vrijdag 4 augustus 2017

Hoe de 'man' verdween uit de bibliotheek en laten we jongens nog wel jongens zijn?



Er was de afgelopen week nog al wat te doen over de 'mannenwereld'. Jongens zouden niet meer genoeg jongens kunnen zijn volgens het Sire-spotje. En daardoor kunnen ze zich minder concentreren en zouden ze slechter leren. De NS kondigde aan genderneutale omroepberichten te gaan gebruiken en tientallen gemeenten bleken volgens onderzoek van de NOS sekseneutrale wc's en andere maatregelen te overwegen.

Het trok allemaal wat aan mij voorbij. Ik zelf zat namelijk in een archief. Met oude stukken en zo. Ik stuitte daar onder ander op het jaarverslag 1923 van de Bibliotheek Hengelo. Puike uitleencijfers en ook mooie bezoekersaantallen. Zelfs uitgesplitst naar mannen en vrouwen.

87% van de bibliotheekbezoekers was een man
Maar kijk nog eens beter.... Mannelijke bezoekers: 10.409. Vrouwelijke bezoekers 1.500. U ziet het goed 87% van alle bezoekers was een man! Overigens moest je in die tijd ook nog 18 jaar zijn om lid te kunnen worden.

Onderstaande plaatje is van de Openbare Leeszaal en Bibliotheek in Dordrecht uit 1910. En zo zal het er in Hengelo ook wel ongeveer uit hebben gezien.


Zie ze eens zitten. Stoer achter een kloek boek! Gelukkig en tevreden. Een boek lezen was toen nog 'zien en gezien worden'. "Zie mij eens even goed bezig zijn met mijn persoonlijke ontwikkeling!" "Ik zit niet de achter de jenever in de kroeg maar met een dikke pil in de bieb!"

Waar ging het mis, vroeg ik me af? Waar zijn die mannen gebleven?

Bezoekers: Tien vrouwen tegen vier mannen!
Want laten we wel wezen: er komen tegenwoordig veel meer vrouwen dan mannen naar de bibliotheek. Het SCP-rapport 'De bibliotheek tien jaar na nu' liet dat al zien met het volgende staatje.


Het rapport merkt op:
"Lidmaatschap en gebruik van de bibliotheek zijn in alle meetjaren ...hoger onder vrouwen dan onder mannen. Bij mannen loopt het lidmaatschap sinds 1995 harder terug dan bij vrouwen, en ook het percentage mannelijke bezoekers loopt harder terug .... In 2005 ... waren voor elke tien vrouwen nog maar ruim zes mannen lid van de bibliotheek, terwijl dat in 1995 negen mannen op tien vrouwen waren, en in 1980 acht mannen op de tien vrouwen. Voor elke tien vrouwen die in de onderzoeksweek ... in 2005 de bibliotheek bezochten, gingen er nog geen vier mannen. In 1995 gingen er op tien vrouwen nog vijf mannen naar de bibliotheek, en in 1980 was de verhouding nog tien tegen zeven. Het is een verschil dat al op prille leeftijd ontstaat: (thuiswonende) meisjes zijn in alle onderzoeksjaren vaker lid van de bibliotheek dan jongens en zij gaan ook vaker naar de bibliotheek."
Personeel: Acht vrouwen tegen twee mannen

Niet de alleen de bezoekers zijn vooral vrouw, ook het personeel in bibliotheek. Bovenstaande staatje komt uit het in 2014 verschenen rapport van Busy Business /Vereniging van Openbare Bibliotheken naar de trends in de bibliotheekarbeid. 80% van alle medewerkers is vrouw. In hogere salarisschalen is de verhouding iets beter maar absoluut niet evenredig verdeeld.

Overigens: niks mis met zoveel dames in de branche. Allemaal prima vakcollega's. Maar wie 'openbaar' is moet diversiteit uitstralen om juist naar alle groepen als 'openbaar' ervaren te worden. Aan de dames ligt het niet. Er ontbreken gewoon mannen!

Laat jongens, jongens zijn. Stuur ze naar de bibliotheek!
Maar terug naar de SIRE-spotjes. De spotjes koppelen die aan de leerprestaties. En meisjes doen het tegenwoordig beter op school dan jongens. SIRE zegt dat dit ligt aan het feit dat jongens te weinig jongen kunnen zijn. Ze zouden te weinig fikkie stoken en in bomen klimmen. Hoezeer ik ook vind dat je in bomen moet klimmen en fikkie moet stoken: ik geloof er niets van!

Volgens mij ligt het aan iets heel anders. Kijk maar eens naar onderstaande staatje uit het onderzoek 'Van woordjes naar wereldliteratuur' dat Frank Huysmans schreef in 2013 voor de stichting Lezen.


Meisjes zijn gewoon betere lezers! Daar zit het verschil! Jongens lezen gewoon minder. En wie minder leest, is minder vaardig in taal. Wie minder vaardig is in taal, is slechter op school.

Gelukkig is daar ook steeds meer aandacht voor. Programma's als 'Scoor een boek', waar wordt samengewerkt met voetballers uit de eredivisie,  of Vaders voor Lezen  geven mannelijke rolmodellen de ruimte. Jongens aan het lezen krijgen is een uitdaging. Elke leesconsulent (ja weinig mannen inderdaad) kan het beamen.

Echte jongens gaan naar de bibliotheek...
Kortom: wie zijn jongen echt jongen wil laten zijn, stuurt hem morgen naar de bibliotheek!

Zo, dat is ook maar weer gezegd! En dan begint nu mijn vakantie. Er ligt een flinke stapel boeken te wachten. Want u begrijpt: ik vind dat ik mij als mannelijk rolmodel moet opstellen en dat is natuurlijk het beste excuus om ordinair en egoïstisch boek na boek te gaan lezen.....

N.b.: Mocht u het niet hebben gemerkt: er zit enige humor in het artikel en is overdrijving een stijlfiguur. De feiten kloppen echter allemaal en het genderprobleem in lezen is werkelijk  een aandachtspunt. Voor wie twijfelt, raad ik het rapport 'Leesverschillen tussen jongens en meisjes' van Stichting Lezen aan. 

maandag 31 juli 2017

Bibliotheek Zutphen: stil prevelt men hier de gebeden voor persoonlijke ontwikkeling


De afgelopen week ben ik op een vrij middagje eens langs de bibliotheek Zutphen gegaan. Ik had al veel foto's gezien van de recente verbouwing en wilde het zelf nu ook wel eens zien. Voor wie Zutphen niet kent: Zutphen is bijzonder fraai middeleeuws stadje van zo'n 35.000 inwoners in een gemeente die in totaal 49.000 inwoners kent. Zutphen is een stad van schoonheid en zachtheid. Waar Deventer landelijk beroemd is door zijn historische binnenstad moet ik eigenlijk zeggen dat Zutphen daar niet voor onder doet. Het kenmerkt de bescheidenheid van deze stad.



