Posts tonen met het label stichting lezen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label stichting lezen. Alle posts tonen

zondag 17 augustus 2025

Hoe kan een bibliotheek de dienstverlening aan het onderwijs verantwoord laten groeien?

Zo, de vakantie zit er voor mij wel ongeveer op en ik pak de pen maar weer eens op. En ik ga verder waar ik voor de zomervakantie gebleven was: bij de bijdrage van bibliotheken aan het leesplezier van kinderen. Voor de zomervakantie schreef ik nog over het puike plan van D66 om binnen tien jaar geen kind laaggeletterd van school te laten gaan. En vandaag ga ik verder met de groei die het bibliotheekwerk op dit punt doormaakt en hoe je die groei verantwoord door kunt zetten.

Eind mei van dit jaar werden de nieuwe cijfers gepubliceerd voor de bibliotheekdienstverlening voor jeugd. En in juni vond het Nationale Bibliotheekcongres plaats en werd een nieuwe versie van Lezen Lokaal Verankeren gelanceerd. Twee mooie redenen om eens kort langs de verschillende onderdelen te lopen. En tot slot sta ik stil bij de vier trends die Lezen Lokaal Verankeren constateert als het gaat om leesbevordering en onderwijs.

Boekstart


Boekstart is een programma dat door alle bibliotheken wordt gebruikt maar dat wel wat verschillende uitvoeringen kent. Zo hebben we het Boekstartkoffertje dat wordt aangeboden aan pasgeborenen, er is een versie Boekstart in de Kinderopvang en er zijn Boekstartcoaches bij consultatiebureaus of andere goede plekken. 

In het dashboard van de KB kun je voor de boekstartkoffertjes de uitsplitsing nog terugvinden naar jaren. Dat ziet er dan zo uit. 


Te zien is dat er een groeiend aantal koffertjes wordt uitgedeeld. Helaas kan ik in het nieuw dashboard niet meer zo'n zelfde tijdlijn vinden voor het aantal kinderopvanglocaties.  Wel kun je een overzicht vinden voor het huidige aantal. Dan krijg je de volgende grafiek. 


In het vorige dashboard zat die historische reeks nog wel. Die kun je hier nog vinden.  En dan hadden we kunnen zien dat het aantal locaties voor Boekstart snel aan het toenemen is. En dat heeft natuurlijk alles te maken met de impulsregeling die naast het PO en VO ook voor Boekstart gold. Ter vergelijking in 2022/2023 stond nog maar 2.361 locaties voor Boekstart in de kinderopvang genoteerd en 507 locaties met een alternatief programma. 

Bibliotheek op school PO


Uit hetzelfde dashboard kunnen we ook halen hoe het aantal basisscholen stijgt dat met de Bibliotheek op school werkt. Daarbij zie je dat in het laatste jaar het aantal schoollocaties flink gestegen is. Het aardige is dat men in dit dashboard het aantal locaties bijhoudt waar verkennende gesprekken mee worden gevoerd. En dan zie je dat in de afgelopen twee jaar dat aantal flink is aangetrokken. En ook dat heeft te maken met de impulsregeling die is ingezet. En we zien ook dat er het afgelopen jaar ook nog een flink aantal scholen in een verkennend gesprek zat en dat ook dit jaar die groei dus ontegenzeggelijk zal doorzetten. 

Bibliotheek op school VO


Voor het voortgezet onderwijs kent het dashboard nog niet zo'n lang historische reeks. Maar ook hier zien we een gestage groei en een flinke voorraad met verkennende gesprekken voor de Bibliotheek op school of een vergelijkbaar programma. 

Hoe zorg je dat je verantwoord groeit en wat zijn trends?

Wat ik hierboven schreef is voor iedereen die in het bibliotheekwerk werkt al jaren zichtbaar: de ondersteuning van vroeg- en voorschoolse educatie, basisonderwijs en voortgezet onderwijs zit flink in de lift. Op alle vlakken explosieve groei. En ja, de landelijke middelen die hiervoor beschikbaar komen zijn zeer welkom maar dat betekent nog niet automatisch dat die groei altijd goed gaat. Hoe vind je de juiste nieuwe collega's, hoe zorg je voor aanvullende middelen want alleen de rijksmiddelen zijn niet voldoende en wat betekent groei voor de aanpak en wijze van organiseren?

Op die vragen gaat het boekwerkje 'Lezen lokaal verankeren' in dat Hermien Lankhorst voor de stichting Lezen opstelde. De brochure is in het verleden al eens eerder gemaakt maar gezien de groei en de veranderende fase waar deze dienstverlening zich in bevindt, was het wel tijd voor een nieuwe versie. 

In de brochure interviewt Hermien Lankhorst verschillende bibliotheekorganisaties die vertellen over de lessen die zij de afgelopen tijd hebben geleerd. Zo kun je leren van de Bibliotheek Rotterdam, de Bibliotheek Deventer, de Bibliotheek Helmond-Peel en Biblionet Groningen. Van elke organisatie valt vanuit managementperspectief wel wat te leren. Rotterdam vertelt over hoe ze ervoor zorgen dat je niet voor elke school een uniek product maakt, Deventer praat open over de valkuil van de voorloper, Helmond-Peel gaat in op hun nieuwe samenwerkingsaanpak met gedeeld committment en Biblionet Groningen verhaalt over het organiseren op provinciale schaal. 

Vier trends voor gezonde groei

Hermien Lankhorst weet deze vier voorbeelden samen te vatten tot vier trends waar je je voordeel mee kunt doen. En die vier trends voor gezonde groei vatik hier dan weer even samen.

1. Uitbreiding van leesbevorderingsactiviteiten - blijvende aandacht voor bewustwording

De programma’s BoekStart en de Bibliotheek op school zijn de afgelopen jaren sterk gegroeid. Dankzij het Bibliotheekconvenant en het Masterplan basisvaardigheden is er meer aandacht én financiering gekomen. Toch blijft het belangrijk om partners bewust te maken van de inhoud en impact van deze programma’s, vooral bij personeelswisselingen en onbekendheid met onderdelen zoals BoekStart in de kinderopvang.

2. Veranderende rol van de bibliotheek en leesmediaconsulent

Leesplezier – tegenwoordig vaak “leesmotivatie” genoemd – is een kernwaarde in de aanpak. De rol van de leesmediaconsulent verschuift van uitvoerend naar adviserend. Zij ondersteunen scholen en kinderopvanglocaties bij het creëren van een rijk leesklimaat. Specialisatie binnen het team, bijvoorbeeld op leeftijdsgroepen of thema’s als meertaligheid, wordt steeds belangrijker.

3. Professionelere samenwerking

Samenwerking met partners wordt zakelijker en transparanter. Heldere afspraken en inzicht in kosten zijn essentieel. Instrumenten zoals exploitatiemodellen en productcatalogi helpen bibliotheken om hun inzet duidelijk te maken. Dit leidt tot meer eigenaarschap bij partners en versterkt de samenwerking.

4. Gelijkwaardige partnerschappen

De Bibliotheek mag zich lokaal krachtiger positioneren. Ze is een centrale speler met unieke expertise, maar moet ook haar grenzen kennen. Gelijkwaardige samenwerking vraagt om wederzijds respect en open communicatie. Door ambities en verwachtingen te bespreken, ontstaat een aanpak die meer is dan de som der delen.

Van investeren naar resultaten naar impact

Wat de cijfers aantonen is dat de eerste impulsregeling nu snel zijn resultaten begint af te werpen. Het aantal locaties stijgt op alle fronten. Dat is mooi om te zien. En we weten dat er nog een structurele regeling aan gaat komen vanaf 2027 als de huidige regeling afloopt. De projectfase zijn we dus allang voorbij. Tijd dus om structureel te borgen en verder te groeien. Met alle vragen van dien.

En bij die groei is het niet alleen voldoende om locaties aan te sluiten maar om uiteindelijk om samen met het onderwijs en ouders tot meer leesplezier en betere leesprestaties te komen. Impact dus. En ondanks alle grote woorden van onze sector zijn bibliotheken daarbij echt maar een radertje in het grote geheel. Bibliotheken hebben een begroting van ongeveer € 500 miljoen, het basisonderwijs kent alleen al een omvang van € 16 miljard. Daarmee hoeven we ons niet kleiner te maken dan we zijn maar we zijn ook niet de enigen die aan de lat staan. 

Het betekent daarom niet alleen lokaal krachtdadig positioneren - waar de brochure over gaat - maar ook landelijk. Daar heb ik met de stichting Lezen, KB, VOB en SPN alle vertrouwen in. En het zou mooi zijn om in het verlengde van het bibliotheekconvenant tot landelijke vervolgafspraken te komen met de PO-raad, VO-raad en brancheorganisatie(s) voor de kinderopvang om af te spreken dat we langdurig op elkaar kunnen rekenen. Als we dat doen, kunnen we niet alleen locaties tellen maar komt ook een afspraak over landelijke impact in beeld. 

