zondag 25 oktober 2026

Het ongemakkelijke gevoel dat het menens wordt

Anderhalf jaar geleden stelde mijn jongste mij de vraag: 'Papa, komt hier oorlog?' Mijn jongste had toen net de grens van volwassenheid aangetikt dus ik hoefde geen kinderlijk antwoord te geven. 'Om eerlijk te zijn, ik hoop het niet maar ik weet het niet', was het antwoord dat ik gaf. Ik schreef er toen over. En ook hoe bibliotheken vier lijnen zouden kunnen afspreken over wat te doen tijdens crises.

We zijn anderhalf jaar verder. De oorlog in Oekraïne gaat onverminderd voort en er is vooralsnog geen zicht op een eerlijk einde. Rusland test West-Europa met explosieven bij vliegvelden of bezoek van drones. En afgelopen week werden we twee keer geconfronteerd met digitale ontwrichting: een hack bij Albert Heijn en een lek in PHP. 

Als je dit zo bij elkaar legt, kan je het gevoel bekruipen dat het zo maar eens echt menens zou kunnen worden. Wat we nooit voorstelbaar hielden, is eigenlijk angstwekkend dichtbij.

Dat ongemakkelijke gevoel dat ik anderhalf jaar geleden had, toen mijn jongste die vraag stelde, had ik deze week dus weer. En juist in deze week stuurde de Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB) aan alle bibliotheken een mail over weerbaarheid en bibliotheken. 

In die mail wordt gesteld dat:

De Rijksoverheid werkt aan het vergroten van de maatschappelijke weerbaarheid en de voorbereiding op mogelijke crises, zoals oorlogsdreiging, klimaatgerelateerde calamiteiten en andere ontwrichtende gebeurtenissen. Openbare bibliotheken spelen hierin ook een rol,  bijvoorbeeld door hun lokale positie, toegankelijkheid en maatschappelijke functie.

en

We adviseren jullie om in gesprek te gaan met de gemeente(n) en de veiligheidsregio. Breng daarbij in ieder geval de basisrol van de bibliotheek onder de aandacht en verken, waar passend, welke aanvullende rol de bibliotheek kan spelen bij het versterken van de maatschappelijke weerbaarheid. 

Achter de mail had de VOB een goed dossier gedaan over hoe de overheid zich op dit moment voorbereidt. Er is een 'Weerbaarheidsplein van de gemeenten' en een publicatie over 'noodsteunpunten'.  Het versterkte mijn gevoel van ongemak. Overheden bereiden zich serieus voor op tal van scenario's. En de conclusie is:  'we hopen op het beste, we bereiden ons voor op het slechtste'. 

Handreiking weerbaarheid

De Vereniging van Gemeenten (VNG) publiceerde een handreiking weerbaarheid waarin wordt aangegeven waar een gemeente allemaal aan kan denken als het gaat om de voorbereiding (koude fase), de ramp (warme fase) en de nazorg (nafase). Ze gebruiken daarvoor het model van Dückers. De kern daarvan is dat de continuïteit van de gemeente als organisatie geborgd is en dat van daaruit de omliggende bollen worden ingericht. Bij elke bol geeft de handreiking een checklist. Soms krijg je bijna het gevoel dat een crisis zich aan die lijstjes moet houden, want anders werkt het natuurlijk niet... Maar zonder voorbereiding ben je natuurlijk helemaal kansloos. 

Wie naar die bollen kijkt, ziet dat bibliotheken op best wat punten een rol kunnen spelen. Natuurlijk kunnen wij geen brand blussen of de drinkwatervoorziening veiligstellen maar in de bollen sociaal weefsel, zelfredzaamheid en de samenleving als overkoepelend systeem zie je dat bibliotheken nu al een rol spelen. Of bibliotheken zouden een rol kunnen spelen. Denk aan programma's waarin inwoners elkaar leren kennen, informatie krijgen over Denk Vooruit en met elkaar in gesprek gaan over mogelijke crisissituaties. En in een crisissituatie zullen er mensen zijn die geholpen moeten worden. Denk aan hoe het ging met de digitale afspraken die moesten worden gemaakt met vaccinaties destijds bij Corona. Dat soort dingen. 