De bibliotheek is gehuisvest in de Broederenkerk. Al sinds 1983 overigens. De Broederenkerk  is een 14e-eeuwse kloosterkerk die tot de orde der dominicanen behoorde. Een kerk hergebruiken is niet altijd even eenvoudig maar boekhandels als Waanders in Zwolle en Dominicanen in Maastricht tonen aan dat boeken en kerken elkaar goed verdragen. En de bibliotheek Zutphen kun je rustig aan dat rijtje toevoegen.

De ankerkruisen die overal als houten versiering worden gebruikt zijn volgen mij een verwijzing naar het wapen van Zutphen maar kan ook een verwijzing naar het wapen van de dominicanen zijn. Een mooie knipoog naar het verleden. Bezoekers die als moderne fluisterende monniken hun weg vinden en met boeken, kranten en PC's. Het zijn de stille gebeden voor persoonlijke ontwikkeling.


Hoewel de kerk immens groot is, is het vloeroppervlak beperkt. De bibliotheek beslaat de begane grond en een ring rond het kerkgedeelte. Het meest opvallende is de box-in-a-box die midden in de kerk staat. Deze box is een ruimte me veel glaswerk die geopend en gesloten kan worden. De ruimte kan gebruikt worden als open studieruimte maar kan ook gesloten worden en opgedeeld in één of twee cursuslokalen. Dat is echt een briljante vondst want deze box is hiermee driedubbel inzetbaar en blijft goed in het zicht van alle bibliotheekactiviteiten. Hier gaan ze in Zutphen veel plezier aan beleven.

De bovenkant van deze box is via een grote trap ook weer te gebruiken als werkplek en biedt een schitterend uitzicht over de bibliotheek.


Deze grote trap, u ziet hem hierboven, is ook weer te gebruiken als tribune en als ruimte waar grotere groepen kunnen worden ontvangen. Dat is de vierde functie van die box-in-a-box.


Op de plek van het voormalige altaar is thans het leescafé te vinden. Een mooie lichte plek met een hele prettige atmosfeer. Let ook op de beplanting het leescafé wat afschermt.

Wie goed kijkt in de bibliotheek ziet dat het schip van de kerk nauwelijks gevuld wordt met boeken en media. Deze zijn bijna allemaal naar de zijkanten van de kerk gegaan. Het middengedeelte wordt gevormd cursusruimte, een ruimte voor groepen, het leescafé en een plein met computers. Het toont mooi de veranderende bibliotheek aan. Collecties zijn nog steeds belangrijk en vormen nog steeds de context van ons werk. Maar wat wij met die informatie doen en hoe we er mee omgaan vormt meer en meer de kern. Dat is letterlijk fysiek zichtbaar in dit gebouw.


Na een ronde door de bibliotheek dacht ik even: 'Is dit het nou?'  Blijkbaar had ik nog meer verwacht. Maar toen ik begon af te strepen of alles wel in dit gebouw zat wat er in hoorde te zitten, moest ik constateren dat alles er wel in zat. Er is gewoon ontzettend slim met de ruimte omgegaan.

Valt er dan niks meer te wensen? Ja, als ik directeur van deze bibliotheek was, had ik nog wel twee of drie dingen die ik in de komende jaren zeker zou (kunnen) realiseren. De eerste is het ontbreken van echte horeca. Nu is het vinden van een goede partner hiervoor geen makkelijk opgave maar je zou ook kunnen nadenken of je je bibliotheekbalie ook niet gelijk een echt koffiepunt kan zijn. En vul op die manier het 'gastheerschap' letterlijk in door ook als bibliotheekbarista aan de slag te gaan.

Verder zag ik niet direct andere partners in de kerk en dat ik gun ik zo'n type bibliotheek wel. Maar ik kan wat gemist hebben. En uiteraard geldt ook daar dat je de mazzel moet hebben dat zo'n samenwerking zich voordoet. Huiswerkbegeleiding zou bijvoorbeeld denk ik een hele logische zijn.


Wie de kubieke meters telt, vindt dit een enorm gebouw. Wie de vierkante meters telt, denkt: nou dat is nog een uitdaging. De bibliotheek Zutphen is erin geslaagd om in een modulaire opbouw: cursusruimte, mini-theater, leeszaal, werkplekken en collectie vernuftige oplossingen te kiezen. Die oplossingen gaan zich de komende jaren uitbetalen in de cijfers van de verblijfsfunctie. Zutphen kan door die modulaire opzet zichzelf bijna een 'bibliotheekconcept' gaan noemen.

Ik noemde de stad Zutphen in het begin een stad van schoonheid en zachtheid. Die kenmerken zien we volop terug in de nieuwe bibliotheek. Deze bibliotheek - onderdeel van de Graafschapbibliotheken kwam ook terug in veel van mijn top-10's over het bibliotheekwerk. Niet alleen qua interieur is bibliotheek bij maar ook inhoudelijk scoort zij prima. Laat de bescheidenheid dus maar varen: hier staat een bijzonder knap staaltje bibliotheekwerk!

Bibliotheek Zutphen: hier prevelt men stil de gebeden voor persoonlijke ontwikkeling. U moet dan ook niet gek staan te kijken dat hier een wonder gebeurt.

woensdag 26 juli 2017

Je hebt ebookstatistieken en ebookstatisieken... en twee nieuwe top-10's!


Ik dacht, ik ben wel klaar met die cijfers van ebooks die ik gisteren publiceerde. Maar aansluitend op publicatie, kreeg ik een aardige gedachtenwisseling met Majolijn Mijling van de Bibliotheek Gelderland Zuid. De vraag was of ik geen appels met peren vergeleek. Voor mij leverde dat in ieder geval het inzicht op dat je nog wel op verschillende manier naar de cijfers kunt kijken.  Ik neem u mee langs wat cijfers.

Wat is de kwestie?
Hierboven staat een plaatje dat ik gisteren als laatste gebruikte. Het geeft aan hoeveel ebooks per lid geleend worden bij openbare bibliotheken en bij het digital only abonnement van de Koninklijke Bibliotheek.

