De afgelopen week was ik nog even op de NOT - u weet wel, de huishoudbeurs van onderwijsminnend Nederland. In 2011 schreef ik over dit bezoek aan de NOT ook een stukje. Toen onder de titel: Marks driepuntenplan. Het ging toen over een gezamenlijke uitrol aan het onderwijs. De Biblliotheek op School stond nog in de kinderschoenen. Sterker nog: goede kans dat u het woord Bibliotheek op School nog nooit gehoord had.
En nu is het 2015: Het was druk in de stand. Prinses Laurentien kwam nog even voorbij en er zijn tegenwoordig bedrijven die zeggen te concurreren met de Bibliotheek op School . Volgens mij betekent dat, dat je een goed en relevant product in handen hebt.
Van 2,5% naar 38% marktaandeel
Bijgaande plaatje laat zien waar de Bibliotheek op School nu staat. Sinds 2011 is het aantal leerlingen dat bereikt wordt gestegen van 2,5% naar 38%, 74% van alle openbare bibliotheken doet mee aan de Bibliotheek op School. En dat in krap drie jaar tijd. Ik vind dat een prachtige prestatie en ook een signaal dat onze branche in staat is samenwerking snel en goed op te pakken.
Van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs en VVE
De ochtend bracht ik door op de NOT en in de middag zat ik bij een vergadering van de gezamenlijke PSO's in Nederland. Eén van de agendapunten was de doorontwikkeling van de Bibliotheek op School. Het zijn namelijk de gezamelijke PSO's die een groot deel van menskracht financieren die wordt ingezet in het landelijke team. Er was tevredenheid bij de PSO's en en passant wordt een belangrijk beslissing genomen om ook in te zetten op Voortgezet Onderwijs. En ook daar komen financiële middelen voor. Ook wordt in dat overleg al gemeld dat we er maar rekening mee moeten houden dat we ook zoiets voor Vroeg-en Voorschoolse Educatie (VVE) gaat komen.
Van kinderen naar volwassenen
Vandaag zit ik in de middag bij een landelijk team dat een programma voorbereid voor de Bibliotheek en Basisvaardigheden. Het gaat dan om een geïntegreerde aanpak rond laaggeletterdheid en digtale vaardigheden. Een soort concrete uitwerking van veel van wat in het rapport Cohen genoemd werd. Net als bij de Bibliotheek op School zal ook hier wel gezocht gaan worden naar een landelijk team.
Het stelsel is ook echt een stelsel
En terwijl ik dit typ, ben ik met een vertraagde trein onderweg naar een werkgroep bij het ministerie van OC&W die gaat uitwerken hoe het 'stelsel' van openbare bibliotheken gemonitord moet worden onder de nieuwe bibliotheekwet. Wie kijkt naar bovenstaande samenwerking ziet dat bibliotheken ook echt een stelsel zijn. Hoewel ze vooral door lokale overheden worden gefinancierd is er niet één belangrijk thema dat niet met samenwerking wordt opgepakt. En bovenstaande cijfers tonen aan dat de branche daar behoorlijk effectief in is. De lokale, provinciale en landelijke laag leveren elk hun deel en samen zijn ze effectief.
Uiteraard: er is altijd wat te verbeteren. Maar ik ken weinig sectoren die bovenstaande resultaten van samenwerking kunnen laten zien.
Terwijl de machinist omroept dat onze vertraging in de trein oploopt van een half uur naar drie kwartier, weet ik dat bibliotheekwerk op volle snelheid doorraast.
Posts tonen met het label PSO. Alle posts tonen
Posts tonen met het label PSO. Alle posts tonen
maandag 2 februari 2015
dinsdag 29 januari 2013
Marks 3 x 3 = 10-plan : deel 3 : de Provinciale Service Organisatie
Wel of geen abdicatie, het werk op scholen gaat gewoon verder. En nu de lokale bibliotheekdirecteuren aan de slag zijn, wordt het tijd om hun provinciale bobo ook aan het werk te zetten. En eerlijk gezegd: het werk voor PSO’s is natuurlijk een makkie. Want dat lokale bibliotheken wat ondersteuning kunnen gebruiken is evident. PSO’s zijn ook al lang betrokken bij de Bibliotheek op School. Als ik het goed begrijp is er al een landelijk overleg met provinciale onderwijsmanagers.
Maar goed, voor de PSO-directeur die nu aanhaakt dan toch nog maar even punt 4 tot en met 6.
Punt 4: Verbinden, verbinden en verbinden
Directeuren van PSO’s maken van ook deel uit van de provinciale directie-overleggen. En het begint natuurlijk daar met het verbinding maken met elkaars capaciteiten. Ga je elkaar helpen of gaat elke bibliotheek het zelf doen? Een strategische vraag lijkt me die hoog op de agenda van PSO-directeuren moet staan en die nadrukkelijk besproken moet worden in dat provinciale overleg. Mijn antwoord kunt u natuurlijk wel raden: samenwerken!
Tja, en wat ligt verder nog meer voor de hand? Bibliotheken hebben vaak niet het schaap met de vijf poten in dienst. En op veel punten zoeken lokale bibliotheken dus ondersteuning: in het maken van plannen, in het presenteren en ‘verkopen’ van de plannen en bij het uitrollen van het nieuwe concept. Wat ligt meer voor de hand dat PSO’s en lokale bibliotheken elkaar daar helpen. Dat kan zijn met ‘uurtje factuurtje’, dat kan soms zijn met provinciale subsidie maar je kan ook samen met bibliotheken een provinciale pool van ‘schapen-met-vijf-poten’ organiseren waar je samen wat geld voor regelt. Hoe dan ook: regel het, en kijk wat past bij uw provincie.
Vanuit deze rol – dus gewoon goed ondersteunen - krijgen PSO’s vanzelf zicht op hoe het gaat in hun provincie en ontstaat een organische coördinerende rol. Ik zie voorzichtige initiatieven. Heel mooi, maar zet het maar wat forser met elkaar aan. Tenminste als we een beetje tempo willen maken en een wat groter resultaat nastreven.
Bij lokale bibliotheken zei ik: één goede coördinator per 50 basisscholen. Op provinciaal niveau zou ik zeggen: één stevige regionale of provinciale coördinator per 500 basisscholen.
Punt 5: Bibliotheeksysteem
Alle PSO’s hebben een bibliotheeksysteem voor bibliotheken in hun provincie. Uitlenen op scholen is net iets anders dan uitlenen in een gewone bibliotheek. Maar daar zijn gelukkig oplossingen voor en er hangt zelfs een vergoedingsregeling in de lucht. Nu vind ik die hele materie met schoolsystemen met centen per inwoner nog wel wat vaag maar volgens mij is hier best wat van te maken. En een voorwaarde die bibliotheken afzonderlijk vaak niet kunnen invullen. PSO’s moeten hier dus gewoon aan de bak.
Punt 6: Collectie en distributie
Bibliotheken zijn een gelaagd netwerk. Met overal collecties. Die collecties komen nu dus, nog vaker dan voorheen, ook op scholen. Soms als vaste collectie, soms als wisselcollectie en soms gebracht op bestelling. Dit betekent onherroepelijk vraag naar collectie en distributie. Hoe? Dat kan per provincie verschillen en dat is ook iets om met je provinciale netwerk samen op te lossen lijkt me. Nu ja, dat lijkt me iets voor de coördinator van punt 4. Geen makkelijke klus. Wel noodzakelijk.
Valkuil
Wat is nu de valkuil voor PSO’s, behalve dan dat het net als voor de lokale bibliotheek een flinke peut werk is? Ik denk dat de valkuil voor PSO’s is dat ze gaan wachten. Wachten tot ze een nadrukkelijke rol krijgen van lokale bibliotheken of van landelijke organisaties. Logisch, maar niet handig. Juist deze verbindende schakel moet sneller acteren dan elke andere laag. Een aanstekelijke PSO kan werken als katalysator naar beide andere lagen: lokaal en landelijk. Nu ja, aandachtspuntje.
G4
Tot slot: Ik weet niet hoe het zit maar er schijnt een soort controverse te zijn tussen PSO’s en de Grootste-4-bibliotheken (G4). Op uitvoerend niveau loop ik er nooit tegen aan maar op strategisch niveau schijnt het er te zijn. De taken die ik hier noem zijn eigenlijk ook prima op te pakken door die G4-bibliotheken voor hun eigen werkgebied. En wellicht dat de combinatie van G4-bibliotheek en een PSO het geheel nog wel sterker kan maken. Zeker een gesprek waard zou ik zeggen.
Ok, PSO-directeuren, hup aan de slag. Zal ik morgen het huiswerk verklappen voor de landelijke clubs en hebben we onze 3 x3 = 10-punten bijna compleet.
Tot morgen!
Foto: RLJ Photography NYC
Abonneren op:
Posts (Atom)
