dinsdag 1 december 2020

Zoetermeer, Groningen en Gouda zijn de best bezochte bibliotheken! Deel 1 van 5 over de Best Presterende Bibliotheek van Nederland 2020

De feestdagen komen eraan en het wordt weer onontkoombaar de 'lijstjes'-tijd. En zo ook dit jaar. In de afgelopen maand maakte de Koninklijke Bibliotheek weer de jaarcijfers over 2019 bekend. Ik dook weer in de databestanden en neem u ook dit jaar weer mee naar wat ik met grote woorden 'de index van Best Presterende Bibliotheken' noem. 

Ook dit jaar zal ik aan de hand van vijf artikelen stil staan bij kengetallen van bibliotheken. Vorig jaar mocht Stadskanaal zich de Best Presterende Bibliotheek van Nederland noemen. Arnhem werd tweede en Nijkerk derde. Arnhem en Nijkerk zullen met spanning uitkijken naar dit jaar want Stadskanaal is als stichting opgegaan in het grotere Biblionet Groningen en telt nu mee in die statistieken. 

De kengetallen van de index

Het meten van de Best Presterende Bibliotheek ga ik net als voorgaande jaren doen langs vier lijnen. Samen vormen ze - niet van ijdelheid gespeend - de Deckers-index. De vier indicatoren die ik langs loop zijn: het aantal bezoekers, het aantal leden, het aantal uitleningen en het aantal activiteiten. De absolute cijfers zijn natuurlijk onvergelijkbaar: Amsterdam leent meer uit dan Staphorst. Daarom maken we er kengetallen van. Bij leden kijken we naar het percentage inwoners dat lid is, bij uitlenen naar uitleningen per lid, bij bezoekers naar het aantal bezoeken per inwoner en bij activiteiten naar activiteiten per 1.000 inwoners.  Ik heb de lijst nu een aantal keren gemaakt en het is mij opgevallen dat het een bibliotheek nog flink wat moeite kost om op alle fronten goed te scoren.

Maar genoeg gedraald: kom op met die lijstjes! Dat doen we en we trappen dit jaar af met het aantal bezoekers

Forum Zoetermeer is de grootste publiekstrekker

We kunnen ons dit jaar verheugen in een nieuwe nummer 1 en veel nieuwkomers. Forum Zoetermeer, de combinatie van bibliotheek en gemeentehuis en vele lokale organisaties. Terecht de naam Forum dus. Vorig stonden ze op nummer twee, toen met 6,7 bezoeken per inwoner, en dit jaar dus naar nummer 1 met 7,7 bezoeken per inwoner. Bijna 15% meer bezoekers dus. Ik vermoed dat dit het effect is van het nieuwe pand dat in januari 2018 geopend werd. Het bezoek trekt in het tweede jaar (2019) dus nog flink aan. 

De hoogste binnenkomer is het Groninger Forum op nummer 2 met 7,3 bezoeken per inwoner. Wie bedenkt dat dit de cijfers zijn over 2019 en dat het nieuw Groninger Forum in november 2019 opende, weet dat de potentie in Groningen nog veel groter is. De bezoekersaantallen begin 2020 waren hier enorm. Tot de coronacrisis inderdaad. De grootste runner-up dus en absoluut op weg naar nummer 1.

De nummer 1 van vorig jaar - de Chocoladefabriek Gouda - vinden we terug op nummer 3. Dit jaar met 6,9 bezoekers per inwoner waar het vorig jaar 7,0 bezoeken per inwoner was. Nagenoeg stabiel dus. Gouda is dus voorbij gestreefd door instellingen die inwoners nog vaker naar hun bibliotheek lieten terugkeren. 

Binnenkomers en constanten

Verdere nieuwe binnenkomers zijn DOK Delft op 5, Midden-Brabant op 10, Stadkamer Zwolle op 14 en Salland op 15. Bij Midden-Brabant zit natuurlijk de Lochal Tilburg die begin 2019 officieel geopend werd. Dat heeft Midden-Brabant een flink eind omhoog gestuwd in deze lijst. Zwolle en Salland zaten al dicht tegen de top-15 aan en van DOK Delft heb ik niet gelijk een verklaring. 

Leuk is ook om te zien dat veel bibliotheek een constante zijn in deze lijst: elk jaar komen ze voor op ongeveer dezelfde plek: Arnhem, Wageningen, Wassenaar, Eemland, Hengelo en Deventer. 

Opvallend is ook wel dat veel van de genomineerden voor de Beste Bibliotheek van Nederland in dit lijstje staan: Zoetermeer, Lochal, Groninger Forum en Wageningen. Alleen Eemnes van Gooi en Meer komen we niet direct tegen in deze lijst. Dat bibliotheek een publiekstrekker zijn, speelt bij deze nominatie zeker mee, denk ik. 

Algemeen beeld: meer bezoekers

Bibliotheken zijn in 2019 beter bezocht dan in 2018. In 2019 kwamen Nederlanders gemiddeld 3,7 keer per jaar in de bibliotheek. Een jaar eerder was dat nog 3,5 keer. Het lijkt een klein verschil maar het is een stijging van bijna 6%. 

Twee disclaimers

Aan het eind van dit eerste artikel maak ik toch een disclaimer. Het is mooi al die lijstjes... Maar het zegt lang niet alles. Over veel cijfers valt te twisten. Bij bezoekers komt het heel soms voor dat ook bezoekers van andere instellingen worden meegeteld of niet uit elkaar te halen zijn. Bij activiteiten zullen we zien dat er verschillende interpretaties zijn van wat een activiteit is. Bij leden zijn sommige bibliotheken boos op andere bibliotheken als zij niet-actieve jeugdleden niet uitschrijven. En bij uitleningen, nam ik in voorgaande jaren niet de bibliotheek-op-school-uitleningen mee (dit jaar verandert dat voor een deel). Ook dat gesprek moet gevoerd worden en ook dat mag achter deze lijstjes. Overigens verandert dat niet het grote beeld achter deze cijfers en gaat het veelal over incidenten. En juist door het zichtbaar te maken, prikkelt dat ons tot actie om het te verbeteren. 

En dan nog een tweede disclaimer: achter elk cijfer zit een verhaal. En met de lijstjes kan ik geen recht doen aan elk verhaal. Het feit dat een bibliotheek niet in een top-15 staat, wil nog niet zeggen dat het een 'slechte' bibliotheek is. En het feit dat je wel in een top-15 staat, maakt je niet direct een 'goede' bibliotheek. Overigens staan in de overall top-20, waar we alle kengetallen wegen, een aantal bibliotheken die nergens in een afzonderlijke top-15 staan.  Op alle punten redelijk scoren, maakt je ook in die lijst al een bijzondere bibliotheek. Maar ook de achtergrond van je werkgebied (heb je meer lageropgeleiden of hogeropgeleiden), de hoeveelheid subsidie en vele andere factoren spelen een rol. 

