Posts tonen met het label pbc gelderland. Alle posts tonen
Posts tonen met het label pbc gelderland. Alle posts tonen

zondag 23 juli 2023

De dagboekjes van Lucie Mesdag, bibliotheekpionier van het Gelderse platteland

 

In de afgelopen maanden was ik door het 75-jarig jubileum van Rijnbrink wat intensiever met onze geschiedenis bezig. En daarbij kwam toch nog een bijzonder vondst boven tafel: de dagboekjes van één van onze eerste directeuren: Lucy Mesdag. 

Lucy Mesdag is één van de iconen van het Gelders bibliotheekwerk op het platteland. Ze werd in 1961 Directeur Buitendienst van de Centrale Plattelandsbibliotheek Gelderland (CPG) en volgens mij werkte ze er al eerder maar in een andere functie. Ze volgde de heer Ooms op die deze functie als eerste had gehad vanaf de oprichting in 1957. De CPG zou later de Provinciale Bibliotheekcentrale Gelderland heten (afgekort PBG) en in 1978 zal een fusie plaatsvinden met de katholieke Gelderse tak, de KCVL en dat heet het PBC Gelderland. Mesdag maakt het allemaal mee en zal tot 1985 actief zijn.  

Vanaf 1965 tot juni 1976 houdt zij een dagboekje bij met de belangrijkste gebeurtenissen in haar werk. Het levert een uniek kijkje op in het leven van een provinciale directeur in de groeiperiode van het bibliotheekwerk. De foto overigens hierboven is overigens van 1965 en even hoopte ik dat het dagboekje zelfs op haar bureau zou liggen. Maar volgens mij is dat niet zo. 

Bouwen, bouwen, bouwen...

Wie de dagboekjes doorleest ziet vooral dat ze tot 1970 vooral bezig wat met bouwen. Bouwen van bibliotheken in dorpen op het platteland van Gelderland. Openingen van nieuwe gebouwen onderstreept ze met rood. Soms waren er heel veel openingen achter elkaar. Kijk maar eens naar deze pagina uit 1966


In 1966 werden er zes bibliotheken geopend. in 1967 even niets maar werd wel een nieuw gebouw voor de PBG in gebruik genomen waarvan je hierboven ziet dat op 26 mei 1966 al de buitenwanden waren geplaatst. In 1968 werden acht bibliotheken geopend en in 1969 weer zes. Het is een enorme bouwwoede. Van Neede tot Zaltbommel en van Oldebroek tot Oosterbeek. Overal was ze actief.

In 1966 vind een verhuizing plaats voor de bibliotheek in Hattem. Dat staat als volgt in het dagboek.


De verhuizing zou plaatsvinden met 2 VW-bussen. Tegelijkertijd vind ik in het fotoarchief onderstaande foto van de bibliotheek in Hattem, met als titel: verhuizing bibliotheek Hattem.


Je zou denken, dit hoort bij 1966. Toch klopt het niet want de foto is gedateerd met het jaartal 1972. En wie heel goed kijkt ziet ook al een moderner logo van de bibliotheek achterop de bus. En overigens in 1966 had men nog geen eigen busjes maar reed men boeken in auto's rond. De genoemde VW-busjes uit 1966 moeten toen dus gehuurd zijn. 

Wat blijkt: in 1972 is de bibliotheek in Hattem opnieuw verhuisd. Het ging snel die tijd.  Want bij 22 september 1972 staat in haar dagboek het volgende. 


En opnieuw verhuisde men dus met VW-busjes. Maar nu met eigen busjes.

De zwarte dag: 6 maart 1971

Op 6 maart 1971 worden alle directeuren van PBC's ontboden op het ministerie. En ze krijgen slecht nieuws. Lees maar.


"Begin van de malaise, BLACK DAY", schrijft ze. Nederland staat vlak voor de oliecrisis, de ongebreidelde naoorlogse groei hapert en dus ook de overheidsfinanciën. 

De PBC decentraliseert in 1972 al het personeel naar lokale stichtingen om het risico van de grote stichting te verkleinen, nu er financieel slecht weer dreigt. In 1973 krijgen de bezuinigingen echt consequenties. Het dagboek begint op 1 januari dan als volgt.


Na de overdracht van personeel worden lokale stichtingen ook gedwongen om de collectie over te nemen. Een maatregel waarmee men fl.1,4 miljoen ophaalt bij de gemeenten. Men raakt 12 personeelsleden kwijt, men stoot auto's af en zegt huur op van een pand. Het is echt een hele forse operatie geweest. 

Maar ook: de salarisadministratie gaat per 1 januari 1973 op de computer! Die automatisering is dus inmiddels 50 jaar geleden. 

Bibliotheekwet van 1975

Men zit dan al vlak voor 1975. Dan wordt de bibliotheekwet ingevoerd en krijgt bibliotheekwerk juist weer een geweldige financiële impuls (en volgens mij werd toen het personeel weer gecentraliseerd). Bij 21 januari 1975 vinden we deze aantekening.  


Die wet had natuurlijk een aanloop gekend. De aller vroegste aantekening daarover vind ik al in 1967. Dan staat er op 26 september in haar dagboek dat ze met een wekgroep van PBC's bij elkaar komt.


In 1967 ligt er dus al een voorstel op tafel. Dat moet haast betekenen dat de inzet naar de bibliotheekwet van 1975 dus zelfs al voor 1967 op tafel lag. Ook toen duurde het dus wel een tijdje voor je een wet had. 

De bouw van 'mijn' bibliotheek


Wie denkt dat het alleen landelijk lang duurt, komt bedrogen uit. Ook op gemeentelijk niveau duurt het vaak wel even voordat een idee voor een nieuwe bibliotheek gerealiseerd is. 

Zelf ben ik opgegroeid in het Gelderse Neede. Van die bibliotheek werd ik in 1977 lid. De bibliotheek blijkt geopend te zijn op 25 maart 1971. Ik was toen acht dagen oud en hierboven zie je een foto van die bibliotheek uit mijn geboortejaar.

In het dagboekje van Mesdag kan ik terughalen dat de allereerste bespreking voor een bibliotheek in Neede al op 13 juni 1968 plaats vond. In september werd er een lokale stichting opgericht en vervolgens moest van alles voorbereid worden voor de verbouwing van de boerderij waar de bibliotheek in terecht zou komen. 

Veel dorpsbibliotheken zijn dus vaak pas eind jaren '60, begin jaren '70 ontstaan. Zo heel lang is dat dus ook nog niet. Het waren mensen als Lucy Mesdag en bij de Gelderse Katholieke variant Harry de Werd die als heuse pioniers het platteland van bibliotheken voorzagen. En zo recent is die ontwikkeling dus eigenlijk nog maar. 

De zwerftocht van de dagboekjes van Lucy Mesdag
Mesdag zal samen met Harry de Werd van de KCVL de fusie van beide stichtingen voorbereiden die in 1978 zal plaatsvinden. Samen zullen ze nog een tijdje als directie en management van de PBC Gelderland fungeren. Mesdag, geboren in Zwolle in 1921, zal in 1985 afscheid nemen en 1999 overlijdt ze. Ze had een opleiding in de bosbouw, trouwde, kreeg een zoon maar scheidde van haar man in 1948. Geen leven over rozen. Maar vanaf 1960 is de ze pionier van Gelderland en zorgt ze dat er een fijnmazig netwerk van bibliotheken ontstaat. Veel kleinere bibliotheken hebben hun bestaan aan haar te danken. 

Na het overlijden van Mesdag in 1999, stuurt haar zoon de dagboekjes op naar de toenmalige PBC-directeur George Vodegel. Hij bewaart de dagboekjes in zijn bureau, waarschijnlijk omdat hij ook even niet wist wat er precies mee te doen. Als Vodegel vertrokken is naar een nieuwe baan ruimt haar secretaresse het bureau op. Zij vindt de boekjes en geeft ze aan Henk ten Zijthoff, toenmalig manager bij de PBC Gelderland. Omdat hij ook niet weet waar de boekjes goed bewaard blijven, besluit hij ze maar mee naar huis te nemen en te zelf te beheren. Als ik hem benader met de vraag om meer informatie over de geschiedenis van de Gelderse tak van Rijnbrink, stuurt hij me de dagboekjes op. Met één opmerking: je gaat er verrekte goed voor zorgen! Die opmerking is terecht. Het is een mooi stukje geschiedenis. En daarmee zijn de aantekeningen van Lucy Mesdag weer terug bij de provinciale organisatie waar ze begon. 