Het uitgaan van een kengetal per lid  is bij openbare bibliotheken vrij gebruikelijk en maakt bibliotheken onderling vergelijkbaar. Het probleem is alleen dat het woordje lid  bij de bibliotheken en het digital only abonnement van de Koninklijke Bibliotheek anders ingevuld wordt.

Hoe zit dat? Het ebookplatform werkt met 'accounts'. Je komt op twee manieren aan een account komen: 1) je registreert je met je bestaande bibliotheekabonnement of 2) je neemt digital only abbonnement bij de KB.  In de eerste situatie is niet elk lid van een bibliotheek ook een ebookaccount. In de tweede situatie is elk lid automatisch een account. Bij de KB zijn accounts en leden dus onderling uitwisselbare eenheden en bij bibliotheken niet.

Marjolijn geeft aan dat je beter deze cijfers per account zou kunnen laten zien. Dat heb ik ook maar eens gedaan en dan ziet het uit zoals hieronder.


Je ziet dat de score bij openbare bibliotheken dan stijgt. Dat is bijna een factor 10 verschil. Niet elk lid is een ebookaccount. Verre van dat zelf.  Die factor 10 verschil duidt erop dat rond de 10% van alle bibliotheekleden hun ebookaccount heeft geactiveerd.

Als je bovenstaande cijfer gebruikt, vergelijk je inderdaad beter het directe gebruik van het ebookplatform. Daar geef  ik Marjolijn gelijk in.

Het roept echter wel een andere vraag op: hoeveel leden bij de verschillende bibliotheken hebben dan een ebookaccount aangemaakt? En zit daar veel verschil tussen? Kijk en daar komt een volgende top-10 om de hoek zetten. Want dat  heb ik ook op een rijtje gezet.

Bij welke bibliotheek hebben de meeste leden een ebookaccount aangemaakt?



Het landelijk gemiddelde ligt op 10,2%. Wie wil dat bibliotheekleden goed gebruik maken van ebooks is er bij gebaat dat veel leden een ebookaccount hebben aangemaakt. Want wie geen account heeft, kan er geen gebruik van maken. In deze lijst zie je dat DOK Delft daar bijvoorbeeld goed in geslaagd is. Ik weet bijna zeker dat ze daar consequent aandacht aan hebben besteed gezien het verschil met het landelijk gemiddelde.

Bovenstaande tabel geeft dus het bereik aan binnen het eigen ledenbestand. Maar het zegt nog niets over het gebruik. Lezen ze veel of lezen ze weinig? Sterker nog: dat 16% een account heeft, kan theoretisch nog altijd betekenen dat er nog niet één ebook is uitgeleend

Zorgen dat je veel accounts krijgt is dus maar de helft van het verhaal. De andere helft is: hoeveel ebooks worden er gelezen per account. Want zoals je hierboven al zag: de ebooklezers die via het digital-only-abonnement lezen, lezen meer ebooks dan die via de bibliotheek ebooks lezen.

Het gemiddelde cijfer van 7,38 per account had ik u hierboven al gegeven maar ook daar heb ik maar eens een top-10 van gemaakt van bibliotheken.

Bij welke openbare bibliotheek lezen de ebooksaccount het meest?



Het landelijk gemiddelde (incl. KB) ligt op 7,39 ebook per account per jaar. De Koninklijke Bibliotheek torent daar met die ruim 22 ebooks per jaar ver bovenuit. Deze bibliotheken hebben dus ebooklezers die meer dan gemiddeld lezen. Voor mij is het meest opvallende dat er redelijk wat bibliotheken tussen zitten met een christelijk werkgebied: Barneveld, Staphorst, Hoeksche Waard en Veenendaal. Gebieden met een leestraditie.

Deze tabel geeft goed de intensiteit van het gebruik aan. Maar zegt weer niks over de omvang. Theoretisch kan Koninklijke Bibliotheek één lid hebben dat 22,3 ebooks leent. En Barneveld zou in deze grafiek best 1.000 leden kunnen hebben die samen 11.250 ebooks lezen. Kortom, ook dit getal zegt dus niet alles.

Beide grafieken zijn allebei een top-10 over ebooks. Alleen laten ze twee verschillende zaken zien: de eerste toont het bereik onder bestaande leden en het tweede geeft aan hoe die leden die bereikt worden het ook gebruiken. Beide cijfers lijken me relevant.

En wat ik vervolgens deed was die twee lijsten met elkaar combineren. Het hoogste bereik onder leden, gecombineerd met het gebruik. En dan krijg je dus de top-10 die ik gisteren presenteerde.


Deze top-10 toont het gebruik per lid van de bibliotheek. In deze tabel zitten bibliotheken in beide lijsten goed scoren.

Het combineert twee variabelen. Dat kan maar versluiert ook wel wat het beeld doordat het indirect wordt. De uitslag klopt nog steeds maar de twee tabellen die erboven staan geven een directer beeld. Beide leggen het accent op een ander kenmerk. Er is meer dan één factor belangrijk. Wie slechts één van de twee tabellen gebruikt, laat een belangrijk kenmerk weg.

Als ik het nu weer zou doen, zou ik wellicht toch kiezen voor twee grafieken in plaats van een gecombineerde.

Leden versus accounts
Het aardige van de gedachtewisseling op Twitter is dat je ziet dat er nog geen standaardmethode is om te rapporteren over ebooks. Daar waar we oor de klassieke bibliotheekfuncties al wel uitgekristalliseerde kengetallen hebben (percentage lid, uitleningen per lid) is dat voor ebooks nog minder ver.

Hier zat de crux dus in het feit dat er bij openbare bibliotheken verschil is tussen het begrip  leden en accounts.  Niet alle leden hebben een account.  Bij de Koninklijke Bibliotheek is een  account ook een lid. 

Ik vond het wel aardig om zo even aan te vullen en verder inzicht te geven. Dank Marjolijn voor het aanzetten tot die gedachten. Ik heb niet de indruk dat we hier al helemaal klaar mee zijn. We blijven elkaar zoeken naar betere vormen. Neveneffect: nog meer top-10's waar nog meer verschillende bibliotheken in staan. En daar heeft geloof ik niemand moeite mee.

Dit artikel is een tweede in een reeks. Het vorige artikel, waar veelvuldig naar verwezen wordt, vindt u hier. 