Overigens denk ik dat we er nog lang niet zijn. Ja, we hebben veel succesvolle jaren achter de rug. Maar als we kijken naar bereik, diepgang en impact, ligt er ook nog een flinke weg voor ons. Een weg waarin we telkens zullen moeten blijven innoveren. En ja, lezen blijft lezen maar de manier waarop we het kunnen stimuleren, kan natuurlijk altijd beter. Daar zullen we ons elke dag voor inzetten.

Voor dit moment begin ik dan maar met het stimuleren van het lezen van die brochure 'Lezen Lokaal Verankeren'. En voor wie het betreft: geniet nog even van de vakantie.  

zondag 15 juni 2025

Over Eppo, Mariëlle, Erna en Adriaan

In 24 uur kan veel gebeuren. En dat maakte ik woensdag en donderdag mee. Woensdag vond een algemene ledenvergadering plaats van de Vereniging van Openbare Bibliotheken en daags erop een groot bibliotheekcongres waar maar liefst 1.200 bibliotheekcollega's aanwezig waren. Als je weet dat het er in totaal 8.000 mensen een betaalde baan hebben in het bibliotheekwerk, kan bijna verbaasd zijn dat de bibliotheken open waren op donderdag. Kortom, we maakten ons weer lekker druk.

Maar terwijl de ledenvergadering en het congres plaats vonden, vonden de belangrijkste zaken misschien wel plaats buiten die twee toogdagen. Ik neem u mee naar de buiten- en binnenwereld van iets meer dan 24 uur bibliotheekwerk.  

Woensdag 11 juni, 11 uur: € 50 miljoen structureel voor Bibliotheek op school en Boekstart

Wie zijn oor te luisteren legde in de wandelgangen, wist dat dit nieuws er aan zat te komen: structurele financiering voor Bibliotheek op school  en Boekstart.  Minster Eppo Bruins en staatssecretaris Mariëlle Paul maakten dat rond 11 uur op woensdag bekend op de St. Antonius Mavo in Gouda. Goed en noodzakelijk nieuws want de huidige impulsregeling liep nog tot 2026. Ronkende persberichten uiteraard. Maar heeft u de brief ook al gelezen die daar bij hoort? Nee? Dat treft. Dat deed ik wel en daar zijn toch wel wat interessante zaken in te ontdekken. 

In de brief geven minister en staatssecretaris aan hoe het bedrag beschikbaar zal komen:

Er worden structurele middelen beschikbaar gesteld uit zowel het onderwijs- als het cultuurbudget. In 2026 wordt er €10 miljoen beschikbaar gesteld vanuit de onderwijsbegroting om de huidige subsidieregeling, die einde schooljaar 2025/2026 afloopt, met een half jaar te verlengen tot eind 2026. In 2027 is er € 38 miljoen beschikbaar vanuit de onderwijsbegroting; vanaf 2028 gaat het jaarlijks om €50 miljoen. ... 

Daarnaast wordt al sinds 2008 jaarlijks € 3,35 miljoen uit het cultuurbudget geïnvesteerd in de professionalisering van dBos. Deze middelen worden gebruikt voor het opleidingsaanbod voor leesconsulenten en taalcoördinatoren en voor kennisdeling, monitoring en onderzoek.
De huidige regeling die tot einde schooljaar 2025/2026 loopt wordt dus met een half jaar verlengd. In 2027 stijgt dit dan naar € 38 miljoen en in 2028 naar € 50 miljoen. Het bedrag moet verdeeld worden over bibliotheken en onderwijs. Beide de helft. Dat betekent in 2027 een bedrag van € 19 miljoen en vanaf € 2028 een bedrag van € 25 miljoen voor bibliotheekwerk. De hele snelle rekenaars zien dat hiermee in 2027 even een lichte daling optreedt. De impulsregeling voorziet tot en met 2026 in een bijdrage van ongeveer € 24 miljoen per jaar. Maar goed, een kniesoor die daarover valt want die structurele financiering is echt fijne borging. Overigens adviseerde Kwink destijds nog wel een hoger bedrag maar laten we eerst maar eens laten zien dat we dit goed laten landen. Want in een sector die jaarlijks € 500 miljoen omvat, is € 25 miljoen extra een flinke stap vooruit.

Dat het onderwijs ook een bijdrage krijgt, is ook heel waardevol. Het mooiste is natuurlijk om als bibliotheek en onderwijs dan samen plannen te maken en zo de middelen bij elkaar te leggen. Freddy Weima, voorzitter van de PO-raad - die ik mocht interviewen op het congres - gaf aan dat hij graag samen met de bibliotheeksector optrekt. Dat biedt mooie perspectieven. 

Bibliotheek op school en Boekstart worden een plicht voor bibliotheken

Terug naar de brief. Over elk woord in een Kamerbrief is nagedacht. En hoewel de brief niet lang is, kun je toch makkelijk aan het volgende zinnetje voorbij lezen. Het staat ook bijna aan het eind:
Scholen kunnen ervoor kiezen om (een deel van) de gerichte bekostiging te besteden aan dBos. Bibliotheken moeten de structurele financiering inzetten om de samenwerking met het funderend onderwijs en/of de pabo, het mbo en de kinderopvang (BoekStart) voort te zetten. 
Scholen krijgen dus nog enige vrijheid voor de inzet. Dat zal met de vrijheid van onderwijs te maken hebben. Maar bibliotheken krijgen die vrijheid niet: het moét besteed worden aan Bibliotheek op school en Boekstart. En omdat elke bibliotheek geld gaat krijgen, moet dus ook elke bibliotheek het gaan doen. De minister wil het dus echt afdwingen: het is moeten. Hoe doe je dat? Een extra regeling of een wettelijke taak? En ik ben ook wel benieuwd hoe die financiering dan moet lopen om daarvoor te zorgen. Interessant om te blijven volgen.

Alle bij elkaar: Prachtig en noodzakelijk nieuws!. Hulde aan ieder die daar aan meegewerkt heeft bij ministerie, Stichting Lezen, VOB, SPN en KB.

Donderdag 12 juni 10 uur: Het bibliotheekcongres start: netwerkagenda gepresenteerd


Op donderdag 12 juni om 10 uur startte het bibliotheekcongres. Een bomvol Beatrix Theater in Utrecht. In het eerste uur presenteert Erna Winters de netwerkagenda van de sector. De netwerkagenda is een uitwerking van het bibliotheekconvenant en de bibliotheeksector geeft hierin aan hoe zij de ambities gezamenlijk waar gaan maken. Kort gezegd: het is het huiswerklijstje voor iedereen in de sector voor de komende jaren. De foto komt overigens uit de krant die direct na afloop van het congres verscheen. Als je het gemist hebt, wellicht toch aardig om doorheen te bladeren. Het is een mooie samenvatting van de dag. 

Donderdag 12 juni, 11 uur: De wetswijziging gaat gewoon door en gemeenten ga niet bezuinigen! 

Terwijl mijn 1.200 collega's bij het congres vervolgens na de gezamenlijke aftrap naar allerlei sessies gingen, startte in de Tweede Kamer het cultuurdebat. En ook daar werden nog wel wat opmerkingen gemaakt over bibliotheken. 

Ik geef u het fragment waarin minister Eppo Bruins antwoordt op de gestelde vragen over bibliotheken. 


De minister geeft in zijn beantwoording aan dat hij raadsleden van gemeenten oproept om colleges bij de les te houden als het gaat om de extra middelen voor bibliotheekwerk. De raad is de baas in de gemeenten en die moeten daar dus ook toe oproepen. En hij geeft aan dat hij de behandeling van de wetswijziging echt zo snel mogelijk wil doen maar dat het ook zorgvuldig moet. Daarin merk je wel dat er toch nog wel wat sleutelwerk is verricht na de internetconsultatie en dat dat tijd vraagt. De minister hoopt dat het wetsvoorstel voor de verkiezingen door de minsterraad is en dan naar de Raad van State kan. Na de verkiezingen kan het dan behandeld worden. Maar het onderwerp is geenszins controversieel zoals je aan alles hoort. Behandeling hoeft dus niet te wachten op een nieuw kabinet. Wie doortelt komt dan uit op een vroegste afronding in het eerste of tweede kwartaal van 2026. 1 juli 2026 lijkt mij nu dus de vroegste datum van invoering.

Met bovenstaande fragment bent u in drie minuten dus weer bij op de hoofdlijnen. Toch haal ik nog één ander fragment aan en dat is de inbreng van Mohandis (GroenLinks-PvdA). En dan gaat over gemeenten die wellicht toch willen bezuinigen op bibliotheekwerk. 


Mohandis roept in dit fragment, naar aanleiding van vragen van Koops (NSC), de kamer op om dit proces goed te volgen. Kamerleden gaan niet over lokale bezuinigingen maar hij gaf ook aan dat er zeer brede steun is om het geld goed te laten landen en dat de Kamer daar ook weer vragen en moties voor kan aannemen. En als voorbeeld... het extra geld voor Bibliotheek op school begon precies op die manier. De toegezegde bedragen moeten dus ook echt bij bibliotheken komen. Zijn pleidooi: 'De bibliotheek moet gezien worden als essentiële voorziening waar niet op moet worden bezuinigd.' 

Een zijlijn wellicht maar niet onbelangrijk is het volgende. De demping van het ravijnjaar - 2026 - voor gemeenten heeft dit kabinet nog keurig voor haar val in de Mei-circulaire verwerkt. Veel gemeenten die moesten bezuinigen, zouden hiermee dus extra lucht moeten krijgen. Altijd handig om te weten en te volgen. 
 
Donderdag 12 juni, 14.30 uur: De mens achter al het werk: Adriaan Langendonk

Allemaal mooi nieuws. En vooral in de buitenwereld, buiten het congres. En dan ga toch even terug naar die binnenwereld en het congres. Ik hoorde heel veel positieve geluiden. Veel mensen die blij waren dat het weer terug was. Veel complimenten voor de programmering en het mooie plein dat er bij zat. En de VOB had een mooie kaartenactie om onze collega's in de Verenigde Staten een hart onder de riem te steken. 

Zelf had ik het voorrecht om een aantal gesprekken te mogen leiden over de Bibliotheek op school. Het waren stuk voor stuk waardevolle en inspirerende ontmoetingen met mensen uit het onderwijs en de bibliotheekwereld — allemaal even bevlogen over leesbevordering.

Maar het allermooiste moment? Dat was zonder twijfel toen ik Adriaan Langendonk (Stichting Lezen en KB) in het zonnetje mocht zetten. Zie de foto boven. Ik loop al jaren met hem op en heb van dichtbij gezien hoe hij zich onvermoeibaar inzet voor programma’s als BoekStart en de Bibliotheek op school. Hij is echt een drijvende kracht achter deze belangrijke initiatieven.

Namens de directies van Stichting Lezen en de Koninklijke Bibliotheek kreeg hij een bijzondere en welverdiende onderscheiding: De Boekwijzer van Langendonk. Een prijs die zijn uitzonderlijke bijdrage aan leesbevordering eert — en die, heel passend, zijn naam draagt. Hij was natuurlijk de eerste die deze prijs in ontvangst mocht nemen. Een prachtig en ontroerend moment!

We hadden het over de buitenwereld en de binnenwereld van bibliotheekwerk. In de binnenwereld zijn we druk met onszelf. In de buitenwereld heeft men een mening over ons. En misschien is Adriaan juist wel zo'n schakel die die buiten- en binnenwereld zo noodzakelijk aan elkaar verbindt: scholen, bibliotheken, auteurs en politiek. De kracht van bibliotheekwerk is gelijk aan de kracht die we kunnen maken om die werelden te verbinden. 

Binnenwereld en buitenwereld verbinden. 

In 24 uur kan veel gebeuren. Er werd een ledenvergadering gehouden en 1.200 bibliothecarissen namen deel aan een mooi bibliotheekcongres. Enthousiasme alom. Er kwamen prachtige innovaties en inzichten voorbij. Innovaties en inzichten om de komende tijd in de praktijk te brengen.  Eén man kreeg zelfs een mooie prijs. 

Maar terwijl wij zo druk waren gebeurde in die 24 uur op twee plekken iets dat minstens evenveel impact heeft: structurele financiering voor Bibliotheek op school en Boekstart en met hoogste snelheid de wetswijziging nog steeds naar de Kamer. Een demissionaire minister op missie!

Er is een binnenwereld en een buitenwereld. En de kunst is die zo goed mogelijk op elkaar te laten aansluiten. De buitenwereld heeft het deze week goed voor met ons. In de binnenwereld kregen we ons huiwerk uitgedeeld met de netwerkagenda. 

U bent weer bij en aan de slag!

zondag 16 april 2023

We lezen meer, we denken dat we minder lezen en aan het eind hebben we toch een leescrisis

Deze week las ik twee bijzondere onderzoeksrapporten. Twee onderzoeken uit dezelfde koker die elkaar ogenschijnlijk tegen lijken te spreken. Het gaat om het onderzoek "Hoe leesgedrag is veranderd door corona" uit 2022 en "Hoe kun je lezen het beste stimuleren?" uit 2023. Beide zijn onderzoeken die door KVB/Boekwerk zijn gepubliceerd. Dat er een schijnbare tegenstelling in de twee rapporten lijkt te zitten, zegt overigens niks over dit puike instituut dat in de regel te weinig credits krijgt voor hun goede werk. 

We lezen meer!

Eerst maar eens het goede nieuws. Want dat is dat we meer zijn gaan lezen in Nederland! Het aantal niet-lezers daalde tussen 2017 en 2022 van 34% naar 25%. Dat is een kentering ten opzichte van alle andere historische onderzoeken die over lezen zijn gedaan. Wie dat nog eens na wil lezen moet terecht bij het SCP-rapport Lees:tijd

Het onderzoek dat hier gedaan is, is een terugkerend onderzoek met een vast panel  met 7.500 panelleden uit 5.000 huishoudens. Het panel bevat mensen uit alle lagen van de Nederlandse bevolking en vormt een goede vertegenwoordiging van de Nederlandse bevolking. 'Probability-based' heet dat in onderzoekstermen. Dit is dus geen eendagsonderzoek om een quote in een nieuwsitem te zijn maar onderzoek dat in de loop der jaren al vaak herhaald is. De uitkomsten zijn dus zeer betrouwbaar.

In het onderzoek wordt dus gewerkt met vier groepen lezers. 

  1. Niet-lezers: Nederlanders die in de afgelopen 12 maanden in hun vrije tijd niet regelmatig hebben gelezen
  2. Soms, kort: Nederlanders die regelmatig, maar minder dan 4 dagen in de week lezen en op deze dagen daar 90 minuten of minder aan besteden.
  3. Soms, lang: Nederlanders die regelmatig, maar minder dan 4 dagen in de week lezen en op deze dagen daar meer dan 90 minuten aan besteden.
  4. Vaak, kort: Nederlanders die regelmatig, en 4-7 dagen in de week lezen en op deze dagen daar 90 minuten of minder aan besteden.
  5. Vaak, lang: Nederlanders die regelmatig, en 4-7 dagen in de week lezen en op deze dagen daar meer dan 90 minuten aan besteden.

Als je inzoomt op de resultaten zie je iets wat nog opmerkelijker is. Het zijn namelijk vooral jonge mensen (tot 44 jaar :-) die meer zijn gaan lezen. 

De meest spectaculaire daling bij niet-lezers zie je in de leeftijdsgroep 25-34 jaar. Het aandeel niet-lezers daalde daar van 47% voor corona naar 28% in de coronaperiode. Ondertussen loopt dit wel weer op naar 30% in 2022 maar het is nog altijd fors onder het niveau van voor corona. 

Blijft het zo ná corona?

Het onderzoek is overigens ver in 2022 afgerond dus nadat coronamaatregelen waren opgeheven. Ook toen zagen de onderzoekers nog steeds een toename van het leesgedrag ten opzicht van 2017. Het is interessant om te volgen of die verandering in leesgedrag dus beklijft of dat het toch een crisiseffect is. Vooralsnog wijst het op dat eerste maar het is nog te vroeg om te juichen, denk ik.

KVB meldde ook nog dat Nederlanders in dit onderzoek aangaven dat men meer boeken is gaan lezen. 
Gemiddeld lazen Nederlanders vóór corona tussen de 1,2 en 1,3 boeken uit in een maand. Sinds corona is dit gemiddelde gestegen naar 1,5 tot 1,6.

We lezen meer maar we denken dat we minder lezen...

Dan het tweede rapport van KVB/Boekwerk dat onlangs verscheen over 'Hoe je lezen het beste kunt stimuleren'. Daarin is gevraagd of mensen denken dat ze de afgelopen drie jaar meer of minder zijn gaan lezen. Daar komt het volgende uit. 

Bijna 40% van de ondervraagden denkt dat men minder leest in vergelijking met drie jaar geleden. Helaas krijg je in de sheets van dit onderzoek geen zicht op de achterliggende basiscijfers. Zo wordt gemeld dat dit voor jongeren nog hoger ligt maar deze cijfers zitten niet in de sheets. De omvang van het onderzoek is met 1.222 respondenten lager dat het bovenstaande onderzoek. Ik ben dus geneigd meer waarde te hechten aan het bovenstaande onderzoek dan aan deze stelling. Het zou dus kunnen zijn dat we denken dat we minder lezen maar dat we dat in de praktijk toch meer zijn gaan doen. 

Verder blijkt uit dit onderzoek dat iedereen lezen wel belangrijk vindt en dat het krijgen of zelf kopen van een boek, een goede stimulans is om iemand aan het lezen te krijgen. Ben je een leesbevorderaar, geef dan voor boeken cadeau...

