Posts tonen met het label Leven lang leren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Leven lang leren. Alle posts tonen

donderdag 22 februari 2018

De minister-president spreekt de bibliotheken toe


Het komt zelden voor dat de minister-president zich bemoeit met openbare bibliotheken. Een minister of staatssecretaris zien we nog wel eens maar een minister-president? Nee. Eén van die unieke momenten was er echter in 1975 toen minister-president Den Uyl het bibliotheekwerk toesprak. De reden was de installatie van de Bibliotheekraad die weer gelieerd was aan de bibliotheekwet die werd ingevoerd in 1975. Het Rijk nam het heft in handen als het ging om bibliotheken. Overal moest het gelijke recht op informatie komen.

Het is bijzonder om delen van zijn toespraak in het huidige licht nog eens terug te lezen. Contouren van de moderne maatschappelijke educatieve bibliotheek komen voorbij: bibliotheek op school een leven lang leren en informatievaardigheden.  En tegelijkertijd: het geloof in de maakbaarheid van de samenleving door oprichting van allerlei instituten was enorm.

Lees nog eens mee wat hij die ochtend vertelde.

Over spreiding van kennis
Over waarom hij de zaal toespreekt die ochtend:
"Het eerste argument is dat de minister-president van een regering dei spreiding van inkomen en macht als doelstelling heeft aanvaard, niet heen kan om de spreiding van kennis. En met die spreiding van kennis heeft het bibliotheekwezen alles van doen"

"De overheid die lezen bevordert, een overheid die het bibliotheekwezen in belangrijke mate financiert, hanteert een tweesnijdend zwaard. Ik heb de revolutie van het midden van de zestiger jaren nooit los kunnen zien van de verbreding van het algemeen vormend onderwijs, het opbloeien van het bibliotheekwezen, zoals die in de na-oorlogse periode zijn beslag kreeg. Het verstrekken van informatie is geen vrijblijvende bezigheid. Kennis wordt gebruikt ten goede en ten kwade. Spreiding van kennis is allerminst een garantie voor het rustig houden van de maatschappij. Ik zou willen zeggen het tegendeel. Toch kiest het kabinet, toch kiest de regering voor een actief informatiebeleid, voor spreiding van kennis. Maar juist omdat kennis en informatie niet alleen gebruikt maar ook misbruikt kunnen worden, daarom moeten aan het overheidshandelen op dit terrein twee eisen worden gesteld. In de eerste plaats dient de overheid het gelijke recht van een ieder op informatie te verwerkelijken en in de tweede plaats moet de overheid zo goed mogelijk waken voor de veelvormigheid en de compleetheid van de informatie, als u wilt met de term die ik ontleen aan het onderwijs, waken voor de de deugdelijkheid van de informatie. Dat zijn e twee centrale uitgangspunten die de regering hanteert waar het gaat om de spreiding van kennis."

"Wel nu, mijn basisstelling van vanmorgen is dat dat zo gemakkelijk gesloten circuits van kennis, macht, inkomen en bezit doorbroken kan en moet worden door een doelbewust proces van informatie en educatie. Noodzakelijke voorwaarde voor spreiding van kennis is spreiding van educatie en informatie, het scheppen van concrete mogelijkheden voor vrije toegang tot gegevens en feiten en het zelfstandig en kritisch leren omgaan met beschikbare informatie.
Fundament daarvoor wordt gelegd in de vroegste kinderjaren en in de eerste schoolperiode, de jaren van basis-, het funderend onderwijs. Verruiming van scholingsmogelijkheden en grotere toegang tot informatie zal juist ten goede moeten komen aan diegenen die tot dusver nog zo weinig deelden in de spreiding van kennis, de mensen in de achterstandssituaties."

Contributievrijdom, bibliotheek op school en een Leven Lang Leren
"Het is die achtergrond ook die ertoe heeft geleid dat de bibliotheken gratis toegankelijk zijn gemaakt voor jongeren tot 18 jaar. De gunstige invloed van de contributievrijdom blijkt uit, ik neem een voorbeeld,  de cijfers van het filiaal Diemen van de openbare bibliotheek van Amsterdam, waarin in  1972 de contributievrijdom werd ingevoerd. Dat was in 1974 98,5 procent van de jongeren tussen 14 en 17 jaar ingeschreven en van de nog jongere groep bijna 74 procent. Dat betekent praktisch een verdubbeling ten opzichte van het laatste jaar 1971 van voor de invoering van de contributievrijdom. Aan de vorming van jonge mensen die zelf de informatie die ze willen hebben weten op te zoeken en te vinden dragen uiteraard ook de schoolbibliotheken en de school-documentatiecentra bij. Een goede relatie tussen school en openbare bibliotheek heeft ertoe bijgedragen den in '74 van het totaal aantal ingeschreven lezers bij openbare bibliotheken van 2,3 miljoen ongeveer de helft tot de jeugd behoort, hoewel het aandeel van de jeugd in de totale bevolking maar een derde is. Jongeren gaan meer naar de bibliotheek dan ouderen vandaag de dag.
Voor wie jong heeft geleerd bibliotheken en centra voor documentatie als verschaffers van informatie te gebruiken en te hanteren, i shet in latere jaren ook geen probleem meer om gegevens en informatie te verkrijgen op het terrein van de de vorming en ontwikkeling voor volwassenen. Voor de concretisering van de voornemens die ik zoëven schetste, wordt gewerkt vanuit het principe van durende vorming. Ik heb begrepen dat dit zo langzamerhand de standaardterm is voor het levenslange leren."

Over-informatie en informatievaardigheden
"De bibliotheek is geworden tot een kanalisator van een overstelpende informatiestroom. Een zelfstandig vak, een eigen wetenschap met een eigen object van onderzoek, met eigen methoden en technieken. In toenemende mate dringt zich de vraag op of in de het bijzonder aan de bibliotheek niet de taak is gegeven en behoort te worden gegeven om een dam op te werpen tegen de de over-informatie. De informatie-explosie heeft immers in vele opzichten geleid tot een over-informatie die in de samenleving een permanente ruis veroorzaakt waarin niemand meer iets kan horen. En de zin van informatie is dat informatie begrepen en gehoord kan worden."

Over een landelijk bibliotheeksysteem
"Nog een andere opmerking. Het principe van de durende vorming, de education permanente, het levenslange leren, vraagt dat er voor iedereen gedurende zijn hele leven studiemogelijkheden, dus mogelijkheden tot het verwerven van informatie aanwezig, bereikbaar en toegankelijk zijn.  ... Voor het tot stand brengen van spreiding van kennis en gelijke kansen op toegang tot informatie is het nodig dat het bezit van grote informatiecentra zoals b.v. de universiteitsbibliotheken ook duidelijk toegankelijk is. Dit zou wellicht kunnen worden bereikt via een samenhangend bibliotheeksysteem dat in vloeiende lijn alle literatuur in Nederland bereikbaar en toegankelijk maakt en mogelijkheden biedt om ook de grote buitenlandse centra te benutten. Uiteraard gaat het daarbij om een toegankelijkheid in dubbele zin. Aan de ene kant de ideële toegankelijkheid die niemand uitsluit, aan de andere kant een technische toegankelijkheid waarvoor de ontwikkeling van goede, eenvoudig hanteerbare catalogusapparaten van wezenlijk belang is."

Stevige visie in een eigen tijdsbeeld
Het blijft vermakelijk om zo af en toe terug te duiken in de tijd. Wat een stevige visie liet de minister-president hier zien! Hij had een beeld van hoe hij Nederland verder wilde helpen en liet bibliotheken hier op een stevige rol in spelen.  En tegelijkertijd: Den Uyl was een kind van zijn tijd met woorden van die tijd. Industrieën gingen failliet en de kennissamenleving kwam op. Er waren arbeiders 2.0 nodig die meer konden dan alleen met hun handen werken.

1975-2015:  Ingevoerd, afgeschaft en weer ingevoerd
De bibliotheekwet werd ingevoerd, het aantal vestigingen explodeerde en jeugdleden stroomde massaal toe. Tot begin jaren '80 er toch zware bezuinigingen volgden en bibliotheken via de Welzijnswet toch weer volledig naar de gemeentelijke verantwoordelijkheid gingen. In 2015 werd de bibliotheekwet weer ingevoerd maar nu als 'stelselwet'. Een wet waarin de gelaagdheid werd benadrukt en het samenspel de benodigde kracht moest opleveren.

Een speech voor Mark Rutte?
Ziet u Mark Rutte het bibliotheekwerk al toespreken? Waarom niet eigenlijk? Hij zou kunnen ingaan op de grote problemen die laaggeletterdheid bieden. Problemen die mensen hebben als geen formulieren kunnen invullen of niet met computers over weg kunnen. En dat bibiotheken daar als een spin in het web samen met allerlei partners zouden kunnen functioneren. Jos Debeij verteld op de Digisterkerdag over een pact om 1.000.000 burgers over de digitale kloof te helpen. Zou mooi zijn als we Mark Rutte zo ver zouden kunnen krijgen. Ik acht de tijd er overigens wel rijp voor. Uiteraard zouden we nu niet pleiten voor nog meer instituten maar voor meer samenwerking tussen professionele partners en burgerkracht. En dat dan weer gecombineerd met slimme technologie.

