alleen laat regelen op provinciaal niveau. Maar evenmin laat zich dit alleen regelen op lokaal niveau of zelfs op landelijk niveau.

VNG en OC&W hadden er beter aan gedaan om te kijken waar de successen van samenwerking de afgelopen jaren lagen. En vervolgens lessen trekken uit wat dat betekent voor de aansturing Resultaten uit het verleden zijn geen garantie maar geven wel een indicatie van waar iets goed werkt.

Wrang is dan ook dat op bladzijde 42 van de handreiking de Bibliotheek Enschede als best practise wordt genoemd en dat daarbij de VNG de Overijsselse Bibliotheek Dienst bedankt voor haar inzet voor de digitale bibliotheek. Om vervolgens weer te roepen dat de provincie hier niet nodig is. Mijn advies: volg het resultaat, sluit daarbij aan en maak gebruik van de dynamiek die er op vele plaatsen is.

Maar nee, liever heeft men absolute uitspraken.

Foto: Admittance

donderdag 3 mei 2012

Over wat we allemaal al wisten… Handreiking VNG : deel 1

De afgelopen week kwam de officiële nieuwe handreiking van de VNG (Vereniging Nederlandse Gemeenten) over bibliotheekwerk beschikbaar. De handreiking is een soort beleidsadvies aan gemeenten hoe om te gaan met bibliotheken. Welke stappen kan een gemeente in dit tijdsgewricht het beste zetten en met welke factoren moet men rekening houden?

Het verschijnen van de publicatie was al met enig tam-tam vooraf gegaan. De VOB (Vereniging van Openbare Bibliotheken) had haar zorgen al uitgesproken over de notitie voordat deze was verschenen.

De VOB spreekt bij de leden haar zorg uit over het feit dat VNG in de handreiking het digitaal lezen gaat stimuleren boven het lezen van een gewone collectie. Ook als leden daar niet direct op zouden zitten wachten. Alle reden dus om er de komende dagen met elkaar maar eens wat uitgebreider bij stil te staan. Dat doe ik – zoals u van mij kent – in delen.

Vandaag eerst maar eens een algemeen oordeel. En in dat algemene oordeel kan ik eigenlijk wel mild zijn. Over het algemeen vind ik het verhaal van de VNG helder en een goed overzicht voor gemeenten en eigenlijk sluit het naadloos aan bij wat Bibliotheek.nl nu uitvoert. Een goed overzicht dus, want probeer als gemiddelde gemeenteambtenaar met twintig dingen in je portefeuille maar eens bij te houden hoe alles zit met die wetgeving en hoe al die landelijke clubs ook al weer opereerden. Daar is dit echt wel bruikbaar voor. Maar we moeten van VNG ook weer niet gaan verwachten dat die het huiswerk gaat doen dat elke bibliotheekdirecteur ook zelf moet doen: en dat is een goed gesprek voeren met de eigen gemeente en samen zoeken naar wat je wil bereiken in de samenleving.

De VNG-handreiking is een prima punt om dat gesprek aan te gaan en om bijvoorbeeld weer eens voor te stellen om op werkbezoek met je ambtenaar en wethouder bij best practices in het bibliotheekwerk. Verder constateert VNG wat we in zijn algemeenheid in de branche ook al wisten. Veel bibliotheken zakken langzaam maar zeker met hun resultaten. En je hoort VNG denken dat de bibliotheek dus zijn bakens wel moet gaan verzetten. Nu ja, dat wisten we natuurlijk ook allang met z’n allen. En daarmee zie je dat VNG dus nu adviseert wat bibliotheekmensen eigenlijk al wel een aantal jaren weten. VNG adviseert de gemeenten om bibliotheken op te jutten om haast te maken met het aansluiten op Bibliotheek.nl. En volgens mij kunnen alle bibliotheken dus gewoon een brief sturen naar hun gemeente met de boodschap: “dit doen wij allemaal al!”.

Allemaal goed nieuws dus? Nee. Dat niet. Ik heb zeker nog een aantal venijnige en stekelige opmerkingen. Maar vandaag houden we het een beetje vrolijk In de volgende blogs ontrafelen we nog even een paar flinke missers uit dit rapport waar wethouders misschien wel mee aan de haal gaan.

Stay tuned.