Dit artikel is licht geredigeerd op 27 julli. Daarbij is inhoudelijk niks veranderd maar zijn veel vermaledijde typefouten eruit gehaald en woordjes die ik elke keer vergeet toegevoegd.

dinsdag 25 juli 2017

Welke bibliotheek leent de meeste ebooks uit? Dit en andere ebook-ontwikkelingen


Zo de vakantie zit er nu toch echt aan te komen. De Vakantiebieb is al gedownload maar ik ga u voor mijn vakantie nog één top-10 laten zien. En dat is die voor bibliotheken en ebooks. Begin juli publiceerde de KB op MetdeKB de gebruikscijfers over de eerste helft van 2017. En daar ben ik maar een mee aan de slag gegaan.

De cijfers van de KB laten alleen absolute uitleenaantallen zien van bibliotheken. Dat maakt onderling vergelijken lastig. Ik heb de cijfers dus gecombineerd met de ledentallen die per bibliotheek beschikbaar zijn uit het WOB-verzoek over 2015. Daardoor kun je een vergelijking maken van uitleningen van ebooks per ingeschreven lid.

Als je die combineert mogen we Hoeksche Waard (Numansdorp e.o), Delft en Zuid-Holandse Delta (Hellevoetsluis e.o.) feliciteren. Zij scoren met ruim meer dan één ebook-uitlening per lid ver boven het landelijk gemiddelde van 0,76 ebook per lid.

Opvallend is dat veel Zuid-Hollandse en Utrechtse bibliotheken goed scoren. Hoe dat komt kan ik niet echt goed verklaren. Wellicht dat de bibliotheken dit zelf nog kunnen duiden?

Speciaal punt van aandacht voor opnieuw de Graafschap Bibliotheken (Zutphen e.o.) die in bijna geen enkele top-10 tot nu toe ontbrak.

Wie denkt: is dat nou veel 1,21 ebook per lid. Ter vergelijking een gemiddelde bibliotheek leent 20,7 boeken per lid uit. Die 1,21 bevat dus nog voldoende groeipotentie zullen we maar zeggen.



De grote jongens
Tja, en in absolute aantallen? Dan ziet de top-10 er zo uit. Echt spannend is die niet:  de vier grootste steden zitten er tussen, twee provincies die als geheel registreren en grote bibliotheken als AanZet en Zuid-Kennemerland. De meest opvallende is wellicht nog wel Eemhuis die op de 10e plek het eigenlijk net zo goed doet als Den Haag.

Verder wordt duidelijk dat de Koninklijke Bibliotheek in absolute zin niet de grootste is. Maar daar zit een leuk addertje onder het gras. Maar die bewaar ik even voor het laatst.



Autonome groei vlakt af
Verder bevatten de cijfers een doorkijkje over de groei van de afgelopen jaren. Als je die even netjes in een grafiek zet ziet dat er zo uit. In 2014 vonden daar nog maar 809.000 uitleningen plaats, in 2016 waren dat er al 2,7 miljoen. De prognose voor 2017 - op basis van de halfjaarcijfers - komt uit op 2,8 miljoen. Een lichte groei nog steeds maar niet zo onstuimig zoals in voorgaande jaren. Dit komt overeen met de stagnerende groei van verkoop in ebooks. Toch is die prognose voor 2017 nog wel wat onder voorbehoud. Het tweede halfjaar scoort (door de zomervakantie) altijd iets beter dan de eerste helft. Het kan dus nog iets hoger uitvallen.

Als bibliotheken willen dat ebooks een substantiëler aandeel gaan innemen zullen er dus extra stappen gezet moeten gaan worden. Denk aan landelijke of lokale campagnes. Groei komt niet meer vanzelf.

Ebooks 8% van totale uitleen
Naast het ebookplatform bieden de bibliotheken ook nog de Vakantiebieb aan. Hoewel ik die cijfers niet bekeken heb, vermoed ik dat ook de Vakantiebieb ook ongeveer drie miljoen uitleningen kent. Samen met die bijna drie miljoen van het ebook-platform samen dus goed voor ongeveer 6 miljoen uitleningen.  Als je dat afzet tegen de uitleningen van 'gewone' boeken in bibliotheken (in 2015 73,4 miljoen) dan is die 6 miljoen zo'n 7 a 8 %. Geen gekke score.



De ebooklezer is.....
Wie leest die ebooks eigenlijk? 70% van de ebooklezer blijkt ouder dan 40.  Dat is vergelijkbaar met wat we bij de verkoop van ebooks zien. Maar het staat wel haaks op de opbouw van het ledenbestand van bibliotheken. Daar is namelijk meer dan 50% jonger dan 18 jaar.

Als het vooral ouderen zijn die ebooks lezen en er veel kinderen zijn die 'gewone' boeken lezen, dan zal de uitlening aan volwassenen een relatief groot aandeel kennen van ebooks. Meer dan die 8% die we hierboven redeneerden. Misschien zelfs wel het dubbele. Maar goed dat is een beredeneerde schatting maar niet meer dan dat.


Digital Only Koninklijke Bibliotheek versus gecombineerd abonnement Openbare Bibliotheken
Zo, en dan tot slot nog het addertje onder het gras dat ik u beloofd had. Wie ebooks wil lenen bij de openbare bibliotheken heeft twee mogelijkheden: 1) je wordt of was al lid van de openbare bibliotheek en je activeert gratis een ebookaccount, of 2) je neemt een ebookabonnement bij de Koninklijke Bibliotheek. Dat laatste kan nu een paar jaar. En uit de statistieken valt af te lezen dat de KB nu ruim 4.000 ebook-accounts heeft. Tegenover bijna 400.000 bij openbare bibliotheken (van de vier miljoen leden die zouden kunnen activeren).

Het is dan wellicht ook niet gek dat die overmacht van de openbare bibliotheken in absolute zin veel meer lenen dan die paar duizend digital-only-leden van de Koninklijke Bibliotheek. Toch is er nog wel een opvallende verschil.


En dat verschil zit hem weer in het vergelijkbaar maken op basis van gebruik per ingeschreven lid. Waar het gemiddelde bij openbare bibliotheken op 0,76 ebook per lid per jaar lag, ligt dit bij de Koninklijke Bibliotheek op 22,3 ebook per lid per jaar. In het begin vergeleek ik het cijfer van ebooks al met het 'gewone' gebruik van de bibliotheek: 20,7 uitlening per lid per jaar. Je ziet dat de KB met die ebooks echt op een gewone bibliotheek lijkt qua gebruikscijfers.  