Bibliotheek voor leden de belangrijkst inspiratiebron

Ook heeft men onderzocht waar Nederlanders hun inspiratie om boeken te lezen vandaan halen. Dat levert bijgaande staatje op. 

De belangrijkste inspiratiebron zijn dus je familie en vrienden, mensen die over boeken praten. De bibliotheek staat pas op de zesde plaats als inspiratiebron. Slechts 18% van de respondenten noemt de bibliotheek. Daar staat tegenover dat dit voor bibliotheekleden de belangrijkste inspiratiebron is met 46%. Die 31% die ook in de resultaten staat bij niet-leden moet denk ik 13%. Dat lijkt me een typefoutje in het onderzoek. 

Opvallend is ook de invloed van sociale media met 20%. Ook daar maakt het onderzoek nog een uitsplitsing welke invloed de verschillende platforms hebben op leesgedrag en welke leeftijdsgroep het meeste werkt met welk platform.

Facebook is voor de mensen die zich via sociale media laten inspireren voor 54% nog het grootste platform. Wie dacht dat TikTok of Instagram dat al zou zijn, komt dus bedrogen uit. Maar er zit inderdaad wel een generatiekloof. Jongeren zitten meer op Instagram en TikTok en ouderen zitten vooral op Facebook. 

Is er dus geen leescrisis?

In deze twee onderzoeken lijkt het dus alsof we meer zijn gaan lezen maar dat we denken dat het niet zo is. Is de leescrisis dus opgelost? Nee, geenzins. En daarover verscheen weer een mooi derde overzicht. Dit keer van de Boekmanstichting onder de titel: 'Ontlezing Samenwerken om  het tij te keren' 


Auteur Jack van der Leden ontleed vakkundig in deze Boekmanspecial hoe de leescrisis ontstond en welke maatregelen er tot nog toe genomen zijn. Wie de afgelopen jaren alle onderzoeken gevolgd heeft, leest niets nieuws. En toch krijg je een bijzonder ongemakkelijk gevoel als je alle onderzoeken en politieke stappen die wel of niet gezet zijn, zo op een rijtje ziet. Want uit alles blijkt dat de leescrisis een uitslaande brand is waar veel te weinig brandweerlieden op afgestuurd worden. En dat die brandweerlieden dan ook al jaren roepen.

Maakt dat moedeloos? Ja, een beetje wel. Maar ik zie ook lichtpuntjes hoor. Ik zie hoeveel mensen zich inzetten en hier net als ik, soms tegen de stoom in toch vooruitgang proberen te boeken. Ik zie hoe ieder op zijn plek het zijne of hare probeert te doen. Het is een stimulans om me in te blijven zetten, te blijven zoeken naar nieuwe wegen en vooral om te blijven pleiten voor voldoende brandweerlieden en brandweerauto's voor de uitslaande brand die leescrisis heet. 

vrijdag 4 augustus 2017

Hoe de 'man' verdween uit de bibliotheek en laten we jongens nog wel jongens zijn?



Er was de afgelopen week nog al wat te doen over de 'mannenwereld'. Jongens zouden niet meer genoeg jongens kunnen zijn volgens het Sire-spotje. En daardoor kunnen ze zich minder concentreren en zouden ze slechter leren. De NS kondigde aan genderneutale omroepberichten te gaan gebruiken en tientallen gemeenten bleken volgens onderzoek van de NOS sekseneutrale wc's en andere maatregelen te overwegen.

Het trok allemaal wat aan mij voorbij. Ik zelf zat namelijk in een archief. Met oude stukken en zo. Ik stuitte daar onder ander op het jaarverslag 1923 van de Bibliotheek Hengelo. Puike uitleencijfers en ook mooie bezoekersaantallen. Zelfs uitgesplitst naar mannen en vrouwen.

87% van de bibliotheekbezoekers was een man
Maar kijk nog eens beter.... Mannelijke bezoekers: 10.409. Vrouwelijke bezoekers 1.500. U ziet het goed 87% van alle bezoekers was een man! Overigens moest je in die tijd ook nog 18 jaar zijn om lid te kunnen worden.

Onderstaande plaatje is van de Openbare Leeszaal en Bibliotheek in Dordrecht uit 1910. En zo zal het er in Hengelo ook wel ongeveer uit hebben gezien.


Zie ze eens zitten. Stoer achter een kloek boek! Gelukkig en tevreden. Een boek lezen was toen nog 'zien en gezien worden'. "Zie mij eens even goed bezig zijn met mijn persoonlijke ontwikkeling!" "Ik zit niet de achter de jenever in de kroeg maar met een dikke pil in de bieb!"