Zo heeft elke tijd zijn vorm. Maar de richting lijkt onveranderd: mensen op weg helpen in de samenleving.

De tekst en foto's komen uit het boek "10 jaar Bibliotheekraad 1975-1985", 1986 en komt uit de collectie waar ik eerder over schreef met bibliotheekadvertenties en de handleiding voor het leenverkeer in 1972 

woensdag 25 maart 2015

De bibliotheek als platform voor persoonlijke ontwikkeling..... in één minuut


 
Wie zegt dat de bibliotheek niet meer van deze tijd is, komt te weinig in een bibliotheek. Wie er eens een middag voor uit zou trekken om te zien wie er allemaal binnen komen, wie wie ontmoet en wat er allemaal gebeurt, weet dat de bibliotheek inderdaad die ontmoetingplek is waar je ongeacht je achtergrond altijd welkom bent voor je persoonlijke ontwikkeling..... Kijk maar.

dinsdag 10 juni 2014

Hoe een rapport een spel werd.... : Best practices Leven Lang Leren


Afgelopen vrijdag werd in Zwolle een mooie conferentie georganiseerd voor de Overijsselse en Gelderse bibliotheken. Het thema: 'Op waarde geschat' over waardecreatie en verdienmodellen voor bibliotheken. Een dag waarop ik mijn eindresultaten van mijn onderzoek naar Best Practices van een Leven Lang Leren mocht presenteren.

Giep Hagoort en Astrid Vrolijk
Een genoeglijke dag met onder andere prof. Giep Hagoort, de uitvinder van het woord 'cultureel ondernemerschap' in Nederland. Hij ging samen met Astrid Vrolijk, directeur van de Bibliotheek Zwolle in op het langdurige onderzoek dat zij samen doen naar verdienmodellen van bibliotheken in Nederland. De eerste resultaten van onderzoek en interviews waren beschikbaar. Zij delen bibliotheken in op de hoofdkenmerken: missie, organisatie, gebouw of kennis. Bibliotheken die in Nederland goed bekend staan scoren op minimaal één van deze kenmerken het predicaat 'excellent'. Een interessant gegeven. Vooral ook  omdat matig scoren op alle vlakken tot minder resultaat leidt dan excellent scoren op één van de kenmerken. En bovendien laat dit model veel ruimte voor meerdere verdienmodellen die afgestemd zijn op de lokale situatie.

Yvonne Sinkeldam
Yvonne Sinkeldam presenteerde in het middagdeel de eerste uitwerkingen van een werkmodel voor de participerende burger. Het is een model dat mooi inzicht geeft in wat de participerende burger nodig heeft en waarin de bibliotheek ondersteuning kan bieden. Als ik bibliotheekdirecteur was zou ik dat model koppelen aan mijn dienstverlening en zou ik daarmee een prachtig verhaal voor mijn gemeente hebben.


 
Het eindrapport!
Aan mij de eer om de conferentie in de middag af te sluiten. De tien voorbeelden waar ik de afgelopen tijd over geblogd had, passeerden natuurlijk de revue maar ook de eindconclusies waarin vijf observaties doe en drie cruciale factoren voor de toekomst benoem. Die drie cruciale factoren zijn 1) unieke faciliteiten 2) onverwachte activiteiten en 3) excellent ondernemerschap en samenwerking. Binnenkort ga ik daar nog wat meer op in, in verschillende blogs.

Het rapport zie je hierboven. Het bestaat uit een flinterdun boekje - flinterdun trouwens - maar tevens uit een spel. Een spel dat is afgeleid van het ouderwetse advertentiespel waar je drie kaartjes met een net niet bij elkaar horende tekst achter elkaar legde. Daarbij combineren we op een grappige manier bovengenoemde factoren. Ik denk dat het maken van nieuwe en onverwachte verbindingen in de samenleving wel eens de belangrijkste kwaliteit van bibliotheken kan worden.

Ik heb volop van de dag genoten. Zoals gezegd, ik zal over de overige uitkomsten van het rapport binnenkort een aantal blogs wijden. Stay tuned!

maandag 27 januari 2014

Coursera : of het einde van het businessmodel van onderwijsinstellingen : Best Practices Leven Lang Leren : 10



Ons laatste voorbeeld in de rij 'Best practices'. Niet dat er niet meer Best Practices zijn maar ergens moet een grens zijn en mijn insteek was vooral ook om verschillende modellen voorbij te laten komen.

Coursera is een MOOC, online cursussen die gericht zijn op grootschalig en plaatsonafhankelijke deelname. Coursera behoort tot de grootste platforms waarop dit gebeurt.Wie meer van andere platforms wil weten en vergelijke kan dit artikel prima lezen.

Bijzonder aan Coursera is dat heel grote universiteiten zich er aan verbonden hebben: MIT, Harvard, Princeton en nog een heel rijtje. Het aanbod aan cursussen is groot en allemaal verzorgd door professionele docenten.

In totaal zijn er 585 modules beschikbaar. Allemaal gratis toegankelijk. Wie bijvoorbeeld het aanbod rond Foto, Film en Audio aanklikt, krijgt het volgende te zien:


Ik heb mij aangemeld voor de cursus Scandinavische film en televisie, bij de Universiteit van Kopenhagen. Ik nog niet melden hoe het werkt, domweg omdat de cursus nog moet starten. Maar in het filmpje krijg je een aardig beeld.

Het aanmelden is trouwens kinderlijk eenvoudig en van veel cursussen is een certificaat te krijgen dat geaccepteerd wordt in het hoger onderwijs.

Businessmodel
Hoe doet Coursera dat nou? Hoe kunnen ze dit laten draaien. Coursera kent verschillende financiers. Universiteiten die meedoen investeren met professoren en docenten in het verhaal. Coursera wordt flink gefinancierd vanuit allerlei projectsubsidies en tot slot is de verkoop van diploma's een stijgende bron van inkomsten. Tot slot is Coursera niet aleen een universiteit maar ook een headhuntersbureau: goede studenten woren in contact gebracht met bedrijven die specialisten zoeken.

Skillshare versus Coursera
Het initiatief van Coursera lijkt veel op dat van Skillshare dat ik al eerder besprak. Het verschil met Skillshare is dat Coursera altijd gratis werkt en alleen cursussen aanbiedt van echte universiteiten. Verder biedt Skillshare ook fysieke cursussen aan en vormen van blended learning. Maar het meest kenmerkende is toch dat Skillshare ook werkt met 'loslopende' professionals en op basis van reviews de kwaliteit laat beoordelen. Die kwaliteit moet bij Coursera van de naam van de universiteit komen.

Wat moeten bibliotheken hier mee?
Ik denk dat Coursera voor de Nederlandse openbare bibliotheekmarkt nog net te ingewikkeld is, maar het principe is bijzonder interessant. Een echte Online gratis Universiteit  waar je ook nog eens echte diploma's kunt halen.  Een initiatief als Coursera kan concurreren met de Volksuniversteit of de Universiteit van Nederland. Die zitten bieden op dezelfde doelgroep.

De Open Universiteit  in Nederland zet de eerste stappen met MOOC en ook andere universiteiten volgen dat voorbeeld. Zij het heel voorzichtig.  Maar ga er eens vanuit dat je over een paar jaar in Nederland een mooi aanbod hebt op dit gebied dan denk ik dat dat mooi aansluit bij de bibliotheek  en dat wij wel eens de studiecabines en de decanen van deze Universiteit van Nederland zouden kunnen zijn.

Het einde van het businessmodel van onderwijsinstellingen
En trouwens, wie goed kijkt naar deze voorbeelden, ziet dat het business model van onderwijsinstellingen op de schop zal gaan. In het artikel over Skillshare stond ik daar ook al bij stil. Want als studenten steeds meer zullen zappen tussen online universiteiten, hoe gaan universiteiten dan nog gefinancierd worden?

Vervolg
Daarmee kom ik even aan het eind van een lange reis langs vele voorbeelden. Voor mij ontstaat nu een periode om conclusies te trekken en die straks weer met u te delen. En ik hoop dat ik dan een flink handvaten kan bieden bij het richting geven aan een Leven Lang Leren.

Stay tuned!

woensdag 22 januari 2014

Gavendingendoen.nl : De magie van briljante ideeën voor de samenleving : Best practices Leven Lang Leren : 9



Mijn onderzoek naar de best practices rond een Leven Lang Leren loopt langzaam ten einde. Nog twee onderwerpen te gaan en dan maken we ons op voor de slotconclusies en een publicatie.

Ditmaal sta ik stil bij Gavedingendoen.nl Want wie wil er nu geen gave dingen doen? Iedereen toch? De pay-off van Gave Dingen Doen is: Cool Ideas Society. Ook hier niks  mis met de marketing.


Zo toog ik maandagavond naar een anti-kraak-ZZP-hol in Enschede de HUB waar het allemaal zou plaats vinden. En dit is wat ik  meemaakte.

Wat gebeurt er bij Gave Dingen Doen? 
Dertig mensen druppelen langzaam binnen. Vooral dertigers en veertigers. Lekker losjes. Een aantal kent elkaar maar velen ook niet. Wildvreemden dus.

