zondag 25 oktober 2020

Huis van Eemnes: een Lochal op dorpsniveau


Wie denkt dat je een grote stad nodig hebt om een monumentale bibliotheek te bouwen moet eens gaan kijken in Eemnes. Met het Huis van Eemnes is er een prachtig multifunctioneel pand ontstaan dat de strijd met het Forum van Groningen of de Lochal in Tilburg best aan kan. Zeker als je bedenkt dat dit pand niet is neergezet voor een stad van 200.000 inwoners maar voor een dorp (sorry meneer Deckers, het is een stadje..)  van een kleine 9.000 inwoners.

Op een mooie vrijdag had ik een afspraak in Almere en op de terugweg reed ik langs Eemnes. Ik twijfelde geen moment, draaide de snelweg af en dook het dorp in. Dat was een hele goede keus van mij. Want binnen enkele minuten stond ik in het huis van Eemnes, tevens de nieuwe bibliotheek van dit gemoedelijke dorpje.

Naast de organisatie van het Huis van Eemnes zelf zitten er naast de bibliotheek ook een sporthal, een brasserie en een kleine theaterzaaltje in het pand. Eigenlijk alles wat je nodig hebt om podium en huiskamer van het dorp te zijn. Het is een fitnesscentrum voor lichaam en geest!

Het huis van Eemnes noemt zichzelf de tweede huiskamer en werd op 25 januari van dit jaar geopend. Net voor de lock-down inderdaad. Dat was natuurlijk een valse start maar als ik op vrijdag het pand binnenloop is het er toch aangenaam druk. Het pand oogt overmaats en dat is in deze tijd zeker geen nadeel. Als ik rondloop - een bijzonder aardige dame van de bibliotheek leid me even rond - wordt er op veel plekken gestudeerd door jonge mensen. 

Lochal in het klein

Er is een klein BiebLab waar elke week een programma rond 21e-eeuwse vaardigheden plaats vindt. Er is een kleine zaal voor instructies of kleine lezingen en een mooie en functionele jeugdbibliotheek. Op veel plekken in de ruimte kan met groepen worden gewerkt in de open ruimte. Want naast het theaterzaaltje en de instructieruimte kent ook de de jeugdbibliotheek een mogelijkheid om gebruikt te worden door groepen en kan ook de grote trap in de open ruimte gebruikt worden voor lezingen. 

Alles bij elkaar moet je eigenlijk constateren dat eigenlijk alle functionaliteiten die je in de Lochal tegen komt ook in het huis van Eemnes zitten. Maar dan wel op de schaal van Eemnes. Behalve de openingstijden: open van 8.30 uur tot 23.00 uur. Ja, ook nu. 

Horeca

De horeca wordt verzorgd door een horeca-exploitant die zowel de bibliotheekbezoekers, de theaterbezoekers als de sporters van een hapje en drankje kan voorzien. Op het moment dat ik het bezoek is de horeca noodgedwongen gesloten ondanks het feit dat deze meer dan ruim is opgezet. 

Aat Vos tekende samen met MARS interieurarchitecten voor de inrichting van deze bibliotheek en voor zijn doen is het een 'lichte' inrichting. Bij andere bibliotheken maakte hij meer gebruik van zwart en een diffuser gebruik van licht. Ik moet zeggen dat ik die keus voor lichtheid - mede ingegeven door de wensen van de medewerkers - zeker kan waarderen. Ik ben overigens ook wel benieuwd hoe het er 's avonds uitziet omdat er veel gewerkt wordt met daglicht, denk ik dat de sfeer in het gebouw zich 's avonds goed aanpast. 

Gemeentebestuurders: ga kijken in Eemnes!

Je hoeft geen Groningen of Tilburg te heten om een puik bibliotheekgebouw neer te zetten. In Eemnes is men er bijzonder goed in geslaagd om een mooie combinatie van functies bij elkaar te brengen. Het is dan ook helemaal terecht dat het Huis van Eemnes meedingt naar de prijs van Beste Bibliotheek van Nederland. Daar kun je nog op stemmen tot 1 november. Overigens is het Huis van Eemnes één van de acht vestigingen van de bibliotheek Gooi en Meer en zeker niet de grootste.

In die strijd om Beste Bibliotheek neemt Eemnes het op tegen inderdaad Groningen en Tilburg maar ook tegen Zoetermeer en Wageningen. Voor de jury valt er dit jaar zeker wat te kiezen: de iconen Tilburg en Groningen, het maatschappelijk hart Zoetermeer, het eigenzinnige maar bewezen en veel bezochte Wageningen of toch de kracht van het dorp Eemnes? Ik wens ze allemaal de prijs toe.

Eemnes is een voorbeeld van wat je ook in dorpen (en natuurlijk ook kleine stadjes meneer Deckers) kunt bereiken. En eerlijk gezegd: er zijn meer plaatsen zoals Eemnes dan steden zoals Groningen of Tilburg. Dus beste gemeentebestuurders met een dorp: ga kijken in Eemnes want daar valt nog veel te leren over wat met samenwerking is te bereiken.

Het zou een gewaagde keus zijn van de jury van de Beste Bibliotheek om te kiezen voor Eemnes. Maar eerlijk gezegd zijn er genoeg argumenten te verzinnen. Ik wens alle genomineerden veel succes!

dinsdag 20 oktober 2020

De leescrisis, gelijke kansen, gemiste kansen en de minister van lucht

Heel soms ben ik teleurgesteld in de politiek. De afgelopen week was zo'n week. Het ging over het leesoffensief en de beleidsbrief hierover van de ministers Slob en Van Engelshoven. Nadat Arjen Lubach zich met de leescrisis was gaan bemoeien had ik gedacht, dat er nu echte stappen zouden volgen. Ik neem u mee in mijn teleurstelling.

Op de eerste plaats: Ik heb iedereen die zich inzet in de politiek hoog zitten. Of je nu minister, burgemeester of gedeputeerde bent, het zijn rotbanen.  Iedereen weet het namelijk altijd beter,  je doet het nooit goed en je verdient een fractie van wat je in het bedrijfsleven zou hebben verdiend.

Arie Slob, onze huidige minister van Onderwijs, heb ik een paar keer ontmoet. Eén keer in zijn functie als directeur van het HCO en een paar keer tijdens verschillende halve marathons die we allebei liepen. Hij harder dan ik trouwens. Altijd vriendelijk en voorkomend. 

Ingrid van Engelshoven heb ik nooit persoonlijk ontmoet. Wel heb ik haar als wethouder van Den Haag ooit een bevlogen verhaal horen vertellen over het leren van de Nederlandse taal tijden een bijeenkomst van Oefenen.nl. 

Allebei goeierikken dus. Zo, dat is maar vast gezegd.

Het probleem: 1 op de 4 jongeren laaggeletterd

Het item van Lubach was grotendeels gebaseerd op het Pisa-rapport. In februari van dit jaar behandelde ik hier dat rapport al en ik noemde dit rapport het luchtalarm van de leescrisis. Uit dat rapport blijkt dat 24% van de 15-jarigen zo slecht kan lezen en schrijven dat deze als volwassenen laaggeletterd zijn. Dat percentage was  zes jaar eerder - schrik niet - 14%. En wie de cijfers binnen Europa vergelijkt ziet dat Nederland is afgegleden naar ongeveer het slechtste jongetje van de klas. Met name op leesmotivatie scoren Nederlandse kinderen dramatisch. Lubach noemt dat de leeshaat.

Met andere woorden: wie het tij wil keren, heeft niets aan halve maatregelen. Met ongewijzigd beleid gaat het percentage jongeren dat laaggeletterd is gewoon verder stijgen. Wie zich afvraagt waarom er steeds meer volwassen laaggeletterden zijn: hier zit dus het lek. En zolang die kraan niet dicht gaat, is het dweilen met de kraan open. In die zin zijn taalhuizen de symptoombestrijders van te weinig aandacht voor taal en lezen bij kinderen.


De Leescoalitie: Tijdvooreenleesoffensief.nl

Toch is er goed nieuws. Er is een leescoalitie die zich hiervoor inzet. Met heus manifest voor een leesoffensief. U vindt dat manifest hier.  

Even ter herinnering: In 2012 werd de Leescoalitie opgericht. Een samenwerkingsverband van toen CPNB, Stichting Lezen, Stichting Lezen & Schrijven, SIOB (nu: KB) en VOB. Bij het bibliotheekcongres in 2014 presenteerde Prinses Laurentien de ambities van de leescoalitie en ik heb ze later nog vaak gebruikt:

In 2025 verlaat geen kind de school met een leesachterstand en 

In 2025 is elke volwassenen geletterd of in een traject op weg daar naar toe.

Het was in de Beurs van Berlage dat ze deze woorden uitsprak tegenover honderden bibliothecarissen. Het werd stil... en iedereen begreep dat dit een ambitieuze maar broodnodige doelstelling was. 

Van de leescoalitie heb ik daarna niet zo heel veel meer gehoord. Tot nu gelukkig. Want het manifest waar men mee komt bevat wel een aantal aanknopingspunten:

Zo stelt het dat:

Lezers worden gemaakt, niet geboren. Het Leesoffensief heeft als uitgangspunt dat alle inwoners van Nederland een goede leesvaardigheid ontwikkelen. Lezen, goed kunnen lezen, zou kabinetsbreed beleid moeten zijn.
Dus beste volksvertegenwoordigers: werk aan de winkel. Kom met beter en intensiever beleid dan er is.

Tegelijkertijd stel het dat:

De Leescoalitie roept daarom alle onderwijs- en leesbevorderingsorganisaties, en iedereen die zich inzet voor lezen, op tot een Leesoffensief. Alleen samen kunnen wij het tij keren. Het Leesoffensief zien wij als een beweging van onderwijs-, leesbevorderings- en andere relevante maatschappelijke organisaties die het belang van lezen maatschappelijk en politiek agenderen vanuit een gezamenlijk gedragen visie.

Dat is een mooie balans. Het mes moet aan twee kanten snijden: meer aandacht van de politiek maar ook nog meer samenwerking tussen alle partijen die zich voor onderwijs en leesbevordering inzetten.

Hier word ik blij van. Het was nog mooier geweest als er ook al een bedrag was genoemd. Mensen die er verstand van hebben, zeggen dat dat nog te vroeg is. Daar word ik dan weer moedeloos van... We zijn al van 14% naar 24% laaggeletterdheid gegaan onder 15-jarigen. Hoe lang wil je dan nog wachten met ingrijpen?

Beleidsbrief Slob en Van Engelshoven over Leesoffensief

Op dezelfde dag dat de Leescoalitie het manifest openbaarde, stuurden de ministers Slob en Van Engelshoven de beleidsbrief over het leesoffensief naar de kamer. Een afgesproken een-tweetje dus.

De twaalf pagina's tellende brief start met:

Kinderen leren lezen is een van de belangrijkste doelen van het onderwijs. Leesvaardigheid is nodig om kennis te vergaren, kritisch te zijn op informatiestromen en om mee te kunnen doen in de maatschappij. Wij maken ons zorgen over de leesvaardigheid en het leesplezier in Nederland. We zien al een aantal jaren dat het leesplezier daalt, en we zien ook dat de leesvaardigheid van met name zwakke lezers daalt. We vinden dit onacceptabel en leggen ons hier niet bij neer. 

Dat is een hoopvol begin... men gaat zich er niet bij neerleggen.  Maar daarna voel ik mezelf tijdens het lezen in een moeras zakken. Er komt een technische analyse wat er mis gaat in het onderwijs en er worden speciale doelgroepen benoemd.

Daaruit vloeien voor de ministers drie actielijnen:

1) Een betere structurele verankering van leesvaardigheid in het onderwijs 

2) Stimuleren van meer leesplezier 

3) Actie-agenda met maatschappelijke partners 

Bij die drie lijnen noemen ze telkens allerlei projecten die al lopen, hoe belangrijk ze zijn en dat we daarmee door moeten.

Het gaat niet om een klein probleem of beperkte doelgroepen

En daar gaat het naar mijn gevoel mis in de brief.... Als het hier zou gaan om een klein probleem voor een beperkte doelgroep zou dat allemaal kloppen. Dat los je op met een paar projecten. 

Maar het is geen klein probleem en het gaat niet om beperkte doelgroepen! Als een kwart van de jongeren laaggeletterd is, moet er iets fundamenteel anders, is er veel meer gevoel van urgentie nodig en bovenal: veel meer inzet.

Waar ik ook kijk in de brief: er wordt niets nieuws aangekondigd. Niet anders dan dat het met curriculumvernieuwing maar mee moet. Het onderwijs moet hier het gevoel krijgen dat zij het zoveelste probleem zelf mogen oplossen. En misschien dat het nu nog niet lukt want we hebben onze handen ook nog vol aan corona. 

De beleidsbrief stelt:

Tegelijkertijd is het in de huidige situatie, waarin de coronacrisis scholen in zijn greep houdt en het uiterste vergt van schoolleiders en leraren, niet eenvoudig om dit complexe probleem van teruglopende leesvaardigheid en teruglopend leesplezier aan te pakken en er extra aandacht aan te besteden. 

Deze minister stelde onlangs 360 miljoen beschikbaar voor de verbetering van luchtventilatie op scholen. 360 miljoen omdat op 11% van de scholen het systeem onvoldoende was. Het PISA-rapport stel dat 24% van de jongeren laaggeletterd is... Welk bedrag denkt u dat er in de brief staat?

Leest u even mee en kijkt u even mee of u het bedrag kunt ontdekken voor de crisis die groter is dan de luchtventilatie:

Bij alle betrokken partijen die wij in de afgelopen maanden hebben gesproken, is het besef aanwezig dat het tij gekeerd moet worden en dat alle Nederlandse leerlingen goed moeten kunnen lezen als zij van school af komen. Er is echter nog een slag te maken tussen dit besef en de daadwerkelijke aanpak op scholen. Het leesoffensief moet ervoor zorgen dat vereende krachten en een gecombineerde inzet op zowel korte als lange termijn leidt tot een duurzame verandering in het leesonderwijs en in de leescultuur. 

Ik keek nog een keer goed. Hield hier de brief op? Miste er niet een velletje? Nee, hier hield het op. 360 miljoen voor ventilatiesystemen. Voor de leescrisis een paar lieve woorden. 

Lobby!

Mensen die wijzer en geduldiger zijn dan ik, zeggen dat er nog beleid komt na deze brief. Dat het opgebouwd wordt. Dat het iets wordt van de nieuwe regering en het regeerakkoord.  Als dat zo is, is het vooral een oproep aan onszelf als bibliotheken om een krachtige lobby in te zetten. Niet alleen maar samen met vele partijen uit onderwijs en maatschappelijk middenveld.

Voor goede taalontwikkeling moeten leeskilometers worden gemaakt. Daar kunnen scholen, kinderopvang, bibliotheken en ouders elkaar de hand reiken. Bibliotheken kunnen daar collectie, expertise en enthousiasme in aanbieden. Bibliotheken zijn een schakel. We hebben iedereen nodig om dit tij te keren.

Beste ministers, dank voor jullie werk en jullie zullen er ook alles aan proberen te doen. Ik twijfel er geen moment aan. Maar ik, als bibliothecaris begin langzaam de hoop te verliezen. In 2014 hoorde ik de grote ambities voor 2025. Daar heb ik me achter geschaard en voor ingezet. 

Bibliotheken hebben dwars door de banken- en Eurocrisis op 50% van de basisscholen een leesprogramma en een schoolbibliotheek opgezet. En dat terwijl onze budgetten krompen. We hebben 20%-25% van ons personeel omgeschoold naar leesconsulenten. Er zijn taalhuizen opgericht met veel betrokken en vrijwillige taalmaatjes. 

Dat alles gedaan en ondertussen overal bezuinigingen. 

Wij willen ons bijdrage leveren aan het oplossen van de leescrisis. We willen ook op de tweede 50% van de basisscholen een leesprogramma en een schoolbibliotheek starten. We willen alle VO-leerlingen helpen met het boek dat hen raakt. We willen nog meer ouders helpen om voor te lezen. 

Leesplezier zorgt voor gelijke kansen

Maar bovenal willen we leesplezier maken. Want plezier is een motor die zorgt dat je er mee doorgaat. Overal lees ik in verkiezingsprogramma's over gelijke kansen. Die gelijke kansen beginnen echt met gelijke kansen in taal. En gelijke kansen in taalontwikkeling begint met (voor)leeskilometers.

Leesplezier zorgt voor gelijke kansen. En daar niet in investeren is naar mijn gevoel een gemiste kans. Stop met dweilen terwijl de kraan nog open staat. Zorg dat jongeren geen leesachterstand oplopen. Met meer voorleesplezier thuis of in de kinderopvang met minder achterstand naar het basisonderwijs. Met meer leeskilometers in het basisonderwijs gaan kinderen naar een hoger schoolniveau. En met mooie leesprogramma's in het voortgezet onderwijs zorgen we zo dat dat percentage laaggeletterde jongeren eindelijk teruggedrongen wordt. 

Mogelijk? Zeer zeker! Maar bij bibliotheken zit geen lucht meer om te investeren. En sorry minister, dit luchtprobleem los je niet op met een ventilatiesysteem. Minister van Engelshoven had het in haar beleidsbrief bij de evaluatie van de WSOB nog over 90 miljoen om ervoor te zorgen dat in het hele onderwijs de bibliotheek op school mogelijk was. En als u met zo'n bedrag tegelijk gemeenten verleid om mee te doen, kijk, dan verleidt u tot het nemen van echte verantwoordelijkheid. 

Zorg dat u de minister van onderwijs en leesplezier blijft en niet de minister van lucht. Geef lucht aan leesplezier.

vrijdag 16 oktober 2020

De bibliotheekverrijker: een broodnodig en moedig experiment

De 'online presence' van bibliotheken kan en moet nog steeds veel beter. Maar hoe? Mensen zijn gemiddeld 6 uur per dag online actief. Informatie wordt gezocht via Google, filmpjes via Youtube, series via Netflix. En wat is de killer-app van bibliotheken.....? Tja, moet ik nou zeggen, online reserveren of ebooks? U voelt ook wel aan dat dat van een andere orde is. 

Bisc en Cubiss zijn en experiment gestart om mensen digitaal te boeien en te verleiden om gebruik te maken van digitale of fysieke diensten van de bibliotheek. Dit experiment staat onder leiding van Almar van der Krogt die eerder voor de Overijsselse bibliotheken en Bibliotheek.nl de ideale website ontwikkelde. Het afgelopen voorjaar deed ik mee aan een hacketon voor dit experiment en de eerste bibliotheken testen het op dit moment uit. 

Maar wat is die bibliotheekverrijker? U scrollt vast wel eens door Instagram, Twitter, Facebook of een ander sociaal medium. Bij welk bericht blijf u hangen? Het zijn niet de droge berichten of advertenties maar het zijn de berichten met een zogeheten 'trigger'. Voor de één is dat een kattenfilmpje, voor de ander een filmpje in de achtbaan of een gek bericht over een knappe menselijke prestatie of juist een enorme blunder. 


Landingspagina

De gedachte van de Biblitoheekverrijker is om zo'n bericht te vinden en te verrijken met informatie. In bovenstaande bericht van de Graafschap Bibliotheken is de trigger een foto van hoe een Koala gewogen wordt. Als je doorklikt op dit bericht dan wordt je naar een landingspagina geleid op de site van de Bibliotheekverrijker.nl. Op die pagina vind je bronnen van de bibliotheek zelf maar ook extra links naar YouTube, Pinterest of voor velen minder bekende bronnen als Delpher, tijdschrijften of kennis en expertisecentra.

De site is op 1 oktober gestart en de bibliotheken Kennemerwaard, Langendijk, Roermond, Z-O-U-T,  Purmerend, de Graafschapbibliotheken, Muziekweb, en Enschede werken er aan mee. De bedoeling is dat ze het twee keer een maand uittesten en uiteraard ondertussen verbeteringen aanbrengen in het concept.

Moedig experiment

Ik vind het een moedig experiment. Want zoveel experimenten zijn er niet in deze digitale wereld. We hebben soms geen flauw benul wat we in deze wereld zouden kunnen doen. Experimenteren en maar gewoon gaan doen om zelf ook gevoel te krijgen wat kan en niet kan, is lovenswaardig. 

Daar komt bij dat de aandacht op dit moment meer lijkt de gaan naar de maatschappelijke en educatieve bibliotheek (en terecht uiteraard) en dat daardoor de aandacht voor de digitale bibliotheek lijkt te verslappen. Of dat wordt gezegd: dat is alleen van de Koninklijke Bibliotheek. En dan terwijl wijzelf en ook onze inwoners elk jaar meer tijd online doorbrengen.  Ik vind echt dat we ook in die digitale wereld nog veel meer stappen moeten maken. 

Op de derde plaats vind ik het moedig omdat in deze dienst ook weer gewoon over informatie wordt gesproken. Eigenlijk is het een pro-actief inlichtingenbureau op internet. Die informatiefunctie is naar mijn gevoel nog steeds een essentieel onderdeel van ons werk. 

Tegelijkertijd zie ik ook wel dat we er nog niet zijn met dit experiment. Zowel qua vorm als qua omvang is er nog veel nodig. Cubiss en Bisc pakten de handschoen op en een paar dappere bibliotheken doen mee. Ik ben benieuwd naar het vervolg! 

zondag 11 oktober 2020

Bibliotheken in Crisistijd : deel 12


Het aantal besmettingen loopt gestaag op in Nederland. In de afgelopen week mochten middelbare scholieren mondkapjes gaan dragen en zagen we ze ook steeds vaker bij bezoekers van bibliotheken. Een enkele bibliotheek verplicht het zelfs bij de ingang. De verwachting is dat de komende week extra maatregelen gaan komen.  Een soort stilte voor de storm dus. Misschien nog even te kijken naar de schade die achter ons ligt. Want het derde kwartaal is afgesloten en ik heb van verschillende plekken de cijfers eens bij elkaar gebracht. 

30% minder uitleningen

Om maar met het slechte nieuws te beginnen: 2020 is qua uitleningen een hopeloos jaar aan het worden. Tot en met het derde kwartaal leenden we in Gelderland en Overijssel zo'n 30% minder uit dan in het jaar ervoor.  Ik heb geen reden om te denken dat dit in de rest van Nederland anders is. 

In Gelderland missen we zo'n 1,5 miljoen uitleningen en zo'n half miljoen verlengingen tot nu toe. In Overijssel, waar ik nog even de cijfers van verlengingen ontbeer, zijn er zo'n 1,7 miljoen uitleningen minder. In Overijssel is de teruggang dus groter dan in Gelderland terwijl men minder uitleningen heeft. In Gelderland startte men in de lock-down iets eerst met breng- en afhaalbibliotheken en ik heb het vermoeden dat ook wel meespeelt dat er in Overijssel meer kleine - en meer onbemande - vestigingen zijn die zich minder makkelijke lieten heropenen of waarvoor langer beperkingen in openingstijden golden.

Ebooks maar een hele beperkte vervanger

Naast de cijfers van de uitleensystemen heb ik ook de cijfers van de KB erbij gepakt rond de uitleningen van ebooks. Omdat velen zeggen dat ebooks dat gat wel gevuld zullen hebben. Nou, dat blijkt maar zeer beperkt het geval. In Overijssel zijn er in de eerste negen maanden zo'n 80.000 extra ebooks geleend ten opzicht van vorig jaar. Dit tegenover 1,5 miljoen minder fysieke uitleningen. In Gelderland kwamen er ruim 100.000 extra ebook-uitleningen tegenover een daling van 2 miljoen fysieke uitleningen en verlengingen.  Ebooks vangen dus ongeveer 5% op van de totale daling. 95% is weg of is alternatief ingevuld (denk aan de boekenkast thuis met ongelezen boeken).

Acht weken dicht

Van de 39 weken die de drie kwartalen beslaan waren we er acht volledig gesloten of hadden we alleen een haal- of brengservice. Dat is zo'n 20% van alle weken. Als je dat meetelt hebben het bibliotheken het nog goed gedaan. Want ook nu merken we nog wel dat een deel van onze bezoekers huiverig is om te komen. 

Overigens leenden we tijdens de lockdown wel degelijk boeken uit. Eerder berekende ik dat we op zo'n 11% van de normale capaciteit zaten, met grote verschillen per provincie.  

20 miljoen minder uitleningen landelijk en waarschijnlijk ook minimaal 20 miljoen minder bezoekers

In 2018 - ik wacht nog op het cijfer over 2019 - leenden bibliotheken zo'n 66,5 miljoen materialen uit. Als dat over 2020 het 30% minder is dan zal de schade ongeveer 20 miljoen minder geleende boeken zijn. 

Overigens hebben we ongeveer evenveel bezoekers als uitleningen in de bibliotheken. En ik verwacht dus ook dat onze bezoekersaantallen voor 2020 ook met minimaal 30% gedaald zullen zijn. Terwijl die nou net zo lekker in de lift zaten. Want de afhaalbieb zorgde voor de uitlening nog voor een beperkte vervanging maar voor ander bezoek bestond vaak geen fysiek alternatief. Daarbij komt dat er minder groepen zijn ontvangen en van kleinere omvang. Reken dus ook ook maar op minimaal 20 miljoen bezoekers minder. 

En dan heb ik het nog niet over minder krantenlezers die zo bij blijven en wat sociaal contact hebben en dan hebben we nog niet over minder cursussen en spreekuren.  De schade is enorm. 

En ja, daar staan zeker mooie initiatieven tegenover: online trainingen via digitale taalhuizen, kekke programma's voor de jeugd via internet, telefonische ondersteuning bij digitale vragen en natuurlijk de bezorgservice.

Stilletjes ben ik verdrietig over de grote aantallen en de gaten die het slaat in lees- en studieplezier voor zoveel mensen. Maar ik tel ook mijn zegeningen: de meesten van ons zijn gezond en financieel is het te overzien voor bibliotheken. Dit in tegenstelling tot ander cultuurcollega's.  En, op veel plekken worden we uitgedaagd iets nieuws te verzinnen.

Hou vol, er gaat eens een einde komen aan deze crisis!

zaterdag 3 oktober 2020

Bibliotheken in crisistijd : deel 11 (helaas)

 

Op 16 mei van dit jaar schreef ik deel 10 van Bibliotheken in crisistijd. De bibliotheken waren net weer open en ik hoopte dat ik het laatste deel van deze serie wel geschreven had. Misschien een hopen tegen beter weten in. Maar deze week kwam de crisis voor bibliotheken weer in volle hevigheid terug.

Ik neem u mee door deze week en hoe ik die zelf beleefde.  Van Kinderboekenweek naar mondkapjesbibliotheek.

Vorig weekend

Vlak voor het weekend zegt burgemeester Aboutaleb van Rotterdam dat de regionale aanpak niet meer werkt. Er zijn landelijk maatregelen nodig vindt hij. In het weekend is er extra overleg in het torentje en zien we mensen in en uit lopen bij Rutte. Gemeld wordt dat er op dinsdag een extra persconferentie komt met maatregelen. 

Overigens zijn in de week ervoor al extra maatregelen afgekondigd voor veertien regio's. Eén daarvan ligt deels in ons werkgebied: Gelderland-Zuid. En de maatregelen gaan zondagavond in. Het heeft tot consequentie dat in dat gebied onze chauffeurs met mondkapjes gaan werken. Er is wat kritiek dat het pas zondagavond in gaat want er kan dan nog een avond flink uitgegaan worden.  Dat weekend loop ik op zaterdagavond door de binnenstad. Ik schrik zelf eigenlijk hoeveel groepjes mensen ik heel dicht op elkaar zie zitten of staan. Overigens ook veel mensen die het wel allemaal netjes proberen te doen.

Maandag

Op maandag heb ik werksessie met een team. Tijdens de dag wordt bekend gemaakt dat de persconferentie niet dinsdagavond maar al maandagavond zal zijn. Dat lijkt niet veel goeds te beloven. Er circuleren dan maandag al lijstjes 

Op de persconferentie worden inderdaad maatregelen genomen die een flinke stap terug zijn. Geen toeschouwers meer bij sportwedstrijden, de horeca sluit de deur om 21.00 uur en veegt de laatste gasten er om 22.00 uur uit. En thuiswerken tenzij het echt niet anders kan. Hugo de Jonge spreekt de magische woorden: Wij doen ons best, maar het virus doet het beter. 

Voor bibliotheken geldt dat toegangscontrole weer belangrijk wordt. Weer striktere controle op het aantal mensen dat binnen is. Bibliotheken worden wel genoemd als doorstroomlocatie en dat zou het mogelijk moeten maken dat niet iedereen geregistreerd hoeft te worden. De vraag is dan nog hoe dat voor werkplekken zit. Groepen mogen niet groter zijn dan 30 personen tenzij er een ontheffing komt.


Dinsdag
De maatregelen gaan pas in op dinsdag 18.00 uur. Iedereen heeft dus precies een dag om uit te zoeken hoe het zit.  Bij Rijnbrink starten we die volgende ochtend weer met het Corona-kernteam dat ook bij de lockdown vaak vergaderde. De consequenties voor ons als provinciale instelling vallen mee. Veel medewerkers kunnen goed thuiswerken, zij het wel met frisse tegenzin. Ons meest kwetsbare onderdeel in deze crisis zijn onze buschauffeurs. We willen voorkomen dat een besmetting bij één van de chauffeurs kan leiden tot een quarantaine van alle chauffeurs. Tja, wat spreek je daar slim over af? We kunnen onderling contact tussen chauffeurs niet helemaal verbieden.

De Vereniging van Openbare Bibliotheken komt al snel met eigen communicatie en dat is prettig. Dat was aan het begin van de vorige piek in de crisis anders en moesten we samen met bibliotheken in het begin nog veel zelf uitzoeken. In mijn eigen agenda zet ik weer veel zaken om naar digitaal overleggen. Hoewel een enkele afspraak echt uit moet vallen, kan veel ook doorgaan. Dat is echt anders dan de vorige keer. We schakelen soepel terug. 

Wel is het dinsdag relatief druk op kantoor. We houden dat overigens keurig bij met een registratietool en het werken in ons kantoor is veilig. Toch weten veel collega's dat het vandaag wel even de laatste dag zal zijn en dat verklaart wat extra aanwezigheid. 

Aan het eind van de dinsdag merk ik een terugslag krijg en zelfs dat ik een beetje bang ben. Ja, bang voor het virus. Bang voor wat het deze keer zal brengen. Bang voor de voortdurende onzekereheid. Bang of dierbare kwetsbaren om me heen er goed doorheen komen. Het is echt een stap terug. 



Woensdag
Terwijl op dinsdagavond 18.00 uur de nieuwe maatregelen zijn ingegaan, is er op woensdag een debat in de kamer over de maatregelen. En tussen de middag hoor ik al dat de Tweede Kamer de regering lijkt te dwingen tot een mondkapjesadvies voor publieke binnenruimtes. Geen plicht, wel een dwingend advies. De vorige maatregelen zijn precies 24 uur oud als Rutte live op televisie meldt dat er per direct een mondkapjesadvies. Geen plicht, wel een dringend advies. 

Dus toch. Het voelt als een nieuwe mentale klap. Ik had gehoopt dat het niet nodig was. Nu ook nog het mondkapje. Ik ben teneergeslagen. Niet fysiek maar wel mentaal geveld door het virus. 

Die avond speel ik toch in ons bandje. Op de weg daar naar toe, koop ik mijn eerste mondkapjes. Alle regels worden gevolgd en we houden ons er keurig aan. De barman staat al met een mondkapje. Het voelt dubbel. Wel thuiswerken maar dit mag dan nog net wel. Doe ik er goed aan of niet? Mentaal doet het me in ieder geval goed. 

Donderdag en vrijdag

Op donderdag en vrijdag hoor ik van verschillende bibliotheken hoe het gaat. Bibliotheken hebben contact met de veiligheidsregio, worden doorverwezen naar de gemeente en de ene gemeente bedankt de bibliotheek voor de goede zorgen en de andere gemeente zegt dat het strenger moet. In de ene bibliotheek moeten alle bezoekers geregistreerd worden, in de andere alleen die voor langdurig gebruik. Er is discussie over het tellen van kinderen onder de 13. Het klinkt wellicht verwarrend maar ik zie ook dat bibliotheken steeds meer eigen verantwoordelijkheid durven nemen.

Het belangrijkste kompas blijft het gezond verstand dat is wel helder want in Nederland-Regelland weten we elke regel ook wel weer verschillend te interpreteren.

In de bibliotheek waar ik kom zie ik mondkapjes of een vaste plek achter een kuchscherm. Dat lijkt op bijna geen enkele plek tot problemen te leiden. Blijkbaar zien we allemaal het nut maar hoe lang moeten we dit volhouden? 

Nog weer geen 24 uur na het mondkapjesadvies maakt het kabinet bekend dat vanaf maandag er ook een mondkapjesadvies is voor scholen in het Voortgezet Onderwijs. Zo snel gaat het dus.

Ik sluit deze gekke week af. Ik hervind mijn energie wel weer en we slaan ons ook hier wel weer door heen. Terwijl ik mijn laptop afsluit, ontvang ik nog een laatste berichtje op mijn telefoon. Mijn Coronamelder geeft aan dat ik ook deze week met niemand in contact ben geweest die besmet is en zich gemeld heeft bij de GGD. Blijf gezond!

dinsdag 29 september 2020

The BiebBoys are back!


De BiebBoys van de Bibliotheek Gelderland-Zuid zijn ontstaan tijdens de lockdown in het voorjaar. Ik noemde ze toen 'misschien wel de grootste ontdekking van de Coronacrisis'.  Drie keer peer week maakten  Kees en Joran een uitzending over een thema dat kinderen aanspreekt en er kwam ook altijd een boek in voor. Het zat echt professioneel in elkaar en het deed mij denken aan de vroegere VPRO-serie Rembo en Rembo. Ik smeekte toen of ze na de lock down niet door wilden gaan. 

Mijn hart maakte dan ook een sprongetje toen ik vorige week een berichtje kreeg van Joran: 'We zijn terug!' De Kinderboekenweek begint en er is geen beter moment wat mij betreft om weer te starten!

De BiebBoys in de klas!
Maar Kees en Joran pakken het anders aan dan tijdens de lockdown. Nu maken ze series voor in de klas. Een filmpje, een lespakket en een werkblad met alles erop en eraan! En dat alles gewoon open te downloaden op hun site. Briljant gedaan! 

Het eerste filmpje gaat over de Canon van Nederland, geheel passend bij het thema van de Kinderboekenweek.  En ook in dat filmpje hebben ze een 'challenge' voor de kinderen die ze alleen met een boek kunnen oplossen.

Hoe doen ze dat toch?
Maar je vraagt misschien af, hoe doen ze dat toch bij deze bibliotheek? Huren ze Kees en Joran in, werken ze daar echt? Kan elke bibliotheek dit maken? 

Als ik dat soort vragen hebt, hebt u ze misschien ook. En daarover had ik contact met Petra Mackenbach van deze bibliotheek. Zij schrijft de scripts voor de BiebBoys Kees en Joran en ze regisseert de filmpjes. En ja, alledrie werken ze 'gewoon' bij de bibliotheek maar ze hebben ook alledrie een theaterachtergrond. Petra is van oorsprong Theaterdocent en Kees heeft ervaring met montage en Kees en Joran treden inderdaad graag op. 

De combinatie van deze drie personen met deze achtergrond op een educatie-afdeling van een bibliotheek durf ik redelijk uniek te noemen. Daar komt bij dat ze zich sterk gesteund voelen door het management om dit te maken en die ook tijd vrijgemaakt heeft voor deze serie na het experiment tijdens de lockdown. 

De bibliotheek huurt opnameapparatuur en belichting bij een bedrijf maar dat zijn ook weer niet absurde bedragen. In die zin is het een low-budget-productie. Zelf zien ze creativiteit als de belangrijkste factor of je dit wel of niet kunt doen als bibliotheek. 

Ambitie
De BiebBoys zijn in de nieuwe opzet - een filmpje met een werkpakket voor in de klas - minder aan de regio gebonden dan met de serie tijdens de lockdown. Toen gebruikten ze veel Nijmeegse instellingen als podium. De thema's die ze nu kiezen zijn eigenlijk overal in Nederland te gebruiken. Ik zou het dan ook ontzettend mooi vinden als we dit zouden weten op tillen naar een landelijk niveau. Dus Samenwerkende POI's en Koninklijke Bibliotheek, grijp uw kans! Volgend jaar mogen zij wat mij betreft de hoofdact van de Kinderboekenweek zijn. 

Maar goed, zo ver is het nog niet. Vooralsnog wil men in Nijmegen en omgeving zo'n 40 basisscholen met dit pakket bereiken. Dat lijkt me een realistisch doel. En ik kan me nu al verheugen in het plezier dat je kinderen doet met de challenges waar Kees en Joran toe uitdagen en de boeken die je moet zoeken en gaat lezen. 

En dat plezier rond lezen is misschien wel de belangrijkste opbrengst. Want dat is na Lubach en zijn oproep over leesplezier wel helder: Nederland heeft veel meer initiatieven nodig zoals de BiebBoys!

Go Kees, Go Joran, Go Petra!

zondag 27 september 2020

Horen wij daar 80 miljoen voor bibliotheekwerk?


De afgelopen week vond het allerlaatste staartje plaats van de de evaluatie van de bibliotheekwet. Ik schreef er al eerder over en dacht toen al dat het voorbij was. Maar het bleek dat er een nog een Vaststelling van Schriftelijk Overleg (VSO) moest volgen. Zo'n VSO is geen debat maar kamerleden die dat willen kunnen dan nog wel moties indienen. Wat ook wel weer logisch is. 

Voor wie het terug wil kijken,  het overleg vind je hier. In een kleine 30 minuten wordt de bibliotheekwet, de wet op de vaste boekenprijs en de evaluatie van de Koninklijke Bibliotheek er doorheen gejaagd. Je kunt niet zeggen dat ze niet efficiënt vergaderen. 

Vijf moties, waarvan drie direct over bibliotheken

In de vergadering werden nog vijf moties ingediend waarvan drie er direct betrekking hadden op openbare bibliotheken. Wie alle moties nog eens wil nalezen kan terecht op deze pagina. 

Motie 1: Van den Berge van Groen Links over leenrecht bij scholen


In bijgaande motie zie je dat wordt aangedrongen op nu eindelijk een uitkomst tussen rechthebbenden en bibliotheken als het gaat om uitleningen op scholen. Rechthebbenden vinden dat ze inkomsten mislopen, bibliotheken vinden dat ze zich keurig aan de onderwijsexceptie houden voor leenrecht. Hoewel met de vier ingediende partijen er nog geen meerderheid is, wordt er wel gefluisterd dat nog meer coalitiepartijen zich gaan scharen achter deze motie. Ik acht het zeer goed mogelijk dat deze motie het haalt. Overigens meldt de minister nog dat dit onderwerp in het landelijk convenant zijn plek zal krijgen. Ik vermoed dat dat betekent dat het voorkeursmodel van de minister (uitlenen op school, ook voor thuis, onder verantwoordelijkheid van de bibliotheek) daar wel in genoemd zal worden. 

Motie 2: Van den Hul (PvdA): Elke gemeente een bibliotheek


De minister antwoordde op deze motie dat ze de intentie onderschrijft maar dat voor uitvoering 80 miljoen nodig is en dat dat geld er niet is. Van den Hul antwoordde dat ze hiervoor bij de begrotingsbehandeling van Cultuur hierop terug zullen komen en een alternatieve begroting zullen indienen. De minister herhaalde een tikkeltje geïrriteerd zelfs dat dit geld er niet is. Deze motie gaat het nu niet halen maar het punt zal dus terugkomen bij de begroting in de komende maanden. 

Overigens vroeg ik me even af of die 80 miljoen een 'slip of the tongue' is of dat het nu een nieuw bedrag is. In de beantwoording van vragen werd nog gerept over 60 miljoen. En als je kijkt naar de antwoorden bij de beantwoording dan zie je dat het gaat om 16 gemeenten. Deze 16 gemeenten hebben echter allemaal een onvolledige bibliotheekvoorziening of ze hebben afspraken met buurgemeenten. Om eerlijk te zijn: om in die 16 gemeenten tot goed bibliotheekwerk te komen, heb je geen 60 of 80 miljoen per jaar nodig. Ik heb het vermoeden dat dat betekent dat alle gemeenten gecompenseerd moeten worden als de minister wil afdwingen bij deze 16 gemeenten dat ze een volwaardige bibliotheekvoorziening krijgen. Uitgaande van 80 miljoen is dat bijna 5 euro per inwoner. Met dit soort getallen hoor ik gejuich in directiekamers van bibliotheken.... 

Mijn inschatting is dat hier opmaatjes worden gemaakt voor de volgende regering. Elke gemeente een bibliotheek is bijvoorbeeld een uitgangspunt van het verkiezingsprogramma van D66, de partij van de minister zelf. Er is dus wel degelijk een kans voor deze gedachte maar de uitvoering moet minstens wachten tot 2022.

Motie 3: Geluk-Poortvliet: Behoud Muziekweb


De laatste motie was een bemoediging voor Muziekweb. De structurele financiering is al jaren lastig. Het gebruik daalt maar de erfgoedwaarde blijft. Het financieringsmodel moet daar op aangepast worden: van gebruikersbijdragen naar een erfgoedfunctie. Daar was men al mee bezig met het Instituut voor Beeld en Geluid maar mevrouw Geluk-Poortvliet borgt met deze motie dat de kamer de minister controleert en zorgdraagt dat dit goed komt.

Overige moties

De overige moties waren van El Yassini van de VVD over de BTW-verlaging van ebooks en dat deze BTW-verlaging nog niet doorvertaald zijn in de prijzen van ebooks en een motie van Kwint van de SP over leermiddelen in het MBO. 

De stemmingen zijn op dinsdag 29 september, precies één dag voor de ondertekening van het convenant, saillant detail. 

Maar houd die 80 miljoen maar eens in de gaten. Kan interessant zijn voor bibliotheken. Een mooie opmaat naar verkiezingen en wellicht een volgend regeerakkoord.

zondag 20 september 2020

Mag ik foto's van uw kinderen zien of even in uw hoofd kijken?

Een paar weken geleden postte ik, naar bleek, een al wat ouder filmpje over wat er gebeurd zou zijn als boeken ná games waren uitgevonden. Op die post kreeg ik een leuke reactie van Janneke. Janneke gaf me bij haar reacties twee van haar favoriete filmpjes over mediawijsheid. Ze gaf aan dat ze dit soort filmpjes verzamelde voor ouderavonden. Omdat u natuurlijk niet allemaal lees-mediacoach bent, is het wellicht toch aardig om nog te delen.

Het eerste filmpje is een waarzegger die alles van u zegt te weten. En verrek, het is ook nog zo. Maar de clou zit natuurlijk aan het eind. Je kunt het een beetje raden maar ik verklap hem toch niet. 

Het tweede filmpje gaat over de privacy van je foto's op internet. Om eerlijk te zijn: ik heb inderdaad wel weer een hoop vakantiefoto's gedeeld via Facebook en Instagram bijvoorbeeld. Het bijgaande filmpje is inderdaad wel een aardige confrontatie met je eigen gedrag. 

Ik vind het wel weer aardig om te delen. Misschien kunt u het weer eens gebruiken bij een verhaal over het belang van het feit dat de bibliotheek zich inzet voor digitale inclusie en mediawijsheid.

Janneke bedankt!

zondag 6 september 2020

Bibliothecaresses te paard

Tijdens de lockdown waren er veel bibliotheken die een bezorgservice kenden. Veel bibliotheken zijn daarmee ook weer gestopt nadat bibliotheken weer open gingen. Ik ga u vandaag meenemen naar een wel heel bijzondere bezorgservice: te paard!

Het is een service die wel even terug gaat in de geschiedenis. Tijdens de grote depressie in de jaren '30 van de vorige eeuw startte 'the horse pack library' in de Verenigde Staten. Ik werd erop geattendeerd door oud-collega Louisa Benning. 

In 1933 startte een werkverschaffingsproject onder President Roosevelt en deze bibliothecarresses te paard hoorden daarbij. De gedachte was tweeledig: bibliotheekmedewerkers aan het werk en tegelijkertijd werken aan bestrijding van laaggeletterdheid (ja, toen ook al). Het bijzondere was dat dit een werkverschaffingsproject was waar voornamelijk vrouwen aan deelnamen in tegenstelling tot de andere werkproject. 


De dames reden elke week zo'n 150 tot 200 kilometer per week op hun paard of muilezel. Er waren vaste routes die met een bepaalde regelmaat gereden werden. Een soort bibliobus met 1 PK. Er waren routes die zelfs te paard niet te doen waren en dan werden de laatste meters te voet afgelegd. 

De dienst groeide gestaag. Na de start in 1933 waren er in 1938 al 274 bibliothecaresses-te-paard in 29 staten van Amerika. 'The horse pack library' stopte in 1943 toen de werkverschaffing ook stopte. Zo gaat het wel vaker in bibliotheekwerk: geld stopt, project stopt...

Toen ik mijn collega's vertelde over deze bereden bibliotheekservice, zeiden ze dat het eigenlijk ook nu wel weer goed zou passen: een CO2-neutrale bezorgservice op het platteland. Laten we bij Rijnbrink nu net een nieuw pand geopend hebben waar onze tien busjes nog slimmer alle vestigingen kunnen bedienen. Ik ga morgen voorstellen er paardenstallen van te maken en ik schrijf snel een innovatieve projectaanvraag naar de innovatieraad.

In elke grap schuilt een goed idee. Maar voor nu: hulde aan deze stoere dames!

Meer info via deze link.

zondag 30 augustus 2020

90 miljoen voor schoolbibliotheken, een gratis bibliotheeklidmaatschap voor ouderen en de evaluatie van de bibliotheekwet


De afgelopen week vond de afronding  van de evaluatie van de bibliotheekwet plaats. Ik neem u mee langs de laatste aardige punten hiervan waaronder een gratis bibliotheeklidmaatschap voor alle ouderen en 90 miljoen voor schoolbibliotheken. Geïnteresseerd? Lees dan even verder en u bent weer bij.

Bibliotheekwet

In 2015 werd de Bibliotheekwet ingevoerd. De officiële naam is Wet Stelsel Openbare Bibliotheekvoorzieningen en wordt meestal afgekort naar WSOB. Deze wet regelt de verhoudingen tussen de verschillende overheidslagen en partijen rond het bibliotheekwerk. Deze wet zou na vier jaar geëvalueerd worden. 

Raad voor Cultuur 'Een bibliotheek voor iedereen'

In het afgelopen half jaar vond die evaluatie plaats. De evaluatie werd ingeleid in februari door het rapport 'Een bibliotheek voor iedereen' van de Raad voor Cultuur.  Die titel was goed gekozen want de Raad hekelde vooral dat ondanks de bibliotheekwet er nog steeds gemeenten zijn zonder (volwaardige) bibliotheek. Daar komt bij dat sinds 2010 is het bedrag dat gemeenten uitgeven aan bibliotheken met 19% is gedaald.  Dit is kwalijk, zeker in het licht van de slechte score van Nederland op leesmotivatie en leesvaardigheid onder middelbare scholieren in het recente PISA-onderzoek, aldus de Raad voor Cultuur. 

De Raad pleitte dan ook voor een wettelijke verplichting voor een bibliotheek in elke gemeente en als dat niet haalbaar was dan een samenwerking met een buurgemeente zodat alle bibliotheekfuncties op redelijke afstand beschikbaar zijn. 

Naast deze aanbeveling zette de Raad ook in op een Nationale Bibliotheekagenda en een stevig leesoffensief.

Evaluatie Kwinkgroep

Het rapport van de Raad voor Cultuur werd samen met de evaluatie van de Kwink-groep naar de kamer gezonden. In deze evaluatie, die op zich zeer positief was over de bereikte resultaten,  kwam ook met tien aanbevelingen voor de sector. Die gingen onder andere over de verdere uitbouw van de maatschappelijk-educatieve bibliotheek, de balans tussen financiering en ambities (dat is ambtelijke taal voor te weinig geld), aandacht voor de bibliotheekopleiding en een landelijke bibliotheeksysteem. 

Kwink-rapport

Tegelijk met het rapport van de Raad voor Cultuur stuurde de minister het evaluatierapport van de wet toe zoals dit was opgesteld door Kwink. Kwink maakte in tegenstelling tot de Raad voor Cultuur een meer organisatorische evaluatie en formuleerde hierbij tien uitdagingen voor de komende tijd. Daarin zaten zaken als de verdere uitbouw van de maatschappelijk-educatieve bibliotheek, het versterken van de samenwerking in de sector maar ook een  collectief landelijk bibliotheeksysteem en het vergroten van de gebruikersvriendelijkheid van de digitale bibliotheek. De aanbieding van de beide rapporten ging met de belofte dat ze er beleidsmatig nog op terug zou komen. 


Overigens merkte ook Kwink op dat de bibliotheek veel ambities heeft en veel kansen ziet maar dat de financiële kaders steeds krapper worden (zie afbeelding, let op de bijdrage aan KB is alleen de bijdrage in het kader van WSOB). Dat geldt in ieder geval voor de bedragen die gemeenten en provincies inzetten voor bibliotheekwerk. De rol van bibliotheken wordt steeds breder maar de beurs wordt steeds smaller.

Beleidsbrief van de minister

In april van dit jaar volgde de beleidsbrief van de minister. In deze brief maakt ze melding van het feit dat ze wil komen tot een landelijk convenant met de provincies (IPO) en de gemeenten (VNG) om te komen tot een gezamenlijke invulling van maatschappelijke opgaven.

De vier speerpunten die de minister aangeeft zijn dat 1)iedere inwoner toegang heeft tot de openbare bibliotheek (let op: ze zegt niet, in elke gemeente een bibliotheek), 2) dat alle jeugd gratis toegang heeft tot de bibliotheek, 3) het opzetten van een leesoffensief en het 4) versterken van de samenwerking in het netwerk. 

Het convenant is ondertussen nagenoeg rond en naar ik heb horen zeggen zou dit eind september ondertekend kunnen worden.

De afronding: Kamervragen

Terwijl het convenant al in de steigers staat, moest een kleine democratische plichtpleging nog wel afgerond worden: het overleg met de Kamer. Door corona vergaderde de Tweede Kamer alleen fysiek over corona-onderwerpen. De hele afhandeling van deze evaluatie vond plaats op papier. Kamerleden konden vragen stellen en de minister heeft geantwoord. Hoewel het document 47 pagina's beslaat is het toch aardig om eens door dat noeste huiswerk van de ambtenaar voor bibliotheekwerk heen te lopen. Ik pak er een paar aardige zaken uit.

Punt 1: gratis jeugdlidmaatschap wordt verplicht

De minister gaat de bibliotheekwet aanpassen als het gaat om de jeugdcontributie. Nu staat er nog in artikel 13 van de wet dat de jeugd tot 18 jaar geen contributie betaald, tenzij de gemeenteraad anders beslist. Die 'tenzij' wordt uit de wet gehaald. Elk kind moet dus gratis lid kunnen worden van de bibliotheek. Ik vind dat een mooie verandering.  In 2019 was bij 12 bibliotheekorganisaties in 26 gemeenten nog sprake van een vorm van jeugdcontributie. Het ging dan om 25.000 kinderen die moesten betalen voor hun lidmaatschap. Overigens was dit in 2020 al gedaald naar 14 gemeenten. Die wetswijziging kost wel wat tijd en in de tussentijd wil de minister in het landelijk convenant hier al met de gemeenten op aansturen. Dit is de enige wetswijziging die wordt doorgevoerd.

Punt 2: Geen lokale verplichting voor een bibliotheek

De Raad voor Cultuur riep op tot een bibliotheek in elke gemeente, de minister zwakte dat in de beleidsbrief al af naar een voor iedereen bereikbaar bibliotheekvoorziening en ook in de Kamervragen geeft de minister aan dat ze gemeenten niet gaat dwingen tot een bibliotheek.  Ze wil in het landelijk convenant - jawel, daar is ie weer - afspraken maken zonder de wet te wijzigen. Als ze de wet wel zou wijzigen zou dit een taakverzwaring betekenen voor die gemeenten die nu geen bibliotheek hebben. Die gemeenten zouden dan een compensatie willen hebben van het ministerie en die berekent het ministerie op € 60 miljoen en dat heeft het ministerie niet.

Punt 3: Overal een schoolbibliotheek kost € 90 miljoen en dat is er niet

Verschillende fracties hebben de minister gevraagd of ze het succesvolle programma Bibliotheek op school gaat helpen om bij alle scholen beschikbaar te komen. Dat zou toch een puike impuls voor een leesoffensief zijn. De minister geeft aan dat de structurele kosten hiervan op dit moment vooral door gemeenten (via bibliotheken) en onderwijs worden gedragen. Als men wil uitbreiden naar alle scholen - we zitten op dit moment op ongeveer de helft van de scholen - zou er € 90 miljoen extra nodig zijn. De minister geeft aan dat ze niet verwacht dat bibliotheken en gemeenten dit kunnen oplossen. Het model loopt daardoor tegen zijn grenzen op. Ook hier ziet ze geen geld voor beschikbaar binnen de begroting. 

Toch is dit raar. Want in november 2018 werd nog deze motie van Asscher  aangenomen in de Kamer.




Deze motie werd met 150 stemmen voor en 0 stemmen tegen aangenomen. Waar zijn die kamerleden nu? 

Een leesoffensief is leuk, maar het mag dus niet te veel kosten, is me wel duidelijk.

Punt 4: Nog geen verandering in leenrecht op scholen

Een twistpunt tussen uitgevers en auteurs aan de ene kant en bibliotheken aan de andere kant gaat over het leenrecht op scholen. De auteurswet kent een onderwijsexceptie voor het leenrecht waar veel schoolbibliotheken dankbaar en legaal gebruik van maken. Dat rechthebbenden vinden dat deze exceptie daar eigenlijk niet voor bedoeld is en dat ze inkomsten mislopen door verschuiving van uitleningen in een vestiging naar uitleningen in een school. De minister herhaalt dat ze voorstander is van de bibliotheek op school en dat ze met 'alle partijen tot een algemene lijn wil komen'. Met andere woorden: er wordt niks afgedwongen maar met polderen moet men er uit zien te komen. Het feit dat hierboven nog gesteld wordt dat er op dit moment geen extra investeringen komen voor de Bibliotheek op school zal dat polderen niet eenvoudiger maken.

Punt 5: Muziekweb richting Instituut voor Beeld en Geluid

MuziekWeb is wel de nationale trots van het bibliotheekwerk als het gaat om geluidsdragers. Maar ook hier geldt: we zijn wel trots maar het mag niet te veel kosten. De uitleningen lopen terug en dat levert flinke problemen op in de 'financiële houdbaarheid van de organisatie'. Dat is een tijdje ondersteund met noodmaatregelen maar er wordt nu gezocht naar een definitieve oplossing. Die lijkt er te komen door MuziekWeb onder te brengen bij het Instituut voor Beeld en Geluid. In de antwoorden geeft de minister aan dat ze MuziekWeb daar 'de gelegenheid voor wil geven'. Dat is ambtelijke taal voor dat ze dat wel ziet zitten en eventueel ook nog wel eenmalig wil ondersteunen. Voorwaarde is wel dat de branche het zelf ook ziet zitten. Kortom, daar volgt nog een soort referendum over.

Punt 6: Géén gratis bibliotheeklidmaatschap voor bejaarden

En dan de uitsmijter van de hele evaluatie: een gratis lidmaatschap voor bejaarden. De 50PLUS-fractie had gevraagd aan de minister of ouderen ook niet een gratis lidmaatschap van de bibliotheek behoren te krijgen. Onder deze groep zitten namelijk significant veel laaggeletterden.

Slim bedacht maar de minister gaat er niet in mee. En vooruit dan geef ik u toch nog een paar zinnen met ambtelijk proza. De minister stelt namelijk:

'Bij een gratis lidmaatschap ligt voor mij de focus bij de jeugd, omdat in die leeftijd de basis wordt gelegd voor een leven lang lezen en ontwikkelen. De groep 65-plussers is niet zodanig homogeen, dat voor deze gehele categorie de kosten een obstakel vormen om lid te kunnen worden van de bibliotheek. Voor ouderen met een inkomen op of onder het sociaal minimum hanteren veel gemeenten kortingsregelingen of stadspassen die het gebruik van essentiële voorzieningen zoals de bibliotheek voor iedereen toegankelijk maken.'

En dat soort proza dus 47 pagina's lang. 

Tussen politieke werkelijkheid en kansen zien

En daarmee eindigde de evaluatie van de Bibliotheekwet. Per saldo: goed op weg en alle belangrijke punten gaan naar het landelijk convenant. Drie overheidslagen moeten er samen met de bibliotheekpartijen in goed onderling overleg uit komen. Waar begin dit jaar nog hoop was dat er her en der wellicht extra geld kwam uit een 'Wobke-en-Wiebes-fonds' constateren we nu dat we een paar maanden later blij mogen zijn dat we gelden op landelijk niveau goed overeind houden en vrezen we de financiële situatie van gemeenten de komende jaren.  

Complimenten voor de bibliotheekambtenaar

Voor de bibliotheekambtenaar die dit traject moest begeleiden zal het een gekke tijd zijn geweest om in feite de hele evaluatie schriftelijk af te doen. De minister had er wellicht wat minder werk aan maar de ambtenaar zal zich toch de vingers blauw hebben gepend. Ook wel weer een compliment waard. 

Tot slot: dit is de politieke werkelijkheid. Een tijde geleden schreef ik nog dat we van dat miljoen extra die in de evaluatie beschikbaar komt, wel 100 miljoen kunnen maken. Lees dat artikel ook nog eens want ook dat geloof ik nog steeds. Het beiden waar en tegelijkertijd zie ik - nog steeds voldoende kracht en voldoende kansen - voor een nog krachtiger bibliotheekbeleid.

U bent weer bij en op naar het convenant!

vrijdag 28 augustus 2020

Je moet altijd wennen aan nieuwe media....


Het is vrijdagmiddag en even iets lichters mag ook wel. Dit filmpje kreeg ik toegestuurd door Geertje Tissingh uit de Kop van Overijssel. Het laat zien hoe mensen tegen boeken zouden aankijken als het ná de games was uitgevonden. Ik kon er wel om lachen. Overigens heb ik ooit het verhaal gehoord dat  toen de boekdrukkunst werd uitgevonden mensen inderdaad bang waren dat ze minder goed gingen onthouden doordat het toch op papier stond. Elk medium heeft dus zo zijn voordelen.

Overigens lijkt het filmpje een beetje de omkering van onderstaande filmpje dat al wat ouder is. 


In dit filmpje zie je hoe middeleeuwse monniken nog even op weg geholpen moeten worden door de helpdesk. Want als je altijd gewend ben om met een boekrol met handschriften te werken dan is zo'n boek natuurlijk ook even wennen. En al uw angsten die u ook had met uw computer komen weer voorbij. 

Kom er maar in!

zondag 23 augustus 2020

Een nieuwe baan...


Ik heb een nieuwe baan. Of eigenlijk heb ik die al stiekem een tijdje maar heb ik u dat nog niet durven te vertellen. Maar vandaag heb ik mijn Linkedinprofiel eindelijk veranderd en dan krijgt iedereen een berichtje enzo.  Dus een kleine verklaring ben ik u wel verschuldigd. 

Wees niet bang (of wellicht juist wel): ik ben niet naar een andere sector en zelfs niet naar een ander bedrijf. Ik werk nog steeds voor Rijnbrink maar nu niet meer als Strategisch Adviseur maar als Bestuurssecretaris. 

Duco van Minnen
Tot eind maart van dit jaar vulde Duco van Minnen deze functie in. Duco heeft dat gedaan sinds de start van Rijnbrink als de fusieorganisatie van Biblioservice Gelderland, de Overijsselse BibliotheekDienst en Blauwe Brug. Duco startte zijn pensioen tijdens de lock-down. Zijn eerste afscheid was dan ook een Zoom-borrel maar onlangs hebben we toch echt afscheid genomen met een etentje. Rijnbrink heeft bijzonder veel te danken aan Duco en met zijn ruim veertig dienstjaren was hij ook wel een beetje het geweten van onze organisatie. Uit respect voor Duco kon ik het dan ook niet over mijn hart verkrijgen om mijn profiel op LinkedIn  eerder te veranderen dan voordat we goed afscheid hadden genomen van Duco.

Daar kwam bij dat afgelopen week iemand me belde die graag wilde dat ik aan de slag ging voor haar organisatie omdat ik strategisch adviseur, want dat stond op mijn Linkedin-profiel. Toen dacht ik: nu is het toch echt tijd om het te veranderen.

Bestuurssecretaris?
Maar ik hoor u denken: bestuurssecretaris, is dat een aantrekkelijke baan? Een beetje verslagen schrijven enzo? Het is zeker een andere baan dan die van adviseur waarbij ik zo'n 80% van mijn tijd bij bibliotheken en aanverwante organisaties zat om ze te helpen met hun beleid en uitvoering. Die functie heb ik zon'n 12 jaar vervuld en met ontzettende veel plezier.  Overigens wel twaalf jaar waarbij het bibliotheekwerk continue met bezuinigingen werd geconfronteerd via de kredietcrisis naar de tekorten op het sociaal domein en nu naar de aanstaande recessie met corona. Een periode waarin van bibliotheken nieuwe manieren werden gevraagd om toch te innoveren. Maar ook een periode waarin de maatschappelijk-educatieve bibliotheek zijn plek vond en bibliotheken een nieuw elan vonden in deze thema's.

De functie bestuurssecretaris klinkt wellicht wat saai en intern gericht maar de functie is - volgens een artikel in Goed bestuur en toezicht -'geen heldere, vaststaande functie maar krijgt die vorm in de context waarbinnen de functie wordt uitgeoefend.' U snapt, dat is een definitie waar ik goed mee uit de voeten kan. Rijnbrink is een netwekpartner voor bibliotheken en aanpalende instellingen en de interactie tussen binnen en buiten is naar mijn gevoel daarbij van essentieel belang. De grenzen tussen 'binnen' en 'buiten' zijn bij een netwerkorganisatie als Rijnbrink maar heel beperkt te trekken. En de waarde van een provinciale ondersteuningsinstelling moet zichtbaar worden op lokaal niveau. 

Een nieuwe baan dus, zij het al een aantal maanden. En nu weet u ook waarom ik er voorzichtig mee was om het u te melden. Ook op de nieuwe plek blijf ik me inzetten voor bibliotheken en aanpalende instellingen. 

Want in welke functie ik ook zit, ik blijf uiteindelijk natuurlijk bibliothecaris. 

zondag 16 augustus 2020

Hoe het RIVM nog steeds last heeft van de uitvinding van de boekdrukkunst en wat bibliotheken daarvan kunnen leren

De vakantie zit er voor mij op. Voor mij een periode waarin ik nog meer lees dan ik anders al doe. Eén van de boeken die ik las was 'De Bourgondiërs' van Bart van Loo. Een dikke pil van ruim 600 bladzijden over de vorming van de Lage Landen vóór de tachtigjarige oorlog. Interessant om te lezen als Nederlander omdat wij vaak onze geschiedenis pas laten beginnen bij de tachtigjarige oorlog.

De mens als solitaire tekstverwerker


In dat boek schrijft Bart van Loo dat de mens met de uitvinding van de boekdrukkunst 'solitaire tekstverwerkers'  zijn geworden. Niet alleen was verspreiding van tekst in je eigen taal veel makkelijker en goedkoper geworden maar ook hoe we omgingen met teksten veranderde. Een steeds groter deel van de bevolking kon zichzelf ontwikkelen door de boeken die hij of zij las. Waar tot op dat moment educatie vooral bestond uit verhalen die gezamenlijk werden doorverteld, ontstond ineens de mogelijkheid om individueel kennis tot je te nemen. 

Dat is een belangrijk gegeven. De boekdrukkunst markeert dus ook de start van de 'persoonlijke' ontwikkeling van mensen. Zelf heb ik wel eens gezegd dat elk gelezen boek een verrijking van je menselijk DNA is. Medisch klopt het natuurlijk niet maar als ik zeg dat je bent wat je leest, zullen velen dat toch beamen. Je denkkader en je eigen mening zijn gebaseerd op de kennis die je tot je neemt.

Hoe instituties gingen wankelen door lezende mensen

Van Loo staat stil bij de populariteit van het boek 'De navolging van Christus' (Imitatione Christi). Het behoort tot één van de eerste boeken die via de boekdrukkunst verspreid werd. Ik heb het in een ver verleden ook wel eens gelezen en het is een zo praktische 'how to'-gids voor gelovigen. Eigenlijk was het dus al een van de eerste zelfhulpgidsen. Ondertussen zijn er meer dan 3.000 verschillende edities van verschenen en is het na de Bijbel waarschijnlijk het meest gedrukte boek. 

Wie de geschiedenis bekijkt, ziet dat de boekdrukkunst inderdaad een belangrijke pijler is voor de verdere ontwikkeling van de mens en dat door die persoonlijke ontwikkeling de waarde van instituties steeds verder afnam ten gunste van persoonlijke autonomie van burgers. Zonder boekdrukkunst had de Franse revolutie misschien niet plaats gevonden. In die revolutie werd afgerekend met de adelstand en de gedachte dat je op basis van geboorte een hogere plek kunt hebben dan een 'gewone burger'. Het is natuurlijk kort door de bocht gesteld want het duurde nog wel even tot er een vorm van stabiele democratie kwam.

Maar wie nog wat verder doorkijkt: ook de ontkerkelijking en ontzuiling is toe te schrijven aan die verdere emancipatie van de burgerij. En die emancipatie vindt onder andere zijn grondslag vindt in de boekdrukkunst. 

Internet bouwt in feite voort op de boekdrukkunst en maakt het mogelijk om nog sneller meningen en gedachten met een groot publiek te delen. En dat leidt tot een grotere druk op instituties. Het RIVM is daar een voorbeeld van. Een deel van de bevolking is niet meer bereid om specialisten in een bepaald instituut te vertrouwen alleen op basis van dat feit. Het RIVM heeft in feite last van de uiterste consequenties van de boekdrukkunst. 

Je wordt wat je leest

Een ander boek dat ik las tijdens de vakantie was het boek 'De moord op de boekverkoopster' van Frank Westerman. De moord op de boekverkoopster Marian Heij van boekhandel Kniphorst is het onderwerp van deze journalistiek novelle. Marian Heij runt de boekhandel en op een dag zit de Marokaanse Nassredine aan de leestafel. Marian raakt verliefd, ze trouwt en na enige tijd blijkt ze stap voor stap vergiftigd te zijn door Nassredine die elke avond rattegif in haar Beerenburg druppelt. Velen om Marian heen hebben opgemerkt hoe Marian veranderde onder invloed van de volwassen lover boy Nassredine. 

Westerman laat mensen uit haar omgeving aan het woord en haar collega Niek, bedrijfsleider bij Kniphorst, merkt op dat Marian de laatste jaren anders was gaan lezen. Het waren controversiële titels en hij stelt zich de vraag of Marian Hey wellicht haar lot tegemoet is gelezen? Kunnen boeken je de blik op de werkelijkheid ontnemen? Overigens zit er nog een waardevolle rol in het boek voor Sjaak Driessen, velen zullen de oud-directeur van de bibliotheek nog wel kennen. 

Bibliotheken: leesoffensief, omgaan met informatie en persoonlijke ontwikkeling

Lezen vormt dus je persoonlijkheid. Dat lezen is wel minder geworden in onze samenleving maar daar zijn ook andere media bij gekomen. De Amerikaans hoogleraar Maryanne Wolf betoogt in Vrij Nederland dat we minder diep zijn gaan lezen en dat dit effect heeft op hoe geconcentreerd we nog informatie tot ons kunnen nemen. Onze meningen en opinies worden hierdoor 'vlakker' en minder genuanceerd.

Wolf betoogt een leesoffensief voor 0-18 jaar maar wel in twee talen: zowel in gedrukte als digitale taal. Boeken moeten juist niet makkelijk in taal- en zinsgebruik worden maar juist uitdagen om nieuwe woorden te leren. In die zin hekelt ze ook het bestaande onderwijs dat er te weinig een combinatie wordt gemaakt tussen oude en nieuwe media om dat te bereiken. Overigens denk ik dat enthousiaste mensen die lezen in je omgeving en die daarover vertellen ook nog wel kan helpen. Maar goed, ik ben geen expert.

Zelf voeg ik er maar aan toe dat als je bijgaande informatie zo bij elkaar zet dat het omgaan met informatie en het goed vormen van een mening nog veel meer aandacht mag krijgen in onze samenleving en dus ook van bibliotheken. Niet alleen voor kinderen maar ook voor volwassen. Maar probeer dat maar eens te doen zonder al te bevoogdend te worden. Volgens mij hebben we hier wel een innovatiethema te pakken, zeker als je het  beziet in combinatie met vernieuwing van onze democratie en het inpassen van een grotere invloed van burgers.

Tot slot zie je in alles dat persoonlijke ontwikkeling door de eeuwen heen een steeds grotere betekenis krijgt. Internet heeft de mogelijkheden die boekdrukkunst bood een extra dimensie gegeven. Onze focus als bibliotheken ligt nu wellicht nog vooral op de doelgroepen die een extra zetje kunnen gebruiken zoals laaggeletterden en digibeten maar volgens mij is het tijd om veel breder te kijken. Het lezen loopt langzaam terug en daar bedienen we een hele brede doelgroep. Voor die brede doelgroep zie ik een mooie uitdaging in nieuwe vormen van persoonlijke ontwikkeling. En uiteraard blijft lezen belangrijk en moeten we ook die vaardigheid blijven koesteren.

U ziet: de vakantie is voorbij en er ligt weer een mooie taak! Aan het werk!

vrijdag 17 juli 2020

Innovatielijnen voor de culturele sector in Coronatijd



Een rapport wat al een tijdje op me lag te wachten was een scenariobrief van de Raad voor Cultuur.  En nu mijn vakantie aanbreekt, kwam het er toch van. De brief is van 18 mei 2020,  precies één week nadat de basisscholen, bibliotheken en kappers weer open mochten.

Naast steunmaatregelen ook innovatie nodig
De brief, zeg maar gerust korte notitie, van de Raad voor Cultuur bepleit dat naast extra steunmaatregelen ook innovaties nodig zijn voor de sector omdat de 'normale' situatie langdurig verstoord zal zijn.De raad wil hiervoor tot 1 november samen met de stedelijke regio’s, fondsen en het veld van makers, instellingen en ongesubsidieerde aanbieders aan de slag.

Denkmodel voor innovatie
Als start van dit denkproces heeft de raad ook een model opgesteld voor dat denken in innovaties. En dat is een interessant denkmodel. Als start van dat denkkader maakt met onderscheid tussen de verschillende cultuuruitingen (zie plaatje hierboven).

Wat betreft die uitingen maakt men onderscheid tussen uitingen die één-op-één zijn tussen maken en gebruiker (denk aan schrijver en lezer) tot meer-op-meer-situaties (denk aan festivals) en alles wat daar tussen ligt.

Vooral de uitingen die van één-op-meer of meer-op-meer hebben het meeste last van de corona-maatregelen. Een schrijver kan nog gewoon in zijn eentje schrijven en de lezer kan (als bibliotheken en boekhandels niet dicht zijn) gewoon lezen. Maar een festival, debat of theater heeft het moeilijk in deze tijd.


Van Lockdown naar 'normaal'


Ten opzichte van dit model maak men drie varianten als het gaat om hoe we met de crisis omgaan: van een volledig lockdown via een 1,5 meter-samenleving met nog een stevig aantal beperkingen (eigenlijk waar we nu nog in zitten) of een nieuw normaal waarin (met inachtneming van nog een beperkt aantal maatregelen) ook de meer-op-meer-initiatieven weer mogelijk zijn. Tegelijkertijd is het mogelijk dat we vooruit of achteruitgaan in die scenario’s.

Welke strategie bij welke fase voor welke uiting?
De Raad voor Cultuur onderzoekt vervolgens welke strategie nu past bij welke fase en voor welke uiting. Dat levert onderstaande beeld op.


Bij de lockdown is het volledig digitaliseren een interessante strategie. En die hebben we bij bibliotheken ook veel voorbij zien komen: van ebooks tot podcasts en digitale spreekuren.

Bij de 1,5-meter-samenleving is vooral sprake van allerlei ontwerpvragen (hoe richt ik iets in?). De capaciteit is in deze fase nog beperkt en om toch voldoende schaal of volume te krijgen zie je nu bijvoorbeeld concerten met deels live-publiek en deels streaming publiek.

Bij de 'normaal'-situatie spreekt de raad de verwachting uit dat, net als bij het voorbeeld dat ik hiervoor gaf, innovaties uit de vorige fasen ook meegaan naar het nieuwe normaal en zullen leiden tot verdere innovatie. Om een praktisch voorbeeld te noemen: vergaderen via Teams zal voor een deel blijven bestaan en zo verwacht de Raad bijvoorbeeld dat hybride optredens (deel in de zaal, deel digitaal aangehaakt) vaker voor zullen komen.

Interessante denklijn
Het is interessant om met je organisatie deze denklijnen nog eens door te lopen: hebben we genoeg gedigitaliseerd, hoe kun je met kleine capaciteit toch een groot publiek bereiken en welke combinaties tussen fysiek en digitaal zijn mogelijk?  Ik ga in het najaar met een collega de trendcurve updaten en ik verwacht dat ik dan ook dit model meeneem om ook de lessen van de Coronacrisis mee te nemen.

Eigenlijk altijd goed om te digitaliseren
Wat mij vooral opvalt is dat hoe treffend deze brief eigenlijk beschrijft hoe wij bezig zijn. In blijven zetten op digitalisering en mensen digitaal weerbaar maken zal voor de komende tijd een prima strategie blijven. Verder is het verstandig in te blijven zetten op hybride werken: vergaderingen die zowel digitaal als fysiek gevolgd kunnen worden en ruimte bieden bij zowel verruiming van mogelijkheden als bij een terugval naar een lockdown.

Ik heb zelf nog niet ontdekt waar ik mee kan denken met de Raad voor Cultuur over dit model dus als iemand me daar nog mee kan helpen, hou ik me aanbevolen. Voor nu: een mooie notitie om nog eens door te lezen.