Noodsteunpunten

Een onderdeel van de weerbaarheid zijn zogeheten Noodsteunpunten of NSP's in jargon. Die zitten nog in een pilotfase maar ook daarover verscheen een interessante tussenpublicatie. 

Daarin wordt gemeld wat een noodsteunpunt of NSP is:

'Een NSP in de kern is een knooppunt waar mensen in geval van nood geïnformeerd kunnen worden en handelingsperspectieven krijgen. Een plek waar crisis-, gemeentelijke en maatschappelijke organisaties samen zorgen dat de (lokale) maatschappij zo goed mogelijk kan blijven draaien, door middel van informeren, signaleren, makelen en noodmeldingen. Het doel: het bieden van houvast aan inwoners en stimuleren van de samenredzaamheid. Het is een contactpunt. Samen delen we de last, als hulpdiensten, gemeenten en samenleving. Het is een vangnet dat helpt de hulpdiensten niet te overbelasten.' 

Tja, in deze beschrijving zitten elementen waar je als bibliotheek iets kan betekenen. Tegelijkertijd zijn wij ook weer geen harde crisisorganisatie zoals een meldkamer van 112. Hierboven zie je wat de uitgangspunten zijn van zo'n noodsteunpunt. Als je dat ziet, is dat geen rol die je er als bibliotheek zomaar bij doet. Dus als je hier iets mee wilt, kun je dit niet zomaar doen met de middelen die je nu hebt. 

De samenleving puzzelt: tussen kleine en grote crises

Wat je vooral ziet als je de documenten doorleest, is dat de samenleving aan het puzzelen is hoe dit moet. Met gemeenten en veiligheidsregio's als belangrijkste trekkers.Het lijkt me interessant om daar als bibliotheek eens aan te kloppen. Bibliotheken hebben een fijnmazige infrastructuur, zijn geworteld in de samenleving en hebben eerder aangetoond toch ook landelijk gecoördineerd te kunnen werken. 

Maar tegelijkertijd is ook heel veel nog niet helder. En misschien is dat nog wel het meest ongemakkelijke. We weten niet tegen welke klok we vechten. We weten niet hoeveel tijd we nog hebben om ons voor te bereiden. 

Hoewel: sommige crises zijn voorspelbaarder dan je denkt. Er zijn grote en kleine crises. En een kleine crises die voorspelbaar is, is dat we weten dat het in de komende zomer wéér heel warm gaat worden. En dat er weer een hitteplan is en dat we weer roepen om koele plekken. Daar kunnen we het best met onze gemeenten over hebben. Daar zijn soms best makkelijke oplossingen mogelijk (die natuurlijk wel vaak een investering vragen). Misschien hoeven we het gesprek over weerbaarheid niet te beginnen bij oorlog, maar bij hitte, stroomstoringen en digitale uitval. Juist daar kunnen bibliotheken nu al een betekenisvolle rol spelen. Maar ook het gesprek over een grotere crisis als een oorlog of dagenlange ontwrichting waarvan we maar hopen dat die nooit gaan optreden moet misschien toch een keer op de agenda. 

En wat lokaal geldt, geldt wellicht ook als sector als geheel. Niet iedereen hoeft het wiel uit te vinden. In een vorig blogje schreef ik, naar aanleiding van het goede Europee onderzoek, dat weerbaarheid een plek verdient in een volgend bibliotheekconvenant waarmee we het ook gezamenlijk een plek geven. 

 De Vereniging van Openbare Bibliotheken heeft dit alles - helaas - terecht op het netvlies staan. 

Het is het ongemakkelijke gevoel dat het menens wordt. We hopen maar op het beste, maar misschien is voorbereiden op het slechtste toch geen slechte strategie.

Geen opmerkingen: