Posts tonen met het label Overijsselse Bibliotheken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Overijsselse Bibliotheken. Alle posts tonen

maandag 3 november 2025

In Memoriam Gerard Kocx: de samenwerkende realist

Op donderdag 30 oktober 2025 overleed op 69-jarige leeftijd Gerard Kocx. Hij was van 1990 tot 2018 directeur van de Bibliotheek in Enschede. Ik heb als projectleider van innovatieprojecten bij Overijsselse bibliotheken veel met hem samengewerkt.  En ik sta daarom graag nog even stil bij deze bibliothecaris. Zeker, hij was directeur maar bovenal bibliothecaris die geloofde in de bibliotheek als volksverheffer.

Een geheim overleg en een brief waarmee samenwerking in Overijssel startte

Gerard Kocx is één van de dragende krachten geweest voor de samenwerking tussen de Overijsselse bibliotheken. Lang was er - in heel Nederland trouwens - een soort animositeit tusssen stedelijke bibliotheken en plattelandsbibliotheken. Iedereen had eigen systemen en iedereen vond zijn eigen wiel uit. 

Gerard Kocx was één van de directeuren die dat in Overijssel doorbrak. De Overijsselse BibliotheekDienst (OBD, een voorloper van Rijnbrink) was al bezig met digitalisering en Gerard realiseerde zich dat hij dat met zijn Enschedese bibliotheek niet alleen ging redden. Hij belde Henk Middelveld op, de toenmalige directeur van de OBD, om te overleggen. Hij wilde voorstellen om alle bibliotheken in Overijssel samen te laten werken. Dat dat onderwerp precair was, mag blijken uit het feit dat Gerard een geheime locatie in Beckum voorstelde om te overleggen. Hij wilde niet gezien en gehoord worden dat hij overlegde met Henk Middelveld. 

Gerard stelde aan Henk Middelveld voor om samen geld op tafel te leggen en ze kwamen overeen dat iedereen in Overijssel mee moest doen. Zo geschiedde. 

In oktober 1994 schreef Gerard een brief aan alle Overijsselse bibliotheken waarin hij aangaf dat de nieuw media en informatietechnologie zulke grote gevolgen zouden hebben dat hij verwachtte dat de Bibliotheek Enschede daar niet alleen op zou kunnen anticiperen. De grootste bibliotheek zei dus eigenlijk tegen alle bibliotheken die kleiner waren dat deze het al niet zou kunnen. En hij daagde alle Overijsselse bibliotheken uit het samen op te pakken. Daarvoor zou elke bibliohteek dan fl. 0,15 (€ 0,068) per inwoner op tafel moeten leggen. De brief zit nog in het archief van Rijnbrink en deel daarvan ziet u hieronder ook. En zo begon samenwerking in Overijssel.

In de afbeelding een brief uit 1994 waarin Gerard Kocx uitlegt waarom samenwerking op digitaal gebied nodig is.

In de afbeelding een brief uit 1994 waarin Gerard Kocx uitlegt waarom samenwerking op digitaal gebied nodig is.

Elke bibliotheek deed mee.... Hoewel, elke? Nee, één bibliotheek deed niet gelijk mee. Dat was de Bibliotheek Deventer. Dat was de bibliotheek waar ik zelf op dat moment werkte. Jos Debeij, toen directeur bij deze bibliotheek, had namelijk enkele maanden daarvoor mij aangesteld als bibliothecaris met de bedoeling ook een zwengel te geven aan nieuwe media. Deventer had zijn geld dus al uitgegeven. Aan mij, wel te verstaan. Deventer deed later overigens volop mee omdat ik bijvoorbeeld heel veel internettrainingen ging geven in heel Overijssel. En van het één kwam het ander. Ik kwam in dienst bij de Overijsselse Bibliotheek Dienst en niet veel later deed ik innovatieprojecten voor alle Overijsselse bibliotheken, waaronder voor de Enschedese bibliotheek van Gerard. Mijn baan heb ik dus indirect aan Gerard te danken.

Gerard, midden jaren '90, ongeveer ten tijde van de brief,  bij een bijeenkomst bij de Overijsselse Bibliotheek Dienst

Van fl. 0,15 naar € 0,30

Die actie van Gerard om alle bibliotheken mee te laten betalen, bestaat nog steeds. De fl. 0,15 per inwoner nam ik later als projectleider over en groeide naar € 0,30 per inwoner. Dit bedrag wordt nog altijd jaarlijks gebruikt voor samenwerking. Gerard heeft dus absoluut een steen verlegd in de samenwerking tussen de Overijsselse bibliotheken. 

De Overijssele bibliotheken verenigen zich in het DirectieOverleg van Bibliotheken in Overijssels (afgekort het DOBO). Van dat overleg was hij zo lang ik me kan heugen de vice-voorzitter. De automatisering en digitalisering hadden daarbij zijn grote interesse. Overijssel kocht jarenlang zelf digitale content in. Lang voordat het land dit deed. En Gerard was daarbij altijd de mede-inkoper. Dat was overigens wel een beetje ingegeven door het feit dat Gerard altijd opmerkingen maakte of iets niet goedkoper kon. Als je Gerard ergens op af stuurde, betaalden we nooit teveel. Zo werd de Krantenbank, Literom en digitale AO-boekjes ingekocht.  

Eén bibliotheeksysteem in Overijssel

Een andere stap die Gerard nam was om zijn zelfstandige bibliotheeksysteem voor Enschede in te ruilen voor het gezamenlijke Overijsselse bibliotheeksysteem. Toen ik in 1998 begon bij de OBD had Overijssel nog bijna tien verschillende installaties van bibliotheekystemen. Steden hadden vaak het Datapointsysteem en de 'plattelands'bibliotheken hadden gezamenlijk het ALS-systeem. Toen het ALS-systeem werd ingeruild voor een voorloper van het huidige Wise-systeem stapten stuk voor stuk ook de stedelijke bibliotheken over. Ook Enschede nam die moedige beslissing om het eigen systeem op te geven.  En op enig moment was er sprake van één Overijssels bibliotheeksysteem. Saillant detail natuurlijk is dat Enschede, nadat Gerard al gestopt was, weer uit dat Overijsselse systeem stapte. Coalities zijn nooit voor eeuwig.

Gerard Kocx (rechts) tijdens een DOBO-overleg in 2000. Links Jan Krol van bibliotheek Almelo, midden Greetje van Gemert van Deventer.

Eén bibliotheek voor Almelo, Hengelo en Enschede

In 2009 namen Jan Krol (bibliotheek Almelo), Marion Mertens (bibliotheek Hengelo) en Gerard Kocx het initiatief om te verkennen of Almelo, Hengelo en Enschede niet één bibliotheek konden worden. Er volgde een interview in Bibliotheekblad waaruit wel bleek dat de visie van de drie directeuren nog wel verschilde. En dat wisten de bibliotheekcollega's ook wel. Tot een fusie kwam het dan ook niet. Wel volgde er een inhoudelijke samenwerking die nog enige jaren bleef bestaan. 

Muziek

De Bibiotheek Enschede heeft in het Overijsselse altijd een bijzonder positie gehad op het gebied van muziek. De bibliotheek kreeg op enig moment de studenten-CD-uitleen binnen de muren, de huidige Muziekbank. Na de Centrale Discotheek Rotterdam was dit de grootste CD-collectie van Nederland. Deze collectie kwam op enige moment beschikbaar voor alle Overijsselse bibliotheken. Gerard had hier een belangrijke rol in. Ook was Gerard jaren bestuurslid van de Provinciale Bibliotheek AmateurMuziek (PBAM), thans onderdeel van Musidesk van Rijnbrink. 

Bezuinigingen

Gerard Kocx kreeg grote bezuinigingen voor de kiezen aan het eind van zijn loopbaan. Er moest € 900.000,- af. Een onvoorstelbaar bedrag. Daar vroeg hij mijn hulp destijds ook bij. Zijn inzet was daarbij altijd om alle vestigingen open te houden en alle medewerkers hun baan te laten behouden. Met die inzet heeft hij ervoor gezorgd dat overal in Enschede de bibliotheek aanwezig bleef. Sommigen zullen dat conservatief hebben gevonden - want er bleef weinig geld over om ook te vernieuwen - maar achteraf blijkt die spreiding een groot goed te zijn. De bibliotheek is in deze stad nog steeds overal dichtbij. Ook in de wijken waar de bibliotheek veel kan betekenen. 

Gerard Kocx (rechts) met collega's René Siteur en Ans Dijkhuijs tijdens een studiereis naar Chester in 2018. De foto boven dit artikel is ook van de studiereis.

Pot met goud

Enschede is geen rijke stad en de laaggeschoolde textielindustrie van weleer geeft de stad nog steeds de nodige uitdagingen. De geschiedenis van de bibliotheek Enschede is daarmee verbonden. Er is nooit veel geld. En er is altijd veel te doen. Met weinig geld dus toch veel doen. Gerard Kocx was daar een meester in. 

Eind 2018 ging Gerard met pensioen. Ik mocht hem toespreken bij zijn afscheid. Ik haalde daarbij tal van historische wereldfeiten aan die ik koppelde aan de geschiedenis van Bibliotheek Enschede. Gerard was namelijk een liefhebber van geschiedenis en een kenner van de Eerste Wereldoorlog. Historisch klopte er niets van mijn verhaal. Maar het verhaal eindigde ermee dat er goud zou zijn verstopt in de grachten van Enschede tijdens de stadsbrand van 1862. En dat de bibliotheek van Enschede in de Pijpenstraat - ongeveer gelegen op die oude gracht - wel eens boven op een grote pot met goud zou kunnen staan. Hadden we die pot met goud gevonden dan had dat het bibliotheekwerk misschien wel wat makkelijker gemaakt. 

Je wordt wat je leest

Die historische context, liet hij ook doorschemeren in zijn afscheidsinterview met de Tubantia in 2018

'Volksverheffing is nu, 156 jaar later, eigenlijk steeds meer de taak, al wordt het anders verwoord. ,,Wij zijn ervoor zodat mensen zich persoonlijk kunnen ontwikkelen, dat ze zo goed mogelijk zijn toegerust om mee te doen in de samenleving. Als je het sterk vereenvoudigt komt het hierop neer: van boeken lezen word je een beter mens. ,,Van lezen leer je je te verplaatsen in een ander. Hoe beter je dat kunt, hoe beter je weet hoe de wereld zich ontwikkelt en hoe beter je jezelf in die wereld kunt plaatsen. Je wordt wat je leest.'

De Overijsselse bibliotheken hebben veel te danken aan Gerard. Hij zette de stap naar gezamenlijke financiering, nam afscheid van zijn eigen bibliotheeksysteem en zette zich jaren in als bestuurslid van de Overijsselse bibliotheken en zorgde voor de Muziekbank en de Provinciale Bibliotheek AmateurMuziek.

Als grootste bibliotheek achtte hij zich niet te groot om samen te werken met al die kleinere bibliotheken. Hij sprong daarmee over zijn eigen schaduw. Geen grote verhalen, wel concrete en tastbare samenwerking. 

Gerard was een bibliothecaris die geloofde in een leven lang leren, persoonlijke ontwikkeling, volksverheffing of hoe u het ook in moderne taaal wilt noemen. 

Volksverheffing dus. Dat deden bibliotheken, dat doen bibliotheken en dat blijven bibliotheken doen! 

Op Gerard!

Voor dit In Memoriam dank ik René Siteur en Henk Middelveld voor hun hulp.

woensdag 6 juli 2016

Kinderen van vier jaar: zonder voorlezen, 1.500 woorden, met voorlezen 3.500 woorden..


Goedemorgen! Wat een leuk nieuws om de dag mee te beginnen. Dit filmpje over de VoorleesExpress ging onlangs de lucht in. Het slechte nieuws: 25% van de kinderen start de basisschool met een taalachterstand en 25% verlaat die school ook weer met een taalachterstand.

De VoorleesExpress leest met vrijwilligers voor bij gezinnen die wel een duwtje in de talige rug kunnen gebruiken. Want voorlezen maakt veel verschil. Kinderen die worden voorgelezen kennen op hun vierde jaar 3.500 woorden. Kinderen die niet worden voorgelezen slechts 1.500 woorden. Door elke dag voorlezen kun je je kind een cadeau van onschatbare waarde geven.

Nou ja, ik hoef u dat allemaal niet te vertellen... Maar het filmpje geeft prachtig aan wat de waarde is van bibliotheken die dit organiseren. En een pluim aan Linda Voortman en Karien van Buuren die sinds de start in Overijssel zich inzetten voor dit mooie resultaat.

dinsdag 26 januari 2016

God lof! De oorlog is voorbij. Laten we gauw weer gaan vergaderen!


Na de managementinformatie uit de jaren '20 vond ik in de archieven nog een briefje van net na de Tweede Wereldoorlog.  Het briefje opent met:
'Nu de oorlogsjaren voorbij zijn en daarmede de verdrukking, die ook de Leeszalen ondervonden, God lof! voorbij is, is het weer mogelijk, dank zij het herstel der treinverbinding om als vrije Leeszaalmensen elkaar te ontmoeten.' 
Het briefje roept op om niet alleen de besturen bij elkaar te laten komen maar al het personeel van de bibliotheken. Dit omdat men gezamenlijk de bibliotheek in Deventer zou gaan bekijken. Die stond toen onder leiding van mejuffrouw Timmenga. Een naam die vele ouderen in het bibliotheekwerk nog zullen kennen omdat Deventer later een opleidingsbibliotheek zou worden.

Het aardige is hoe zo'n  klein briefje zoveel informatie over die tijd geeft. Men was gewoon elkaar te treintijden te geven bijvoorbeeld. In meerdere brieven kwam ik dit tegen. En oja, die gezamenlijke broodmaaltijd: wel zelf meenemen.  Maar ook het feit dat degene die uit Steenwijk moet komen na zes uur 's avonds niet meer op tijd thuis kan komen met het openbaar vervoer. De directeur in Steenwijk was op dat moment mejuffrouw Glas en zij mocht blijven slapen bij mejuffrouw Timmenga, .

Gebruik van bibliotheken in de Tweede Wereldoorlog
De Tweede Wereldoorlog was geen makkelijke tijd voor openbare bibliotheken. Personeel dat Joods was, moest uit dienst en werd weggevoerd, gebouwen raakten beschadigd door oorlogsgeweld en uiteraard was nergens geld voor.

Wel vond ik in de archieven wel gebruikscijfers uit 1941 en 1945. Hieronder zie je de bezoekerscijfers en de uitleencijfers uit 1941 en 1945. En die laten wel wat opvallends zien.

Het aantal bezoekers in 1941 bedraagt 146.000. In 1945 zijn dat er nog maar ruim 69.000. Een halvering van de bezoekers dus. Met name de openbare bibliotheken in Almelo, Enschede, Hengelo en Zwolle zien hun bezoekers heel hard teruglopen. Deventer, Kampen en Steenwijk blijven redelijk op peil.

Bij de uitleencijfers zien we echter iets heel anders.
Daar zien we dat het aantal uitleningen stijgt in 1941 van 463.000 naar 860.000 in 1945. Veel minder bezoekers maar veel meer uitleningen. Tegenwoordig zien we eerder de omgekeerde trend. Naar de reden hoe dit zit, kan ik echter slechts gissen: waren ze minder open en mochten mensen meer meenemen? Veranderde men van karakter van Leeszaal (waar je de boeken ter plekke moest lezen) naar Bibliotheek (waar je ze mocht houden)? Wie het weet mag het zeggen.

Nederland weer opbouwen
De blijdschap over de beëindiging van de oorlog is - ook vier maanden na de bevrijding - nog helemaal voelbaar. Ook het elan om weer aan de slag te gaan is zichtaar: 'laten we met z'n allen in Deventer gaan kijken'. Nederland herrees uit de as en bibliotheken zagen daar voor zichzelf een belangrijke taak. Het is dan ook niet raar dat in 1948 twee provinciale stichtingen het licht zien: de Centrale PlattelandsBibliotheek West-Overijssel (CPB) en Katholieke Centrale Vereniging voor Lectuurvoorziening in Oost-Overijssel (KCVL).

Er moesten bibliotheken komen, niet alleen in de steden, ook in alle dorpen! De rest is geschiedenis.

donderdag 14 januari 2016

11 oktober 1918: de eerste samenwerking tussen bibliotheken in Overijssel


Bovenstaande brief is 98 jaar oud en komt uit het archief van het Historisch Centrum Overijssel. En daarmee is het de eerste brief waarmee bibliotheken in Overijssel gingen samenwerken. Op 11 oktober 1918 stuurt de secretaris van de Bibliotheek Zwolle een brief aan de bibliotheken in Almelo en  Deventer. Beiden waren net geopend. Het was de tijd net na de Eerste Wereldoorlog. De illusies over een betere wereld waren wel verdwenen. Dit was reden waarom de overheid na de Eerste Wereldoorlog extra investeerde in cultuur: om de moraal weer op te vijzelen.

Bijgaande stukje geschiedenis kwam ik op het spoor door het proefschrift van Marijke Borghgraef-Bakker uit 2010 'De plattelandsbibliotheek in Overijssel 1948-1988'. Daarin gaat ze ook kort in op de aanloop naar de ontwikkelingen na de Tweede Wereldoorlog.

Zij schrijft hierover:
Door deze ontwikkelingen aangemoedigd, kwamen in de provincie Overijssel in december 1918 vertegenwoordigers van de Openbare Leeszalen van de steden Zwolle, Deventer en Almelo bij elkaar om te bezien of het wenselijk en mogelijk zou zijn in Overijssel een provinciale vereniging op te richten. Het overleg resulteerde in de oprichting van de Bond van Openbare Bibliotheken en Leeszalen in Overijssel (BOLO) op 16 april 1920. Het doel van de bond was de belangenbehartiging van de aangesloten openbare leeszalen en bibliotheken, en eveneens van de inwoners van de provincie Overijssel in die plaatsen waar nog geen openbare leeszalen of bibliotheken gevestigd waren. Een van de eerste activiteiten was het aanvragen van provinciale subsidie voor het opzetten van correspondentschappen voor de plattelandslectuurvoorziening in Overijssel. In december 1920 kende Provinciale Staten van Overijssel een subsidie toe voor een periode van drie jaar, ingaande 1921. Borghgraef, p. 25


We hebben alleen een paar dames en heeren nodig voor de statuten...
De brief die hierboven staat is ook wel een pareltje. De Bibliotheek Zwolle neemt het voortouw om te zorgen dat er een Provinciale Vereniging komt voor Overijsselse Bibliotheken. De secretaris uit Zwolle informeert of de secretaris uit Deventer ook in deze commissie wil zitten. Het geeft wel een mooi tijdsbeeld van die startende bibliotheken. Want het is helder dat de secretaris uit Deventer  waarschijnlijk vragen heeft gesteld over de aanstelling van personeel en of er richtlijnen, handboeken of instructies ware voor al dat nieuwe werk. Ook het besmuikte 'nee, wij hebben geen bibliothecaris maar een directrice' zal menigeen doen grijnzen.  Maar daarna komt de secretaris uit  Zwolle maar daarna toch terzake.

Dan volgen de prachtige zinnen:
Het spreekt vanzelf dat deze comm.(issie) slechts een geheel voorloopig is. Wij hebben nu alleen een paar dames en heeren nodig,om hun namen in de Statuten te vermelden...
Dat u het maar even weet.  Men had toen niet kunnen bevroeden dat de samenwerking na bijna een eeuw dus nog steeds actueel zou zijn.



De oprichting van de BOLO
Op 16 april 1920 vindt dan de definitieve oprichting plaats van de Bond van Openbare Bibliotheken en Leeszalen in Overijssel. De bond kende statuten en een reglement.

Het doel en middelen van de bond werden als volgt omschreven:


Hoewel deze tekst niet helemaal scherp is, kun je eruit halen dat men zich wilde inzetten voor zowel onderlinge samenwerking als voor het opzetten van bibliotheken. Dit kon zijn door echt een bibliotheek te openen of door correspondentschappen te starten. Bij laatste moet men denken aan  een soort reizende collectie en bestelmogelijkheid. Je ziet hier dus alle het eerste interbibliothecaire leenverkeer ontstaan. Maar doel was vooral nog: het uitbreiden van de voorzieningen op het platteland

De aangevraagde provinciale subsidie werd eind 1920 door de Provincie Overijssel toegekend voor een periode van drie jaar.

In een volgend blogje zal ik eens ingaan op hoe de bibliotheken uitbreidden en hoe hun managementinformatie eruit zag in die tijd.

donderdag 24 september 2015

Datajournalistiek voor beginners: Hoe Overijsselse bibliotheken zich door de crisis staande hielden 2006-2014

Als ik iedereen mag geloven naderen we het eind van de financiële crisis. Ik mag het hopen. In de afgelopen jaren schreef ik mijn vingers blauw aan bezuinigingsplannen. Hoe hebben bibliotheken in Overijssel het er vanaf gebracht?

Mijn werkgever was zo slim om mij de afgelopen week op een beginnerscursus datajournalistiek te sturen. Datajournalist Jerry Vermanen, werkzaam bij NU.nl geeft deze cursus bij de Nederlandse Vereniging van Journalisten.

In bijgaande twee overzichten is te zien wat de gemiddelde afstand is in 2006 en 2014 tot een bibliotheekvestiging. De schaal en kleuren zijn op beide overzichten gelijk.



Overijssel houdt goed stand in de crisis

Wie goed kijkt ziet wel enkele verschillen. Maar de verschillen zijn beperkt. Nu zijn we nog niet aan het eind van de bezuinigingen. Wat ik wel zie is dat bibliotheken in de afgelopen jaren vaak manieren hebben gevonden om bijvoorbeeld door samenwerking toch op veel plekken beschikbaar te blijven. Met deze plaatjes zien we dus het effect van deze inspanning.

 


De cijfers zijn overigens openbare cijfers van het CBS. Ik had ze al eens eerder gebruikt maar nog nooit uitgesplitst omdat de databrij mij toelachte en ik vertwijfeld dacht: ik kan er iets mee maar weet nog niet hoe.

Overijssel scoort landelijk goed

Ook landelijk gezien, doet de provincie Overijssel het prima. Kijk maar onderstaande tabel.




Utrecht en Zuid-Holland zijn koploper maar Overijssel volgt daar snel achter.

Wordt vervolgd?
Het is overigens een besmettelijk virus, die datajournalistiek. Want als je dit eenmaal kunt, heb je duizend-en-één vragen die ook wil stellen en wil beantwoorden. Ik ga er maar eens op broeden... maar heel even leun ik toch achteruit een kijk naar een paar leuke plaatjes.

dinsdag 11 maart 2014

Overijssel: +25%, Nederland -25%


De Overijsselse Bibliotheken scoorden de afgelopen zeven jaar 50% beter dan de rest van het land. Terwijl landelijk de uitleningen met 25% daalden, stegen ze in Overijssel met 25%. In bijgaande grafiek ziet u aan de hand van indexcijfers wat er gebeurde.

Cijfers...., ik heb er wel wat mee. In 2010, 2012 en in 2013 gaf ik een wake-up-call op basis van de landelijke cijfers. Conclusie: de klassieke bibliotheekfunctie: uitlenen loopt langzaam terug.

Verlengen van de levenscyclus klassieke bibliotheek...
In Overijssel werd om die reden een tweesporenbeleid uitgezet: op de eerst plaats een levensverlengende actie op de klassieke bibliotheektaak: de bibliotheekformule ontstond met meer frontale presentatie, een nieuwe collectie-indeling en -opbouw en nieuwe manier van werken. En door deze stap te nemen zou er meer tijd ontstaan om de overstap te maken naar een nieuw soort bibliotheekwerk: meer gericht op de werkplaats van de samenleving en de ontmoetingsplaats van de lokale gemeenschap.

Die werkplaats van de samenleving kreeg bijvoorbeeld een uitwerking met een speciaal programma voor middelbare scholieren (Biebsearch) en voor basisscholen (de voorloper van de Bibliotheek op school)

In 2009 al de eerste zwaluw....
In 2009 blogde ik al dat de Bibliotheek Zwolle op dat moment al 50% beter presteerde dan de landelijke cijfers. Zwolle stond toen vooraan met het beleid om de bibliotheken anders in te richten en om dienstverlening meer op scholen te richten. Veel bibliotheken in Overijssel volgden dit beleid en dat werpt nu dus zijn vruchten af. Na die eerste zwaluw volgde dus inderdaad de zomer.

Klaar?
Maar lekker achterover leunen dan en genieten van het succes? Ik dacht het niet! Hoewel de prestaties in Overijssel prettig zijn, moet de echte omslag nu komen. Een verdere invulling van die werkplaats en ontmoetingsplaats. Onderdelen die in het rapport Cohen dat onlangs gepresenteerd werd ook uitgebreid aan bod komen.  En om die reden is het ook goed dat de nieuwe bibliotheekwet spreekt over vijf functies in plaats van drie. Juist die vijf functies bieden ruimte voor het ontwikkelen van een nieuwe toekomst.

Timmerwerkplaats voor de basisvaardigheden
In het nieuwe programma van de Overijsselse bibliotheken staan dan ook zaken als de VoorleesExpress, Boekstart, de Bibliotheek op School, Volksuniversiteit en Laaggeletterdheid.

Jos Debeij noemde de bibliotheek van de toekomst: de timmerwerpkaats voor basisvaardigheden. Ik ben het hartgrondig met hem eens.

Op naar weer een mooie toekomst naar opnieuw veel waarde voor burgers en gemeenten!

Lees hier ook het persbericht van de Overijsselse bibliotheken.

maandag 11 juni 2012

Zes waarnemingen over de bibliotheekformule, funshoppers en runshoppers

In Overijssel zijn enkele tientallen bibliotheekvestigingen inmiddels omgebouwd naar de bibliotheekformule. U weet wel: we lenen veel technieken uit de retail om klanten te verleiden om boeken te lezen of dvd's te gaan kijken. Verleiden is daarbij een belangrijke techniek.

Klantenpanel
De resultaten zijn prima. Daar waar in andere situaties vestigingen in dezelfde periode met 3% tot 4% dalen, hebben we in de omgebouwde vestigingen stijgingen gezien tot 30%. Leuk al die cijfers. Maar wat vinden de gebruikers van de bibliotheek er eigenlijk van? Voelen ze zich er prettig bij? En wat doet het met hun bezoekgedrag? Zijn ze anders gaan lenen? Om dat te weten te komen hebben de Overijsselse Bibliotheken het bedrijf Ruigrok Netpanel gevraagd onderzoek te doen. Dit hebben ze gedaan met aselecte  klantenpanels(zowel jeugd als volwassen) in de verschillende typen bibliotheekvestigingen. Een samenvatting van de uitkomsten vinden jullie in de presentatie. Een paar waarnemingen wil ik wel graag met jullie delen.

Waarneming 1: de bibliotheek wordt voor funshoppers
De bibliotheekformule is gericht op verleiden. Niet alles staat alfabetisch en veel wordt frontaal gepresenteerd. Soms tot 40% van de collectie. Onze gebruikers waarderen het zeer. Ze vinden de bibliotheken zeer uitnodigend en een prima plek om ook anderen te ontmoeten. De bibliotheek voldoet prima aan de eisen van funshoppers en we zien dat ook terug in het gedrag van onze leden.

Waarneming 2: de bezoeker nam meer mee dan deze dacht mee te nemen
De gebruikers in het panel geven aan dat men regelmatig constateert dat men meer mee nam dan men vooraf dacht mee te nemen. Het verleiden blijft niet alleen bij kijken maar leidt ook tot lenen. Dat zien we ook terug in de cijfers. De uitleenaantallen stijgen harder dan de ledentallen. Naast het feit dat deze heringerichte vestigingen dus meer leden trekken, is de sterkste stijging af te leiden uit meer uitleningen per lid.

Waarneming 3: runshoppers bestellen via internet
Gericht zoeken is één van de punten die minder sterk scoort in de bibliotheekformule. Een boek of dvd kan wel op drie of vier verschillende plaatsen staan. Gelukkig komt het merendeel van onze leden niet met een gerichte vraag. Wel zien we hierdoor een veranderend gedrag ontstaan. Gerichte zoekers - de runshoppers - zullen steeds vaker hun boek of dvd via internet bestellen en laten klaar zetten. Er is één plek waar je heel gericht kunt zoeken: dat is in de reserveringskast. En overigens ook dat wordt zeer gewaardeerd. Dat is geen diskwalificatie maar het wordt gezien als een service. Het is zelf zo sterk dat een directeur mij vertelde dat een klant ooit bij hem kwam en zei dat deze zijn  gereserveerde boek niet kon vinden in de reserveringskast. Daarop vroeg de directeur wanneer deze het besteld had: "Nou, een half uur geleden".

Waarneming 4: openingstijden zijn trending topic
Jarenlang heeft het in de irritatie-top-3 gestaan van onze klanten: u bent altijd dicht, wanneer ik vrij ben. Veel van de heringerichte vestigingen zijn fors ruimer open gegaan. Het blijkt een kernpunt van het succes te zijn.

Waarneming 5: onbemande uren zijn geen probleem
Als bibliotheekleden moeten kiezen tussen meer open zonder personeel of minder open maar met altijd personeel, dan kiest men voor meer open. Ja, men waardeert het personeel zeer. Maar men waardeert openingstijden nog meer.Het geeft ook aan dat in onze bibliotheken de meesten gebruikers zichzelf goed kunnen redden.

Waarneming 6: bestellen bij andere bibliotheken is onderdeel mindset
In Overijssel kun je bijna overal gratis bestellen bij andere bibliotheken. Wat er niet is, laat je even overkomen en haal je op. Het wordt zeer gewaardeerd. En men gaat het ook normaal vinden dat we dat doen. Het is ondenkbaar dat we dit ooit niet meer doen.

Van extra service naar dissatisfier
Met de bibliotheekformule zijn de Overijsselse bibliotheek naar een soort hoger niveau van dienstverlening gegaan. Bibliotheekleden waarderen het en zien het nu nog vooral als nieuw. Tegelijkertijd wordt wat we vandaag nieuw vinden, morgen de norm. Dat betekent dat bibliotheken of vestigingen waar dit nog niet is doorgevoerd op termijn minder gewaardeerd zullen worden. En daarmee wordt onze vernieuwing, een standaard, een commodity. Zoiets als stromend water: we vinden het normaal dat het er is en we merken het alleen als het er plotseling niet meer is.