Pionier van het platteland
Lucy Mesdag, bibliotheekpionier van het Gelderse platteland. Tientallen dorpen hebben hun bibliotheek aan haar te danken. Een icoon, een heldin.  En hoewel ik haar nooit heb gekend, ben ik postuum trots op deze vrouw. Met wat een energie heeft ze gebouwd!

zondag 2 oktober 2022

De Bijbel van Piet

In de afgelopen tien jaar is tegen mij een paar keer gezegd dat mijn cijferlijstjes over bibliotheken wel wat leken op 'de Bijbel van Piet'. Het waren steevast bibliothecarissen met een lange staat van dienst in het Gelders bibliotheekwerk die dat zeiden. In een ver verleden was er een Piet die lijstjes bijhield. De lijstjes kregen een bijna goddelijke status waardoor het eerbiedig de 'Bijbel van Piet' werd genoemd. 

Ton Mengerink, de inmiddels oud-directeur van de Bibliotheek Oost-Achterhoek en voormalig rayondirecteur in Gelderland, ruimde zijn archief op en bood me een stapel rapporten aan. Beginnend in 1985 en eindigend in 2002.  'Zo', zei hij 'dit zijn de bijbels van Piet. Die mag je meenemen'. Ton wist dat hij me er een plezier mee deed. De lijstjes waar menigeen het over had gehad maar die niemand meer had, hield ik nu zo maar in mijn handen. 'Als je meer wilt weten, moet je Henk ten Zijthoff even vragen, die weet vast meer'. Zo geschiedde. Ik neem u mee in het bijzondere verhaal over de Bijbel van Piet. 

Hoe werkte de Bijbel van Piet?
De Bijbel van Piet is ontstaan in 1985 bij de rayonchefs van de Provinciale Bibliotheek Centrale (PBC) Gelderland. Het was de tijd van de eerste bibliotheekautomatisering en ook van de automatisering van de financiële administratie. Daarmee werd het mogelijk om de prestaties op bibliotheekvlak te gaan vergelijken met de financiële cijfers. Tegelijkertijd was het de tijd van bezuinigingen - een terugkerend refrein in bibliotheekwerk - en was er daardoor behoefte aan onderlinge vergelijking. 

De rayonchefs hadden echter niet zo'n hoge pet op van de financiële afdeling, het was niet de meest flexibele afdeling en niet echt in voor vernieuwing. Piet van Lier, toen hoofd van de boekhouding bij de PBC Gelderland, was volgens de rayonchefs nog de meest flexibele en dus gingen ze met hem om tafel. Ze organiseerden een werksessie met een externe deskundige. Dat zou wel eens Paul Zijlstra kunnen zijn geweest die niet veel later de klassieker 'Management in dienstverlenende organisaties' schreef met daarin veel aandacht voor zogeheten kengetallen voor het bibliotheekwerk. Een week na die werksessie schoof Piet een stapeltje papier op de bureaus van de rayonchefs met de woorden: 'Ik denk dat dit is wat jullie bedoelen'. De Bijbel van Piet was geboren. 

Dat eerste lijstje zag er zo uit en omvatte zo'n 10 pagina's en beschreef alle bibliotheekvestigingen van de  PBC Gelderland.


In 1985 kende het overzicht 47 cijfers en kengetallen in 2002 was dit aantal gegroeid tot 58. In de tussentijd kwamen er bijvoorbeeld cijfers bij over de zaterdagopenstelling, de uitleningen van nieuwe media zoals CD-ROM en Video. Maar in de basis veranderde er in die zeventien jaar niets.  In 2001 zag de lijst er dan ook als volgt uit.


De cijfers waren bijzonder populair. Je kon namelijk met deze cijfers een prima argumentatie opbouwen voor extra financiering voor gemeenten of voorkomen dat er bezuinigd werd. Explosieve gegevens dus. In de laatste jaren werden de cijfers dan ook gedrukt op rood papier. Zo waren ze namelijk niet te kopiëren en er was een strikte opdracht dat de Bijbel van Piet niet in zijn geheel aan ambtenaren mocht worden gegeven. 

De opbouw van de Bijbel van Piet was op grootte van de plaats. Alle plaatsen met ongeveer dezelfde omvang stonden bij elkaar. Zo kun je dus vrij makkelijk onderling vergelijken. Bovenaan zie je een letter staan. Dit is de letter van de rayondirecteur (M= Mieke, T=Ton, D=Dick, etc). 

Het is aardig om zo nog eens door de oude cijfers te bladeren. Opvallend is bijvoorbeeld het hoge percentage van de bevolking dat lid is. In 2001 in Beuningen 45,5%, in Lichtenvoorde 45,4%, in Zaltbommel 40,8% van de bevolking. In het hele gebied van de PBC Gelderland was het maar liefst 35,3%. Het huidige landelijke gemiddelde ligt op 19%.

Interessant is dat men ook bijhield hoeveel boete er per uitlening werd betaald. Dat berekende je door alle boetegelden te delen door het aantal uitleningen. Gemiddeld was dat in 2001 fl. 0,15 per uitlening. Maar ook hier forse verschillen. Zo was het fl. 0,20 in Zutphen en zelfs fl. 0,30 in 't Harde terwijl het maar fl. 0,07 per uitlening was in Doorwerth en fl. 0,09 in Pannerden.  Of men in Zutphen en 't Harde nu zo stout was met inleveren of dat de tarieven gewoon hoger waren vertelt het staatje niet. Maar ik blijf het vermakelijk vinden. 

Verder zijn het natuurlijk vooral echte 'bibliotheekcijfers'. Zelfs bezoekers komen nog niet voor in de meest recente overzichten. De reeks eindigt in 2002. Dan begint in Gelderland de vorming van de basisbibliotheken en eindigt het imperium van bibliotheken van de PBC Gelderland die toen al Biblioservice Gelderland heette. 

En wie was Piet?

Henk ten Zijthoff, ook oud-rayondirecteur,  wist me nog wat meer te vertellen over Piet van Lier. Piet werd geboren in 1937 in Nijmegen en maakte als jongetje het bombardement op Nijmegen mee in februari 1944. Als kind wordt hij daarna geëvacueerd naar een klooster in Keyenborg. Hij is daar zonder zijn ouders en in het voorjaar maakt hij mee dat ook de Achterhoek bevrijd wordt. Vlak voor de bevrijding maakt hij mee dat een Duitser zichzelf opblaast in een munitiedepot met een flink aantal doden tot gevolg. De Canadezen vinden hem als jongetje bibberend onder zijn deken. Hij huilt samen met hen om de bevrijding. Alles bij elkaar is dat een tekenende ervaring voor zijn leven geweest.

Voordat Piet bij de PBC Gelderland komt te werken, is hij boekhouder bij een bouwbedrijf. Hij neemt daar ontslag omdat er naar zijn mening teveel geknoeid werd in de boekhouding. Daar kon hij zich niet mee verenigen. De eerlijke Piet kwam zo in het bibliotheekwerk terecht. 

Bij de PBC maakt hij mee hoe er steeds meer geautomatiseerd wordt. Hieronder zien we hem in de reusachtige computerruimtes met terminals en de grote matrixprinter waar wellicht de bijbels van het eerste uur op zijn geprint.  


Piet werkte nog vele jaren voor de PBC en later Biblioservice. Het was een zeer gewaardeerde collega als ik de verhalen hoor, hoewel zijn leven niet bepaald over rozen ging. Piet overleed in 2018 in Nijmegen, hij was toen 81 jaar oud.

'In den beginne was het woord', staat in die andere Bijbel. De Bijbel van Piet zou moeten beginnen met 'In den beginne was het getal'. Een kengetal wel te verstaan.  Piet schiep een nieuwe wereld en werkelijkheid met zijn lijstjes.

Dit verhaal werd mogelijk door de hulp van Henk ten Zijthoff en Ton Mengerink.