Waar ging het mis, vroeg ik me af? Waar zijn die mannen gebleven?

Bezoekers: Tien vrouwen tegen vier mannen!
Want laten we wel wezen: er komen tegenwoordig veel meer vrouwen dan mannen naar de bibliotheek. Het SCP-rapport 'De bibliotheek tien jaar na nu' liet dat al zien met het volgende staatje.


Het rapport merkt op:
"Lidmaatschap en gebruik van de bibliotheek zijn in alle meetjaren ...hoger onder vrouwen dan onder mannen. Bij mannen loopt het lidmaatschap sinds 1995 harder terug dan bij vrouwen, en ook het percentage mannelijke bezoekers loopt harder terug .... In 2005 ... waren voor elke tien vrouwen nog maar ruim zes mannen lid van de bibliotheek, terwijl dat in 1995 negen mannen op tien vrouwen waren, en in 1980 acht mannen op de tien vrouwen. Voor elke tien vrouwen die in de onderzoeksweek ... in 2005 de bibliotheek bezochten, gingen er nog geen vier mannen. In 1995 gingen er op tien vrouwen nog vijf mannen naar de bibliotheek, en in 1980 was de verhouding nog tien tegen zeven. Het is een verschil dat al op prille leeftijd ontstaat: (thuiswonende) meisjes zijn in alle onderzoeksjaren vaker lid van de bibliotheek dan jongens en zij gaan ook vaker naar de bibliotheek."
Personeel: Acht vrouwen tegen twee mannen

Niet de alleen de bezoekers zijn vooral vrouw, ook het personeel in bibliotheek. Bovenstaande staatje komt uit het in 2014 verschenen rapport van Busy Business /Vereniging van Openbare Bibliotheken naar de trends in de bibliotheekarbeid. 80% van alle medewerkers is vrouw. In hogere salarisschalen is de verhouding iets beter maar absoluut niet evenredig verdeeld.

Overigens: niks mis met zoveel dames in de branche. Allemaal prima vakcollega's. Maar wie 'openbaar' is moet diversiteit uitstralen om juist naar alle groepen als 'openbaar' ervaren te worden. Aan de dames ligt het niet. Er ontbreken gewoon mannen!

Laat jongens, jongens zijn. Stuur ze naar de bibliotheek!
Maar terug naar de SIRE-spotjes. De spotjes koppelen die aan de leerprestaties. En meisjes doen het tegenwoordig beter op school dan jongens. SIRE zegt dat dit ligt aan het feit dat jongens te weinig jongen kunnen zijn. Ze zouden te weinig fikkie stoken en in bomen klimmen. Hoezeer ik ook vind dat je in bomen moet klimmen en fikkie moet stoken: ik geloof er niets van!

Volgens mij ligt het aan iets heel anders. Kijk maar eens naar onderstaande staatje uit het onderzoek 'Van woordjes naar wereldliteratuur' dat Frank Huysmans schreef in 2013 voor de stichting Lezen.


Meisjes zijn gewoon betere lezers! Daar zit het verschil! Jongens lezen gewoon minder. En wie minder leest, is minder vaardig in taal. Wie minder vaardig is in taal, is slechter op school.

Gelukkig is daar ook steeds meer aandacht voor. Programma's als 'Scoor een boek', waar wordt samengewerkt met voetballers uit de eredivisie,  of Vaders voor Lezen  geven mannelijke rolmodellen de ruimte. Jongens aan het lezen krijgen is een uitdaging. Elke leesconsulent (ja weinig mannen inderdaad) kan het beamen.

Echte jongens gaan naar de bibliotheek...
Kortom: wie zijn jongen echt jongen wil laten zijn, stuurt hem morgen naar de bibliotheek!

Zo, dat is ook maar weer gezegd! En dan begint nu mijn vakantie. Er ligt een flinke stapel boeken te wachten. Want u begrijpt: ik vind dat ik mij als mannelijk rolmodel moet opstellen en dat is natuurlijk het beste excuus om ordinair en egoïstisch boek na boek te gaan lezen.....

N.b.: Mocht u het niet hebben gemerkt: er zit enige humor in het artikel en is overdrijving een stijlfiguur. De feiten kloppen echter allemaal en het genderprobleem in lezen is werkelijk  een aandachtspunt. Voor wie twijfelt, raad ik het rapport 'Leesverschillen tussen jongens en meisjes' van Stichting Lezen aan.