Concluderend: vier tips
Wat kunnen we nu zeggen met deze cijfers in de hand? Nou dat ebooks in de afgelopen jaren een flinke groei hebben doorgemaakt. Die groei heeft er toe geleid dat zeker in het segment van volwassen lezers een substantieel deel van de uitleningen een ebook-uitlening is geworden. Die groei lijkt echter af te vlakken. 

Tip 1: meer marketinginspanningen
Als bibliotheken een verdere groei van ebooks willen krijgen zullen extra marketinginspanningen nodig zijn waardoor meer leden hun ebookaccount gaan activeren en gebruiken. Zeker ook het blijven stimuleren van dat gebruik is van belang. Dit vraagt absoluut om individuele en gezamenlijke inzet van bibliotheken. Hier is zeker nog een wereld te winnen bij de huidige doelgroep, de 40+'ers.  

Tip 2: meer met kinderen/jongeren
Verder zien we dat de helft van de doelgroep van bibliotheken - kinderen - nauwelijks gebruik maakt van ebooks. Het ligt voor de hand om dit in combinatie te doen met de Bibliotheek op school. Volgens mij wordt daar op dit moment ook al naar gekeken. 

Tip 3: onderzoek effect digital only en mogelijke verdere groei
Tot slot denk ik dat het interessant is om nader onderzoek te doen naar de leden die nu gebruik maken van het digital-only-abonnement van de Koninklijke Bibliotheek. Ik heb een vermoeden - maar ik weet dat niet zeker - dat dit leden zijn die anders niet lid waren geworden van een 'gewone' openbare bibliotheek. Als dat zo is, werken deze abonnementen niet kannibaliserend op de bestaande abonnementen. En dan zou het te overwegen zijn ook hier marketing inspanningen op in te zetten. Maar ik weet dat dit gevoelig ligt bij openbare bibliotheken vandaar dat dat ledenonderzoek wel eens interessant kon zijn.

Tip 4: maak het nog makkelijker
Een tip die ik later binnen kreeg van Mirjam Sinnema, maar die ik graag toevoeg, is de volgende. En die gaat over het product zelf. Ook dat is nog wel te vereenvoudigen. Denk dan zoeken binnen de app zelf (kan nu alleen via de site) en een previewfunctie. En uiteraard blijft een goede collectie belangrijk (lees: meer titels mag altijd). Verder blijf ik de koppeling vanuit bestaande leden eigenlijk raar vinden. Je moet toch weer een nieuw account aanmaken terwijl ik met mijn Facebookaccount op veel plekken zo in kan loggen.

Het is altijd makkelijk om verbeterpunten te noemen. Daar hoort bij de constatering dat we in de afgelopen jaren wel degelijk vele meters hebben gemaakt. 

Hoe het verder gaat? We gaan het volgen!

Naar aanleiding van dit artikel schreef ik ook nog een aanvullend artikel om de cijfers verder te duiden. Dat artikel leest u hier.

Dit artikel is licht geredigeerd op 27 juli waarbij onder ander de vierde tip is toegevoegd. Ook is er een kleine opmerking gemaakt bij de prognose voor 2017. Verder zijn vele typefouten verbeterd, zonder de illusie te hebben dat ze er nu allemaal uit zijn.

maandag 24 juli 2017

Vraagapp en Kenniscloud: hoe moeten bibliotheken hun digitale community vorm gaan geven?


Ik duik met u nog eens even diep de digitale geschiedenis in. Hieronder leest u een bericht dat op 14 juni 2010 werd gepubliceerd door Bibliotheek.nl:
Al@din stopt, maar u krijgt er iets moois voor terug!
Al@din is de landelijke vragendienst van alle openbare bibliotheken in Nederland. De afgelopen jaren hebben duizenden mensen via Al@din vragen gesteld over elk denkbaar onderwerp. Deze vragen werden beantwoord door bibliotheken in heel Nederland. Dat lukte ons niet altijd onmiddellijk, want we konden dit alleen tijdens openingstijden doen. Daarom is het nu tijd voor een grondige vernieuwing van de vragendienst.
 
Wat verandert er? 
Dankzij een nieuwe technologie zal ons systeem 24 uur per dag voor u beschikbaar zijn en uw vraag zal zoveel mogelijk onmiddellijk worden beantwoord. … U kunt de vragen op verschillende manieren en sociale netwerken aan ons stellen. …Kortom: wij staan overal en altijd voor u klaar!  
Wanneer kunt u gebruik maken van de nieuwe dienst?
De ontwikkeling van onze nieuwe vragendienst kost wel enige tijd. Wij verzoeken u dan ook vriendelijk nog even geduld te hebben; in de herfst van 2010 kunt u al van een deel van onze vragendienst gebruik maken. Tot die tijd kunt u uw vraag bij veel bibliotheken via een vragenformulier stellen, of via een tijdelijke vragendienst.
Al@din zal per 1 juli 2010 ophouden te bestaan, maar u krijgt er over enkele maanden een nog betere service voor terug!

Weet u nog wat de opvolger was van Al@din? Nee hè. Inderdaad, die kwam er namelijk niet. Ik heb het bericht altijd bewaard omdat ik het jammer vond dat we deze dienst, die we samen met veel bibliothecarissen  gezamenlijk invulden kwijt raakten.

Be my eyes
Het gevoel dat er wellicht toch nog wel eens een opvolger van Al@din kon komen, ontwaakte weer een tijdje geleden. Ik schreef toen over Be My Eyes. Een app die blinden koppelt aan zienden en zo zienden even de ogen laat lenen aan blinden. Vrijwilligerswerk 3.0 waarbij mensen slechts een app hoeven te installeren om mee te doen. Ik heb de app geïnstalleerd en ben inmiddels enkele keren beanderd door blinden om geholpen te worden. Helaas, was er telkens iemand die sneller reageerde dan ik. Maar ik blijf vrolijk mee doen. Kleine moeite

Ik constateerde toen over Be My Eyes:
Naast het feit dat ik dit een heel sympathiek initiatief vindt, is het ook om een andere reden nog een bijzonder interessante ontwikkeling. Dat is namelijk die van de creatie van digitale hulpstructuren. Want als je blinden op deze manier zou kunnen helpen, wie zou je dan nog meer kunnen helpen? Zou je laaggeletterden ook op die manier kunnen ondersteunen?  Of zou je huiswerkbegeleiding zo kunnen organiseren?  Of zou je belastingspreekuren zo kunnen doen?
Vraagapp
Onder het bericht kreeg ik een tijdje geleden een opmerking van Frank Schalken, oprichter en directeur van Vraagapp. Frank is tevens schrijver van het Handboek Online Hulpverlening en is  één van de stuwende krachten achter e-hulp.nl, een kennis- en adviescentrum voor online hulpverlening.