Kortom: het gesprek over de cijfers is van minstens even groot belang als de lijstjes.  

Dat gezegd hebbende: Toch mijn felicitaties voor nu aan Zoetermeer, Groningen en Gouda en ik maak mij op voor het tweede lijstje. En dat zal gaan over wie de meeste leden heeft. Stay tuned

zondag 22 november 2020

Over de aantrekkingskracht van de rijpere mannelijke bibliothecaris


Deze column verscheen bij het dossier Bibliotheekstatistiek 2019 van de Koninklijke Bibliotheek. 

De afgelopen tijd stond het nieuws bol van de coronacrisis en de Amerikaanse verkiezingen. Wat beide onderwerpen verbindt, is dat ze zijn omgeven door fake news, alternative facts en complottheorieën.

Complottheorie

Vergeleken met die onderwerpen zijn bibliotheken natuurlijk een baken van rust. Saai zelfs. Kent u ook maar één complottheorie over bibliotheken? Precies. Overigens: elk feitje kun je controleren op de website Bibliotheekinzicht van de KB. Je vindt er ‘feiten en cijfers over de bibliotheken’. Dus geen meningen, geen halve waarheden en al helemaal geen fake news.

Waar bevinden zich de meeste oude en mannelijke bibliothecarissen?

Zo kun je in de databank van Bibliotheekinzicht zien dat in 2019 16% van alle bibliotheekmedewerkers man was. Ja, zo weinig maar! Maar de verschillen per provincie zijn best groot. In Zuid-Holland is slechts 14% man, terwijl in Groningen maar liefst 28% man is. Hoe zou dat komen, vraag je je dan toch af.

Je kunt ook selecteren op leeftijd. Zo is in bibliotheken 60% van alle medewerkers ouder dan 50. Maar ook hier zijn de verschillen groot. In Utrecht is maar 54% van alle medewerkers boven de 50 en in, jawel, Groningen is maar liefst 64% ouder dan 50. Ook hier rijst de vraag wat daarvan de oorzaak kan zijn.

Ik suggereer niets, maar als je een oudere mannelijke bibliothecaris tegenkomt, weet je dus eigenlijk zeker dat je met een Groninger van doen hebt.

Topjaren 1990 en 1994

Ik speur nog even verder door de databank. Zo blijkt dat de bibliotheken in Nederland in 1994 de meeste leden hadden: 4,58 miljoen. Toch leenden ze in dat jaar niet de meeste boeken uit. Dat was al in 1990; het waren er toen 185,7 miljoen. Hoe kan dat?

1990, het jaar met de meeste uitleningen, was een bijzonder jaar. Mandela werd vrijgelaten, Gorbatsjov werd president van de Sovjet-Unie (na secretaris-generaal te zijn geweest) en Thatcher trad af. Een politiek euforisch jaar. Als klap op de vuurpijl won de jonge Marco Borsato de Playbackshow. Zou politieke en muzikale vooruitgang goed zijn voor het lezen? Ik denk het.

Met voetbal heeft het overigens niets te maken. Ajax werd gewoon landskampioen en Nederland strandde in de kwartfinales op het wereldkampioenschap. En voor al die rijpere mannelijke bibliothecarissen in Groningen: die stad werd negende in de competitie.

1994, het jaar met de meeste bibliotheekleden, was een geheel ander jaar. Kurt Cobain pleegde zelfmoord, Ayrton Senna crashte met zijn Formule-I-bolide, de Russen vielen Tsjetsjenië binnen en Kim Jong-il, de voorganger van Kim Jong-un, werd leider van Noord-Korea. Allesbehalve een florissant jaar. Politieke en andere misère levert bibliotheken blijkbaar veel leden op.

Om te laten zien dat ook hier voetbal geen rol speelt: Ajax werd opnieuw landskampioen en Nederland strandde opnieuw in de kwartfinales op het wereldkampioenschap. En Groningen? Groningen eindigde gewoon als veertiende in de competitie.

De aantrekkingskracht van de rijpere mannelijke bibliothecaris

Zo zie je maar: als je een beetje zoekt naar de juiste verbanden, kun je al snel duiden waarom de cijfers zijn zoals ze zijn. Overigens: Groningse bibliotheken scoren opvallend goed, zowel op het gebied van het aantal leden als de hoeveelheid uitleningen. 

We weten nu wat hun geheim is: de aantrekkingskracht van de rijpere mannelijke bibliothecaris. 

Anderen noemen dat natuurlijk fake news. Ik noem het een alternative fact. Bewijs maar dat het niet zo is. Maar geloof nooit zomaar een verhaal en ga zelf op zoek naar de feiten. En begin met zoeken op Bibliotheekinzicht.

P.s.

Deze column is geschreven toen de cijfers over 2019 nog niet openbaar waren. Dat zijn ze nu wel! En dus begin ik binnenkort weer aan de lijstjes van Best Presterende Bibliotheken van Nederland. Stay tuned!

zondag 15 november 2020

Bibliotheken in crisistijd : deel 14 : Crisis? Welke crisis?

Dit was een bizarre week voor bibliotheken. Ik dacht dat we in een coronacrisis zaten.... Maar slechts heel weinig wees daarop deze week. Het enige echte coronanieuws zag ik vrijdag in de tijdlijn van Jan Hoogenberg, directeur van de Bibliotheek Enschede. Hij attendeerde op bijgaand artikel over de Bieb To Go. Het is een concept met een beperkte collectie biedt maar waarvoor reserveren vooraf niet nodig is en waarbij je nog wel zelf kunt kiezen. Ik heb veel concepten gezien met 'genre'-tassen, afhaalbieb of boek-aan-huis-diensten. Dit zit er wat tussenin en biedt eigenlijk ook wel opties na de coronacrisis om dit op andere plekken neer te zetten. Bij de AH To Go inderdaad. Ik had het nog niet eerder gezien en vind het een sympathieke uitwerking.

Maandag


Mijn week begint maandag met een digitale sessie met collega's van OBGZ (Nijmegen e.o). Mijn collega Ildikó van Veldhuizen en OBGZ-colllega Wouter van Balveren hebben dit voorbereid. Werkgroepen hebben in de afgelopen tijd ideeën voorbereid en die worden nu gepresenteerd.  Er komen veel mooie zaken voorbij. Van Freemium-modellen voor leden tot chatservices. 

En niemand kijkt nog op dat we dit volledig digitaal afhandelen....

Overigens moet directeur Bert Hogemans het overleg tussentijds even verlaten. Hij is op dat moment namelijk druk bezig met de bezuiniging op de bibliotheek in Malden. De achtste bezuiniging in tien jaar naar zijn zeggen. Als ik de krant moet geloven is hier de bezuiniging wel ingeboekt maar wil men hem eigenlijk niet uitvoeren. 

Dinsdag

Op dinsdag krijg ik een appje van de directeur van de bibliotheek in Rivierenland. Ze laat me blij weten dat de gemeente Buren unaniem heeft besloten om weer te gaan werken met de Bibliotheek Rivierenland. De gemeente Buren werkte in de afgelopen jaren samen met Karmac maar moest constateren dat de resultaten ver achter bleven. Nog slechts 7% van de inwoners was lid van de (Karmac)bibliotheek. De gemeente trok haar conclusies en de portemonnee. De provincie hielp de gemeente met het laatste financiële stapje en daarmee komt de gemeente Buren weer binnen het bibliotheekstelsel. Op woensdag staat er een mooi stukje in de krant over deze stap. 

Overigens meldt minister De Jonge vandaag dat musea, bioscopen en bibliotheken naar alle waarschijnlijkheid na deze week weer open mogen. Dit op basis van het dalende aantal besmettingen. 

Woensdag 


Op woensdag begeleid ik samen met mijn collega Georges Elissen een digitale ideeënsessie met de Bibliotheek Deventer. Met een kleine twintig medewerkers en externe contacten van de bibliotheek denken we na over toekomstmodellen voor de bibliotheek. Het is een leuke groep met veel positieve ideeën.

Digitaal brainstormen met zoveel mensen op zoveel plekken en met zoveel achtergronden vergt nog wel wat. Je moet zorgen dat iedereen zonder probleem bij alle tools kan komen en je werkvormen moet je daarop aanpassen. Alles werkte gelukkig.  Het was leuk om te doen en het levert veel ideeën en een paar concepten op waarlangs de bibliotheek zich verder kan ontwikkelen ondanks financieel zeer krappe kaders.

Donderdag

Op deze dag had de Koninklijke Bibliotheek voorbereid om samen met het CBS de jaarcijfers van bibliotheken naar buiten te brengen. Het gaat dan om de cijfers over 2019. En die waren goed: bibliotheken hadden weer een stijgend bezoekersaantal en ook het aantal activiteiten liet wederom een forse groei zien. Het eerste artikel van de NOS, ging hier ook nog over.  Maar daarna kwam de vraag erbij hoe bibliotheken omgingen met de Sinterklaasboeken en de Pietendiscussie. Toen bleek dat het antwoord was, dat die boeken langzaam maar zeker uit de collectie verdwijnen, leek het land te klein. 


Zelfs staatssecretaris Knops bemoeide zich op een gegeven moment met de discussie. De bron van de discussie is dit interview in het AD waar Anton Kok, directeur van de VOB, het volgende zegt over deze discussie:
"Overal groeit het besef dat  Zwarte Piet een stereotiep beeld geeft van een bepaald deel van de bevolking en de bibliotheken bewegen daarin mee. Er zijn in de loop van de tijd talrijke boeken weggehaald omdat ze ‘in strijd met de goede zeden’ waren. Dan denk ik bijvoorbeeld aan de kinderboeken waarin de bevolking van Nederlands-Indië als patjakkers werd weggezet. Ook Zwarte Piet is, wat mij betreft, ‘in strijd met de goede zeden’. Dat een deel van de Nederlanders Zwarte Piet nog wél ziet zitten is geen reden de boeken te bewaren. Sommigen zien fascisme ook zitten. En, ja, dat klinkt cru maar ik bedoel dat een smaldeel niet ons beleid kan bepalen."

Die laatste zin wordt uiteindelijk het struikelblok. Ik ben blij dat ik niet geïnterviewd door krant of radio voor dit onderwerp. Want je moet je woorden wegen op een goudschaaltje en je weet nooit helemaal hoe het vervolgens in het nieuws komt. Ik vermoed dat Anton Kok dat achteraf ook heeft gedacht. De goede man schijnt bedolven te zijn onder vele haatmails. Ook een enkele bibliotheekdirecteur meldde zich dat hij of zij haatmails had ontvangen. Een bibliotheekmedewerker meldde  dat iemand zelfs boos zijn lidmaatschap opzegde door dit bericht.  Het item haalt zelfs het acht-uur-journaal en daar legt naar mijn mening Astrid Vrolijk, de directeur van de Zwolse Stadkamer, volstrekt helder uit hoe het zit

Een dag dit in het teken moest staan van de groei van activiteiten van bibliotheken, kreeg een hele andere wending.

Overigens zit ik zelf dit dag aan het eind van de middag in de Achterhoek. Daar is een gemeente die heeft gedreigd opnieuw te bezuinigen. Samen met de bibliotheekdirecteur denk ik na over scenario's die ons open staan als voorbereiding op wat wellicht komt. 

Aan het eind van de middag krijg ik van Gert Jan Sweep, de bibliotheekdirecteur van Almelo,  een bericht dat in zijn gemeente de bezuiniging ook is vastgesteld. Lodewijk Asscher en Herman Finkers hadden zich gezamenlijk nog ingezet tegen deze bezuiniging. De structurele bezuiniging van € 200.000,- waar zoveel over te doen was, blijft staan.  Maar de bibliotheek hoeft in het eerste jaar slechts € 100.000,- te bezuinigen en krijgt daardoor een klein beetje extra tijd. Een kleine verschuiving in tijd maar een wereld van verschil om zaken geregeld te krijgen.

Rollebollend gingen wethouder en bibliotheek hier over straat. Aan alle kanten was rumoer maar dit is het eind van het liedje. Iedereen een schram op zijn gezicht of een blauwe plek en morgen moeten we ook hier weer verder. Het is op veel plekken helaas het refrein van het lied van de bibliotheekfinanciën.

Vrijdag 

Zo stormachtig als de donderdag is, zo relatief rustig is de vrijdag. Hoewel mijn agenda nog tot het eind van de dag vol zit met afspraken, zijn er nauwelijks berichten die er tussendoor komen. In de krant van gisteren wordt ondertussen de vis verpakt....

In de ochtend werk ik met Georges Elissen aan de uitwerking van de Rijnbrink Trendcurve voor 2021. Die gaan we begin 2021 weer uitbrengen en in de afgelopen tijd hebben we een aantal sessies gehouden met bibliotheekdirecteuren en -medewerkers om de trends in beeld te brengen. Honderden geeltjes liggen digitaal op ons bureau. Na een flink puzzel blijven er net als de vorige keer 28 over die we typerend vinden voor deze tijd. Het werk om ze te beschrijven wordt verdeeld en we weten dat we begin 2021 het rapport klaar zullen hebben. 

Dit was weer een week in de coronacrisis.
Welke crisis zei u? Niks van gemerkt.... Het was vooral een week waarin gemeenten hun begroting vaststelden en waarin een kindervriend en goedheiligman een storm over de bibliotheken liet gaan.

Terwijl Nederland zich druk maakt om een Piet, liggen er ondertussen nog steeds 600 mensen op de intensive care te vechten voor hun leven. Mensen die hopen dat ze er nog zijn met Sinterklaas.

zondag 8 november 2020

Bibliotheken in crisistijd : deel 13 : Crisis as usual


'Crisis as usual...' om met Banksy te spreken, dat is wel een beetje mijn gedachte na deze week.  Een week waarin bibliotheken weer dicht gingen, nee open, nee, wat eigenlijk? Ik neem u weer mee door een gekke week voor bibliotheken in crisistijd. Deel 13 inmiddels.

Dinsdag
Nog voor de persconferentie begint vind op dinsdag aan het eind van de middag de prijsuitreiking plaats van de Beste Bibliotheek van Nederland. Online dit jaar in het gebouw van de NBD|Biblion. Leuk georganiseerd overigens, gezien de omstandigheden. Wageningen, Eemnes, Tilburg, Groningen en Zoetermeer zijn de genomineerden. Alle vijf mooi kandidaten die het eigenlijk allemaal verdienen. Maar de Lochal in Tilburg gaat er met de prijs vandoor. Peter Kok, directeur van de bibliotheek Midden-Brabant, zegt dat hij de prijs met een dubbel gevoel in ontvangst neemt. Dit omdat hij weet dat hij dat prachtige gebouw opnieuw moet sluiten door corona.


Met het bord op schoot volgt dan de lang aangekondigde persconferentie kwam dinsdag. Bij kappers schijnt het extra druk te zijn geweest voor dinsdag. Mensen hadden verwacht dat wellicht contactberoepen ook weer zouden sluiten. 

En laat nou net in het weekend voor de persconferentie blijken dat de besmettingscijfers flink beginnen te dalen. Men heeft lang gewacht met extra stappen na het sluiten van de horeca. En dus vraagt iedereen zich af of extra maatregelen nog wel nodig zijn. Het nieuws dat bibliotheken zouden moeten sluiten zingt al lang rond. Maar in tegenstelling tot de sluiting in maart, is het geen directe sluiting maar hoeven bibliotheken pas op donderdag echt dicht. 


Woensdag
Op zowel dinsdag als woensdag is het druk in bibliotheken. Er wordt gehamsterd! Er staan rijen en mensen gaan met volle tassen de deur uit. Op twitter nemen sommige bibliotheekmedewerkers elkaar de maat: bibliotheken die twitteren dat het druk is, zouden nog meer drukte oproepen. Ik weet het niet hoor. Ik zie overal foto's met mensen die netjes in een rij staan met 1,5 meter ertussen.  Dat is echt een ander beeld van de sniffende en kuchende mensen die we vlak voor de vorige lock-down zagen. 

Uit de informatie die ik krijg van bibliotheken blijkt dat veel bibliotheken wel weten wat ze willen gaan doen als ze moeten sluiten. Sommige bibliotheken beginnen gelijk met een afhaal- of bezorgbibliotheek. Andere bibliotheken zeggen dat deze sluiting 'slechts' voor twee weken zal zijn en dat nu 'even' iets anders beginnen geen zin heeft. Maar waar in de vorige lock-down het nog even zoeken was, heeft nu eigenlijk iedere bibliotheek al heel snel zijn antwoord klaar. Het lijkt inderdaad 'crisis as usual'. Grappig om te zien hoe snel routine ontstaat.

Mijn collega Carola Oortwijn, twittert onderstaande filmpje met de opmerking dat de afhaalbieb weer is toegestaan. Het filmpje is een klassieker maar deze week toch weer een glimlach waard.


Ik zeg met opzet: het lijkt inderdaad 'crisis as usual' 

Want op woensdag aan het eind van de middag begint het Kamerdebat over de nieuwe coronamaatregelen. Dat debat duurt bijna tot middernacht. En  het gaat daar meerdere keren over de maatregelen die de bibliotheken treffen. Jesse Klaver dient een motie in over bibliotheken en buurthuizen.  De motie roept om voor de meest 'kwetsbaren in onze samenleving te zorgen dat er geen sprake is van generieke sluiting van openbare bibliotheken.' In de uitleg blijkt het dan vooral te gaan om huiswerkbegeleiding of spreekuren. De motie haalt het met algemene stemmen.

Waar we eerst dachten dat we in dezelfde situatie zaten als in maart, lijkt er nu toch meer mogelijk. Maar wat mag er nu precies?

Donderdag
Op donderdag puzzelt de VOB dan ook flink aan teksten om bibliotheken daarin richting te geven. Er worden daar overuren gemaakt want het is knap ingewikkeld. Want er worden wel regels gemaakt in Den Haag maar die moeten weer kortgesloten worden met veiligheidsregio's en in de praktijk vooral met gemeenten. En die blijken nog wel eens eigen afweging te maken. De ene gemeente staat wel iets toe, de andere niet. Het is maatwerk binnen een algemene regel. 

Vrijdag
Toine Heijmans publiceert in de Volkskrant van deze dag een vlammend betoog voor bibliotheken. Hij betoogt dat gratis lezen en leren van vitaal landsbelang is.  Hij  sluit af met: 
'Open bibliotheken! Maak alle overheidsinformatie daar gratis en anoniem toegankelijk - alles. Verplicht elke gemeente tot het onderhouden van van een bibliotheek. Duur? Een druppel uit het nationale groeifonds.'
Terwijl Heijmans dit schrijft over Tilburg is er in het oosten van het land, in Almelo, een heel andere coalitie ontstaan: die tussen politicus Lodewijk Asscher en cabaretier Herman Finkers. In een gezamenlijk artikel. Dat artikel wordt geplaatst in alle Stentor-, Tubantia- en AD-edities. Zij noemen de bibliotheek 'een magische plek' en een plek waar je veel meer kunt dan alleen boeken lenen maar ook huiswerk kunt maken, lessen volgen in taal en dé plek om een leesoffensief te starten. Zij roepen gemeenten en Rijk op om niet te bezuinigen op bibliotheken. Sterker nog: ze vinden dat er geïnvesteerd moet worden: 
'In plaats daarvan moet het stimuleringsfonds voor de bibliotheken juist worden uitgebreid zodat bibliotheken open kunnen blijven en in plaatsen waar de bieb verdwenen is er weer eentje geopend kan worden.'

Kopomhoog en gaan...

Ja, er wordt gezegd dat we twee weken moeten sluiten. Maar bij de vorige sluiting hebben we bewezen dat zelfs een sluiting ons er niet van weerhoudt om toch van waarde te zijn voor mensen. Laten we dat nu ook weer laten zien. De crisis is nog lang niet voorbij en er is genoeg te doen in de samenleving. Zoek wat wel kan in deze periode en ik weet zeker dat ieder vindt wat past bij zijn lokale omstandigheid. 

'Never waste a good crisis', zeggen ze wel eens. 

Als het gaat om de aandacht voor bibliotheken, is de crisis deze week zeker in ons voordeel. En wat ons werk betreft: kop omhoog en ook nu weer uitvinden waar we van waarde kunnen zijn.

Ondertussen liggen er nog wel 600 mensen op de intensive care. Je zou het bij alle persconferenties, kamerdebatten en krantenberichten bijna vergeten. 

zaterdag 31 oktober 2020

Hoe een boek je blik kan veranderen: Anton de Kom

Deze week even niets over bibliotheekwerk. Ik ga u weer eens helpen aan een goed boek. De afgelopen weken las ik de biografie over Anton de Kom van Alice Boots en Rob Woortman. Het bleek een boek dat mijn blik veranderde. Zoals boeken dat kunnen doen...

Wat weet u van Suriname?

Laat ik beginnen met een vraag: 'Wat weet u van de geschiedenis van Suriname?' Eerlijk zeggen. Ik hoor links al de naam Bouterse, daar rechts Brunswijk, heel goed. Hier middenvoor zegt iemand zachtjes 'decembermoorden'. Weet u nog welk jaar? 

Ik zal u wat op weg helpen. Suriname is een voormalige kolonie die we sinds 1667 hebben uitgebuit. Holland kreeg Suriname tijdens één van de vele oorlogen met Engeland.  Het was een uitruil tegen New York. 

Ons land ging zich in deze kolonie te buiten aan slavenhandel en schafte de slavernij als één van de allerlaatste landen pas af in 1863. Overigens niet uit vrije wil maar omdat de internationale gemeenschap Nederland daartoe dwong. Lekker volkje dus, die Nederlanders. 

Overigens waren de slaven niet gelijk vrij maar waren ze na 1863 nog een keer 10 jaar verplicht om bij de huidige werkgever te blijven tegen een vooraf vastgesteld loon. In naam was men geen slaaf meer maar in de praktijk zat het er nog niet ver naast.

Wie was Anton de Kom?

Anton de Kom is één van de grote Surinaamse helden. Goede kans dat u hem niet kende en als u hem wel kende was het omdat hij onlangs is toegevoegd aan de Canon van Nederland. Hij is geboren in 1898 in Suriname en zijn vader is nog als slaaf geboren. Anton is de eerste generatie die 'vrij' opgroeit. Hij gaat naar school en wordt boekhouder. In Suriname kan hij niet echt verder in zijn werk omdat 'witte' mensen met minder capaciteiten toch altijd voor gaan. Hij vertrekt in 1921 naar Nederland om daar zijn geluk te beproeven. Dat lukt zowel in zijn werk als in de liefde. Hij is een gerespecteerd koffiehandelaar en trouwt met de Nederlandse Nel. Zo'n gemengd huwelijk was uiterst uitzonderlijk. 


Wij slaven van Suriname

Naast zijn werk, schrijft en dicht hij en in die tijd begint hij ook aan het boek waar hij nu nog bekend om is: 'Wij slaven van Suriname'. Het is een boek dat vanuit Surinaams perspectief terugkijkt op de slavernij en dat de Surinamers oproept het minderwaardigheidscomplex van zich af te werpen en meer collectief zelfbewustzijn te creëren. Het duurt overigens jaren voor het boek zal uit komen. Velen noemen dit boek de Surinaamse Max Havelaar.

Als in 1932 zijn moeder ernstig ziek is, gaat hij terug naar Suriname. Hij heeft niet direct werk maar hij werpt zich op aan een soort sociaal raadslid en helpt velen met allerlei problemen. Een soort sociale advocatuur. Hij maakt zich onder andere hard voor de Javaanse medewerkers in Suriname die niet altijd goed behandeld worden en soms niet kunnen terugkeren naar hun land. De Nederlandse koloniale autoriteiten zien in De Kom een subversief element tegen het koloniale bewind en ze pakken hem op en sluiten hem op. De kolonialen waren goed in het bewerken van hun gevangenen. Eerder hadden ze mensen die zich verzetten al hun levenslang laten opsluiten in gestichten. Vele Surinamers komen demonstreren bij de gevangenis om vrijlating te eisen. 

Nederlands verzetsheld

De autoriteiten kiezen er voor om De Kom te verbannen naar Nederland. In Nederland trekt hij veel op met communisten en dat zal hem nog lang aankleven. Hij was overigens geen lid van de communistische partij.  Zijn contacten en schrijfwerkzaamheden zorgen er wel voor dat hij in de Tweede Wereldoorlog in het verzet terecht komt. In augustus 1944 wordt hij hiervoor opgepakt en hij overlijdt in april 1945 nabij kamp Neuengamme. Hij haalt dus net niet de bevrijding. 

Herontdekt

In de jaren '60 en '70 vindt eigenlijk pas de echte doorbraak van De Kom plaats. Surinaamse studenten in Nederland herontdekken hem en nemen hem mee naar Suriname. Langzaam begint hij dan de plek te krijgen die hem toekomt. De Kom was duidelijk iemand die het DNA en zelfbewustzijn van Suriname heeft verrijkt. Als nationale held heeft dat ook wel zijn keerzijdes. Zo heeft Bouterse een beeld van De Kom ook jarenlang gebruikt als achtergrond bij zijn optredens. Dit tot ergernis van de kinderen van De Kom. 

Ogen open

Het boek opende voor mij echt een nieuwe wereld. Ik merk zelfs dat ik wat besmuikt ben om als 'witte' iets over een 'zwarte' te schrijven. Omdat ik dankzij dit boek beter snap hoe gevoelig ons optreden als 'witte' kan liggen. Wij, witte Nederlanders, hebben eeuwenlang een land uitgebuit en leeggeroofd. En we hebben bijster weinig geduld nu het land op eigen benen staat of als van ons gevraagd word om het sinterklaasfeest aan te passen. Tientallen generaties Surinamers hebben we door slavernij van hun vrijheid beroofd. En als tegenprestatie gedragen wij ons nu als een stampvoetend kind, nu er iets gezegd wordt van ons sinterklaasfeest en de zwarte piet. Onze rijkdom bestaat slecht bij de gratie van hun eeuwenlang armoede.