Wie mee wil doen moet iets lekkers meenemen en dat is ook je bijdrage die je betaalt. Aan het begin wordt me gevraagd om een post-it in te vullen met wat ik aan een ander zou kunnen geven.... Nog geen twee meter binnen en het creatieve spel is begonnen. Op mijn post-it staat "een antwoord op een moeilijke vraag". Ik ruil hem later op de avond met iemand die mij een "luisterend oor" biedt. Lijkt me een goede deal.

Het hart van de avond wordt gevormd door twee pitches: mensen die een probleem hebben waar zij een flink aantal creatieve oplossingen voor willen hebben. Deze avond ging het over een groot honkbalproject dat een kleine vereniging wilde uitvoeren en een 'voel'-coach die aan de slag wilde bij MT die zich nogal door de cijfers laten leiden. Bij beide vragen voel je de paradox en de spanning: hoe kan iets kleins iets groots maken en hoe kan iemand die 'voelt' bij de 'ratio' aan tafel komen.

Twee begeleiders, 'facilitators', zorgen voor het creatieve proces en dat doen ze leuk en met humor. Goed brainstormen blijft natuurlijk magie. En die magie zag ik maandagavond weer volop aan het werk. Het ene na het andere idee kwam op tafel en de personen die het probleem hadden aangedragen gingen verguld naar huis met een tas vol met ideeën. De deelnemers aan de avond gaan naar huis met een lach op het gezicht, een aantal contacten rijker en de gedachte dat ze bij hebben gedragen aan de samenleving.

Nieuwe werkelijkheid
Dit voorbeeld voldoet wel ongeveer aan alle eisen van de nieuwe werkelijkheid: co-creatie, gratis, creatief en veel onderlinge verbinding. Je ziet de onderstroom van de economie aan het werk. Nieuwe manieren van hoe we gaan werken en organiseren komen voorbij. Een 'zelforganiserend dwarsverband', zo u wilt, Weet u nog? Dit was één van de belangrijke thema's uit de trendrede 2014.

Wat moeten bibliotheken hiermee?
Tja, ik hoor u denken? Hoor dit nou bij een Leven Lang Leren? Ja, ik denk het wel. Als we praten over het verder helpen van mensen in de samenleving dan doen bibliotheken dat op vele manieren: door een boek uit te lenen, door een lezing te geven of door een cursus aan te bieden. ook zijn er bibliotheken die spreekuren aanbieden of die formulieren invullen. En steeds vaker doen we dit alles samen met de inwoners uit ons dorp of stad.

Als bibliotheken steeds vaker plekken worden voor ontmoeting en debat dan past Gavedingendoen.nl hier zeker bij. Tegelijkertijd worden met dit soort activiteiten een geheel nieuwe doelgroep aangeboord: drukke dertigers en veertigers die plotseling toch tijd blijken te hebben.  Als het dan ook nog eens mooi ideeën oplevert voor de samenleving, dan denk ik dat we alleen maar kunnen juichen als we dit als bibliotheken kunnen gaan doen.

Check snel de site van gavedingendoen.nl om te kijken of het ook bij u in de buurt zit. Een goed gesprek, lijkt me snel gemaakt.

Colofon
Deze blog verschijnt in het kader van mijn activiteiten voor het Gelderse programma 'Een leven lang leren'. Binnen dit programma zal ik een een flink aantal best practises binnen en buiten de bibliotheekbranche beschrijven. Mijn bevindingen deel ik via mijn blogs. Mijn doel is om vanuit deze best practises een set van bouwstenen te formuleren voor bibliotheken die aan de slag willen met een Leven Lang Leren. Reacties en aanvullingen stel ik zeer op prijs.

donderdag 9 januari 2014

Leeszaal Rotterdam West en Tradeschool 010 : Laboratorium vanuit het hart van de samenleving : Best Practices Leven Lang Leren : 8


Leeszaal  Rotterdam West, er is al veel, veel, veel  over geschreven. Genoeg? Nee. En ik zal u vast waarschuwen. Dit wordt een langer blog. Want er is veel te zeggen over dit bijzondere laboratorium van de samenleving.

Ik spreek, Maurice Specht en Nienke Binnendijk. Maurice is één van de initiatiefnemers van Leeszaal West, Nienke Binnendijk staat op het punt om van start te gaan met Trade School 010.  We wandelen binnen op een winderige dinsdagochtend.

Op een paar bezoekers na is het pand leeg.

Leeszaal Rotterdam West
Om kort te gaan: de Bibliotheek Rotterdam sloot 18 van de 24 vestigingen. Twee daarvan stonden in Oud- en Nieuw-West, een gemêleerde en gekleurde wijk waar hoog- en laagopgeleid vrolijk naast elkaar leven. Een wijk die de op een-na-slechtste wijk van Rotterdam wordt genoemd maar waar de gemeenschapszin torenhoog is. Omdat iedereen knokt om de wijk overeind te houden.

De Bibliotheek Rotterdam vertrok en Maurice werd getriggerd om samen met anderen te bekijken of het met de energie van de wijk het mogelijk was om een nieuwe leeszaal te maken. Niet een nieuwe bibliotheek maar een leeszaal van de wijk: publieke ruimte met als doel om gemeenschapszin rond lezen, leren en informeren vorm te geven.

Een mevrouw komt binnen met twee tassen. 'Ik zet mijn nieuwe boeken hier neer hoor. Succes ermee!'

Die energie bleek er in overvloed te zijn, vele buurtbewoners meldden zich om mee te doen. Men huurde een leegstaand pand van de woningcorporatie en startte de leeszaal. Het interieur bestaat uit gekregen meubels, de wifi wordt betrokken van de bovenbuurman, de boeken komen van de buurtbewoners. Nee, geen bibliotheek. Want er wordt niet uitgeleend maar weggeven. Dat de boeken later weer teruggebracht worden en 'terug geschonken' is een subtiel juridisch verschil.
Maar er is veel meer: de Rotterdammers met passie, vakmanschap en professionaliteit organiseren literaire maaltijden, leesclubs en er worden taalcursussen gegeven door een maatschappelijke instelling.

De organisatie bestaat volledig uit vrijwilligers. Ook Maurice - in het dagelijks leven zelfstandig onderzoeker - werkt volledig vrijwillig in de Leeszaal. 'Ach als mijn boekhouder en mijn vriendin aan het eind van het jaar maar tevreden zijn', zegt hij met een glimlach. Voor hem is de leeszaal een laboratorium van de samenleving. Hij ziet hier zijn onderzoeksvraag beantwoord over hoe je de kracht van burgers vol optimisme en vertrouwen kan inzetten.

Er komt een man binnen. Hij wenst elke medewerker een gelukkig nieuwjaar. Even later vertrekt hij weer. Maurice zwaait hem uit 'Tot volgende week', roept hij hem na.

Toch werken de vrijwilligers niet voor niets. Hun inzet wordt beloond door te voorzien in hun leerbehoefte. De cruciale vraag is: 'Wat wil je hier leren?' Die vraag probeert de Leeszaal dan in te vullen. Hetzij door het netwerk van de vrijwilligers zelf, hetzij door voor de vrijwilliger een cursus te betalen.

Leeszaal Rotterdam West draait zonder structurele subsidie. Men heeft een kleine initiële projectsubsidie gehad van de Stichting Doen! maar de eerlijkheid gebied te zeggen dat men deze subsidie nog niet nodig heeft gehad. Inkomsten komen nu uit vergoedingen voor het gebruik van de leeszaal.

Er komt een grote groep mensen binnen. Even denk ik dat dit een rondleiding is... Maurice legt uit dat er elke dag een groep mensen komt lunchen. Het gaat om een stichting van mensen met een beperking.

Maurice praat  vol passie en vuur. Het is absolute aanrader voor bibliotheken om hem eens uit te nodigen. Zijn denkbeelden over een bibliotheek zijn tamelijk out-of-the-box. Maar bovenal geldt voor hem 'practice what you preach'. Wie de collaborative economy preekt, moet hem ook leven.En dat zie ik hem met verve doen.

De hele ochtend lopen er mensen in en uit. Veel mannen trouwens.

Trade School 010
Via social media  was ik in contact gekomen met zowel Maurice als Nienke. Het grappige is dat op deze ochtend ook Nienke, als Rotterdammer, voor het eerst in Leeszaal West is. Via dit interview leren Maurice en Nienke elkaar kennen.

Nieke wil graag van start met  iets als een Trade School 010. Dit naar het voorbeeld van het internationale Trade School. Ze is net afgestudeerd en organiseerde  het afgelopen jaar een aantal lezingen waaronder één met Afaina de Jong, één van de initiatiefnemers van Trade School Amsterdam.

Trade School is - met hun eigen woorden:
een alternatieve leeromgeving die gebaseerd is op de uitwisseling van kennis, goederen en diensten. Betaal voor je onderwijs door middel van ruilhandel; eten, handige benodigdheden of een andere dienst zijn allemaal geldige betaal items bij de Trade School. Trade School is voor iedereen die iets te onderwijzen heeft, studenten kunnen zich opgeven voor lessen door gevraagde ruil items mee te nemen voor de leraar. De ruil items verschillen per klas. Trade School is opgericht in 2010 in New York, en heeft zich in rap tempo verspreid zich over de hele wereld.
Nienke heeft al diverse docenten gevonden die wel op deze basis willen lesgeven. Maar hoe nu verder? Tijdens het interview maken Nienke en Maurice de afspraak dat Nienke deelneemt aan een overleg dat binnenkort plaats vindt over leren in Leeszaal Rotterdam West. 