Ik heb met de Frank de afspraak dat we binnenkort maar eens moeten gaan doorpraten over Vraagapp. Hoewel zijn achtergrond vooral in de gezondheidzorg zit, zie ik in Vraagapp vooral de potentie om alle bibliotheekleden, of vooruit, alle Nederlanders met elkaar te verbinden.


Kenniscloud
Een ander initiatief van een lokale bibliotheek zelf is Kenniscloud waar de Bibliotheek Midden-Brabant samen met het Brabants Netwerk mee op stap is. Ook hier schreef ik al eens eerder over. Vanochtend sprak ik hierover met Pieternel Thijssen. Zij hebben nu twee jaar ervaring met het experimenteren met fysieke en digitale communities. Hun software was bedoeld voor dat experiment maar moet nu verder ontwikkeld worden. Naast koppelingen tussen burgers zijn zij ook op zoek naar koppelingen met de collectie en met activiteiten. Hoe doe je dat in de digitale wereld zonder alles opnieuw in te voeren?

Van Al@din naar Vraagapp en Kenniscloud
En zo puzzelt het mij een beetje. Wat zou je kunnen met Vraagapp en Kenniscloud? Hoe zouden we op grote schaal mensen kunnen verbinden op deze manier? Moet je je richten op speciale doelgroepen? En hoe zou je dit voor alle bibliotheken van waarde kunnen laten zijn? Hoe zou je dan moeten organiseren?

Ik ben benieuwd naar jullie gedachten. Dan neem ik die weer mee naar mijn contacten.

Be my eyes, Vraagapp, Kenniscloud: De geest van Al@din kon zo maar weer eens uit de lamp kunnen komen....

donderdag 20 juli 2017

Vier manieren (en een halve) hoe het landelijk bibliotheeksysteem gratis wordt!



Op 21 juni presenteerde M&I/Partners de uitkomsten van het kostenonderzoek naar bibliotheeksystemen in Nederland. Dit als vervolg op het haalbaarheidsonderzoek naar een landelijk bibliotheeksysteem. Door deze doorrekening te doen, kon beter worden beoordeeld wat de kosten zouden zijn van een collectief landelijk systeem.


De conclusies waren tweeledig: 1) grote systemen zijn het goedkoopst en 2) de grote goedkoopste systemen blijken ook nog eens de meeste functionaliteit te hebben.

Op de website van de KB wordt gemeld:
"De gemiddelde kosten van het bibliotheeksysteem van de bibliotheken uit de steekproef (excl. back-office-taken en excl. BTW) bedragen € 0,56. Het goedkoopste systeem is € 0,37 en het duurste € 1,52 per inwoner. In het haalbaarheidsonderzoek dat in januari werd gepresenteerd werd gezegd dat landelijk een prijs mogelijk zou zijn tussen de € 0,40 en € 0,50 per inwoner. Die prijs lijkt dus zeker binnen bereik te liggen en zal leiden tot een besparing voor de hele sector.
Ik zal u wat vertellen: dat hele systeem kon nog wel eens veel goedkoper worden. En in  zeker zin misschien wel gratis. En dan bedoel ik niet het makkelijke antwoord: kan de Koninklijke Bibliotheek niet de hele rekening betalen? Ik kijk nog even een slagje verder.

Ketenverbeteringen
Maar gratis? Nou Deckers, overdrijf je nu niet een beetje?  Als dat landelijke systeem 40 cent per inwoner kost is het nog altijd € 6,8 miljoen per jaar.  Ik laat u vierenhalve manier zien hoe je  meet dan 6,8 miljoen kunt terugverdienen achter het landelijk bibliotheeksysteem.

Het rapport focust namelijk in hoofdzaak op de 'harde' financiën van het systeem: personeel, hardware, hosting en licenties. Dat zit allemaal in de rechtstreekse invloedssfeer van de ICT-systemen. Wie echter verder kijkt naar de mogelijkheden van een landelijk bibliotheeksysteem ziet dat ook bibliotheken gezamenlijk een flink aantal ketenverbeteringen kunnen doen. Ketenverbeteringen omdat het bibliotheeksysteem niet meer gebonden is aan lokale bibliotheken of provincies. Met een landelijk bibliotheeksysteem kunnen op een landelijk niveau worden afgestemd die tot op dit moment niet mogelijk zijn. Daar noem ik u vier voorbeelden van die tot aanzienlijke bedrage kunnen leiden.

Ketenverbetering 1: De verborgen kosten van verhuizingen
Eén van de handige zaken van een landelijke bibliotheeksysteem lijkt mij dat als iemand buiten zijn eigen gemeente verhuist, gewoon in het landelijke bibliotheeksysteem lid kan blijven en dat je een lid gewoon overhevelt naar de volgende bibliotheek. Ik reken u even voor wat dat op kan leveren.

Per jaar verhuizen 1,6 miljoen Nederlanders. Van die 1,6 miljoen verhuizen er 900.000 binnen hun eigen gemeenten en 700.000 buiten hun eigen gemeente. Zo'n 10% van alle Nederlanders pakt dus het boeltje op en gaat ergens anders naar toe. Laten we er eens vanuit gaan dat bibliotheekleden net zo verhuislustig zijn als gewone Nederlanders. Die 900.000 binnen uw eigen gemeente gaat nog wel goed. Die komen bij uw eigen balie en zeggen dat ze verhuisd zijn. Die 700.000 die buiten uw gemeente verhuizen, moeten in bijna alle gevallen worden uitgeschreven. Tja, en dan hopen we maar dat ze bij een andere basisbibliotheek weer lid worden. Het gaat dan om 4% van uw ledenbestand (700.000 op 17 miljoen inwoners). Dit zijn 160.000 bibliotheekleden per jaar in heel Nederland. De helft daarvan zal betalend lid zijn die elk een lidmaatschap hebben van gemiddeld 45 euro. Dat levert een jaarbedrag op van, hou uw vast: € 3,6 miljoen (80.000 x 45 euro). Elke maand dat deze betalende leden zich nog niet gelijk inschrijven in hun nieuwe woonplaats kost de bibliotheken € 300.000 aan gemiste contributie-opbrengsten en dan heb ik het nog niet over het feit dat veel betalende leden bij een verhuizing gewoon afhaken.