De geschiedenis van Suriname

Ik vroeg u aan het begin wat u weet van de geschiedenis van Suriname. Wat denkt u dat de kinderen in Suriname voor de oorlog leerden over hun eigen geschiedenis? Die leerden over Willem van Oranje, over de tachtigjarige oorlog, over Koning Willem I, II en II. Precies, het geschiedenisonderwijs in Suriname was een kopie van dat in Nederland. Over hun eigen land, zo was de opvatting, hoefde men niets te leren. Eeuwenlang hebben wij - witte Nederlanders - hen geleerd dat ze eigenlijk niet bestaan. De grote verdienste van De Kom is dan ook dat hij Suriname haar geschiedenis teruggaf en daarmee een deel van haar identiteit.

Zoals we als kolonialisten toen Surinamers alleen over Nederland leerden en hun geschiedenis ontkenden, zo ontkennen we nu onze eigen slavernijgeschiedenis en de schade die we daarmee hebben berokkend. De lompe opmerking van minister Stef Blok die Suriname een paar jaar geleden een 'failed state' noemde, slaan dan ook vooral terug op ons Nederlanders die veruit het langste aan het roer stonden in dit land.

Verbindend figuur voor Suriname én Nederland

Anton de Kom is in die zin een prachtig verbindende figuur voor zowel Nederland als Suriname. Opgekomen voor het zelfbewustzijn van de Surinamers en tegelijkertijd Nederlands verzetsheld. Zijn geschiedenis leest als een jongensboek met helaas trieste afloop.  Zijn geschiedenis is een verrijking voor zowel Suriname als voor Nederland. 

Wie het boek wil lenen: hier kun je het vinden.

zondag 25 oktober 2020

Huis van Eemnes: een Lochal op dorpsniveau


Wie denkt dat je een grote stad nodig hebt om een monumentale bibliotheek te bouwen moet eens gaan kijken in Eemnes. Met het Huis van Eemnes is er een prachtig multifunctioneel pand ontstaan dat de strijd met het Forum van Groningen of de Lochal in Tilburg best aan kan. Zeker als je bedenkt dat dit pand niet is neergezet voor een stad van 200.000 inwoners maar voor een dorp (sorry meneer Deckers, het is een stadje..)  van een kleine 9.000 inwoners.

Op een mooie vrijdag had ik een afspraak in Almere en op de terugweg reed ik langs Eemnes. Ik twijfelde geen moment, draaide de snelweg af en dook het dorp in. Dat was een hele goede keus van mij. Want binnen enkele minuten stond ik in het huis van Eemnes, tevens de nieuwe bibliotheek van dit gemoedelijke dorpje.

Naast de organisatie van het Huis van Eemnes zelf zitten er naast de bibliotheek ook een sporthal, een brasserie en een kleine theaterzaaltje in het pand. Eigenlijk alles wat je nodig hebt om podium en huiskamer van het dorp te zijn. Het is een fitnesscentrum voor lichaam en geest!

Het huis van Eemnes noemt zichzelf de tweede huiskamer en werd op 25 januari van dit jaar geopend. Net voor de lock-down inderdaad. Dat was natuurlijk een valse start maar als ik op vrijdag het pand binnenloop is het er toch aangenaam druk. Het pand oogt overmaats en dat is in deze tijd zeker geen nadeel. Als ik rondloop - een bijzonder aardige dame van de bibliotheek leid me even rond - wordt er op veel plekken gestudeerd door jonge mensen. 

Lochal in het klein

Er is een klein BiebLab waar elke week een programma rond 21e-eeuwse vaardigheden plaats vindt. Er is een kleine zaal voor instructies of kleine lezingen en een mooie en functionele jeugdbibliotheek. Op veel plekken in de ruimte kan met groepen worden gewerkt in de open ruimte. Want naast het theaterzaaltje en de instructieruimte kent ook de de jeugdbibliotheek een mogelijkheid om gebruikt te worden door groepen en kan ook de grote trap in de open ruimte gebruikt worden voor lezingen. 

Alles bij elkaar moet je eigenlijk constateren dat eigenlijk alle functionaliteiten die je in de Lochal tegen komt ook in het huis van Eemnes zitten. Maar dan wel op de schaal van Eemnes. Behalve de openingstijden: open van 8.30 uur tot 23.00 uur. Ja, ook nu. 

Horeca

De horeca wordt verzorgd door een horeca-exploitant die zowel de bibliotheekbezoekers, de theaterbezoekers als de sporters van een hapje en drankje kan voorzien. Op het moment dat ik het bezoek is de horeca noodgedwongen gesloten ondanks het feit dat deze meer dan ruim is opgezet. 

Aat Vos tekende samen met MARS interieurarchitecten voor de inrichting van deze bibliotheek en voor zijn doen is het een 'lichte' inrichting. Bij andere bibliotheken maakte hij meer gebruik van zwart en een diffuser gebruik van licht. Ik moet zeggen dat ik die keus voor lichtheid - mede ingegeven door de wensen van de medewerkers - zeker kan waarderen. Ik ben overigens ook wel benieuwd hoe het er 's avonds uitziet omdat er veel gewerkt wordt met daglicht, denk ik dat de sfeer in het gebouw zich 's avonds goed aanpast. 

Gemeentebestuurders: ga kijken in Eemnes!

Je hoeft geen Groningen of Tilburg te heten om een puik bibliotheekgebouw neer te zetten. In Eemnes is men er bijzonder goed in geslaagd om een mooie combinatie van functies bij elkaar te brengen. Het is dan ook helemaal terecht dat het Huis van Eemnes meedingt naar de prijs van Beste Bibliotheek van Nederland. Daar kun je nog op stemmen tot 1 november. Overigens is het Huis van Eemnes één van de acht vestigingen van de bibliotheek Gooi en Meer en zeker niet de grootste.

In die strijd om Beste Bibliotheek neemt Eemnes het op tegen inderdaad Groningen en Tilburg maar ook tegen Zoetermeer en Wageningen. Voor de jury valt er dit jaar zeker wat te kiezen: de iconen Tilburg en Groningen, het maatschappelijk hart Zoetermeer, het eigenzinnige maar bewezen en veel bezochte Wageningen of toch de kracht van het dorp Eemnes? Ik wens ze allemaal de prijs toe.