De groep lunchers vertrekt. Langzaam wordt het stil in de Leeszaal.

Over een jaar wil Nienke dat er een week met workshops is geweest op deze basis. Daar gaat ze zich voor inzetten. Uitgangspunt is: 'Wat wil jij leren?' Maurice geeft aan dat hij die vraag wel eens middag lang heeft gesteld aan passanten voor de Leeszaal. Gewoon om te weten wat je zou moeten organiseren. Je krijgt trouwens leuke gesprekken met zo'n vraag.

Maurice geeft aan dat hij weg moet. Er komen zo nog vrijwilligers van een bibliotheek kijken naar de Leeszaal. Het is een gemeente waar een vestiging dicht moet. Ze komen kijken of het iets voor 'hun' is.
 
Bibliotheken
Tja, wat moeten bibliotheken hiermee? Nou bijzonder veel naar mijn gevoel. Van Maurice kunnen we leren dat burgerinitiatief heel mooi kan zijn. Maar er zijn wel een paar dingen om rekening mee te houden. Maak van burgerinitiatief geen vrijwilligersorganisatie maar laat vrijwilligers zichzelf organiseren rondom een doel. Blijf dicht bij het enthousiasme van mensen. Als je wilt dat de maatschappij zelf iets gaat doen, moet je de illusie loslaten over hoé die maatschappij dat doet of dat je dat zelf kunt sturen.

Laboratorium vanuit het hart van de samenleving
Van Leeszaal Rotterdam West straalt een ongekend optimisme en vertrouwen uit. Alles lijkt te kunnen, terwijl ze niks hebben. Dit lijkt kent een verborgen overvloed die Leeszaal West en Tradeschool 010 feilloos weten aan te boren. Een laboratorium vanuit het hart van de samenleving waar kleine en grote doorbraken in sociaal denken en doen plaats vinden.

Beste bibliotheek van Nederland?
En ik vraag mij af, of dit initiatief, dat veel meer is dan een 'vrijwilligersbibliotheek'  niet genomineerd moet worden voor de Beste Bibliotheek van Nederland.

We schudden elkaar de hand. Maurice gaat gauw verder met de verwarming. Daar schijnt iets mis mee te zijn.

Colofon
Deze blog verschijnt in het kader van mijn activiteiten voor het Gelderse programma 'Een leven lang leren'. Binnen dit programma zal ik een een flink aantal best practises binnen en buiten de bibliotheekbranche beschrijven. Mijn bevindingen deel ik via mijn blogs. Mijn doel is om vanuit deze best practises een set van bouwstenen te formuleren voor bibliotheken die aan de slag willen met een Leven Lang Leren. Reacties en aanvullingen stel ik zeer op prijs.

woensdag 8 januari 2014

Google Helpouts: liever connectie dan collectie : Best practices Leven Lang Leren : 7



Google: u kent het vooral van de zoekmachine. En misschien van Gmail. Maar Google kent u vooral van machines. Machines om mensen te helpen met het vinden van informatie of om digitaal te communiceren.

Toch doet Google nog veel meer. Google maakt bijvoorbeeld telefoonsoftware - het overbekende Android. Maar wist u dat Google ook investeert in tablets, auto's, windmolenparken, brillen en huishoudrobots?

Is er dan niets dat Google niet doet? Nou, als het iets is dat Google niet doet, dan toch dat Google mensen zelf antwoorden gaat laten geven op vragen. Als ze ergens toch de zoekmachine voor hadden uitgevonden, dan toch daar wel voor.  En zelfs dat doet Google: met Google Helpouts.

Helpouts
Helpouts is een dienst waarbij professionals en amateurs hulp bieden op hun eigen vakgebied. Die hulp bieden ze via een videoverbinding in Google+: de hangout. Via een zoekscherm kun je eenvoudig zoeken naar de deskundigheid die je nodig hebt. Die deskundigheid is overigens niet alleen gratis: voor veel diensten moet je betalen. Kijk maar naar bijgaande afbeelding.

Zelf uittesten
Ik besloot om het zelf maar eens uit te testen. Mijn handigste ingang is om dan maar eens even iemand te zoeken die me verder wil helpen met fotografie. Ik vond iemand in San Fransisco, een amateur die in het dagelijks leven bij de NASA werkt. We spraken af op zondagochtend om 11.00 uur, zijn tijd. 20.00 uur mijn tijd.

De afspraak wordt bevestigd en je via een link word je aan elkaar gekoppeld. Om 20.00 uur klikte ik op de link. Google Hangout schakelt prima in...... maar er gebeurt niks. Hm, dit is even een tegenvaller. Er lijkt iets mis te gaan. Maar wat? Na enkele minuten schakel ik de verbinding uit en wil nog een keer starten. Het systeem geeft de melding: u heeft de verbinding geannuleerd en kan niet opnieuw gebruikt worden. Uiteindelijk kom ik tot de conclusie dat mijn goedwillende amateur in San Fransisco niet kwam opdagen en bleef ik met mijn vragen zitten. Een mail van mijn kant aan hem, bleef onbeantwoord. Ach ja, werken met mensen is natuurlijk ook vragen om problemen. Geef mij maar weer een zoekmachine....

Wie wat verder zoekt op internet vindt overigens prima ervaringen met Google Helpouts, maar goed het toont wel een beetje aan hoe het kan gaan op internet. Niet alles gaat vanzelf goed.

Bibliotheken
Tja, blijft over, wat moeten bibliotheken hiermee? Ook hier zien we opnieuw dat Google zelf niet de leverancier van kennis is maar het platform biedt om dat uit te wisselen. Men investeert in connectie en niet in collectie. Google doet dat op wereldwijde schaal, dit in tegenstelling tot het mooie initiatief in Vierlingsbeek waar dit op lokale schaal gebeurt. Toch geloof ik dat bibliotheken dit op landelijke schaal prima zouden kunnen modereren.

Twee landelijke functies, twee lokale
Daarbij kom ik voorlopig tot een viertrap: twee landelijke functies zoals een functie  a la skillshare voor cursussen en een helpdienst a la helpouts voor persoonlijke ondersteuning. Twee lokale functies: een lokale pendant a al Gef it Dur van Vierlingsbeek en een cursusaanbod a la de Volskuniversiteit.

Hadden we niet beter onder onderwijs kunnen vallen?
En zo langzamerhand begin ik me dan toch af te vragen of we met de nieuwe bibliotheekwet toch niet beter onder Onderwijs  hadden kunnen vallen in plaats van onder Cultuur. Denkt u daar maar eens over na.

Colofon
Deze blog verschijnt in het kader van mijn activiteiten voor het Gelderse programma 'Een leven lang leren'. Binnen dit programma zal ik een een flink aantal best practises binnen en buiten de bibliotheekbranche beschrijven. Mijn bevindingen deel ik via mijn blogs. Mijn doel is om vanuit deze best practises een set van bouwstenen te formuleren voor bibliotheken die aan de slag willen met een Leven Lang Leren. Reacties en aanvullingen stel ik zeer op prijs.

dinsdag 7 januari 2014

De Universiteit van Nederland, of hoe hoogleraren rocksterren worden : Best practices Leven Lang Leren : 6


De jongste universiteit van Nederland is slechts drie maanden oud. Ik heb het over het in oktober 2013 gestarte initiatief van de Volkskrant: De Universiteit van Nederland. Alexander Klöpping en Marten Blankensteijn - beiden volgens mij 26 - zijn de initiatiefnemers en daarmee ook maar de jongste Rector Magnifici van Nederland.

Vijftien minuten college per dag
In een kort artikel geven Klöpping en Blankenstein aan dat zij graag hoogleraren een breder podium geven dan thans via allerlei vaktijdschriften. Universiteiten zijn tot op heden vaak nog gesloten bolwerken waar vakmensen vooral elkaar informeren. Door de overheid worden universiteiten opgeroepen om hun kennis veel meer met de samenleving te delen. Kennisvalorisatie noemen we dat.

De Universiteit van Nederland zet elke werkdag één college van vijftien minuten op YouTube. Vijftien minuten, waar kennen we dat ook al weer van? Precies: TedX Een daar lijkt het ook wel wat op. Elke week is er een andere hoogleraar, dus elke hoogleraar doet vijf kleine colleges van 15 minuten.  Het overzicht van colleges vindt u hier.

De colleges vinden plaats in een hippe club in Amsterdam: AIR: waar men in het weekend staat te dansen worden doordeweeks dus colleges gegeven.

Hoe onderwijs meegaat in de Beleveniseconomie
En ik moet zeggen: ik vind het een mooi initiatief. Klöpping en Blankensteijn laten zien hoe leuk leren kan zijn, maar laten ook zien aan de universiteiten hoe je kennis aan de man brengt. Tegelijkertijd laten de initiatiefnemers zien dat leren definitief veranderd is: ook leren is onderhevig geworden aan de beleveniseconomie. We willen leren door geraakt te worden door verhalen.

Zelf volgde ik een college bij econome Barabara Baarsma. Zij legde nog eens de basisprincipes uit van de economie: over marktfalen en overheidsingrijpen. Zelf vond ik het college over hoe de overheid de huizencrisis verergerd heeft bijzonder leerzaam.


Doelgroep en financiers
Doelgroep zit inderdaad op Volkskrant- en NRC-niveau. Hoewel de initiatiefnemers jong zijn en dat ook nadrukkelijk willen uitstralen, moet ik nog wel even zien of ze het op die manier volhouden.
De financiers van de het initiatief zijn Ziggo, Rabobank, ASML, SNSReaal, SURF, ASML, De Volkskrant, IDgroep en het fonds ondersteuning Science Communicatie. Zo, dat is een indrukwekkend rijtje en het geeft aan dat deze organisatie er prima in slaagt om grote namen aan zich te binden. Daarvan ben ik wel benieuwd hoe ze dat doen.

Eerste resultaten
Op 23 december kwam de Universiteit van Nederland met de eerste resultaten: er waren 3 miljoen kijkers geweest voor de colleges. Het populairste college was dat van hoogleraar Erik Scherder (eerste filmpje). Klöpping geeft in een korte reactie op deze cijfers aan dat: 'Wat betreft de onderwerpen die goed worden bekeken is er 'geen peil op te trekken. De wetten van het internet gelden wel, dus een college over tongzoenen doet het goed. Maar het verschilt heel erg. De ene zaal hadden we vijf keer uit kunnen verkopen, de andere keer zit hij halfvol. Colleges waar je zelf iets aan hebt, doen het goed.'

Let goed op het woordgebruik: wetten van internet, goed bekeken, uit kunnen verkopen. Het is duidelijk dat dit niet alleen een initiatief is voor het goede doel. Klöpping en Blankensteijn zijn uit op een business model en ik ben benieuwd wat dat wordt. Maar het is helder: ook het onderwijs is nu onderdeel van de beleveniseconomie geworden. Met hoogleraren als rocksterren. Het wachten is op de theatertour van Dick Swaab en 'Bas Haring, de musical'

Bibliotheken
Wat moeten bibliotheken nu met zo'n initiatief? Voor mij is helder dat ook moeilijke thema's populair gebracht kunnen worden. En dat doen ze uitstekend. In wat grotere steden maakt een soortgelijk initiatief zeker kans van slagen. Combineer dat bijvoorbeeld met de lokale en regionale omroep en er ontstaat al een leuk platform.

Verder is het interessant om nog eens beter te kijken hoe de Universiteit van Nederland zichzelf weet te financieren, vooral op langere termijn

Als hoogleraren rocksterren worden en onderwijs deel uitmaakt van de belevniseconomie dan worden bibliotheken de Ziggo Dome's van weldenkend Nederland.

Colofon
Deze blog verschijnt in het kader van mijn activiteiten voor het Gelderse programma 'Een leven lang leren'. Binnen dit programma zal ik een een flink aantal best practises binnen en buiten de bibliotheekbranche beschrijven. Mijn bevindingen deel ik via mijn blogs. Mijn doel is om vanuit deze best practises een set van bouwstenen te formuleren voor bibliotheken die aan de slag willen met een Leven Lang Leren. Reacties en aanvullingen stel ik zeer op prijs.



donderdag 19 december 2013

ETV.nl : 0 docenten en 127.000 studenten : Best practises Leven Lang Leren : 5


Ruim 10 jaar geleden zijn een aantal ROC's gestart met een samenwerking rond educatieve taalprogramma's. Deze ROC's hielpen mensen met het verwerven van de Nederlandse taal. Gewoon via cursussen. Ze vroegen zich af of ze via andere kanalen niet veel meer mensen konden bereiken. Zo ontstond Educatieve Televisie (ETV.nl). AT5, RTV Utrecht en nog wat regionale zenders gingen meedoen. Het ministerie van OCW betaalde mee aan de uitvoering. Een klein bureautje met een paar mensen pakte de uitdaging op.

Van televisie naar internet, van ROC's naar bibliotheken en andere instellingen
Via televisie kwamen ze op internet uit en van ROC's naar een koppeling met Lees en Schrijf.  Een mooi medium om mensen wat te leren maar ook om ze zelf te laten oefenen. Zo ontstond Oefenen.nl, een initiatief waar ik op de dag van de Laaggeletterdheid over blogde.  Ditmaal ben ik niet geïnteresseerd in het oefenmateriaal zelf maar in de aanpak van dit kleine bedrijfje: ETV.nl Ik spreek hierover met Anne-Lies Schrijvers, één van de medewerkers.

Eén van de grote voorbeelden voor ETV.nl is het Ierse Read Write Now. Een leuk voorbeeld inderdaad van een kleine professionele organisatie die samenwerkt met vele professionele en vrijwilligers-organisaties. Alles is erop gericht om mensen met zo min mogelijk drempels de taal te laten leren. Gratis cursussen, oefenmateriaal, een bellijn en een portal. Alle kanalen open om te ondersteunen rond taal. Waarom? Omdat taal de wereld letterlijk en figuurlijk voor je opent!


ETV.nl werkt dus met een kleine staf: een paar personen. Passen met gemak op een foto. Programma's worden vaak door externe medewerkers gemaakt en bijna altijd met projectsubsidie. Er is een portaal en daar staan oefenprogramma's. ETV faciliteerde in 2012 127.000 nieuwe gebruikers van de site. Wie denkt dat dat allemaal nieuwkomers in Nederlands zijn vergist zich: 82% van de gebruikers van ETV.nl is Nederlander, het merendeel onder de 30 en het overgrote deel is gewoon aan het werk. Om maar een paar vooroordelen weg te nemen.

Faciliteren van burgers en instellingen
Als ik Anne-Lies hoor praten, hoor ik haar telkens praten over het faciliteren van burgers en instellingen. Faciliteren: want ETV.nl alleen kan niet genoeg. De programma's die zij aanbieden moeten eigenlijk op lokaal niveau worden ingebed. Er moeten mensen om cursisten heen staan die hen verder kunnen helpen: fysiek of digitaal. Dat kan een bibliotheek doen maar ook een buurthuis of een ROC. Wie het gebruikt maakt dus eigenlijk niet uit, als het maar gebruikt wordt.

ETV.nl doet waar zij goed in zijn: oefenmateriaal aanbieden, de samenleving moet doen waar zij goed in is: dat burgers elkaar professioneel of vrijwillig verder helpen. ETV.nl is hiermee een onmisbare bouwsteen geworden voor veel bibliotheken maar ook voor bijvoorbeeld veel Sociale werkplaatsen.

Tegelijkertijd is de basis smal voor ETV.nl: wie betaalt de onzichtbare ondersteuner? Tot op heden is het een gemixte financiering: een deel ministerie van OCW (via wat verschillende kanalen) en deels een licentiemodel (bijvoorbeeld via de inkoopcommissie VOB).

Tips en succesfactoren
Wat kunnen bibliotheken leren van ETV.nl? Op de eerste plaats dat er partijen zijn die bibliotheken goed kunnen gebruiken voor 'blended learning', een deel via internet leren en een deel via live-contact of via groepen.

Op de tweede plaats is het leuk om te zien hoe een instelling zich faciliterend kan opstellen. Dat kan een bibliotheek ook doen naar de samenleving: wij kunnen onze faciliteiten beschikbaar stellen en anderen uitnodigen om het te gebruiken. Daarmee zou je wel eens meer kunnen bereiken dan alles zelf organiseren.

En tot slot is de belangrijkste tip van ETV.nl: bibliotheken kunnen nog veel meer rendement halen uit.... televisie. Ja, dat was een tip die u niet verwachtte van een instelling die tegenwoordig grotendeels via internet werkt. Maar de gedachte van Anne-Lies is vrij eenvoudig: regionale televisie heeft een groot bereik en ETV.nl heeft legio TV-programma's rond educatieve thema's. Daar zou je vervolgens als bibliotheken heel goed samen programma's om heen kunnen organiseren. Het is overigens ook aardig om eens even te kijken op het Youtube-kanaal van ETV.nl

ETV.nl is voor mij inderdaad een best practise: professioneel waar het moet, de samenleving zelf aan zet waar het kan.

Colofon
Deze blog verschijnt in het kader van mijn activiteiten voor het Gelderse programma 'Een leven lang leren'. Binnen dit programma zal ik een een flink aantal best practises binnen en buiten de bibliotheekbranche beschrijven. Mijn bevindingen deel ik via mijn blogs. Mijn doel is om vanuit deze best practises een set van bouwstenen te formuleren voor bibliotheken die aan de slag willen met een Leven Lang Leren. Reacties en aanvullingen stel ik zeer op prijs.






maandag 16 december 2013

Brandstof : denkstation voor alledaagse vraagstukken : Best practises Leven Lang Leren : 4

http://www.brandstof.eu/10/home/Brandstof, is een denkstation. Geen tankstation maar een denkstation. Een denkstation dat lichtvoetig de diepte zoekt op alledaagse vraagstukken. Ja, leest u die zin nog maar eens over. Die is mooi he! Bijna net zo mooi als de slagzin van Skillshare: the future belongs to the curious.

In een oude Volvo over de de A13
Brandstof is een klein bureau dat zich inzet voor meer denkwerk in de samenleving. Dat doen ze door filosofische vraagstukken terug te brengen tot ontwikkelingen in je eigen leven. Ik spreek Laurens Knoop, één van de initiatiefnemers van Brandstof.

