zondag 18 juli 2021

Wat leest u deze zomer? Acht tips van uw bibliothecaris


De vakantie is voor velen een tijd om - eindelijk - eens te lezen. Maar wat gaat u lezen? Ik geef u acht tips uit mijn eigen boekenkast. Niet allemaal even nieuw maar allemaal boeken waar geen wachtlijst meer op zit bij de bibliotheek.... Mijn smaak: historische en waargebeurde verhalen. Het liefst een geschiedenis die wat onbekender is en  het verdient om aan het licht te komen. Verhalen die vaak beter zijn dan het script van de beste Netflixserie. En aangezien u zelf voorzicht moet zijn met reizen naar het buitenland, bieden onderstaande boeken meer dan u zelf mee kunt maken. 

Veel leesplezier!

Tip 1: Stasiland van Anna Funder

Anna Funder tekende verhalen op van mensen uit de voormalige DDR. Ze sprak zowel dissidenten als oud-medewerkers van de Stasi, de toenmalige geheime dienst. Je wordt meegenomen in de geraffineerde volksterreur en hoe 'gewone' burgers hiermee omgingen. Je mond valt open bij gesprekken met de de oud-Stasi-medewerker die nog heilig gelooft in het reeds lang verdwenen systeem en die gelooft in een wederopstanding van de onderdrukte heilstaat.

Als je dit boekt interessant vond moet je als opvolger 'Veertig herfsten' van Nina Wilner lezen, een geschiedenis van vijf generaties vrouwen uit de DDR. Van het begin van de DDR tot na de val.

Klik hier om Stasiland te lenen

Klik hier om Veertig herfsten te lenen

Tip 2: Batavia van Peter Fitzsimons

In 1629 voer het VOC-schip de Batavia naar Nederlands-Indië. Het kwam nooit meer terug. Het schip verging voor de kust van Australië en alle opvarenden strandden op een rif. Veel van het schip wordt gered waardoor. Er is veel eten maar er zijn ook veel mondden te voeden. De ruwe scheepsbemanning grijpt zijn kans en muit. Kapitein Pelsaert gebruikt de laatste sloep om met een aantal mannen van Australië naar Nederlands-Indië te roeien in een bizarre poging om hulp te halen. De roversbende die bij de Batavia achterblijft, verbrast de lading en terroriseert eenieder die probeert deze roversbende tegen te houden. De geschiedenis kent een zinderend slot en het had weinig gescheeld of deze geschiedenis was nooit bewaard gebleven. 

Als dit boek nou is uitgeleend kun je ook 'De ondergang van de Batavia' van Mike Dash lezen. Mike Dash heeft meer archiefonderzoek gedaan en kleurt meer feiten in van de mensen aan boord. Maar is daardoor soms ook een beetje taaier en zeker dikker. En dat terwijl het boek van Fitzsimons als 454 pagina's telt vol spanning en sensatie.

Klik hier om Batavia te lenen

Tip 3: Joséphine van Kate Williams

Terwijl de mannen hun macht vaak ontlenen aan spierballen en wapens, zo ontlenen de vrouwen uit de geschiedenis hun macht vaak aan zachtheid. Dat is de overtuiging van Kate Williams,  zij schreef een fenomenaal boek over Joséphine de Beauhairnais, de grote liefde en lange tijd de vrouw van Napeleon Bonaparte. Het hoofd van haar eerste man, de markies Beauhairnas, rolde tijdens de Franse revolutie. Via de gevangenis komt ze terug als minnares van bevelhebber Barras. Bij een etentje ontmoet ze Napoleon die ondersteboven van haar is. Hij kaapt de minnares van zijn bevelhebber. 

De boerse Napoleon  heeft opeens een societyster aan zijn zij. Later kantelt dit natuurlijk als Napoleon zelf grootheidswaanzin kan worden verweten. Hij veroverde vrouwen alsof het landen waren, tot groot verdriet van Joséphine. Hoewel ze ontegenzeggelijk van elkaar blijven houden, is het feit dat ze geen kinderen krijgen een probleem in de erfenis. Joséphine wordt om die reden en om geopolitiek gewin aan de kant gezet voor de Oostenrijkse Marie-Louise. 

Wie het verhaal van Joséphine leest, kan bijna niet anders dan een parallel trekken met Lady Diana. Geliefd bij het volk, verstoten door de kroon. Ik was verliefd op Joséphine na het lezen van het boek.

Klik hier om Joséphine te lenen.

Tip 4: De hel van 1812 van Bart Funnekotter

Nu we toch bij Napoleon zijn, dan ook maar door naar de hel van 1812. De veldtocht van Napoleon naar Rusland in 1812 is namelijk de grootste ramp uit de Nederlandse militaire geschiedenis. Wat velen niet weten, is dat het leger van Napoleon 15.000 Nederlandse soldaten meevocht. Napoleon trok in totaal met 680.000 soldaten richting Rusland. Hij keerde met 40.000 soldaten terug. De meeste soldaten overlijden niet in gevechten maar aan de ontberingen. Alle beroemde veldslagen komen voorbij maar telkens vanuit het perspectief van de Hollandse soldaten. Funnekotter deed fantastisch archiefonderzoek en legde alle puzzelstukjes bij elkaar. Het resultaat is een onthutsend relaas waarbij hele groepen soldaten doodvriezen of via sluwe tactieken genadeloos in de pan worden gehakt. Hitler zou een kleine eeuw later exact dezelfde fout maken als Napoleon. En opnieuw trokken de Russen zich terug en deed de ijzige Russische winter de rest. Soms herhaalt de geschiedenis zich op een zeer morbide manier.

Klik hierom De hel van 1812 te lenen.

Tip 5: Lutine van Martin Hendriksma

Minder bloedig en veel dichter bij huis: Lutine, een boek over de jacht naar gezonken goud. De Lutine is een Engels fregat dat in 1799 tussen Terschelling en Vlieland verging. Leuk om te lezen als je toch naar de Waddeneilanden gaat. Het fregat zat stampvol goud en zilver om de Duitse economie te redden. De avond voor vertrek heeft de bemanning in Engeland nog flink gefeest.  In de storm de nacht daarna vergaat het schip en zinkt de schat naar de bodem. Nadat het schip vergaan is, ontstaat een steekspel om de lading. Schippers uit Urk hangen tijdenlang boven het wrak en roven een deel van het goud.  De drost, zeg maar de burgemeester, van het eiland is bezeten van de schat en wint een rechtszaak waardoor hij als enige naar de schat mag zoeken. Wie het boek uit heeft, weet dat het raadsel van de Lutine nog altijd niet helemaal is opgelost en wil zelf acuut naar de bodem duiken. Er moeten nog goudstaven liggen.

Klik hier om Lutine te lenen.

Tip 6: De barones en de dominee van Wim Coster

Wim Coster schreef een prachtig boek over barones Jeanette van Dedem, dat zich afspeelt in het Zwolle van de 19e eeuw. De Van Dedems zijn dan wel van adel maar in hele goede doen zijn ze zijn. Jeanette trouwt dan ook met een koopman en niet met adel. De goed overlijdt en ze laat Jeanette als weduwe met een klein kind achter. Het is de dominee Johannes Gerrit van Rijn die zich dan over deze weduw ontfermt. Hij bezoekt haar wel erg vaak, en ook op bijzondere tijden. U snapt het al, de dominee en de barones hebben een affaire. Een dominee met vrouw en vier kinderen in het Zwolle van de 19e eeuw die er een relatie nahoudt met een andere vrouw, is natuurlijk voer voor roddel, achterklap en veroordeling.  De dominee en de barones gaan er vandoor,  de schepen achter hen worden verbrand en het hart en de liefde wordt gevolgd. Wim Coster geeft een prachtig kijkje in deze geschiedenis en en passant ontdekt hij in de 20e eeuw een niet vermoede nazaat. Downtown Abbey in Nederland.

Klik hier om De barones en de dominee te lenen.

Tip 7 Erebus van Michael Palin

Michael Palin kennen de meeste  van mijn generatie nog van Monty Python. Dat doet hij allang niet meer. De inmiddels bijna 80-jarige Palin schrijft nog wel boeken en maakt zo nu en dan een documentaire. De Erebus is een boek over het schip de Erebus dat in het midden van de 19e eeuw op ontdekkingstocht ging naar de zuidpool en de noordpool. Die waren nog lang niet volledig in kaart gebracht. Het boek laat je meereizen op die ontdekkingstochten en je ontdekt dat die tochten veel voorzichtiger en minder roekeloos gaan dan je dacht. Op ontdekkingsreis gaan betekent vooral dat je zelf in leven moet blijven, anders kun je het nooit navertellen. Je wordt meegenomen in de maandenlange kou rond de zuidpool. Een expeditie met maar een gedeeltelijk succes. Dan volgt een expeditie naar de noordpool met een andere expeditieleider. Een leider die eens zal laten zien wat ontdekken is. Dat heeft fatale gevolgen. Het schip komt vast te zitten en de bemanning moet zien te ontsnappen rond de poolcirkel. Hoe dat afloopt verklap ik niet. 

Klik hier om Erebus te lenen.

Tip 8 De rechtvaardigen van Jan Brokken

Tja, behoeft Jan Brokken nog toelichting? Hij heeft ondertussen een zeer indrukwekkend oeuvre opgebouwd van geschiedenisverhalen. Ik pik er deze uit maar het had ook een andere kunnen zijn. De rechtvaardigen van Jan Brokken verhaalt over Jan Zwartendijk, de Nederlandse consul van Litouwen. Consul is overigens meer een erebaantje dan een echte baan. Zwartendijk werkt bij de Litouwse afdeling van Philips. Als de oorlog uitbreekt vluchten veel Joden naar Litouwen. De consul weet een manier te vinden waarop hij Joden kan laten vluchten. Met een visum naar Curaçao via Japan. Samen met de Japans consul zet hij een heel stempelbedrijf van visa op waarmee duizenden Joden zo weg kunnen komen. Het is het omgekeerde van de toeslagenaffaire: de consul rekt zijn bevoegdheid maximaal op om te doen wat juist is. Dag en nacht stempelt hij door want de klok tikt. Maar hij moet zelf ook weg. Hoe lang kan hij blijven stempelen en kan hij zichzelf dan nog redden?  Lees zelf hoe het afloopt met Zwartendijk.

Klik hier om De rechtvaardigen te lenen.

donderdag 15 juli 2021

René Siteur: Over het S-woord en de lange termijn laten regeren


Vandaag neemt René Siteur officieel afscheid als directeur van de bibliotheek Hof van Twente en Hengelo. In kleine kring door de maatregelen. Een jaar eerder nam hij al afscheid van de bibliotheek Oldenzaal waar hij ook directeur van was. Sinds 1985 was hij werkzaam in het Overijssels bibliotheekwerk. Ruim 35 jaar en nu met pensioen. Zelf maakte ik hem  van die periode bijna 25 jaar mee. Niet altijd van even dichtbij maar ook nooit ver weg. Op internet gelden geen corona-beperkingen, dus hier kunnen we René met zijn allen het beste wensen. 

Op bovenstaande foto, uit 2018, zie je hem zitten (rechts). Samen met Ans Dijkhuijs (Losser) en Gerard Kocx (Enschede). Alle drie opgeleid als bibliothecaris. Alle drie directeur. En alle drie inmiddels met pensioen. We nemen langzaam afscheid van de generatie directeuren die nog echt bibliothecaris is geweest. 