Eemnes is een voorbeeld van wat je ook in dorpen (en natuurlijk ook kleine stadjes meneer Deckers) kunt bereiken. En eerlijk gezegd: er zijn meer plaatsen zoals Eemnes dan steden zoals Groningen of Tilburg. Dus beste gemeentebestuurders met een dorp: ga kijken in Eemnes want daar valt nog veel te leren over wat met samenwerking is te bereiken.

Het zou een gewaagde keus zijn van de jury van de Beste Bibliotheek om te kiezen voor Eemnes. Maar eerlijk gezegd zijn er genoeg argumenten te verzinnen. Ik wens alle genomineerden veel succes!

dinsdag 20 oktober 2020

De leescrisis, gelijke kansen, gemiste kansen en de minister van lucht

Heel soms ben ik teleurgesteld in de politiek. De afgelopen week was zo'n week. Het ging over het leesoffensief en de beleidsbrief hierover van de ministers Slob en Van Engelshoven. Nadat Arjen Lubach zich met de leescrisis was gaan bemoeien had ik gedacht, dat er nu echte stappen zouden volgen. Ik neem u mee in mijn teleurstelling.

Op de eerste plaats: Ik heb iedereen die zich inzet in de politiek hoog zitten. Of je nu minister, burgemeester of gedeputeerde bent, het zijn rotbanen.  Iedereen weet het namelijk altijd beter,  je doet het nooit goed en je verdient een fractie van wat je in het bedrijfsleven zou hebben verdiend.

Arie Slob, onze huidige minister van Onderwijs, heb ik een paar keer ontmoet. Eén keer in zijn functie als directeur van het HCO en een paar keer tijdens verschillende halve marathons die we allebei liepen. Hij harder dan ik trouwens. Altijd vriendelijk en voorkomend. 

Ingrid van Engelshoven heb ik nooit persoonlijk ontmoet. Wel heb ik haar als wethouder van Den Haag ooit een bevlogen verhaal horen vertellen over het leren van de Nederlandse taal tijden een bijeenkomst van Oefenen.nl. 

Allebei goeierikken dus. Zo, dat is maar vast gezegd.

Het probleem: 1 op de 4 jongeren laaggeletterd

Het item van Lubach was grotendeels gebaseerd op het Pisa-rapport. In februari van dit jaar behandelde ik hier dat rapport al en ik noemde dit rapport het luchtalarm van de leescrisis. Uit dat rapport blijkt dat 24% van de 15-jarigen zo slecht kan lezen en schrijven dat deze als volwassenen laaggeletterd zijn. Dat percentage was  zes jaar eerder - schrik niet - 14%. En wie de cijfers binnen Europa vergelijkt ziet dat Nederland is afgegleden naar ongeveer het slechtste jongetje van de klas. Met name op leesmotivatie scoren Nederlandse kinderen dramatisch. Lubach noemt dat de leeshaat.

Met andere woorden: wie het tij wil keren, heeft niets aan halve maatregelen. Met ongewijzigd beleid gaat het percentage jongeren dat laaggeletterd is gewoon verder stijgen. Wie zich afvraagt waarom er steeds meer volwassen laaggeletterden zijn: hier zit dus het lek. En zolang die kraan niet dicht gaat, is het dweilen met de kraan open. In die zin zijn taalhuizen de symptoombestrijders van te weinig aandacht voor taal en lezen bij kinderen.


De Leescoalitie: Tijdvooreenleesoffensief.nl

Toch is er goed nieuws. Er is een leescoalitie die zich hiervoor inzet. Met heus manifest voor een leesoffensief. U vindt dat manifest hier.  

Even ter herinnering: In 2012 werd de Leescoalitie opgericht. Een samenwerkingsverband van toen CPNB, Stichting Lezen, Stichting Lezen & Schrijven, SIOB (nu: KB) en VOB. Bij het bibliotheekcongres in 2014 presenteerde Prinses Laurentien de ambities van de leescoalitie en ik heb ze later nog vaak gebruikt:

In 2025 verlaat geen kind de school met een leesachterstand en 

In 2025 is elke volwassenen geletterd of in een traject op weg daar naar toe.

Het was in de Beurs van Berlage dat ze deze woorden uitsprak tegenover honderden bibliothecarissen. Het werd stil... en iedereen begreep dat dit een ambitieuze maar broodnodige doelstelling was. 

Van de leescoalitie heb ik daarna niet zo heel veel meer gehoord. Tot nu gelukkig. Want het manifest waar men mee komt bevat wel een aantal aanknopingspunten:

Zo stelt het dat:

Lezers worden gemaakt, niet geboren. Het Leesoffensief heeft als uitgangspunt dat alle inwoners van Nederland een goede leesvaardigheid ontwikkelen. Lezen, goed kunnen lezen, zou kabinetsbreed beleid moeten zijn.
Dus beste volksvertegenwoordigers: werk aan de winkel. Kom met beter en intensiever beleid dan er is.

Tegelijkertijd stel het dat:

De Leescoalitie roept daarom alle onderwijs- en leesbevorderingsorganisaties, en iedereen die zich inzet voor lezen, op tot een Leesoffensief. Alleen samen kunnen wij het tij keren. Het Leesoffensief zien wij als een beweging van onderwijs-, leesbevorderings- en andere relevante maatschappelijke organisaties die het belang van lezen maatschappelijk en politiek agenderen vanuit een gezamenlijk gedragen visie.

Dat is een mooie balans. Het mes moet aan twee kanten snijden: meer aandacht van de politiek maar ook nog meer samenwerking tussen alle partijen die zich voor onderwijs en leesbevordering inzetten.

Hier word ik blij van. Het was nog mooier geweest als er ook al een bedrag was genoemd. Mensen die er verstand van hebben, zeggen dat dat nog te vroeg is. Daar word ik dan weer moedeloos van... We zijn al van 14% naar 24% laaggeletterdheid gegaan onder 15-jarigen. Hoe lang wil je dan nog wachten met ingrijpen?

Beleidsbrief Slob en Van Engelshoven over Leesoffensief

Op dezelfde dag dat de Leescoalitie het manifest openbaarde, stuurden de ministers Slob en Van Engelshoven de beleidsbrief over het leesoffensief naar de kamer. Een afgesproken een-tweetje dus.

De twaalf pagina's tellende brief start met:

Kinderen leren lezen is een van de belangrijkste doelen van het onderwijs. Leesvaardigheid is nodig om kennis te vergaren, kritisch te zijn op informatiestromen en om mee te kunnen doen in de maatschappij. Wij maken ons zorgen over de leesvaardigheid en het leesplezier in Nederland. We zien al een aantal jaren dat het leesplezier daalt, en we zien ook dat de leesvaardigheid van met name zwakke lezers daalt. We vinden dit onacceptabel en leggen ons hier niet bij neer. 