Dat gesprek vindt overigens plaats achterin een oude Volvo 850, zoevend over de A13 en A4. Voorin twee hippe jonge knapen die er toevallig ook moesten zijn. En op de achterbank zit ik met Laurens Knoop. Een jaar jonger dan ik, zijn baan opgegeven als management consultant en gestart met Brandstof.


Broodje filosofie
We komen net terug van een filosofisch gesprek met TU-studenten in Delft waar Brandstof een broodje filosofie aanbood aan deze studenten. Een broodje samen met filosoof Peter-Paul Verbeek over de grens tussen mens en techniek. Waar houdt de vrije wil op en neemt techniek het over en andersom?

Van management consultant naar filosofisch entertainment
Laurens vertelt me hoe hij met Brandstof begon. Over hoe hij werkte als management consultant en op een gegeven moment het roer omgooide. Nee, geen mid-life-crisis maar de overtuiging dat mensen gelukkiger kunnen worden met meer reflectie en meer denkwerk.

"Mensen moeten steeds vaker keuzes maken. Hoe maak je die keuzes? En steeds vaker zie je dat als je die keuzes niet maakt, dat anderen, de maatschappij of computers die keus voor je maken. Met andere woorden, wie sturing wil geven aan zijn leven doet er goed aan om veel na te denken. Anders wordt er voor je gedacht."

En zo begon Laurens Brandstof. Om mensen zelf het stuur te laten houden in hun leven. Brandstof organiseert heel veel verschillende dingen en daarin toont Laurens zich met zijn netwerk ook een absoluut filosofisch ondernemer: een filosofisch programma op Lowlands,  een lezingenserie met NRC, een spectaculair denkfestival in de Beurs van Berlage en radio- en tv-programma's met Human. En volgens Laurens: "Altijd zo, dat het mensen boeit. In alles wat je doet, draait het om kwaliteit."



Geen subsidie en hoe doen ze dat?
Hun doelgroep zit niet aan de onderkant van de samenleving. Men mikt op studenten en op mensen die midden in het spitsuur van het leven zitten. Deelname mag best wat geld kosten, als het maar goed is. Als het niet boeit, wordt het nooit wat.

Overigens doet Brandstof dit allemaal zonder een cent subsidie. Dat is dan ook geen vetpot maar het lukt. Door het geven van colleges, wat samenwerking met educatieve instellingen, door het uitgeven van boeken en door het geven van workshops aan bedrijven.

School of Life


Brandstof lijkt in zijn opzet op de School of Life van Alain de Botton. Daar is dan ook regelmatig contact mee en misschien dat die samenwerking op termijn ook nog wel verder zal gaan. Beide organisaties bepleiten dat filosofie weer gewoon onderdeel moet worden van onze samenleving (zie ook de boodschap van Alain de Botton).

Link met bibliotheken
Wat mij betreft zou Brandstof een prima partner voor bibliotheken kunnen zijn bij het invullen van een filosofisch programma. Leg het bijvoorbeeld naast een programma als Literatuur Late Night van de bibliotheek in Den Haag. Daar zou Brandstof prima een filosofische variant van kunnen organiseren. Wie geïnteresseerd is mag zich melden bij mij.

Energie, energie, energie
De tips van Laurens blijven: zorg dat het niet te kneuterig wordt, zorg voor kwaliteit.

Mijn conclusie is dat je mensen als Laurens nodig hebt om die kwaliteit te maken.   Mensen met een netwerk en ondernemerschap. Mensen die alsmaar kansen blijven zien.

Laurens doet dat niet alleen. Hij doet dat samen met die jonge gasten die voorin die Volvo zaten. En als er iets is wat deze mensen uitstraalden, dan was het wel dat ze dit werk met ontzettend veel plezier doen. Met passie zo u wilt, met een missie. Overal nog foldertjes achterlatend, iedereen aanspreken en overal contacten leggen.

En mensen die dus ook telkens keuzes moeten maken.Wat doen we wel, wat doen we niet. En daar dan weer over nadenken.... En zo is het cirkeltje rond. Daar kunt u wel wat Brandstof bij gebruiken.

Ook werken met Brandstof? Laat rustig een berichtje achter, ik breng u graag in contact.

Voor een compleet media-overzicht rond Brandstof, klik hier.


Colofon
Deze blog verschijnt in het kader van mijn activiteiten voor het Gelderse programma 'Een leven lang leren'. Binnen dit programma zal ik een een flink aantal best practises binnen en buiten de bibliotheekbranche beschrijven. Mijn bevindingen deel ik via mijn blogs. Mijn doel is om vanuit deze best practises een set van bouwstenen te formuleren voor bibliotheken die aan de slag willen met een Leven Lang Leren. Reacties en aanvullingen stel ik zeer op prijs.

maandag 9 december 2013

Gêf 't Dûr van de Bierbliotheek : Best Practise Leven Lang Leren : 3


Ja, ik hoor u denken: leuk hoor al die initiatieven rond een Leven Lang Leren: maar toch vooral voor steden.  En dan het liefst steden zoals Londen, Parijs en Amsterdam. Dus Deckers, dream on, met die initiatieven van je.

Dus ditmaal een charmant initiatief uit een paar  Brabantse dorpjes: Vierlingsbeek, Groeningen, Maashees, Holthees, Vortum en Mullem. Het heet: Gêf 't Dûr. Voor die dialectische analfabeten uit de steden: Geef het door.

Gêf 't Dûr is om met hun website zelf te spreken:
"een talentdoorgeefprogramma waarin aanbieders uit eigen dorp workshops verzorgen voor deelnemers uit eigen dorp. Met dit project willen we talenten een podium geven, aanbieders met elkaar verbinden en inkomsten genereren voor Bibliobeek. Het programma is bestemd voor inwoners uit Vierlingsbeek, Groeningen, Maashees, Holthees en Vortum Mullem. Men kan kiezen uit allerlei uitdagende, sportieve en creatieve activiteiten. Voor elk wat wils! En lekker dichtbij!"
 
Programma
Het programma is leuk en laagdrempelig. Het kan gaan om programma's rond bewegen of sociale media. Maar ook een programma als 'Beek aan toffel' waarbij Beekenaren, voor elkaar koken en bij elkaar aan tafel schuiven. Dat is natuurlijk leerzaam en gezellig.

Kenmerk van het programma is dat het voor en door mensen uit Vierlingsbeek is. Het is dus heel nadrukkelijk een programma dat door de bewoners van de dorpen zelf draaiende wordt gehouden.

Lisette Verploegen, initiatiefnemer van Gêf 't Dûr, meldde me dat zij het programa gestart is rond vier thema's en daar kartrekkers bij heeft gezocht: Ellen Smits, Petra Denen, Marion Reefs en Luc de Bruijn. Zij hebben zorgen voor de programma's en zorgen ook dat het zich doortontwikkeld.

Voor elke activiteit wordt een klein bedrag gevraagd en een groot deel van de opbrengst gaat naar de bibliotheek in Vierlingsbeek.

Ook jongeren worden betrokken bij de programmering in zogeheten kampvuursessies: daar wordt hen gevraagd wat ze graag willen organiseren.

Uit nood geboren
Joop Verbeeten legde me uit dat het ook wel een beetje uit nood geboren is. Een paar jaar geleden besloot de gemeente te bezuinigen op het bibliotheekwerk. De consequentie daarvan was dat de bibliotheek in Vierlingsbeek gesloten werd. Bibliotheekblad berichtte daar destijds ook over. Joop was één van de mensen die toen in actie kwam.

De burgers van Vierlingsbeek hebben vervolgens via burgerinitiatief open gehouden. Er kwam een stichting Bibliotheek Vierlingsbeek die nu volledig met vrijwilligers de bibliotheek runt.

De opbrengsten van de activiteiten gaan naar de bibliotheek waar de lopende kosten van het bibliotheekwerk weer uit betaald kan worden.



Bier Cantus
Eén van de grootste activiteiten van de bibliotheek is de jaarlijkse Bier Cantus. Overigens één van de ideeën die uit bovenstaande kampvuursessies kwam.

Om ook hier weer de site te citeren:

"Na de eerste editie van vorig jaar was iedereen het erover eens: De eerste Bèkse Biercantus was een groot succes! Ongeveer 350 gasten genoten van het gezang, de drank, de sfeer en van het samenzijn van jong en oud. velen spraken al over een nieuwe traditie in Vierlingsbeek.
De deelnemers van een biercantus zitten op bierbanken aan biertafels. Iedereen krijgt een eigen liederenbundel, zodat iedereen met elk nummer voluit mee kan zingen. Drank wordt tijdens een biercantus niet per glas geserveerd, maar per gieter per groep. Iedere deelnemer krijgt wel een glas en kan dus vanuit de gieter zijn biertje schenken. Behalve bier zullen er ook gieters halfom en wijn verkocht worden. Op verzoek van vele dames zullen we ook rosébier schenken deze avond.

Alle winst van deze avond zal naar de Bibliobeek gaan."


Kijk, is dat niet mooi? Ik hou wel van dit soort mooie dorpsinitiatieven. Niet altijd dat hoogdravende maar ook gewoon dicht bij burgers. Mocht er weer een BibliotheekTweedaagse komen, dan weet ik nu een zeer geschikte locatie: de Bier Cantus van Vierlingsbeek!

Bibliobeek heeft dus eigenlijk een bibliotheek die (bijna) zonder subsidie draait. De inkomsten komen uit allerlei activiteiten en tientjes leden.