Ketenverbetering 2: Van provinciaal transport naar interprovinciaal transport
Als je een landelijk bibliotheeksysteem hebt kun je natuurlijk ook opnieuw kijken hoe en waar je boeken uit andere bibliotheken bestelt en welke transportroutes je daarvoor hanteert. Als je nu een boek bestelt bij een andere bibliotheek wordt het in 99 van de 100 keer vervoerd met een busje van een Provinciale OndersteuningsInstelling (POI).  Die busjes rijden in bijna alle gevallen alleen in de eigen provincie. Dat heeft vooral te maken met het feit dat veel bibliotheekprocessen op de provinciale schaal georganiseerd zijn. En veel van die bibliotheekprocessen zijn weer gekoppeld aan het (provinciale) bibliotheeksysteem.

Om een voorbeeld te geven: ik werk voor Rijnbrink die als POI werkt voor Overijssel en Gelderland. Onze busjes rijden binnen beide provincies maar in beide provincies hebben we een eigen overslagplaats en eigen transportroutes. De busjes rijden allebei langs de grenzen van Overijssel en Gelderland maar ieder in zijn eigen provincie. Dat hangt samen met de verschillende bibliotheeksystemen in de verschillende provincies en de afspraken die in de netwerken gemaakt zijn. Deventer wisselt dus niks uit met Twello (5 km afstand) maar wel met Steenwijk (80 km afstand). Lochem wisselt niks uit met Holten (10 km afstand) maar wel met Ammerzoden (120 km afstand) Wie de routes opnieuw zou inrichten over meerder provincies moet dus tot efficiëntere transportregio's kunnen komen.

Ik weet niet helemaal hoeveel kosten er in dit transport zitten. Mijn beredeneerde schatting is dat er zo rond de 10 miljoen euro per jaar in omgaat. Wie dat een slagje efficiënter kan maken door over verschillende provincies efficiëntere routes in te richten, heeft dus al snel tonnen zo niet een miljoen te pakken.

Ketenverbetering 3: Collectiebeheer
In het verlengde van provinciaal transport zitten onze lokale collecties. Lokale collecties die in een flink aantal provincies al worden ingevuld door provinciale collectieteams. Waar vroeger nog per stichting of zelfs per vestiging werd gecollectioneerd, wordt nu op provinciaal niveau de collectie aangeschaft. Daarbij wordt tegelijk onderlinge afstemming tussen collecties meegenomen. De ene bibliotheek heeft wat meer van dit onderwerp en de andere bibliotheek van dat. Of men schakelt over naar routed collecties voor kleine collecties die toch ververst moeten worden in titelaanbod.

Die provinciale collectieteams werken nu op provinciaal niveau omdat.... precies, omdat de systemen ook op dit niveau zitten. Kijk, bibliotheken die nu nog niet gezamenlijk aanschaffen hebben daar natuurlijk al hun eerste winst zitten maar bibliotheken die op provinciaal niveau zitten, kunnen kijken of ze (op onderdelen) niet op een nog hoger niveau dit kunnen organiseren. Uiteraard moet er voeling blijven met lokale situaties maar ik kan me wel voorstellen dat je rond toptitels die iedereen wil hebben echt wel naar een bijna geautomatiseerde aanschaf kunt.

Betrek vervolgens NBD|Biblion bij dit vraagstuk want ook daar zit nog een fikse winst. Nu laden alle 45 bibliotheeksystemen eerst de besteltitels in die de NBD aanbiedt om vervolgens het bestelbestand weer 45 keer terug te sturen naar de NBD. Laat de NBD lekker de titels gelijk in het landelijk systeem aanbieden. Scheelt veel werk met heen en weer sturen van bestanden.

Ik doe een gooi met wat je zou kunnen besparen. Stel dat het huidige collectiebudget van alle bibliotheken rond de 45 miljoen euro ligt en de personeelskosten voor het aanschafproces rond de 4,5 miljoen euro.  Samen 50 miljoen. Stel dat je op beiden 5% zou kunnen besparen door efficiënter werken. Reëel? Lijkt mij wel. Dan is dit 2,5 miljoen euro op jaarbasis.

Ketenverbetering 4: Schoolbibliotheken 
Zo, beste bibliotheekdirecteuren. Het schiet al aardig op met dat gratis bibliotheeksysteem. Maar we gaan nog even verder.Want het landelijk bibliotheeksysteem kent als standaardfunctionaliteit een schoolbibliotheeksysteem. Geen losse module maar bij de prijs inbegrepen!

Want zeg nou eerlijk: was u al klaar met die schoolbibliotheken voor basisscholen? En was u al begonnen  aan de Bibliotheek op school voor het voortgezet onderwijs? Precies: we hebben hier nog veel werk te verzetten en dat gaat de komende tijd nog veel geld kosten.... Tenminste als het in uw eigen systemen met aparte licenties moet gebeuren. Als dit standaard in een landelijk bibliotheeksysteem zit, zijn er besparingen te verwachten voor kosten die u anders had moeten betalen.

Enig idee om welk bedrag dat gaat? Dat is lastig te becijferen want de systemen liggen qua licentiekosten ver uit elkaar. Sommige systemen zijn geïntegreerd in het bibliotheeksysteem, andere systemen zijn stand-alone en moeten daarna nog op andere manieren gekoppeld worden. Zo'n 40% van de basisscholen doet mee aan de Bibliotheek op school. Nog zo'n 60% te gaan dus. Of we dat allemaal halen is de vraag maar dat we een systeem nodig hebben met weinig rompslomp is mij wel helder. Anders redden we dat helemaal niet.

De duurste licentie voor schoolbibliotheken is volgens mij 7 cent per inwoner. Laat ik daar eens vanuit gaan. Als heel Nederland met dat systeem zou werken, zou het gaan om € 1,2 miljoen licentiekosten per jaar. Daar komen vast nog kosten bij maar als ik dat nou eens als het bedrag voor heel Nederland gebruik, gewoon all-in. Ik vermoed dat we met elkaar nu ongeveer al de helft hiervan betalen. Blijft de helft over die later nog zou komen. Dat zou dan zo'n besparing van 6 ton per jaar zijn.

Blijft nog over dat we ook nog aan de slag gaan met de Bibliotheek op school voor voortgezet onderwijs. Vooruit ik tel daar ook nog een ton voor. Kom ik uit op 7 ton toekomstige besparingen per jaar.