Dat is een hoopvol begin... men gaat zich er niet bij neerleggen.  Maar daarna voel ik mezelf tijdens het lezen in een moeras zakken. Er komt een technische analyse wat er mis gaat in het onderwijs en er worden speciale doelgroepen benoemd.

Daaruit vloeien voor de ministers drie actielijnen:

1) Een betere structurele verankering van leesvaardigheid in het onderwijs 

2) Stimuleren van meer leesplezier 

3) Actie-agenda met maatschappelijke partners 

Bij die drie lijnen noemen ze telkens allerlei projecten die al lopen, hoe belangrijk ze zijn en dat we daarmee door moeten.

Het gaat niet om een klein probleem of beperkte doelgroepen

En daar gaat het naar mijn gevoel mis in de brief.... Als het hier zou gaan om een klein probleem voor een beperkte doelgroep zou dat allemaal kloppen. Dat los je op met een paar projecten. 

Maar het is geen klein probleem en het gaat niet om beperkte doelgroepen! Als een kwart van de jongeren laaggeletterd is, moet er iets fundamenteel anders, is er veel meer gevoel van urgentie nodig en bovenal: veel meer inzet.

Waar ik ook kijk in de brief: er wordt niets nieuws aangekondigd. Niet anders dan dat het met curriculumvernieuwing maar mee moet. Het onderwijs moet hier het gevoel krijgen dat zij het zoveelste probleem zelf mogen oplossen. En misschien dat het nu nog niet lukt want we hebben onze handen ook nog vol aan corona. 

De beleidsbrief stelt:

Tegelijkertijd is het in de huidige situatie, waarin de coronacrisis scholen in zijn greep houdt en het uiterste vergt van schoolleiders en leraren, niet eenvoudig om dit complexe probleem van teruglopende leesvaardigheid en teruglopend leesplezier aan te pakken en er extra aandacht aan te besteden. 

Deze minister stelde onlangs 360 miljoen beschikbaar voor de verbetering van luchtventilatie op scholen. 360 miljoen omdat op 11% van de scholen het systeem onvoldoende was. Het PISA-rapport stel dat 24% van de jongeren laaggeletterd is... Welk bedrag denkt u dat er in de brief staat?

Leest u even mee en kijkt u even mee of u het bedrag kunt ontdekken voor de crisis die groter is dan de luchtventilatie:

Bij alle betrokken partijen die wij in de afgelopen maanden hebben gesproken, is het besef aanwezig dat het tij gekeerd moet worden en dat alle Nederlandse leerlingen goed moeten kunnen lezen als zij van school af komen. Er is echter nog een slag te maken tussen dit besef en de daadwerkelijke aanpak op scholen. Het leesoffensief moet ervoor zorgen dat vereende krachten en een gecombineerde inzet op zowel korte als lange termijn leidt tot een duurzame verandering in het leesonderwijs en in de leescultuur. 

Ik keek nog een keer goed. Hield hier de brief op? Miste er niet een velletje? Nee, hier hield het op. 360 miljoen voor ventilatiesystemen. Voor de leescrisis een paar lieve woorden. 

Lobby!

Mensen die wijzer en geduldiger zijn dan ik, zeggen dat er nog beleid komt na deze brief. Dat het opgebouwd wordt. Dat het iets wordt van de nieuwe regering en het regeerakkoord.  Als dat zo is, is het vooral een oproep aan onszelf als bibliotheken om een krachtige lobby in te zetten. Niet alleen maar samen met vele partijen uit onderwijs en maatschappelijk middenveld.

Voor goede taalontwikkeling moeten leeskilometers worden gemaakt. Daar kunnen scholen, kinderopvang, bibliotheken en ouders elkaar de hand reiken. Bibliotheken kunnen daar collectie, expertise en enthousiasme in aanbieden. Bibliotheken zijn een schakel. We hebben iedereen nodig om dit tij te keren.

Beste ministers, dank voor jullie werk en jullie zullen er ook alles aan proberen te doen. Ik twijfel er geen moment aan. Maar ik, als bibliothecaris begin langzaam de hoop te verliezen. In 2014 hoorde ik de grote ambities voor 2025. Daar heb ik me achter geschaard en voor ingezet. 

Bibliotheken hebben dwars door de banken- en Eurocrisis op 50% van de basisscholen een leesprogramma en een schoolbibliotheek opgezet. En dat terwijl onze budgetten krompen. We hebben 20%-25% van ons personeel omgeschoold naar leesconsulenten. Er zijn taalhuizen opgericht met veel betrokken en vrijwillige taalmaatjes. 

Dat alles gedaan en ondertussen overal bezuinigingen. 

Wij willen ons bijdrage leveren aan het oplossen van de leescrisis. We willen ook op de tweede 50% van de basisscholen een leesprogramma en een schoolbibliotheek starten. We willen alle VO-leerlingen helpen met het boek dat hen raakt. We willen nog meer ouders helpen om voor te lezen. 

Leesplezier zorgt voor gelijke kansen

Maar bovenal willen we leesplezier maken. Want plezier is een motor die zorgt dat je er mee doorgaat. Overal lees ik in verkiezingsprogramma's over gelijke kansen. Die gelijke kansen beginnen echt met gelijke kansen in taal. En gelijke kansen in taalontwikkeling begint met (voor)leeskilometers.

Leesplezier zorgt voor gelijke kansen. En daar niet in investeren is naar mijn gevoel een gemiste kans. Stop met dweilen terwijl de kraan nog open staat. Zorg dat jongeren geen leesachterstand oplopen. Met meer voorleesplezier thuis of in de kinderopvang met minder achterstand naar het basisonderwijs. Met meer leeskilometers in het basisonderwijs gaan kinderen naar een hoger schoolniveau. En met mooie leesprogramma's in het voortgezet onderwijs zorgen we zo dat dat percentage laaggeletterde jongeren eindelijk teruggedrongen wordt. 

Mogelijk? Zeer zeker! Maar bij bibliotheken zit geen lucht meer om te investeren. En sorry minister, dit luchtprobleem los je niet op met een ventilatiesysteem. Minister van Engelshoven had het in haar beleidsbrief bij de evaluatie van de WSOB nog over 90 miljoen om ervoor te zorgen dat in het hele onderwijs de bibliotheek op school mogelijk was. En als u met zo'n bedrag tegelijk gemeenten verleid om mee te doen, kijk, dan verleidt u tot het nemen van echte verantwoordelijkheid. 

Zorg dat u de minister van onderwijs en leesplezier blijft en niet de minister van lucht. Geef lucht aan leesplezier.