Directie-overleg met 45 hoofdbibliothecarissen

René Siteur begon zijn loopbaan bij de provinciale bibliotheekcentrale van Oost-Overijssel in 1985. Ja, u leest het goed, Overijssel had toen nog meerdere provinciale bibliotheekcentrales (PBC): west en oost. René volgde de bibliotheekopleiding en werkte ondertussen ook al bij de PBC. Vanaf eind jaren '80 komt hij te werken in Goor. Eerst nog onder Jan Steffens (thans bij Flevomeerbibliotheek) en later werd hij zelf de hoofbibliothecaris. De twee PBC's waren ondertussen gefuseerd. Dat is ongeveer het moment vanaf waar ik er ook bij kwam kijken. Het was de tijd van een provinciaal directie-overleg met 45! hoofdbibliothecarissen. Overigens dat was dan weer zonder de steden want die wilden niet met al die 'kleintjes' overleggen. Daar was weer een apart overleg voor waarbij de directeur van de PBC de kleinere bibliotheken vertegenwoordigde. En geloof het of niet: de kleine en de grote bibliotheken maakten het elkaar niet makkelijk. 

Pas na het midden van de jaren '90 neemt die onderlinge rivaliteit af en begon het echte samenwerken. Ondertussen vond er ook een gemeentelijke herindeling plaats en aan het begin van het nieuwe millennium worden de gemeenten Goor, Markelo, Diepenheim, Ambt Delden en Stad Delden samengevoegd tot de gemeente Hof van Twente. René wordt directeur van deze bibliotheek. 

Eerst de pers bellen en dan de loodgieter

Ik weet nog dat hij in die tijd knokte voor een nieuwe bibliotheek in Goor. Die is er uiteindelijk ook gekomen maar er moest veel water door de Regge. De oude bibliotheek was aftands en niet meer van deze tijd en ook het onderhoud liet veel te wensen over. Na een zware regenbui stond de kelder van de bibliotheek onder water. Elke normale bibliotheekdirecteur belt dan gelijk de loodgieter om de kelder leeg te pompen. Maar niet René, hij belde eerst de krant. Dan konden ze nog mooi even een foto maken van hoe beroerd het er aan toe was. Pas nadat de foto gemaakt was, belde hij de loodgieter. 

Fietroutes naar Delden

Later vochten we samen nog tegen de bezuinigingen in Hof van Twente. Als die allemaal geëffectueerd zouden moeten worden, zou er  van de vier vestigingen alleen nog een bibliotheek in Delden kunnen overblijven hadden we berekend. Delden was volstrekt onlogisch want het lag in een hoek van de gemeente Hof van Twente. Maar ja, daar was een 40-jarig huurcontract afgesloten bij de nieuwbouw van die bibliotheek. Dus die kon je niet sluiten. Als communicatie rond die bezuiniging werden door de bibliotheek flyers gedrukt met landkaartjes met fietsroutes voor kinderen hoe ze - soms 18 kilometer - naar Delden moesten fietsen als dit werkelijkheid werd. De bezuiniging ging niet van tafel maar werden wel verzacht en René slaagde erin om toch alle vestigingen overeind te houden. 

Eén van de trucs die hij daarvoor uithaalde was door zijn eigen personeelskosten te halveren. Hij werd namelijk toen ook directeur in Hengelo, gedeeld management dus. Ik sloot in Hengelo toen net mijn functie als interim-directeur af. Die stap heeft er dus eigenlijk voor gezorgd dat de kleine vestigingen bij de bibliotheek Hof van Twente open konden blijven. Voor die stap heb ik veel bewondering gehad, hij sprong met die samenwerking over zijn eigen schaduw heen want ik denk dat hij dat wel een spannende sprong heeft gevonden. 

En samenwerking is iets wat ons allebei verbonden heeft. Want ook op provinciaal vlak was René een stabiele en verbindende factor. René is geen schreeuwer, weet goed te luistern, relativeert en kan met enigszins onderkoelde humor de scherpe randjes verzachten. Hij zette zich voor het Overijsselse bibliotheeksysteem en de digitale commissie, was lid van het dagelijks bestuur en... last but not least lid van de reiscommissie die zorgde voor de studiereizen. Zoals de foto hierboven bewijst, want dit was een onder andere door hem georganiseerde studiereis naar bibliotheken in Engeland.

Ondertussen vernieuwde hij na de vestigingen in Goor en Delden ook de vestigingen in Markelo en Diepenheim. Na zijn aantreden in Hengelo werd filiaal Hasseler Es vernieuwd en later ook de centrale vestiging in Hengelo. Ondertussen was hij ook directeur geworden van de bibliotheek in Oldenzaal. Ook die zou vernieuwd worden. Die laatste opdracht liet hij aan zich voorbij gaan en hij trad daar al een jaar eerder terug. Het kenmerkt hem zoals ik hem ken: hij weet donders goed wat hij zelf moet doen en hij weet wanneer hij hulp moet vragen of het een ander moet laten doen. Die opdracht kon een ander beter uitvoeren en Anke Bruggeman nam deze klus aan en bracht het tot een mooie  vernieuwing in Oldenzaal. 

Stevig netwerk van bibliotheekvestigingen

Hoewel René zich veel inzette voor het digitale bibliotheekwerk, zie je in zijn prestaties dat hij juist oog heeft gehad voor het behoud van de spreiding en de kwaliteit van de bibliotheekvestingen. Onder zijn leiding hebben al die vestigingen een sprong gemaakt van uitleenbibliotheek naar maatschappelijk-educatieve bibliotheek. 

René was geen schreeuwer, geen poeha en geen megalomane plannen. Maar ook geen ruzies, positiespel en confrontaties. Wie zo werkt houdt energie over om in stilte en stap voor stap toch hele grote prestaties leveren. Want wie door de tijd kijkt, ziet welke enorme afstand is afgelegd. 

Lang op dezelfde plek directeur zijn, is tegenwoordig misschien minder in de mode. Maar wie naar René kijkt ziet ook dat zo iemand niet de korte maar de lange termijn kan laten regeren.  Frederique Westera mag René opvolgen bij alle drie de stichtingen. Frederique succes! 

En voor René: bedankt. Het was een eer om met elkaar invulling te geven aan wat we allebei het S-woord noemden: samenwerking!

zondag 11 juli 2021

Wees lief!


Kent u dit beeld nog? Het is een beer achter een raam. In de eerste lockdown plaatsten mensen beren achter ramen om kinderen te vermaken en ze zoveel mogelijk beren te laten vinden. Je kon immers niet veel anders dan ommetjes maken. Ik vond het een lief beeld en het gaf aan hoe we ons samen door die crisis sloegen. De wereld kwam tot stilstand. Het aantal inbraken en andere criminaliteit nam spectaculair af. We zetten ons in voor mensen die boodschappen nodig hadden en in quarantaine zaten en we klapten voor de zorg.  Na het thuisonderwijs hadden we een mateloos respect voor het onderwijs en vonden we dat ze meer salaris verdienden. Nederland was een lief land geworden. Er mocht alleen niet meer geknuffeld worden.  Inmiddels zijn we bijna anderhalf jaar verder. Er is ondertussen veel veranderd.

Het vaccin kwam en daarmee de hoop dat op korte termijn alles weer gewoon zou zijn. Dat blijkt nu weer tegen te vallen met nieuwe varianten.  Het geduld wordt eindeloos op de proef gesteld. Burgers eisen zo ongeveer hun vakantie naar het buitenland, jongeren willen weer uit, ondernemers willen weer maximaal ondernemen en de zorg wil gewoon de achterstallige operaties inhalen.

Nu het eind van de crisis gloort, staat iedereen te dringen om als eerste bij de uitgang te zijn. Het ‘wij’ uit de crisis is weer definitief het ‘ik’ geworden. Waar we aan het begin van de crisis nog bereid waren ons eigen belang even opzij te schuiven, lijkt nu het recht van de sterkste weer te gelden. Of het recht van de grootste schreeuwer. Cynisch gezegd: Je elleboog is er niet meer om in te niezen maar om de ander opzij te duwen.

Dit soort borden zag u aan het begin van de crisis door heel Nederland. Ik vond het prachtig. Een overheid die communiceert dat u  ‘lief’ moet zijn.  Die zachte woorden van de overheid zijn allang weer weg maar van mij hadden ze mogen blijven. Met borden als: ‘Wees lief en betaal belasting’ en ‘Wees lief en houd je een beetje aan de snelheid’.  Maar sinds deze borden geplaatst werden is het kabinet gevallen over de Toeslagenaffaire en lieten bijna alle leiders na, hun eigen positie daaraan te verbinden. Er werd gelogen over een ‘functie elders’ en partijvriendjes bleken miljoenen verdiend te hebben aan mondkapjes. En ondertussen bleek de zorgbonus niet meer dan een zorgfooi. Laat ik het netjes zeggen door te stellen dat de voorbeeldfunctie van onze leiders op de meest minimale manier is ingevuld. Dit ondanks al het respect dat ik heb voor al het werk dat verzet is.

Morgen krijg ik mijn tweede prik. En ik weet niet of het mijn laatste is.  Maar ik merk dat ik wat verdrietig ben dat iedereen alweer zo voor zijn eigen belang op komt. Het lieve Nederland is weer verdwenen en het ellebogenwerk is weer begonnen. Nu het einde van de crisis lonkt, lijkt iedereen vooral geïnteresseerd in een zo goed mogelijke startpositie voor zichzelf ná de crisis. 

Noem het naïef, maar ik zet vandaag een beer voor mijn raam. En ik geef u allen een virtuele knuffel. En als de overheid het niet meer zegt, zeg ik het maar: Wees lief!

zondag 4 juli 2021

Het bloedbad bij de bezoekersaantallen en waar kengetallen nu falen : Bibliotheken in crisistijd : deel 24


In de afgelopen maand publiceerden veel bibliotheken hun jaarverslag. Ik heb er een flink aantal bekeken om eens te zien, hoe bibliotheken de coronacrisis verwerken en wat de resultaten zijn. Al eerder berekende ik wat de 'coronaschade' zou zijn op onze uitleningen. Ik becijferde dat toen dat dat we bijna een derde van onze uitleningen kwijt zouden zijn. Dus dit keer pakte ik een handvol jaarverslagen van bibliotheken door het hele land. Ik zetten 2019 op 100 en bekeek wat er in 2020 nog over was van de resultaten.  En wie kijkt naar de aantallen, ziet een bloedbad. 

De keus van bibliotheken is enigszins willekeurig. Ik heb geprobeerd wat kleinere en en grotere bibliotheken proberen te selecteren en dan ook nog een beetje verdeeld door het land. En o ja, dan liefst ook nog jaarverslagen waar de cijfers in zaten en waar ze vergeleken werden met vorig jaar. Beide zijn lang niet altijd het geval. Samen vormen deze bibliotheken ongeveer 10% van de totale resultaten van bibliotheken en daarmee denk ik dat het redelijk representatief gaat zijn.

Bezoekers: -44%, 28 miljoen niet afgelegde bezoeken aan de bibliotheek
Het zijn echter niet de al eerder door mij genoemde uitleenaantallen die het hardst hebben geleden onder de coronacrisis. Dat zijn de bezoekersaantallen. Als je 2019 als 100% neemt dan komen de bibliotheken die ik gezamenlijk heb bekeken uit op ongeveer 56% van het aantal bezoekers in 2020. Bijna de helft eraf.  Landelijk hadden we in 2019 ongeveer 63 miljoen bezoekers bij de bibliotheken. Als dit aantal ongeveer klopt dan zijn 28 miljoen bezoekers kwijt geraakt.

Dat we zoveel minder bezoeker hebben, heeft niet alleen te maken met minder uitleningen maar ook met het uitvallen van heel veel activiteiten. In één van de jaarverslagen las ik dat 90% van de fysieke activiteiten waren uitgevallen. En laten we wel wezen: na maart 2020 hebben we eigenlijk nog niet één groot evenement kunnen organiseren. 

Dat zie je overigens ook wel terug in de variatie in de bezoekersaantallen. De bibliotheek Oost-Achterhoek behield nog 65% van hun bezoekersaantallen in 2020, terwijl de bibliotheken in Eemland en Zuid-Kennemerland en Enschede tussen de 49% en 58% aan bezoekers overhielden. Het lijkt erop dat bibliotheken met grote vestigingen harder zijn teruggevallen. En dat is logisch: daar zitten meer studerenden en is een grotere verblijfsfunctie. En als je meer mensen in een pand hebt, moest je vaak ook meer maatregelen nemen en kon je pas langzamer terug naar grotere aantallen.

Iedereen snapt deze cijfers maar als je ze ziet, schrik je toch opnieuw.  

Uitleningen: -30%, 20 miljoen boeken minder gelezen


Bij de uitleningen lijkt de schade beperkter. Maar nog ligt er een gat van bijna 30%. Dat klopt dus wel redelijk met mijn eerdere berekeningen. De index zakt van 100 in 2019 naar 71,1 in 2020. Als dit landelijk ongeveer klopt, zijn we van de 70 miljoen uitleningen er zo'n  20 miljoen kwijt geraakt. 

Hier zien we overigens een grotere variatie in de uitkomsten dan die we zagen bij de bezoekers. Bibliotheek De Kempen daalt 'maar' naar 83,5%, terwijl Enschede niet verder komt dan 58,8%. Een deel van de verklaring zal zitten in hoe snel en op welke wijze bibliotheken zijn gestart met een afhaalbieb of hoe snel een bibliotheek weer kon opstarten na de lockdown. 

Leden:  diffuus beeld


Als je een greep doet in jaarverslagen, kan het zijn dat je er net een paar treft met bijzonderheden. De afgelopen jaren waren ledentallen stabiel tot licht dalend. De stijging bij de Bibliotheek op school compenseerde vaak een lichte daling in betalende abonnementen. Waar Enschede daalde bij uitleningen en bezoekers, stegen ze juist bij de leden. Ik denk dat dat een effect is van de Bibliotheek op school waar men in Enschede nu hard mee aan het werk is. Ook De Kempen wist te stijgen en als ik het snel lees, komt dat vooral door de afschaffing van de jeugdcontributie die nog voor enkele leeftijden gold.

Ik heb zelf een beetje het gevoel dat die 98,7 misschien nog aan de hoge kant is en dat het landelijk misschien nog wat lager ligt. Maar je praat dan over procentpunten. Dus meer richting 96 of 95  En wie dat vergelijkt met de cijfers op uitleningen en bezoekers, kan niet anders constateren dat onze leden ons erg trouw zijn gebleven in deze crisis. Dat biedt overigens ook wel enige hoop voor 2021, want in 2021 zijn we langer dicht geweest dan in 2020. 

Toch zit daar één kanttekening bij. Als de jeugd inderdaad stijgt betekent dit dat de volwassen en dus betalende leden extra hard dalen. Dat gaat op lange termijn natuurlijk wringen. Zeker als betalende leden lange tijd niet meer voor een regulier bezoek naar de bibliotheek kunnen.

Waar kengetallen falen en waar verhalen moeten spreken
Een eerste beeld van rampjaar 2020. De cijfers zijn een bloedbad. De miljoenen vliegen je om de oren. Maar wat zegt het? In deze tijd eigenlijk niet zo heel veel. Je kunt een kleine conclusie trekken dat kleine bibliotheekvestigingen het iets makkelijker hadden dan grote. Maar dat is het eigenlijk ook wel.  

Want wat zegt het verder dat een bibliotheek wellicht iets minder heeft uitgeleend dan een andere bibliotheek in deze tijd? Was je wat later met een afhaalbieb? Dan had je daar vast goede redenen voor. Wie vroeger was ook trouwens. Dus ja. Het enige wat we eigenlijk kunnen constateren is dat we naar een gigantisch en gapend gat in onze resultaten kijken. 

Elk jaar maak ik het lijst voor de Best Presterende Bibliotheek maar als je deze lijstjes ziet, zie je dat dat dit over 2020 en 2021 geen enkele zin heeft. ZinIn in Hellendoorn, die vorig jaar dit predicaat kreeg, kan dus nog twee jaar volhouden dat zij de laatste waren die deze prijs kregen.

Elk van die jaarverslagen vertelt ook verhalen over wat er wél kon en waar door de crisis extra creativiteit werd aangeboord. Als getallen falen, moeten verhalen maar spreken. Verhalen over hoe blij mensen waren dat ze door konden blijven lezen omdat medewerkers op de fiets stapten om de boeken te brengen. Verhalen over spreekuren die met schermen of via online bezoeken toch konden plaats vinden. 

En ja, natuurlijk kunnen wij ook onze zegeningen tellen. Want de echte ellende zat natuurlijk in de ziekenhuizen, waar mensen vochten voor hun leven. Daarbij vallen de cijfers van bibliotheken in het niet. Als bibliotheekcollega's zijn we in de regel toch genadig door deze crisis gekomen. Op menige plek waren we in beeld rond digitale inclusie of achterstanden.  Bibliotheekmedewerkers kregen keurig hun salaris en werkgevers waren zeer zorgvuldig omtrent de regels. Onze kleine bonus is alles wat we geleerd hebben en de nieuwe wegen die we hebben bewandeld. 

Achterom kijken heeft geen zin
Allemaal leuk en aardig. Maar al dat achterom kijken heeft geen zin. Het gaat erom wat we hierna gaan doen. Want ik ben bang dat die miljoenen bezoekers en miljoenen uitleningen zeker niet zomaar terug komen. En nu gaat het me niet om die aantallen maar wel om wat er achter zit: mensen die komen studeren, mensen die iets leren, mensen die iets lenen. Allemaal mensen die zich meer of minder bewust persoonlijk ontwikkelen.  

Het gapende gat in de resultaten is is een reflectie van het gedrag van burgers. En dat gedrag vertoont al lange tijd een andere weg dan een gang naar de bibliotheek. Mijn gevoel zegt dat we dat niet zomaar terug hebben. Er is nu begrip voor deze situatie maar ik zie een stevige opgave om opnieuw in het gedragspatroon van onze inwoners te komen. Het convenant en de netwerkagenda kunnen ons daar wel goed bij helpen. Niet de aantallen maar de maatschappelijke opgaven centraal en daar samen met overheid, partners en inwoners samen aan bouwen. 

We gaan ons een route uit deze crisis bouwen! Hup, aan het werk!

zondag 27 juni 2021

Turmac Cultuurfabriek in Zevenaar: van een sigarettenfabriek naar een werkplaats voor een leven lang ontwikkelen


U bent met z'n allen wezen kijken bij het Groninger Forum en u hebt met grote verwondering een bezoek gebracht aan de Lochal in Tilburg. Ik ook, en ik was vol lof over die instellingen. Nog steeds trouwens. Maar soms zijn het niet de grote kathedralen die het meeste indruk maken maar de kleine kapelletjes met precies de juiste sfeer en lichtval. En soms is het geluk niet ver weg, maar ligt het gewoon bij je om de hoek.  Nou zoiets overkwam me deze week ook. Geïnteresseerd? Lees dan verder.

De afgelopen week bracht ik namelijk voor het eerst een bezoek aan de Turmac Cultuurfabriek in Zevenaar. De grote drager van deze fabriek is Liemers Kunstwerk!, een organisatie die bibliotheek, museum, theater, muziekschool, volksuniversiteit en nog een handvol andere functies omvat. Kunstwerk! werkt voor meerdere gemeenten in de Liemers.  

De Turmac Cultuurfabriek huisvest een bibliotheek, filmhuis, museum, kent een flink aantal lokalen voor allerlei cursussen en men heeft hier eigen horeca in het pand. Zevenaar zelf is een stadje met 25.000 inwoners. Een stadje dus zoals vele andere.

Van sigarettenfabriek naar cultuurfabriek

Turmac is herontwikkeld industrieel erfgoed. De cultuurfabriek was namelijk vroeger een sigarettenfabriek. In 1920 is het gebouwd en vele Zevenaren hebben hier gewerkt. 'Turmac' is dan ook een begrip. De naam Turmac komt van 'Turkish-Macedonian Tobacco Company’. Tot de jaren '60 werd onder die naam geproduceerd en later werd een het fabriek voor Peter Stuyvesant. Toenmalig directeur Alexander Orlow begon een kunstverzameling, de later wereldberoemde Peter Stuyvesant-collectie. Hij hing de werkplaatsen vol met werk van moderne kunstenaars als Karel Appel, Armando en Corneille om de werklust te stimuleren. De kunstcollectie is na sluiting van de fabriek voor een groot deel geveild maar er hangen nog enkele originele kunstwerken door het gebouw. Nu niet boven sigarettenmachines maar boven boekenkasten en 3D-printers.

Cultureel ondernemerschap

Het feit dat Zevenaar, met slechts 25.000 inwoners, zo'n cultuurfabriek heeft is een wonder van cultureel ondernemerschap. Bert Frölich, directeur van Liemers Kunstwerk! en die in Zevenaar ooit begon als directeur van het theater, heeft samen met de muziekschool en de bibliotheek, een nieuw cultureel fundament gelegd met een gecombineerde instelling die veel meer is dan de som der delen. In de afgelopen tien jaar heeft hij gebouwd aan samenvoeging van functies en gebouwen. Maar wel in die volgorde, eerst de mensen, dan de stenen. Ook het Groninger Forum deed het op die manier en ik denk dat het één van de geheimen van het succes is. Zo ontstond er een nieuwe afdeling educatie die zowel vanuit de muziekschool en cultuureducatie, museum als vanuit de bibliotheek de scholen benaderd. De gemeenten in de Liemers moeten hun handjes dichtknijpen met Bert Frölich en zijn team van cultureel ondernemers. Want in dezelfde periode had je ook alles kwijt kunnen raken. Want tel maar na: bankencrisis, overheveling van de jeugdzorg en nu corona. En er staat meer dan ooit...

Bibliotheek

De bibliotheek, die voorheen nog stand-alone in oud jaren-'80-pand zat, heeft hier een de plek gekregen die zo goed past bij de nieuwe functies. Veel verblijfs- en studieplekken, veel ruimtes waar met groepen geprogrammeerd kan worden. En prachtige kantoorruimtes die boven de fabriekshal zitten. 

Hoewel de bibliotheek zeker goed herkenbaar is in het pand, kent het een logische overgang naar horeca, naar museum en naar filmhuis. 


Geopend in Coronatijd

Het pand is open gegaan in april 2020, in coronatijd dus. Telkens volgens de regels van wat kon. Het komend jaar mag het pand dus hopelijk op volle toeren gaan draaien. Aan het museum wordt op dit moment nog gewerkt en dat verhuist officieel later dit jaar. 


Van sigarettenfabriek naar een werkplaats voor een leven lang ontwikkelen

Turmac was een begrip in Zevenaar. En het blijft een begrip maar met een nieuw lading. Het was een sigarettenfabriek en het is een werkplaats geworden voor een leven lang ontwikkelen. Een plek waar je kunt studeren en waar je films kunt kijken. Een plek waar je boeken kunt halen en allerhande cursussen kunt doen. Van computercursussen tot schilderen. 

Die sigaretten waren kankerverwekkend. Maar dit gebouw is kansenverwekkend.


Beste Bibliotheek van Nederland?

Het zijn vaak de grote bibliotheken en cultuurpaleizen die de prijs winnen voor Beste Bibliotheek van Nederland. Dat is natuurlijk helemaal verdiend maar eigenlijk hoort dit keer eigenlijk eens zo'n parel als Zevenaar te winnen. Voor dit jaar ben ik misschien al te laat maar dit zie ik dit maar vast als de openbare aanmelding voor volgend jaar.

Is er dan niets op aan te merken? Ik zie één gemiste kans. En dat is de balie van het gemeentehuis, die net een deur verder ligt. Die had geïntegreerd moeten worden in dit gebouw. Maar ik vermoed dat dat niet ligt aan Kunstwerk!

Wat ik nog vergat te vermelden is dat de bibliotheek van Liemers Kunstwerk! al jaren behoort tot de bibliotheken met de laagste subsidie per inwoner. Met zo weinig geld dit neerzetten in een relatief kleine gemeente en zo consquent jaar na jaar bouwen aan je organisatie en programma verdient meer dan een pluim. Om in de termen van kathedralen en kapelletjes te blijven: dat is zo ongeveer een wonder. Dus bibliotheekmanagers, wethouders en raadsleden: ontdek dat wonder van Zevenaar en ga op bedevaart naar dit kleine stadje. Geen kathedraal maar een kapelletje in vergelijking met die cultuurpaleizen. Maar een kapelletje waar je de ervaring van een een leven lang ontwikkelen elke dag kunt meemaken.  

Vijf sterren voor deze plek!

donderdag 24 juni 2021

'Velen praten over maatschappelijk opgaven, bibliotheken doen er wat aan' : Opening 200e Informatiepunt Digitale Overheid

Op 1 juli 2019 schreef ik over de opening van het eerste Informatiepunt Digitale Overheid in Venlo. En vandaag, net geen twee jaar later, opent al de 200e! En dat dwars door de coronacrisis. In 100 weken dus 200 informatiepunten. En dat terwijl de eerste doelstelling 'maar' lag op 150 informatiepunten en dat dat aantal misschien bereikt zou worden eind 2021. Met andere woorden, het zijn er meer en het gaat sneller dan verwacht.  Kom er eens om in overheidsland.

De 200e staat in Oegstgeest, onderdeel van de Bibliotheek Bollenstreek. En ook vandaag wordt de opening gedaan staatsecretaris Raymond Knops. Ook de opening in Venlo, zijn thuisbasis, deed hij toen al. Het tekent hoe hij als staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en portefeuillehouder voor de Digitale Overheid, begaan is met die onderwerp. Hij kwam graag opnieuw langs. 

Ditmaal is ook Reinier van Zutphen, de nationaal ombudsman erbij. De overheid die een menselijke maat hanteert is natuurlijk ook voor deze instantie een thema dat belangrijk is. 

Hans Portengen, directeur van Bollenstreek, heet een ieder welkom en Maaike Toonen - toch wel ongeveer de moeder van alle Informatiepunten - is gespreksleider. Drie burgers uit Oegstgeest leggen aan de staatssecretaris en de ombudsman uit waarom ze blij zijn met het Informatiepunt en wat die aanvult op wat de overheid zelf doet. Zij spreken uit dat die menselijke maat zo belangrijk is en dat het eigenlijk er al wel eerder had mogen zijn.


De burgers die geïnterviewd worden laten weten dat ze geholpen zijn met het belastingformulier of hoe je met je DigiD moet werken. Ze geven aan dat ze nu iets kunnen wat ze hier voorheen niet konden. Er volgt een filmpje over de ervaringen van het eerste Informatiepunt Digitale Overheid in Venlo. Ook hier weer een verhaal van burgers die aangeven dat ze geholpen zijn door het Informatiepunt. Ook hier weer blije gezichten. 

Aron Bell, directeur van het CAK en voorzitter van de Manifestgroep (de club van organisaties zoals Belastingdienst, RDW, CJIB etc) geeft aan dat ze twee jaar geleden met acht organisaties zijn begonnen en dat nu veel andere partijen ook graag mee willen doen. 

Lily Knibbeler, directeur van de Koninklijke Bibliotheek geeft aan dat ze ontzettend trots is op het bibliotheeknetwerk. Van 1 naar 200 punten in twee jaar tijd. Het past goed bij de maatschappelijke-educatieve bibliotheek en het sluit nauw aan bij het landelijk bibliotheekconvenant dat onlangs is afgesloten door het Rijk, provincies en gemeenten en waarbij participatie in de informatiesamenleving één van de drie grote maatschappelijke opgaven is. 'Velen praten over die opgaven, bibliotheken doen er wat aan', betoogt ze. Mooie oneliner. 

Aansluitend volgt een gesprek tussen de Ombudsman, de Staatssecretaris en de wethouder. Reinier van Zupthen, de ombudsman, betoogt dat deze informatiepunten nu precies aansluiten bij de vraag naar menselijk contact. Raymond Knops sluit daarbij aan. Hij geeft aan dat mensen die worden geholpen door mensen, een positiever beeld krijgen van de instelling die hem helpt. Daarom is het goed dat de overheid ondersteuning organiseert. 

De staatssecretaris was  aangenaam verrast door het tempo dat bibliotheken aan de dag leggen. Hij had niet verwacht dat er al 200 zouden zijn. En hij zegde ter plekke toe dat hij ook bij nummer 300 weer een opening zal verwachten. De digitale overheid is een weg die zeker doorgaat. Het wordt niet minder digitaal maar meer digitaal. Dat keer je niet om. Maar daarom heb je wel de plicht om mee te helpen. Hij gaf ook aan hoe hij koning Willem-Alexander meenam naar Venlo om ook hem het informatiepunt Digitale Overheid te laten zien. Hij kreeg daar ook te zien hoe mensen die een cursus hadden gevolgd in Venlo vervolgens ook weer als 'maatje' weer anderen wilden helpen. 

Hans Portengen noemt nog hoe de coronacrisis ervoor zorgde dat er nieuwe wegen werden gevonden: van taalwandelingen en via online oplossingen. De crisis stopte de bibliotheek niet in deze dienstverlening maar daagde wel uit tot de nodige creativiteit. 

De staatssecretaris geeft aan dat de bibliotheken een groot compliment verdienen. Ze hebben aangetoond een infrastructuur te kunnen opbouwen. Het podium staat maar nu op naar meer publiek! We zijn nog lang niet klaar, ga de samenleving in en laat het weten!

Het punt wordt daarna feestelijk geopend. Tien hoogopgeleiden prikken een ballon door en feliciteren elkaar lachend. Zo gaat het. Maar achter deze opening staat een groot netwerk van hardwerkende bibliotheken die op lokaal niveau met vele partijen en vele burgers die mogelijk maakt. Dat maakt het tot een prestatie van formaat. Een belofte waarmee we heel veel inwoners verder kunnen helpen. En dat is het echte feestje. 

zondag 20 juni 2021

Bibliotheken in crisistijd : deel 23 : 50 tinten groen


Afgelopen vrijdag vond opnieuw een persconferentie plaats over de coronamaatregelen. Het gaat flink vooruit in Nederland en we staan te popelen om zo snel mogelijk alle maatregelen af te schaffen. De regering pakt flink door want vanaf 26 juni wordt de volgende stap in het openingsplan gezet. Voor bijna alle situaties geldt dan eigenlijk alleen de 1,5-meter-maatregel nog. De mondkapjes houden we alleen nog in het openbaar vervoer en voor discotheken en nachtclubs komt een app die als corona-toegangsbewijs kan gelden. Met die app kunnen ook theaters, schouwburgen en poppodia op hun maximale capaciteit gaan draaien. We zijn bijna terug bij het 'oude normaal'.  Ook de regel voor thuiswerken wordt teruggedraaid, hoewel er formeel wordt aangegeven voor de helft van de werktijd.

In het plaatje hierboven heb ik alles nog eens op een rijtje gezet voor bibliotheken en een update gemaakt van een plaatje dat ik in januari ook al eens publiceerde. Toen nog met de hoop dat we in februari al weer open zouden gaan. Het werd mei van dit jaar. 

Wie de tijdlijn doorkijkt - en laten we hopen dat we er nu ongeveer zijn - ziet door welke achtbaan we gegaan zijn. Van dicht naar half open, naar bijna open, naar half open, naar dicht, naar half open etc. En zelfs het begrip 'open' heeft vele varianten gekend: haal-breng, groepen < 10, groepen < 30, groepen < 100 etc. Vijftig tinten groen zal ik maar zeggen. 

Toch is het geheugen van ons ook heel selectief. Zelf was ik al weer bijna vergeten dat we de avondklok hadden gehad. Wel kan ik me herinneren dat er toch wel een mentale drempel overgegaan moest worden om mondkapjes op te zetten. En nu, nog geen half jaar later, voelen we dezelfde mentale drempel om hem weer af te zetten. Want is het nu al echt veilig? Het was een tijd waarin we telkens naar elkaar loerden: hoe doe jij het? En we namen elkaar soms flink de maat. Tegelijkertijd was het een tijd waarin ook heel veel moois ontstond: spontane initiatieven om elkaar te helpen, online of offline met gepaste maatregelen.

Nu de maatregelen weer minder worden, zag ik mezelf met enige verbazing weer een kaartjes voor een popconcert bestellen. Ik zat weer in een kroeg en was die avond moe van het geouwehoer van mezelf (wat had ik allemaal toch lopen zeggen?) en zelfs op mijn werk kon ik een keer niet tegen de drukte om me heen en ging naar huis. Ik realiseer me dat ik voor mezelf ook weer nieuwe grenzen moet vinden. En u herkent dat vast.



Van landelijk convenant naar netwerkagenda

Terwijl Nederland lam werd gelegd door het virus is er ondertussen had doorgewerkt door bibliotheken. De bibliotheekwet was net geëvalueerd toen de coronacrisis uitbrak. Een landelijk convenant werd opgesteld met Rijk, provincies en gemeenten en afgelopen week kwam de netwerkagenda beschikbaar. 

Op deze pagina van BNetwerk vind je echt alle informatie hierover. Handig om even te hebben als je het convenant nog even zoekt, de agenda of een presentatie hierover nodig hebt. Daar staat ook een filmpje waarin de netwerkagenda wordt aangeboden het ministerie van OCW, het IPO en VNG (die er helaas niet bij kon zijn).

Antok Kok, nog heel even interim-directeur voor de VOB, geeft daarin aan dat de 'proof of the pudding is in the eating'. Dat geldt zowel naar de overheden als naar de sector zelf. Wat betreft de overheden, staat nog steeds het advies van de Raad voor Cultuur in het rapport 'Een bibliotheek voor iedereen' en aansluitend het advies 'Investeer in cultuur voor iedereen'. Hierin wordt gesteld dat de sector voor de toekomstige taken - zeg maar de netwerkagenda - een investering vergt van zo'n € 95 miljoen structureel.

En wie goed naar het filmpje en  het vraaggesprek met het ministerie van OCW kijkt, hoort tussen de regels dat er best gekeken kan worden naar een wettelijke verplichting aan gemeenten om een bibliotheek te hebben die robuust en toekomstbestendig is.

In vorige blogs schreef ik dat bibliotheken zweefden tussen hoop en vrees. Hoop op landelijk geld en vrees voor lokale bezuinigingen. Bezuinigingen op cultuur die vooral voortkwamen uit tekorten op jeugdzorg. Op lokaal niveau is er op dit front een beetje goed nieuws. Gemeenten hebben in de afgelopen tijd een akkoord bereikt met het Rijk over de tekorten op de jeugdzorg. In 2022 komt er € 1,3 miljard extra voor gemeenten. De verwachtingen is dat dit in de komende jaren nog zal oplopen maar dat moet officieel in de formatie zijn plek krijgen. Laten we hopen dat gemeenten met dit nieuws hun bezuinigingsdrift weten te temmen.

In die zin in is het jammer dat de formatie  wat trager gaat. Het bibliotheekwerk had al het huiswerk af om die nieuwe taken in te vullen. Ook het ministerie had al het huiswerk klaar in de ambtelijke krochten. Laten we hopen voor het bibliotheekwerk dat partijen in de formatie over hun eigen schaduw heen stappen en tot een akkoord weten te komen. Zou mooi zijn als in de komende rijksbegroting al iets extra's voor bibliotheekwerk zou kunnen zitten. Maar als een nieuwe regering nog iets met de begroting wil, moet het opschieten. 

En bibliotheken? Wij tellen onze zegeningen: weer steeds verder open, we kennen vijftig tinten groen, hebben een goede rol gespeeld in de crisis met nieuwe digitale dienstverlening of alternatieve fysieke dienstverlening en ondertussen met ruim 100 collega's gewerkt aan een nieuwe netwerkagenda. Meebewogen met de achtbaan die deze crisis was en tegelijkertijd er sterker uit komen.

Ik zeg petje af en kom er eens om!

zondag 6 juni 2021

De BiebBoys gaan op Zomerchallenge door Overijssel en Gelderland!


Dat ik een fan ben van de BiebBoys van de Bibliotheek Gelderland Zuid, dat wist u al. Ik zette ze hier en hier al eens in het zonnetje. Voor wie het weer even kwijt was of onder een steen leefde, wat waren de BiebBoys ook al weer? De BiebBoys zijn Kees Meulendijks en Joran Floor, in het dagelijks leven aan het werk voor leesbevordering op scholen rond Nijmegen. In de lockdown mocht je natuurlijk niet op de scholen komen. En dus bedachten deze jongens daar samen met collega Petra Mackenbach (scriptschrijver en cameravrouw) een alternatief voor. Ze maakte Klokhuisachtige filmpjes waarbij ze elke keer een challenge voor kinderen op de basisschool startten.

Van lockdown naar BiebBoys in de klas

Na de lockdown hebben ze de filmpjes voortgezet en ingepast in het concept van de Bibliotheek op school. Elke maand maken ze een filmpje dat gebruikt kan worden in de les. In een vorig artikeltje meldde ik al dat dit een opzet is die een naar mijn gevoel een veel breder podium verdient. De talenten van Kees, Joran en Petra zijn zodanig dat ik het fantastisch zou vinden als deze BiebBoys op veel meer plekken ingezet zouden kunnen worden. Zonder de kinderen in Gelderland Zuid natuurlijk te kort te doen natuurlijk. 

Stiekem hoop ik gewoon dat die BiebBoys binnenkort gewoon op de landelijke televisie zijn en dat alle scholen er gebruik van maken in de klas en dat alle leesconsulenten hierop aan kunnen haken. Want kijk even wat er al staat op de site van de OBGZ bij de BiebBoys. Dat is gewoon een kant en klaar programma met lesbrieven en al. Zo te gebruiken door iedere school en bibliotheek! En volgens mij slaan de BiebBoys ook aan bij jongens, een groep die niet makkelijk aan het lezen te krijgen is.  Dus beste basisscholen: als u nog een bestemming zoekt voor die miljarden voor inhalen van (lees)achterstanden na corona, heb ik nog wel een ideetje. Gewoon elke week een uitzending van BiebBoys en en elke school een schoolbibliotheek en een leesconsulent.... Volgens mij is dit budget er nu in het onderwijs...

Groot dromen beginnen met kleine stappen

Maar grote dromen beginnen vaak met kleinere stappen. Mijn collega Jeanette Hofman  overlegde samen met de BiebBoys of we - voordat we op landelijke televisie zitten - niet alvast kunnen starten met de Overijsselse en Gelderse bibliotheken? En wat als we nu eens aansluiten bij een zomerleesactie, nu de vakantiebieb er dit jaar een keer niet is? Een idee was geboren en ondertussen ook mooi uitgewerkt en gepresenteerd aan bibliotheken in onze provincies. Met enthousiasme kan ik melden.

In Oost-Nederland start dus een zomerchallenge rond lezen met de BiebBoys! Wat is die challenge? Nou, het is vooral één groot cadeau aan de kinderen uit groep 5 tot en met 8 op basisscholen.  De start vindt namelijk plaats in de klas. Leerkrachten kijken samen met hun leerlingen naar de video van de BiebBoys in de klas. Vervolgens gaan de leerlingen in de klas aan de slag met het bijbehorende lespakket 'Rad van Boekenfortuin'. Alle leerlingen krijgen daarna de De Grote BiebBoys Zomerchallenge-poster en een stickervel mee naar huis. Op de poster zie je de BiebBoys op verschillende plekken vakantie vieren en er staan tien toffe challenges en leesopdrachten voor thuis én voor in de bibliotheek op. Ook is er een kilometerpaal waar kinderen bij kunnen houden hoeveel leeskilometers ze in de zomer maken. 

En of het nog niet genoeg is, kunnen klassen, op basis van hun gezamenlijke prestatie, ook nog kans maken op een klassenprijs: een bezoek van de BiebBoys in de klas!

Het is een prachtige actie waarbij kinderen in de klas en thuis gestimuleerd worden om te lezen. Maar waarin ze ook af en toe naar de bibliotheek toe moeten, voor een activiteit of voor een heuse BiebBoys-tattoo.

Het pakket dat klassen  bij hun bibliotheek kunnen bestellen bestaat uit, een video voor op de eigen website, een grote poster, stickervellen, tattoos en nog veel meer. Bibliotheken die willen weten hoe slim dit is opgezet, moeten hier maar even verder kijken. 

Innoveren in netwerkverband

Een prachtig idee en zo stap voor stap naar grotere dromen. Want na deze zomerchallenge zou het natuurlijk leuk zijn over verder te gaan met de BiebBoys. Hoe kun je zo'n idee nou een groter podium geven, zonder dat men in Nijmegen denkt, dat men het eigen idee kwijt is? Dat lijkt mij nou precies de uitdaging die zit in de netwerkagenda van onze branche rond innoveren. Want goede ideeën beginnen vaak op de werkvloer. Lokaal dus. Maar goede ideeën hebben ook potentie die die werkvloer ontstijgen. Wat mij betreft een puzzeltje voor de komende tijd. Ik blijf dromen dat ik straks Zapp aanzet op NPO3 en dat ik naar BiebBoys kijk. Wie niet kan wachten tot dat moment, kan hier terecht voor al hun filmpjes. 

Hoofdprijs: plezier in lezen

Oja, de BiebBoys zijn ook nog genomineerd als jeugdspecialisten van het jaar. Op 23 juni wordt daar de prijs van bekend gemaakt maar voor mij hebben ze al gewonnen. Net als al die collega's van mij die zich inzetten om kinderen het plezier van lezen te laten ontdekken. Want plezier in lezen is misschien wel de hoofdprijs voor het leven.

zondag 30 mei 2021

Weggegumd uit de bibliotheekgeschiedenis: het lot van elf Joodse bibliotheekmedewerkers


Eind 1940 werden in de Nederlandse bibliotheken elf Joden ontslagen. Of uit hun functie ontheven, zoals het netjes heette.  Wie waren ze en hoe verging het ze? Ik neem u mee in een zoektocht naar onze Joodse collega's die vaak geruisloos werden weggegumd uit de bibliotheekgeschiedenis.  En ik verklap u vast: ik ga er een boek van maken.

Ariërverklaring
In mei 1940 viel Duitsland Nederland binnen. Na enkele dagen van weerstand en het bombardement op Rotterdam gaf  Nederland zich over. De bezetting was een feit. Hoewel de massadeportaties van Joden uit Nederland vooral in 1942 en 1943 plaatsvonden, startte de vervolging al veel eerder. In oktober 1940 werd de ariërverklaring gevraagd van alle ambtenaren en van alle instanties die gelieerd waren aan overheden, zoals bibliotheken. Wie drie of vier Joodse grootouders had, werd ontslagen. In totaal moesten zo'n 200.000 mensen die ariërverklaring invullen. Slechts enkele tientallen tekenden hier protest tegen aan. Zo'n 2.500 Joden werden op straat gezet. Daarvan werkten er elf bij een Openbare Leeszaal.

Een onbekende geschiedenis
De lijst van deze elf Joodse collega's kwam ik op het spoor toen ik bezig was met met mijn vorige boek 'Alles behouden', het boek over de oorlogsdagboeken van de bibliotheek Deventer. In het Nationaal Archief vond ik een lijst met de elf namen. De Centrale Vereniging - zo heette de Verenging van Openbare Bibliotheken in die tijd - beijverde zich in die tijd voor de financiële consequenties die het ontslag van deze medewerkers had. Nee, de Centrale Vereniging heeft, zoals bijna alle instellingen, geen verzet gepleegd tegen het ontslag.

Nu ik onderzoek doe hiernaar, merk ik dat het een onbekende geschiedenis is, zelfs voor de bibliotheken waar de Joodse collega's werkten. Op sommige plekken heeft het al wel eerder aandacht gehad. In Amsterdam heeft men Celine Polak een terechte plek gegeven in het boek 'Amsterdammers en hun bibliotheek' . Doeke Sijens van het Groninger Forum tekenden enkele decennia geleden al de geschiedenis van Josef Cohen op en in de bibliotheek in Steenwijk hangt een plaquette voor de omgekomen bibliotheekdirecteur Julia de Vries.  

Wie waren ze?
Want wie waren ze, die elf medewerkers? Er zaten drie directeuren bij: die van Groningen, Leeuwarden en Steenwijk. Josef Cohen, de directeur van de bibliotheek in Groningen, overleefde de oorlog dankzij een huwelijk met een niet-Joodse vrouw. Hij was overigens de broer van David Cohen, de voorzitter van de Joodse Raad. Jacques van Dijk van Leewarden en Julia de Vries van Steenwijk overleden allebei in Auschwitz.  

Julia de Vries trouwde overigens nog in Westerbork maar van haar leven resteert geen enkele foto. Er is één historische foto van de bibliotheek in Steenwijk waar een vrouw in de hoek van de leeszaal te zien is, en dan ook nog op de rug, waarvan wordt gezegd dat het Julia is. Sommige levens zijn letterlijk en figuurlijk volledig uitgewist.



De meesten waren assistent in de leeszaal. Dora Belinfante werkte bijvoorbeeld in de leeszaal in Zeist. Daar werd ze ontslagen waarna ze nog geruime tijd vrijwillig in het Vredespaleis in Den Haag werkte. In Den Haag woonde ook haar familie.  Haar broer Wim en haar jongere zus Ada vluchtten in mei 1940 naar Engeland door een reddingsboot te stelen uit de haven van Scheveningen. Dora is daar niet bij omdat ze op dat moment nog in Zeist werkt. Dora verblijft bijna drie jaar in kampen: van Westerbork naar Barneveld, van Barneveld naar Westerbork, van Westerbork naar Theresienstadt en vandaar naar Zwitserland en uiteindelijk terug naar Nederland. Het is een reis waarbij ze meerdere malen door het oog van de naald kruipt. Zo'n reis van jaren door Europa vind je terug op kaartjes van de cartotheek van de Joodse Raad en het Rode Kruis zoals je hierboven ziet.  Overigens werkte Dora daarna nog ruim 25 jaar en met veel plezier voor de Koninklijke Bibliotheek. 

Soortgelijke verhalen kan ik vertellen over Fanny Simons en Hannie Wollf uit Den Haag, Gonda Jacobs uit Hilversum, Jetje Meijler uit Winterswijk en Hendriëtte de Leve uit Leeuwarden.

De oudste medewerker en medewerker met het kleinste contract was Salomon van der Meusen, hij was 67 toen hij ontslagen werd uit de bibliotheek in Dordrecht. Hij was daar zaalwacht voor de zondag, een bijbaantje dat je nog op hoge leeftijd kon uitvoeren. Hij overleed in 1942 in Auschwitz.

Een boek als klein monument
Van de elf collega's overleden er vijf maar zes overleefden de oorlog. Dat is een opmerkelijk hoog aantal. Van de 140.000 Joden die in Nederland woonden zijn er namelijk ruim 100.000 vermoord. Toch hebben maar twee bibliotheekcollega's ondergedoken gezeten om aan hun lot te ontkomen: Celine Polak uit Amsterdam en Hendriëtte de Leve in Leeuwarden. Toch is er nog wel wat over te zeggen waarom relatief veel bibliotheekcollega's het overleven maar dat is een wat langere geschiedenis, die ik zeker in het boek uit de doeken zal doen.

Overigens werd lang niet iedereen weer met open armen ontvangen bij de oude werkgever. Vaak waren oude plekken al weer ingevuld en ontbrak het eigenlijk aan financiële middelen om ze weer aan te stellen. Men werd soms knarsetandend weer aangenomen. Er zijn ook uitzonderingen: in Den Haag hield Greve, de directeur van de bibliotheek, de plekken open, werden ze met bloemen onthaald en ging men over tot de orde van de dag. Over de ervaringen in de oorlog werd namelijk nauwelijks gepraat.

Het is vaak een pijnlijke geschiedenis met soms bijzondere lichtpuntjes. Naar mijn gevoel verdienen deze collega's dan ook een klein monument. Met een boek wil ik ze dat monument graag geven en ik wil ze graag weer een gezicht in de geschiedenis geven. Ondertussen ben ik met alle bibliotheken die het betreft in contact en proberen we samen de puzzel van elk van deze collega's te leggen. Zo ontdek je bijvoorbeeld dat één van de collega's nog bibliothecaresse in Westerbork was,  dat een ander Joodse collega te boek stond als verhalenverteller in het werkkamp waar hij zat en dat een volgende collega nog schaakles heeft gehad van Max Euwe of op een toneelvereniging zat.  

Het boek moet in het voorjaar van 2022 uitkomen bij WalburgPers. Ik hou u op de hoogte en ik hoop straks samen met jullie dit kleine monument te onthullen. 

zondag 16 mei 2021

Bibliotheken in Crisistijd : deel 22 : D-day

 

De afgelopen week was om meerdere redenen een bijzondere week. Een week waarin op meerdere vlakken een beslissende en onomkeerbare stap werd gemaakt uit deze crisis. Een soort D-day dus.

Op de eerste plaats werd er in kamerdebat na de persconferentie van afgelopen dinsdag besloten om openbare bibliotheken een uitzonderingspositie te geven en als enige 'doorstroomlocatie binnen' toch mee te nemen in stap 2 van het openingsplan. 

Goed nieuws 1: heropening bibliotheken

Eerlijk gezegd had ik mezelf er al bij neergelegd dat bibliotheken weer later open zouden gaan. Stap 2 uit openingsplan was al uitgesteld naar 19 mei en bibliotheken - toen nog in stap 3 van het plan - pas open gaan op 9 juni. Bibliotheken hadden al een paar keer een uitzonderingspositie gehad ten opzichte van andere culturele instellingen. Ze mochten eerder open bij de vorige lockdown. Dus ik dacht dat we ons portie geluk nu wel gehad hadden. 


De kamer besliste anders Dit na lobby van VOB en KB getuige dit bericht van Cyril Crutz. Jan Paternotte van D66 diende samen met Christenunie, PvdA, CDA en Groen Links een motie in om bibliotheken onderdeel te maken van stap 2 van het openingsplan. 

De motie werd met algemene stemmen aangenomen. Niet op 19 mei maar op 20 mei gaan bibliotheken nu open. Dit heeft te maken met het feit dat de regeling die hier bij hoort nog op 19 mei in de Staatscourant moet verschijnen en pas daags daarna kan ingaan.  Wel zijn er nog aanvullende voorwaarden meldt de VOB: 1 persoon per 25m2, reserveren, registratie en gezondheidscheck zijn verplicht. In stap 3 worden deze regels waarschijnlijk weer versoepeld. En o ja, de reeds gedaalde - maar nog altijd hoge ziekenhuiscijfers - moeten op minimaal dit niveau blijven. 

156 dagen dicht

Bibliotheken gingen dicht op 15 december 2020 en heropenen weer op 20 mei. Dat betekent dat we straks 156 dagen aaneengesloten dicht zijn geweest. Ruim 5 maanden.  Dat is ongekend in de bibliotheekgeschiedenis. Zelfs in de oorlog zijn bibliotheken niet zo massaal en zo lang achter elkaar dicht geweest. Het kenschetst de situatie en wellicht geeft het ook wel aan hoe belangrijk volksgezondheid is geworden. 

Zelf heb ik het gevoel dat we na deze heropening niet meer gaan sluiten. Ik hoop dat het vaccinatiebeleid er toe leidt dat het virus inderdaad dooft. Wel zal het nog een flinke tijd duren voor we terug zijn bij normaal. Nog elke dag zijn er meer dan 6.000 mensen die positief getest worden en de aantallen in ziekenhuizen dalen wel maar liggen nog steeds vol. Begin dit jaar dacht ik dat januari en februari nog de zwaarste maanden zouden worden maar dat het daarna toch snel beter zou worden. Dat werd dus niet eind februari maar eind mei. Het duurt dus langer dan je denkt, het gaat nog tijden duren voor we echt terug zijn bij normaal. 

Goed nieuws 2: Mariëtte Hamer informateur

Naast de heropening van bibliotheken was er nog meer goed nieuws voor bibliotheken. Mariëtte Hamer, voorzitter van de Sociaal Economische Raad, wordt de nieuwe informateur. Waarom is dat goed nieuws voor bibliotheken, hoor ik u denken? Nou, Mariëtte Hamer is iemand die de bibliotheken een zeer warm hart toe draagt. Zo sprak ze bijvoorbeeld bij de opening van het eerste Informatiepunt Digitale Overheid in de bibliotheek Venlo medio vorig jaar. 

Ze zei daar toen: 
Het is daarom goed dat hier vandaag gestart wordt een informatiepunt digitale overheid. Ik ben heel blij dat de informatiepunten worden ingericht bij bibliotheken. Bibliotheken zijn immers een mooie laagdrempelige voorziening met een steeds breder aanbod. Het is goed dat bibliotheken steeds toegankelijker worden, ook voor mensen die niet zoveel hebben met letters, boeken en tijdschriften. Goed dat we voor de informatiepunten niet weer nieuwe kantoren gaan bedenken en inrichten, maar gebruik maken van bibliotheken die midden in de samenleving staan.

Hamer is ook voorzitter van de stichting Lezen en Schrijven. In maart van dit jaar pleitte ze met deze stichting nog voor aanzienlijke investeringen op het thema laaggeletterdheid, basisvaardigheden en een leven lang ontwikkelen. Met andere woorden: als er al gedacht wordt aan een dunner regeerakkoord dan is de kans dat bibliotheken daarin voorkomen met Hamer een stuk gestegen. 

De Raad voor Cultuur stelde net na de verkiezingen al voor om 95 miljoen extra voor bibliotheekwerk uit te trekken, D66 pleitte al eerder voor 80 miljoen extra voor bibliotheken  en in een ambtelijke ombuigings- en intensiveringslijst van de ambtenaren worden bibliotheken (op p. 123) genoemd voor 60 miljoen extra. Deze laatste lijst stellen rijksambtenaren voor elke verkiezing op om tijdens de formatie invulling te kunnen geven aan het regeerakkoord. Het feit dat je hier genoemd staat betekent niet dat het gebeurt maar je ligt toch wel in de etalage waaruit gekozen kan worden.  In elk van de gevallen gaat het om het op peil houden van het voorzieningenniveau, het intensiveren van inzet voor laaggeletterdheid en inzetten op digitale vaardigheden en een leven lang ontwikkelen. Exact de thema's waar Hamer voor pleitte met de stichting Lezen en Schrijven. 

Sterker uit de crisis

Ik hoop dat ik niet al te veel verhaaltjes meer hoef te schrijven over bibliotheken in crisistijd. We zijn nu echt op de weg terug naar 'normaal' maar het zal stapje voor stapje gaan en het najaar kon nog best eens spannend worden. Flakkert het virus op of niet? We gaan het zien en hopen er het beste van.

Tegelijkertijd is mijn beeld dat dit afgelopen jaar de sector eerder sterker en zelfverzekerder heeft gemaakt dan zwakker. We hebben initiatief genomen waar dat kon: van afhaalbieb tot digitale taalhuizen en van biebboys tot belacties naar ouderen. We klopten aan bij de politiek die vaak ontvankelijk voor ons bleek. Nee, er wordt misschien niet altijd automatisch aan ons gedacht maar als we ons lieten horen werd er bijna altijd constructief meegedacht. Dat is winst. Die politieke weg mogen we vaker bewandelen.

Maar ook de sector als geheel, de samenwerking tussen bibliotheken, POI's, KB en VOB is onder druk van de crisis, naar mijn mening, verstevigd. Er ligt een landelijk convenant met zelfs zicht op extra geld en er ligt een netwerkagenda waar uitvoering aan gegeven kan gaan worden. Dat mag ook wel eens gezegd.

Samen kunnen van enorme waarde zijn voor elke plaats in Nederland. En zoals ik al eerder zei: Er kan iets moois gebeuren in Nederland en het heet: de bibliotheek. 

Succes allemaal de komende week!

zondag 9 mei 2021

Van Swelmen: 'Zijn wij dan niet de supermarkt met voor iedere geest wat wils?' : Bibliotheken in crisistijd, deel 21

De immer erudiete directeur van de bibliotheek van Oppendam, Van Swelmen, heeft ook nu weer simpele oplossingen voor een complex probleem. Want terwijl bibliotheken klagen en niet snappen waarom ze nog niet open mogen, heeft één bibliotheek de deuren nooit dicht gedaan. U raadt het al: Oppendam!

Verdorie, waarom zijn die bibliotheken van jullie nog dicht? En kom me nou niet huilend aan met de opmerking: het mag niet van de overheid. Want kijk even om u heen? Alles is toch al open? U zit alleen in de verkeerde sector. Nou, daar kunt u wat aan doen. 

Ik zal u verklappen: In Oppendam zijn we nooit dicht geweest. U hoort het goed, niet één dag! Terwijl de hele sector druk was met overleg over lobby bij ministeries en veiligheidsregio’s, digitale spreekuren, ebooks, webinars en andere moderne fratsen, liep bij ons gewoon alles door. Niemand in de sector die het zag!

Goed, ik snap dat u, omdat zo druk was met overleg, u geen tijd had voor mijn simpele oplossing.  Daarom leg ik het u nog één keer uit! Op de eerste plaats heb ik mijn SBI-code bij de Kamer van Koophandel gewijzigd. Die stond natuurlijk netje op ‘91011’, de code van openbare bibliotheken. Die heb ik natuurlijk laten wijzigen in ‘471’, de code voor ‘Supermarkten, warenhuizen en dergelijke winkels met een algemeen assortiment’. Want laten we wel wezen, we zijn toch ook gewoon supermarkten met voor ieders geest wat wils? Nou, u ziet, zo simpel is het! Overigens, kon ik mijn personeel nu ook omzetten naar de CAO voor de detailhandel. Dat was dan weer de tweede winst.

Overigens, zonder die simpele truc waren er natuurlijk al tal van alternatieven. Want terwijl heel veel dicht was, was er ook heel veel open. Want waarom zou je geen terras mogen hebben waar je in plaats van een biertje een boek kunt bestellen? Bekijk even het uitgaansplein van uw stad en bedenk even dat u met een iPad op elk tafeltje de bestelling uit uw catalogus kunt laten opnemen die u een paar minuten later aan dat tafeltje bezorgt. Want laten we we wel wezen: Zijn bibliotheken niet het terras waar u vaardigheden en verbeelding kunt bestellen? 

En wat te denken van de tankstations? In Oppendam kreeg iedere bezoeker van een tankstation een boek onder de ruitenwisser. Welk boek hing af van wat ons algoritme adviseerde. Voor Teslarijders rolde er vaak ‘De blikken trommel’ uit van Günther Grass, bij de Fiat Multipla ‘Les Misérables’ en bij de motorrijders natuurlijk: ‘Zen en de kunst van het motoronderhoud’. Bij een enkele auto rolde er ‘Op hoop van zegen’ van Heijermans uit. Want laten we wel wezen: Zijn bibliotheken niet het tankstation voor kennis en cultuur? 

Verder stonden we natuurlijk ook gewoon achter de coronateststraat. Van de mensen die zich daar lieten testen, is ongeveer 10% positief en aan bed gebonden. Toch de ideale plek om een verrassingstas met boeken uit te delen. De bibliotheek Oppendam stond daar gewoon, week na week. Want laten we wel wezen: Zijn bibliotheken niet de teststraat van uw literaire ontwikkeling? 

Ik hoor u denken, hebt u dan helemaal geen geweten en gaat dan niets u te ver, meneer Van Swelmen? Het antwoord is: ja natuurlijk heb ik wel een geweten. Zelfs in Oppendam hebben we kansen laten schieten omdat zelfs wij die te ver vonden gaan. We hebben gespeeld met het idee om toch wat op de IC’s van ziekenhuizen wat te doen. Iets met luisterboeken of zo. Maar uiteindelijk vonden we dat toch niet kunnen. 

Maar goed, dan heb ik het nog niet gehad over onze samenwerking met de pakjesbezorgers, de bouwmarkten, het tuincentrum, het basisonderwijs, het openbaar vervoer, de onderdelenhuizen, de fietsenmakers en garages en de hondenbezitters tijdens de avondklok. 

Dus beste bibliotheken, beste supermarkten voor de geest, beste terrassen voor vaardigheden en verbeelding, beste tankstations voor kennis en cultuur: hup aan de slag!

zondag 25 april 2021

Bibliotheken in crisistijd : deel 20 : Hoe een informatiekloof een vaccinatiekloof wordt

We tikken deel 20 aan van deze serie over 'Bibliotheken in crisistijd'. En we zijn veertien maanden verder. Ruim 400 dagen. Maar hé, deze week gaan de terrassen weer open. Als alles dan blijft kloppen mogen bibliotheken dan over een maand weer open. De heropening van terrassen is het synoniem geworden van het openbare leven en onze vrijheid. Het is nog vitaler dan zorg, onderwijs of wc-papier zoals Pieter Derks in zijn column op Radio 1 toelichtte. En dus openen we de terrassen en niet de bibliotheken of de planbare zorg. 

Want wie naar de cijfers kijkt bij de sluiting van de winkels en de cijfers op dit moment, moet constateren dat met bijna dezelfde cijfers conclusies worden getrokken die diametraal tegenover elkaar staan. Tenminste, zo lijkt het. Het kenmerkende verschil zit in twee zaken: 1) het aantal vaccinaties gaat gestaag door en 2) het aantal doden per dag ligt veel lager. Dat laatste is weer een gevolg van het eerste. Met andere woorden, de ziekenhuizen liggen dus nog steeds even vol maar met minder kwetsbare doelgroepen. Niet-geprikte mensen zijn dus gewaarschuwd, het virus woedt op een steeds kleiner oppervlak maar maakt nog evenveel slachtoffers.


Van informatiekloof naar vaccinatiekloof

In een artikel in de Volkskrant (sorry, met hekje) van zaterdag, maar ook bij de NOS (zonder hekje), doet Shakib Sana, huisarts in Delfshaven zijn verhaal over de informatiekloof die leidt tot een vaccinatiekloof. 

Samen met andere huisartsen in minder welvarende wijken en met bijzonder hoogleraar Gezondheidsverschillen Maria van den Muisenbergh luidt Sana de noodklok, in een manifest. De zorgwekkend lage vaccinatiebereidheid in achterstandswijken. Daar is de kans om besmet te worden twee keer zo hoog. Ook de kans om aan covid-19 te overlijden is twee keer groter dan bij andere mensen. De lage vaccinatiegraad kan - op termijn - leiden tot een 'virusreservoir', waaruit telkens herbesmettingen zullen ontstaan, waarschuwen zij.

Het manifest roep de overheid op om meer moeite te doen om het belang van vaccinatie aan deze groepen uit te leggen, met toegankelijke, op hen toegespitste campagnes. 

Sana bepleit in de Volkskrant dat behalve een gezondheidskloof in deze wijken er door de informatiekloof nu ook een vaccinatiekloof dreigt. Hij legt uit hoe hij in zijn eigen praktijk drie kwartier aan een laaggeletterde heeft uitgelegd dat het toch echt beter was om wel te vaccineren gezien zijn gezondheidstoestand. Na drie kwartier was de man overtuigd en liet zich prikken. Maar hij heeft niet voor iedereen zoveel tijd. Het is een beeld dat huisartsen lijken te kennen. 

Bibliotheken die ondersteunen bij vaccinatie

Er zijn al een redelijk aantal bibliotheken die ook hier ondersteunen. In de onvolprezen nieuwsbrief van de Bibliotheek en Basisvaardigheden, kwam ik deze week een prachtig aantal voorbeelden tegen. De bibliotheken in Leiden (BplusC), Krimpenerwaard en Bollenstreek gaan inwoners helpen bij het maken van een afspraak met de GGD. Want dat is dus lang niet voor iedereen eenvoudig. Op de site van Bibliotheeknetwerk is een heel informatiepakket met toolkit te vinden. Daar zit een uitleg voor medewerkers bij, een flyer die gebruikt kan worden en een afsprakenkaart. 

Ik vind dit een mooie ontwikkeling. Enerzijds omdat we ook hier weer zien hoe bibliotheken mee blijven bewegen met deze crisis. De focus op wat wél kan! Chapeau dus voor Leiden, Krimpenerwaard en Bollenstreek! En tegelijkertijd vind ik dit een mooie ontwikkeling omdat het laat zien hoe handig het bibliotheeknetwerk opereert: lokale ideeën die in no-time worden opgepakt door een landelijk team waar provinciale ondersteuningsinstellingen samenwerken met de Koninklijke Bibliotheek. 

Voor het overige is het het natuurlijk wachten op de eerste bibliotheek die zijn bibliotheek opent op het terras. Want als een strandbibliotheek kan, kan een terrasbibliotheek natuurlijk ook..... 

Nou, het zal niet de laatste aflevering zijn van de serie 'Bibliotheken in crisistijd' maar ik hoop toch dat we het meeste achter de rug hebben. Ik wens u weer veel succes en vooral gezondheid. 

zondag 18 april 2021

Bibliotheken in crisistijd : deel 19 : Tussen hoop en vrees


Bibliotheken zijn inmiddels 18 weken gesloten en slecht open voor afhaal en zeer beperkte andere activiteiten. Mijn laatste blog over bibliotheken in crisistijd dateerde van 14 februari. Inmiddels ook al weer acht weken geleden. Er gebeurt van alles maar niet voor ons. Scholen zijn weer open maar niet-essentiële winkels hebben ongeveer dezelfde status als de afhaalbiebs. Hoewel je in winkels wel weer op afspraak terecht kunt en ook de buitenschoolse opvang nu weer open gaat. 

In de afgelopen persconferentie is bovenstaande openingsplan gepresenteerd. Als ik het goed begrijp vallen bibliotheken onder de 'doorstroomlocaties binnen' en zou 26 mei de datum zijn waarop we weer open kunnen. Als dat dan  zijn bibliotheken in totaal 24 weken gesloten geweest. Bijna een half jaar.  Hoewel we van minister de Jonge de genoemde data niet als een belofte mogen zien maar slechts als een indicatie.

Als je kijkt naar de uitleenfunctie verwacht ik zelf dat we in 2021 nog slechtere resultaten neerzetten dan over 2020. Gelukkig zijn we veel meer dan alleen uitlenen.

Rapport Raad voor Cultuur

Is het dan alleen kommer en kwel? Nee, zeker niet. Deze week verscheen een oproep van de Raad voor Cultuur aan de informateur om zorg te dragen voor bijna 500 miljoen extra voor cultuur. De Raad voor Cultuur stelt dat investeren in Cultuur bijdraagt aan economisch en sociaal herstel van de maatschappij en dat dat niet alleen geldt voor tijden van crisis maar voor alle tijden. Structureel investeren dus. 

Voor bibliotheken wordt een bedrag genoemd van € 95 miljoen, structureel. 

In de toelichting wordt daarbij de volgende tekst gegeven:

Lang niet elke Nederlander heeft (nog) toegang tot een bibliotheek in zijn of haar nabije omgeving en de raad verwacht dat het aantal bibliotheken zonder ingrijpen de komende jaren blijft afnemen (zoals de afgelopen jaren als gevolg van bezuinigingen al is gebeurd). Een recente evaluatie van de Bibliotheekwet laat zien dat het aantal bibliotheeklocaties tussen 2012 en 2018 afnam met 27,2 procent. Geletterdheid, taalvaardigheid, digitale vaardigheid, leesmotivatie en leesvaardigheid – vaardigheden waarvoor de bibliotheek een cruciale rol speelt – staan onder druk. Tegelijk bleek recent weer uit onderzoeken dat de taal- en leesvaardigheid van basis- en middelbare scholieren sterk afneemt en dat laaggeletterdheid voor steeds meer Nederlanders een probleem vormt. De raad ziet een groot potentieel voor de bibliotheek, als meest bezochte publieke voorziening in Nederland die bovendien publiek aanspreekt van elke leeftijd, elk opleidingsniveau en elke achtergrond. Hij schreef hierover in zijn advies ‘Een bibliotheek voor iedereen’. Hij adviseert 95 miljoen euro te investeren om elke Nederlander in zijn of haar nabije omgeving toegang te geven tot een bibliotheekvoorziening, én om de landelijke online infrastructuur voor bibliotheken te verbeteren. Dit advies heeft tevens betrekking op het bibliothekenaanbod in Caribisch Nederland, dat op dit moment zeer beperkt is. 

De Raad voor Cultuur bouwt dus voort op het eerder afgegeven advies. Het adviseerde toen om te komen tot een landelijke bibliotheekagenda. Die agenda is er nu met het landelijk convenant en de netwerkagenda die binnenkort afgerond moet worden. Daarin kan het bibliotheekstelsel elkaar met de bestaande middelen nog verder versterken maar de intensivering en verbreding van het beleid vragen ook om extra middelen. 

Dat biedt dus hoop in deze tijden. De zwakste schakel zijn echter de gemeenten. Die staan nog altijd sterk onder druk door de decentralisaties en ondertussen ook door nieuwe verdeelregels voor het gemeentefonds. En leuk als 95 miljoen bij komt voor bibliotheken maar als gemeenten tegelijkertijd een soortgelijk bedrag bezuinigen op bibliotheekwerk, zijn we natuurlijk geen steek verder. Dat vinden de gemeenten zelf ook. De gemeenten, verenigd in VNG, hebben in februari van dit jaar al aangegeven dat eerst de bestaande financiële problemen moeten worden opgelost voordat gepraat kan worden over verdere investeringen. 

En dat terwijl bibliotheken zo'n mooie rol kunnen spelen bij de heropening van de samenleving en het bieden van kansen aan mensen zoals ik eerder al eens bepleitte voor een herstelplan.  Daar hoorde toen dit plaatje bij.

Alle mooie plannen ten spijt, de bibliotheek is vooralsnog een patiënt met twee dokters. De twee dokters staan te kibbelen rondom de patiënt dat eerst de ene dokter wat moet doen voordat de andere dokter in actie komt. En wie heeft daar last van? Precies.

Bibliotheken leven tussen hoop en vrees. En de vraag is wat er eerder is: de vaccinatie met extra beleidsgelden of het virus van de bezuinigende gemeente? Ik wens ons gezond beleid.

zondag 28 maart 2021

De kansenkaart: hoe wordt een dubbeltje een kwartje


Sommige wetenschappelijke onderzoeken lijken wel wat op de ontdekkingsreizen van de afgelopen eeuwen. Je betreedt land dat nog nooit in kaart is gebracht en je probeert te doorgronden hoe het in elkaar zit. Eén van die onderzoeksgebieden is 'Kansongelijkheid'. Zelfs in ons genivelleerde landje zijn de verschillen soms toch nog groot. Het ene gezin leeft van de voedselbank, het andere gezin vraagt zich af waar de tweede of derde vakantie naar toe moet gaan. En in welk gezin heeft een kind de beste kansen denk je? Inderdaad, de logische gedachte is dat kinderen in gezinnen met een hoger inkomen of ouders met een hogere opleiding meer kansen hebben. 

In de regel is dat ook zo. Maar niet altijd, zo blijkt uit onderzoek van de Erasmus-universiteit die dit in beeld brachten met een Kansenkaart. En voor bibliotheken die inzetten op het voorkomen van laaggeletterdheid op jonge leeftijd is dat een interessant gegeven. Maar eerst iets meer over het algemene beeld.

Waarom is opleidingsniveau relevant?
Al jaren volg ik de rapporten over de 'Sociale staat van Nederland' die het SCP met regelmaat uitbrengt. Men staat dan stil bij de 'zachte kant' van Nederland: hoe gaat het met het onderwijs, hoe tevreden zijn we over hoe we wonen, hoe veilig vinden we het en hoe gelukkig zijn we? Rapport na rapport toont elke keer dat mensen die beter opgeleid zijn, vaardiger zijn om hun eigen leven vorm te geven, meer verdienen, beter wonen en hun leven een hoger cijfer geven. Natuurlijk kun je gelukkig zijn met minder opleiding maar je moet er in de regel dan meer moeite voor doen. En uiteraard zijn er veel uitzonderingen die de regel bevestigen: laagopgeleid en opperst gelukkig en hoogopgeleid en diep in de put.

Minder opleiding is niet alleen een issue voor grote steden
Bovenstaande kaart geeft het beeld van het percentage hoogopgeleide dertigers. Had u dit beeld verwacht? Ik was eerlijk gezegd wel overdonderd over het feit dat niet alleen in grote steden grote percentages laag- of middelbaar opgeleid zijn maar ook op het platteland. Er is veel aandacht voor problematiek in grote steden maar de achterstand op het platteland is minstens even groot. Maar het lijkt erop dat dat veel minder aandacht krijgt. Ik verwacht dat als je dit doortrekt, je kunt stellen dat er in grote steden meer mensen wonen waarvoor Nederlands de tweede taal is (de NT2'ers) maar dat er op het platteland een grote groep Nederlanders woont waarvoor taal ook een probleem zal zijn maar die wel zijn opgegroeid met de Nederlandse taal (de NT1'ers). 

Hoogopgeleide dertigers
De generatie die hierboven in beeld is gebracht is de generatie die op dit moment kinderen krijgt en de generatie waarvan de ouders vaak ook nog leeft. Het is dan ook de perfecte middengroep dus om te zien wat er is gebeurd in de generatie ervoor en wat er gaat gebeuren in de generatie erna. Want voor laaggeletterdheid geldt bijvoorbeeld dat dit - net als armoede - vaak overgaat van generatie op generatie. Wie opgroeit in oost-Groningen, het Rivierengebied of de noordwesthoek van de Veluwe loopt een hogere kans op laaggeletterdheid dan bijvoorbeeld in de gemeenten Wassenaar, Wijdemeren, Bunnik of Lochem. 

De Volkskrant publiceerde op basis van dit onderzoek in oktober vorig jaar nog dit lijstje met meest kansarme en kansrijke gemeenten. 



Waar je wiegje stond, maakt dus inderdaad uit. En opvallend is dat de wiegjes met minder kansen echt niet alleen in de grote steden staan. Sterker nog: de vier grote steden komen in het lijstje met meest kansarme gemeenten niet eens voor. We moeten dus van grote-steden-problematiek naar kansongelijkheid-problematiek. 

Maar sommige gemeenten ontworstelen zich


Maar er is meer. Want in mijn vorige paragraaf leg ik de nadruk op het probleem. Maar was is de oplossing? Hoe doorbreek die cirkel van generaties? 

Dit is dezelfde kaart maar nu heb ik gezocht op alle dertigers die uit een gezin komen met een laag inkomen. De algemene verwachting is dan dat je ziet dat een lager percentage hoogopgeleid zal zijn. Die regel wordt in algemene zin wel bevestigd. Er is meer rood gekleurd op deze kaart dan in de vorige. Toch zijn er veel plekken die afwijken van deze regel. Er zijn gemeenten die beter scoren dan anderen.  Zij verspringen in gunstige zin van kleur: kinderen uit een armere gezinnen scoren daar beter dan kinderen uit armere gezinnen in andere gemeenten. In de afgelopen generatie is het daar dus op veel plekken gelukt om in opleidingsniveau een stap vooruit te zetten. In andere gebieden is dat nadrukkelijk niet het geval: in grote steden, oost-Groningen en eigenlijk de hele bible-belt. 

Vervolgonderzoek
Laaggeletterdheid, armoede, gezondheidsachterstand en ten dele ook criminaliteit wordt gekenschetst als 'intergenerationele problematiek' Gezinnen zitten gevangen in hun eigen situatie en zijn niet in staat de vicieuze cirkel te doorbreken. Het feit dat het ons als samenleving niet lukt om daar een goede oplossing voor te vinden, leidt tot een groeiende onrust en polarisatie in de samenleving. Wie namelijk de selectie maakt op bijvoorbeeld meisjes met een niet-westerse achtergrond uit een arme gezin, kan dat zien dat deze groep in de afgelopen generatie een enorme sprong vooruit heeft gemaakt in kansen. Dat terwijl grote groepen met een laag inkomen en een Nederlandse achtergrond die sprong vooruit niet hebben gemaakt. 

Opleiding als sleutel naar geluk
De onderzoekers van de Erasmus-universiteit gaan nu op zoek naar de kenmerkende verschillen waarom het in de ene gemeente wel lukt om een te groeien in opleidingsniveau en op andere plekken niet. Sterker nog, men onderzoekt zelfs verschillen tussen wijken in steden. Er zijn wijken waar het inkomen veel lager ligt, maar waar toch veel grotere vooruitgang wordt geboekt in opleidingsniveau. Waarom? Dat is voor een groot deel onbekend terrein. De ontdekkingsreizigers van de Erasmus School of Economics, zoals het in goed Nederlands heet, gaat dat de komende jaren verder onderzoeken. 

En bibliotheken? Twee tips
Ik vind dat bibliotheken mee moeten kijken en mee moeten doen bij dat onderzoek. Interventies als de VoorleesExpress, Boekstart, Mamacafés of Taalhuizen richten zich direct of indirect op deze problematiek. En ook met de Bibliotheek op School of met de Informatiepunten Digitale Overheid proberen we iets aan te reiken dat op lange termijn impact moet hebben op de samenleving. En natuurlijk is de bibliotheek niet de oplossing voor dit hele probleem maar het is toch aardig om te weten waar wel impact is en waar niet. En waarom.

En het tweede wat bibliotheken wellicht mee kunnen nemen: het zijn niet altijd de grote steden waar de achterstand zit of waar het meest bereikt kan worden. Juist de roodgekleurde gebieden die wat achterblijven kennen veel gemeenten die hun bibliotheek maar mager voorzien van financiering. Dat snap ik niet. Want ik zou denken dat de bibliotheek onderdeel kan zijn van de oplossing van de gemeentelijke begroting op lange termijn (minder mensen zonder werk, hoger inkomen) dan dat het gezien wordt als een kostenpost op korte termijn (grootste ontvanger cultuursubsidie). De overheid belijdt wel vaak dat regeren vooruitzien is, maar in de praktijk betekent dat vooral toch de begroting van volgend met bezuinigingen sluitend maken.

Nou ja, ik zou zeggen, kijk uw eigen gemeente eens na hoe het ervoor staat en kijk eens of u beredeneren waarom het zo is. En voor de eerst: ik ga met spanning uitkijken naar de vervolguitkomsten van dit onderzoek. Hulde aan deze onderzoekers, de ontdekkingsreizigers van de moderne tijd.