Gêf 't Dûr  is een mooi voorbeeld van laagdrempelig burgerinitiatief. Kern van het succes zijn denk ik een paar goede trekkers in het dorp en het gezamenlijke goede doel (behoud van de bibliotheek) speelt ook een belangrijke rol. Waar een klein dorp (2.500 inwoners) groot in kan zijn. Petje af voor Vierlingsbeek!

Colofon
Deze blog verschijnt in het kader van mijn activiteiten voor het Gelderse programma 'Een leven lang leren'. Binnen dit programma zal ik een een flink aantal best practises binnen en buiten de bibliotheekbranche beschrijven. Mijn bevindingen deel ik via mijn blogs. Mijn doel is om vanuit deze best practises een set van bouwstenen te formuleren voor bibliotheken die aan de slag willen met een Leven Lang Leren. Reacties en aanvullingen stel ik zeer op prijs.

donderdag 5 december 2013

SIOB-rapport 'Leerfunctie van de Bibliotheken in beeld'

Niet alles wat nieuw is, is waar en niet alles wat waar is, is nieuw. Met die woorden moet je soms ook maar eens naar innovatie kijken. En deze week liep ik, ik in het kader van mijn opdracht voor een Leven Lang leren, tegen een oud onderzoek aan. Nou ja, oud, uit 2010: 'De leerfunctie van de Bibliotheken in Beeld'. Een rapport dat is gestart door de VOB en dat is afgerond door het SIOB en dus uitgevoerd in die turbulente periode van ontvlechting.

En mijn excuses, het is een wat langer blogje geworden. Haal even koffie zou ik zeggen, en lees even rustig mee.

Inhoud
Het onderzoek is een inventarisatie bij openbare bibliotheken naar faciliteiten die zij bieden rondom leren. 56% van alle bibliotheken heeft meegedaan en het biedt volgens een mooi beeld van hoe het rond 2010 voor stond. Laten we nog eens even door de uitkomsten lopen.

Hardware - faciliteiten
Het onderzoek vraagt zowel naar faciliteiten (hardware) als naar de speciale scholingsprogramma's (software) als naar samenwerkingspartners.

In bovenstaande tabel wordt aangegeven over welke faciliteiten men beschikt Ik denk dat we in drie jaar tijd die het onderzoek oud is, iets opgeschoven zullen zijn in het aanbieden van rustige studie- of werkplekken.  Opvallend vind ik dat meer dan 20% van de bibliotheken geen aparte cursus of ontvangstruimte heeft. Wie wat door zoekt in het het onderzoek ziet dat het dan met name kleinere bibliotheken betreft. Die zullen in veel gevallen ruimtes hiervoor multifunctioneel inzetten. Maar doordat kleine bibliotheken steeds vaker onbemand en ruimer open gaan, kon hier nog wel eens wat extra behoefte ontstaan.

Waar ik wel benieuwd naar ben: welke bibliotheek heeft deze faciliteiten het beste op orde? Weet iemand dat? Lijkt me leuk om te zien.

Software - programmering en aanbod
Het onderzoek heeft vervolgens gekeken waar welke cursussen worden gegeven. Dat levert het onderstaande beeld op.


We zijn dus sterk in internetcursussen, leeskringen en schrijvers. Van dit aanbod val ik nog niet echt achterover. Dit is wel een beetje het geijkte rijtje. Iets meer dan 20% doet iets aan talencursussen en iets meer dan 40% doet wel eens iets aan literaire cursussen. Het onderzoek gaat nog wat verder over de frequenties van deze cursussen. Om wat gemiddeldes te geven: één keer per week een internetcursus, één keer per kwartaal een schrijver.

Wat ik nog aardig vond was dat men ook nog keek naar de kosten voor gebruikers voor deze activiteiten.


De helft van de internetcursussen is niet gratis en 20% is wel gratis. Waar die laatste 30% is, is mij een raadsel. Zou er een optie 'soms gratis, soms niet' zijn geweest? Het doet er ook niet zo veel toe. Wat het inzichtelijk maakt is dat je verschillend tegen die prijs aan kunt kijken: gratis voor iedereen, gratis voor kinderen, gratis voor leden  of juist iedereen betalen.

Samenwerkingspartners
Bij samenwerkingspartners is dit het eerste plaatje.

Dat is wel bijzonder. tot op dit punt in het onderzoeksrapport zijn kinderen nog niet genoemd. Hier blijkt plotseling dat we voor die leerfunctie eigenlijk juist heel veel doen voor kinderen. Niet zozeer in de fysieke vestigingen maar juist heel erg op de scholen en samen met scholen. Ontwikkelingen als de Bibliotheek op School kunnen we dus gewoon onder een Leven Lang Leren scharen.

Maar als we nou eens buiten die onderwijsinstellingen kijken? Wat zien we dan?

Om eerlijk te zijn: van dit lijstje wordt ik niet echt warm. Dit is wel erg traditioneel. SeniorWeb is misschien nog de meest speciale omdat hier sprake is van samenwerking met een vrijwilligersorganisatie. Volgens mij is hier wel helder dat bibliotheken nog veel meer rendement moeten halen uit samenwerking met meer en andere partners dan die hier staan: denk aan co-creatie met burgers, denk aan samenwerking met wijken of met leerkringen.  Deze vormen van samenwerking zullen bepalend zijn voor de wijze waarop we onze leerfunctie verankeren in de samenleving.

Voor de goede orde: het rapport laat nog een aantal samenwerkingsgebieden zien maar de uitkomsten zijn vergelijkbaar met hierboven.

Conclusies en aanbevelingen
Een leuk onderzoek maar de conclusies en aanbevelingen die volgen zijn mager en zijn niet ingebed in een visie. Eigenlijk is het niet meer dan een lang lijstje met wat tips. Tja, dat bibliotheken betere faciliteiten kunnen aanbieden en misschien wat meer programma's vind ik wel erg voor de hand liggen.

Een belangrijke conclusie die men nog trekt is dat veel van de goede voorbeelden - die geanonimiseerd genoemd worden - vooral een succes zijn door gedreven bibliotheekmedewerkers. Zonder die medewerker met passie en ondernemerschap was het nooit een succes geworden. Ik denk dat we dat met zijn allen herkennen. En het verhaal van Volksuniversiteit in Groningen, liet dat ook wel zien.

Voor mij is een belangrijk leerpunt dat we daarnaast veel creatiever moeten zijn met onze samenwerkingspartners. Meer co-creatie met burgers a la Skillshare en burgerkracht faciliteren met de spullen die de bibliotheek heeft: lokaaltjes, studieplekken, enthousiast ondernemerschap en... collectie. Maar misschien is de opkomst van die co-creatie de afgelopen drie jaar ook wel veel sterker geworden en kon je dat toen (onderzoek in 2009, publicatie 2010) ook nog niet goed zeggen.

Tot slot was voor mij dit onderzoek weer even een eye-opener dat we ook nog zoveel voor kinderen doen. Wat mij nog even brengt bij de vraag: wie heeft ervaring met een breed cursusaanbod voor kinderen?

En voor het SIOB: ik heb 'm niet gevonden maar een stevige visie op dit onderwerp zou niet verkeerd zijn. Het lijstje losse aanbevelingen onder dit rapport kan echt beter. En ik denk dat de branche in 2013 daar wel aan toe is, getuige de conclusies van weer een ander onderzoeksrapport van het SIOB: de innovatie-denkmiddagen.

Ik citeer:
"Vrij breed gedeeld is onder de innovatiedeskundigen de mening dat de uitleen van boeken, als middel om het doel van persoonlijke ontwikkeling van burgers dichterbij te brengen, op termijn minder centraal zal staan. Hooguit verschillen de inschattingen over de termijn waarop dat het geval zal zijn. Het accent in de ideeën over bibliotheekinnovatie lag bijgevolg op de transitie naar een ander soort bibliotheek: een bibliotheek als platform die er in mindere mate is met een collectie voor de burger, en in toenemende mate met de burger samen aan de slag gaat om kennis en creativiteit tot ontwikkeling te laten komen."

Waarvan akte. Aan de slag! Dank voor u tijd trouwens.

Colofon
Deze blog verschijnt in het kader van mijn activiteiten voor het Gelderse programma 'Een leven lang leren'. Binnen dit programma zal ik een een flink aantal best practises binnen en buiten de bibliotheekbranche beschrijven. Mijn bevindingen deel ik via mijn blogs. Mijn doel is om vanuit deze best practises een set van bouwstenen te formuleren voor bibliotheken die aan de slag willen met een Leven Lang Leren. Reacties en aanvullingen stel ik zeer op prijs.

woensdag 4 december 2013

The future belongs to the Curious: 'Skillshare' : Best practise Leven Lang Leren : 2



Skillshare: misschien wel het meest populaire online leerplatform. En hun marketing is prima op orde. Want zeg nou zelf, de slagzin: "The future belongs to the curious" is natuurlijk briljant gekozen.

Wat is Skillshare?
Okee, terug naar het begin: wat is Skillshare? Skillshare is gestart in New York. De gedachte is dat ieder huis een klaslokaal zou kunnen zijn en iedereen een leraar. Via Skillshare kan iedereen zijn lessen aanbieden tegen een bepaalde prijs. Veel cursussen zijn online met video-instructies maar er kunnen ook lokale cursussen toegevoegd worden. Wie bijvoorbeeld zoekt op "photo" krijgt bijvoorbeeld de volgende resultaten.