Ketenverbetering 4,5: Back-office-kosten
Eentje die deels wel in het M&I-rapport zit maar is weggehaald uit de vergelijking is die van de back-office-kosten. Daar zitten met name de personele kosten achter allerlei processen achter: ledenadminstraties, financiële afhandeling e.d. De kosten daarvan blijken per bibliotheek flink te verschillen. Kijk maar eens naar bovenstaande grafiek. In de prijsvergelijking zijn die back-office-taken eruit gehaald, terwijl daar tussen de hoogste en de laagste toch zo'n € 2,50 per inwoner verschil zit en zo'n € 0,30 per inwoner tussen het gemiddelde en de laagste. Slim inregelen van de back-office-taken kan dus wezenlijk besparen. Maar de vraag is of je daarvoor moet wachten op een landelijk systeem. Vandaar dat ik hem maar als een halve optie aanduid.

Een gratis systeem?
Wie snel heeft geteld ziet dat we hier een bedrag te pakken hebben dat met gemak alle kosten van het landelijke systeem zou kunnen dekken. Is het daarmee gratis?  Nee, natuurlijk niet. Maar het toont wel aan dat we verder moeten kijken dan alleen de eerste directe besparing en dat er daarna nog veel meer mogelijk is. En daarmee zou je prima iets kunnen financieren dat nu nog veel geld kost.

Ergo: een beetje samenwerken en dat systeem hoeft niets meer te kosten.

dinsdag 11 juli 2017

Welke bibliotheek heeft de meeste digitale bezoekers?


Even een boek opzoeken, even die CD reserveren, lid worden of gewoon een kaartje voor een voorstelling bestellen: we doen steeds meer via internet. Bibliotheken tellen dan ook niet alleen het aantal bezoeker dat in een vestiging komt  maar ook de bezoekers die via de website gebruik maken van de bibliotheek.

En zo keerde ik toch nog even terug naar de statistieken van bibliotheken over 2015. Nog één keer want het gaat niet lang meer duren en dan zijn de cijfers over 2016 bekend. Dit keer zoom ik in op het cijfer 'aantal bezoekers van de website'. Ik geef toe, best een 'tricky' cijfer want bezoekers worden nog wel eens verschillend geteld.  Ook dit keer druk ik het uit in het aantal bezoeken per inwoner. Hiermee worden grote en kleine bibliotheken onderling vergelijkbaar.

Utrecht de meeste bezoekers per inwoner!
Utrecht, Groninger Forum en Rivierenland zijn koplopers. Utrecht zit met 7,61 digitale bezoeken per inwoner per jaar ruim boven het landelijk gemiddelde van 1,93.  Een reden voor de koploperspositie kan ik zelf moeilijk geven.

Wel zie ik in de lijst relatief veel bibliotheken met een gecombineerde functie: Groninger Forum, BplusC en CODA die naast de bibliotheek ook nog andere activiteiten hebben die veel 'traffic' kunnen generen op de website. En daarnaast zitten er een paar bibliotheken bij die relatief veel leden hebben: Arnhem, Hengelo, Deventer en Staphorst. Met een hoger ledenpercentage heb je natuurlijk ook meer verlengingen en reserveringen dan in een stad of dorp waar relatief minder mensen lid zijn.

Een gegeven dat ook nog mee zou kunnen spelen maar wat ik niet heb onderzocht is of al deze bibliotheken bijvoorbeeld gratis reserveren aanbieden. Even iets voor je klaar laten zetten en dan ophalen kan een goede motivator zijn voor websitebezoek.

De grote jongens



Natuurlijk hebben we ook deze keer niet alleen naar het kengetal gekeken maar ook naar de absolute aantallen. Daar zijn de bibliotheken met een groot werkgebied ontegenzeggelijk in het voordeel en dat zijn we dan ook terug in de cijfers. In deze lijst zien de 'grote vier' Utrecht, Den Haag, Amsterdam en Rotterdam gewoon keurig bovenaan staan.  Naar mijn gevoel zitten er in deze lijst niet zo heel veel bijzonderheden.

Ruim 10% weet het niet
Net als bij de activiteiten zijn er ook bij dit cijfer nog wel wat bibliotheken die 'weet niet' invullen bij deze vraag. Maar liefst zeventien bibliotheekstichtingen (toch ruim 10%) laat dit vakje leeg.  Foei bibliotheken, zo'n cijfer hoort tegenwoordig toch niet te ontbreken.

De openbare bibliotheken versus bibliotheek.nl


Naast de lokale bibliotheeksites is er ook een landelijke digitale bibliotheek op www.bibliotheek.nl. Hoewel onlangs verandert naar www.onlinebibliotheek.nl ben ik toch even op zoek gegaan naar de cijfers over bezoekersaantallen over 2015 voor toen nog bibliotheek.nl. Het exacte aantal vond ik niet maar in het jaarverslag van de Koninklijke Bibliotheek wordt gemeld dat alle sites van de KB samen in totaal zo'n 17 miljoen digitale bezoekers hadden. 22% daarvan werd gegenereerd door sites van Bibliotheek.nl. Toch bijna 4 miljoen per jaar.

Vervolgens heb ik alle digitale bezoekers van de lokale website opgeteld. Dat zijn er in totaal ruim 32 miljoen. Het merendeel van de digitale bezoekers komt dus nog steeds binnen via de lokale bibliotheek. Het is interessant om dat cijfer de komende tijd eens te volgen en te kijken of die verhouding - door versterkt gebruik van digitale diensten en ebooks - gaat veranderen.

Wie het zo vergelijkt denkt dan dat Bibliotheek.nl een kleine jongen is in vergelijking met alle openbare bibliotheken. Dat kan zijn maar tegelijkertijd is Bibliotheek.nl wel de grootste bibliotheeksite van dit moment. Zelfs Utrecht met 2,5 miljoen bezoekers kan daar niet aan tippen. Het is dus ook maar een beetje hoe je het wilt zien en 'framet'

Op naar de cijfers over 2016
Zo, ik feliciteer Utrecht, Groningen, Rivierenland, Den Haag en Amsterdam met hun top-3-noteringen. Ik ga zitten wachten op de cijfers over 2016. En u gaat natuurlijk naar uw bibliotheek om nu een boek te halen. En of u dat nu een leuk 'echt' boek reserveert bij uw lokale biblioheek of een e-book bij Bibliotheek.nl, mij om het even. Ik wens u veel fijne leeskilometers deze vakantie. En verlengen kan natuurlijk gewoon vanaf uw vakantieadres.