We zijn goed op weg en nog lang niet klaar met bibliotheken. Maar toekomst is er zeer zeker.

woensdag 6 juli 2011

Een bibliotheek zonder subsidie?

Kan een bibliotheek zonder subsidie? Dat was het uitgangspunt van Türkan Dag en Jacqueline Krans, twee studentes in het innovatielab. Ze hebben vijf concepten uitgewerkt die ze min of meer haalbaar achten. Vandaag hebben ze die concepten gepresenteerd aan directies van bibliotheken in Overijssel. Deze presentatie geven we hier graag aan u door.

Het zijn vijf creatieve concepten. Een ultieme oplossing bestaat er niet maar het zijn wel vijf concepten die richting geven. Ik zal de vijf concepten kort toelichten.

Concept 1: Library-in-shop
Wie in de V&D is, kan verschillende shops-in-a-shop aantreffen. Waarom zouden we dit ook niet met biblitoheken doen. De muziekcollectie brengen we onder in een muziekzaak. De literatuur bij een boekenzaak. Het bibliotheekbezoek verplaatst zich naar de winkels. Dat is de winst voor de winkel. De tegenprestatie is dat zij de bibliotheek er bij krijgen. De bibliotheek verkoopt of verhuurd haar bestaande vastgoed en heeft hiermee een buffer om deze functie nog jaren te onderhouden.

Concept 2: Gepsonsorde bibliotheek
In het buitenland zijn verschillende bibliotheken bekend die volledig met sponsorgelden worden gerund. De bibliotheek wordt een goed doel. Dan moet de bibliotheek zich ook als zodanig gaan presenteren: een goed doel die zich inzet voor een betere samenleving. Er kunnen grote en kleine donoren gezocht worden. En uiteraard kun je vrijwilliger worden bij dit goede doel.

Concept 3: Bibliotheek.com
In dit concept stoppen we met fysieke vestigingen. Alles gaat via internet. Het vastgoed van bibliotheken wordt deels verkocht en deels omgebouwd naar multimedia-learning-centers. Wat nog wel fysiek wordt uitgeleend gaat via afhaalpunten of via de post. Maar alle afhandeling doen we nog via Internet

Concept 4: Biebcrossing
Ook hier verkopen we al het vastgoed en gaan we alle boeken via een bookcrossing-concept door Nederland laten gaan. We keren onze collectie in één keer van binnen naar buiten.

Concept 5: Bibliotheek van iedereen
Dit concept is geïnspireerd op concepten waarbij veel mensen als comunity samen activiteiten organiseren. Daarbij kun je denken aan de Tedx-lezingen. Waarom niet samen zo als bibliotheken lezingen organiseren? Kleinschalig en daarna via internet met elkaar delen?

Van oude naar nieuwe bibiotheek
Je kunt zeggen dat deze concepten toch voornamelijk ingaan op de “klassieke” bibliotheek. Dat klopt en dat is met opzet. Wij denken namelijk dat er wel degelijk nog subsidie blijft voor bibliotheken maar dat deze steeds vaker naar nieuwe bibliotheektaken zal gaan. Dan moet je echter wel op een goede manier afscheid hebben genomen van je “oude” taken. En misschien bieden bovenstaande concepten daar wel een handreiking bij.

Türkan en Jacqueline: veel succes!
Een tweedejaarsstudent en een derdejaarsstudent. In een aantal weken schrijven ze zo'n verhaal bij elkaar. Ik vind het knap. Türkan studeert af voor haar associate-degree met deze presentatie. En natuurlijk is ze geslaagd. Met vlag en wimpel. Jacqueline moet nog even voor haar HBO-diploma. En ik weet dat het bibliotheekwerk straks weer twee enthousiaste jonge mensen rijker is. Türkan en Jacqueline: veel succes!

Oh ja, Türkan zoekt nog een baan in de omgeving van Amsterdam.

vrijdag 25 februari 2011

RTV Oost over de groei van de Overijsselse bibliotheken

Get Microsoft Silverlight
RTV Oost berichtte over al die Overijsselse bibliotheken die bezig zijn met een sterke groei. Een leuk bericht in een tijd dat veel gemeentes zich beraden over waar bezuinigingen terecht komen. Goed nieuws is dan altijd welkom en ook wel terecht lijkt me.

Kijk vooral ook nog even op de site van RTV Oost zelf . Er zijn leuke en markante reacties te vinden.