Zelforganisatie met hybride samenwerking
Skillshare organiseert dus zichzelf. Wie cursussen aan wil bieden kan cursussen aanbieden, online of offline. En op deze manier ontstaat een breed aanbod. Niet alleen burgers of individuen bieden cursussen aan op deze wijze maar ook bijvoorbeeld musea of onderwijsinstellingen. Dat maakt het interessant. Bedenk je bijvoorbeeld eens wat het zou beteken als alle bibliotheken online cursussen zouden kunnen aan bieden van het Rijksmuseum, Booijmans van Beuningen of het Scheepvaartmuseum.

Als ik het zo bekijk is het niet Skillshare die heel nadrukkelijk op zoek is naar samenwerking maar is Skillshare een platform met veel bezoekers, en dus ook interessant voor instellingen.

Cursussen die gevolgd zijn worden beoordeeld door cursisten. Het vertrouwen dat aankomende cursisten hebben in de cursus zal vooral daarop gebaseerd zijn. Vertrouwen hoeft dus niet geborgd te worden via een naam van een instituut.

Skillshare Nederland
Er zijn geruchten dat Skillshare in Nederland actief zou zijn of zou worden. Ik heb navraag gedaan bij Skillshare zelf en via internet maar daar nog geen goed antwoord op gekregen. Doet mij nu vermoeden dat er nog geen nederlandse pendant is van Skilhare. Eigenlijk zouden de VOB en Bibliotheek.nl best in dit gat kunnen springen. Want zo'n platform waar anderen hun cursussen aanbieden, lijkt mij best interessant.

Bredere visie op onderwijs



Michael Karnjanaprakorn, één van de oprichters van Skillshare laat in bovenstaande filmpje heel nadrukkelijk zijn visie op leren zien. En hoe gewone onderwijsinstellingen in zijn ogen falen als het gaat om iedereen in de samenleving toegang te geven tot onderwijs. Wat mij betreft een ijzersterk verhaal dat bibliotheken prima zouden kunnen gebruiken om aan te tonen waarom partijen als bibliotheken nodig om een Leven Lang Leren mogelijk te maken.

Business model
Is Skillshare dan een hele nobele organisatie? Welnee, het is gewoon een echt bedrijf dat ook winst wil maken. Het business model van Skillshare is simpel. Skillshare krijgt 15% van alle inkomsten van cursussen. Dat is zowel voor Skillshare als voor docenten best een interessant gegeven. Dit artikel rekent even voor hoe een docent $ 1.000,- op een dag kan verdienen. Oja, en by the way, Skillshare verdient en passant natuurlijk $ 150,- En waarvoor? Voor het bieden van toegang tot de marktplaats.

Het bracht mij terug naar een presentatie een aantal jaren geleden: die van de beleefbibliotheek. De directeur van de Bibliotheek in Drachten legde mij uit dat zij notarissen liet betalen voor een lezing in de bibliotheek. Niet om de lezing te volgen maar om hem te geven.... Zij gaf hen toch immers een podium om hun verhaal vertellen.

Zelf volgen
Het is voor mij nog niet van gekomen om zelf een cursus op deze manier te volgen, maar ik vind eigenlijk wel dat ik dat moet doen. Als dat zo is, zal ik er weer over berichten.

Skillshare: "the future belongs to the curious". Een ijzersterk verhaal over positionering rond leren.

Colofon
Deze blog verschijnt in het kader van mijn activiteiten voor het Gelderse programma 'Een leven lang leren'. Binnen dit programma zal ik een een flink aantal best practises binnen en buiten de bibliotheekbranche beschrijven. Mijn bevindingen deel ik via mijn blogs. Mijn doel is om vanuit deze best practises een set van bouwstenen te formuleren voor bibliotheken die aan de slag willen met een Leven Lang Leren. Reacties en aanvullingen stel ik zeer op prijs.



woensdag 27 november 2013

Volksuniversiteit Groningen : Best practise Leven Lang Leren : 1

Mister Volksuniversiteit
'Mister Volksuniversiteit', zo zou je hem kunnen noemen. Want Martien de Vries van de Bibliotheek Groningen mag ondertussen in bibliotheekland die naam wel hebben. Hij leidt de Volksuniversiteit in Groningen, zorgt voor programma's in vele Groningse bibliotheken en wordt ondertussen in den lande veel gevraagd als adviseur op dit gebied.

De Bibliotheek in Groningen heeft een kleine vijf jaar geleden de Volksuniversiteit Groningen overgenomen. De gemeente besloot de subsidie terug te brengen naar 0. Tot die tijd had de volksuniversiteit een eigen gebouw, een eigen directeur en was het een eigen stichting. Wat te doen? Gewoon maar laten verdwijnen of een nieuwe kans geven binnen de bibliotheek. Toenmalig directeur van Biblionet, Rob Pronk, besloot tot dat laatste.

Cursusaanbod
De VU Groningen, heeft een eigen site, maar de cursussen en lezinge
n zijn evenzeer te vinden op de sites van bibliotheken. Cursussen vinden nog op een traditionele manier plaats: gewoon in een ruimte met een docent.  De bibliotheek in Groningen heeft hiervoor maar liefst acht leslokalen in het gebouw, variërend van 10 cursisten tot een kleine hoorcollegezaal waar zeker 70 cursisten tegelijk in passen. En geloof het of niet, die grote zaal zit meerdere dagen per week vol.

Elke dag is er wat te doen. Maar dat kunt u op het scherm van de bibliotheek ook wel zien.

Doelgroep en cursusaanbod
De doelgroep van een traditionele volksuniversiteit bestaat uit mensen boven de 40, en veelal boven de 60 en het cursusaanbod bestaat vooral uit talen en kunsthistorie. Dat aanbod heeft de bibliotheek overgenomen en men is nu bezig om dit verder uit te bouwen. Met de Hanzehogeschool is bijvoorbeeld een leuk project gestart met studenten die cursussen gaan geven op het gebied van filosofie en psychologie. De studenten maken de cursus, geven de cursus en werken mee aan de promotie van de cursus. En... de eerste aanmeldingen druppelen binnen, met de verwachting dat op deze wijze ook een nieuwe doelgroep wordt aangeboord.

De VU Groningen werkt dus lang niet altijd met eigen docenten zoals het voorbeeld van de Hanzehogeschool laat zien. Martien is bijvoorbeeld ook in overleg met de Sociale Dienst en Gemeentelijke KredietBank voor een cursus Huishoudmanagement.
Verder vertelt Martien dat er een trend is naar kortere cursussen en lezingen. Ook daarop speelt de VU Groningen in. Met bijvoorbeeld zaterdagochtendlezingen waar veel belangstelling voor bestaat.

Langzaam maar zeker verbreed zich dus het aanbod en de doelgroep. Ook minder hoogopgeleiden en jongeren komen op die manier in zicht.

Andere bibliotheken in Groningen
Naast de stad Groningen zit de VU Groningen ook in andere bibliotheken in de provincie. Martien stelt samen met de vestigingsmanagers een jaarprogramma samen met de bibliotheken. De input en wensen van de lokale vestiging zijn daarbij erg belangrijk. Zij weten wat naar verwachting het goed zal doen in betreffende plaats.

Nog wat feiten
In totaal heeft de VU Groningen een kleine 3.000 cursisten per jaar. En daarmee heeft het aantal cursisten zich gestabiliseerd na de overname vijf jaar geleden. Dat is winst, want tot die tijd liep het cursistenaantal langzaam maar zeker terug. De VU Groningen draait kostendekkend en kent een begroting van € 300.000,- die opgebracht uit inkomsten van cursisten.

Succes en risico's
Als ik Martien naar de succesfactoren vraag, is zijn eerste antwoord toch vooral volharden. Het is niet makkelijk en succes komt niet vanzelf. Je moet kansen kunnen zien en die onverwachte allianties her en der maken het ook erg leuk. Niets is gewoon en je kunt dus nergens op de automatische piloot. Zorg dus voor energie!

Ook geeft hij aan dat  het management ondubbelzinnig moet geloven in zo'n stap. Zeker omdat het wat tijd kost om wat op te bouwen. Je moet kansen durven zien, durven invullen en ook af en toe een zeperd incasseren.

Martien de Vries is betrokken bij diverse samenwerkingsprojecten tussen bibliotheken en volksuniversiteiten in Nederland. Van Hellevoetsluis tot Arnhem en van Groningen tot Maastricht.
Mij is wel duidelijk dat Martien de Vries zelf ook één van die succesfactoren is. Die term 'Mr. Volskuniversiteit' is zo gek nog niet. Wie aan de slag wil met zo'n samenwerking is bij Martien aan het juiste adres.

Colofon
Deze blog verschijnt in het kader van mijn activiteiten voor het Gelderse programma 'Een leven lang leren'. Binnen dit programma zal ik een een flink aantal best practises binnen en buiten de bibliotheekbranche beschrijven. Mijn bevindingen deel ik via mijn blogs. Mijn doel is om vanuit deze best practises een set van bouwstenen te formuleren voor bibliotheken die aan de slag willen met een Leven Lang Leren. Reacties en aanvullingen stel ik zeer op prijs.