zondag 15 februari 2026

Het gemeentelijk meerjarenplan voor de bibliotheek in vier vragen

Binnenkort gaat de wetswijziging van de Bibliotheekwet defnitief naar de Kamer. En daarmee nadert de invoering van een zorgplicht voor bibliotheekwerk met rasse schreden.  Wie wilde weten wat die wetswijziging inhield, verwijs ik nog even naar mijn artikel 'De wijziging van de bibliotheekwet in vijf vragen.' De verwachting is dat de wetswijziging in zal gaan per 1 januari 2027. Naast de verplichting aan elke gemeente om een passende bibliotheekvoorziening te hebben houdt de zorgplicht ook in dat er een gemeentelijk meerjarenplan moet komen voor het bibliotheekwerk.

Waaraan moet zo'n meerjarenplan nu voldoen? Nou, dat staat nu ook voor het eerst op papier. Want de afgelopen week startte de internetconsultatie 'Besluit bibliotheekvoorzieningen' waar dat in staat. Een internetconsultatie is een mogelijkheid voor iedereen die dat wil om nog te reageren op de regeling. Dat kan nog tot 27 maart 2026.  

Ik neem u aan de hand van vier vragen mee naar hoe dat meerjarenplan er volfgens deze concept-regeling eruit moet gaan zien. Maar let op: dit is dus nog niet definitief.

Vraag 1: Waarom moet er een meerjarenplan komen?

De zorgplicht voor gemeenten bestaat in feite uit twee onderdelen. Op de eerste plaats moet je een passende bibliotheekvoorziening hebben. Gemeenten die dat nog niet hebben, moeten binnen enkele jaren na invoering van de zorgplicht een bibliotheek hebben. 

Daarnaast moet elke gemeente een meerjarenplan opstellen voor het bibliotheekwerk. De nota toelichting geeft daarbij het volgende aan: 

'Van gemeenten en de openbare lichamen wordt daarbij verwacht dat zij na overleg met de lokale bibliotheekorganisatie in een meerjarenplan beschrijven op welke manier zij invulling geven aan de zorgplicht. Het plan houdt rekening met de lokale omstandigheden, behoeften en mogelijkheden. Het onderbouwt daarmee de lokale keuzen in het bibliotheekbeleid en geeft inzicht in het beleidsmatig en financieel meerjarenperspectief ten aanzien van het lokale bibliotheekbeleid.'

Tja, daar is al heel veel mee gezegd. Gemeenten moeten inzichtelijk maken dat ze fatsoenlijk bibliotheekwerk mogelijk maken, nú en in de komen jaren. Hoe het er nu voor staat kan men toetsen door te kijken of er een passende bibliotheek is. Met het meerjarenplan laat men zien dat een gemeente ook in de komende periode er goed voor wil zorgen. Dat inzicht is nodig voor de partij die toezicht houdt op die zorgplicht. Dat zijn de provincies voor gemeentelijke taken. En wat wil die provincie dan lezen in dit soort plannen? Dat brengt ons bij vraag 2: Wat moet erin staan?

Vraag 2: Wat moet erin staan?

In artikel 2 van het besluit wordt een vrij uitgebreide maar niet ingewikkelde opsomming gemaakt van allerlei punten die aangestipt moeten worden. Maar voordat het artikel dat doet zegt het artikel dat minimaal voldoen moet worden aan de criteria uit artikel 6, lid 2 van de wetswijziging. Wat stond daar ook al weer? Nou, dit: 

Als onderdeel van het aanbod, ... houdt het college van burgemeester en wethouders dan wel het bestuurscollege ten minste één bibliotheekvoorziening in stand die:
a. alle vijf functies als bedoeld in artikel 5 van deze wet vervult;
b. een fysieke collectie heeft; en
c. over een professionele personeelsbezetting beschikt.

Voor bijna geen enkele bibliotheek zal dit geen probleem zijn. Er zijn wel wat gemeenten die zeggen dat niet alle vijf functies ingevuld hoeven worden. Dat kan een gemeente dus niet meer zeggen. Daar staat tegenover dat er geen harde normen voor de drie genoemde punten. Wel zullen er streefwaarden komen die in een handreiking zullen staan die nog komt.

Na deze inleiding in artikel 2 volgt een wat langere opsomming over wat meegenomen moet worden. Die luidt voor gemeenten:

Het college van burgemeester en wethouders onderbouwt in het meerjarenplan in
ieder geval hoe rekening is gehouden met:
a. de bereikbaarheid binnen redelijke afstand van het aanbod van bibliotheekvoorzieningen gelet op de oppervlakte van de gemeente;
b. het aantal inwoners in de gemeente;
c. de leeftijdsopbouw in de gemeente;
d. de sociaaleconomische status van de bevolking van de gemeente;
e. de manier waarop de lokale bibliotheek bijdraagt aan de lokale maatschappelijke
opgaven in de gemeente;
f. de betrokkenheid van de lokale bibliotheek bij de totstandkoming van het
meerjarenplan; en
g. de verhouding tussen de lokale bibliotheek en andere sociaal-culturele voorzieningen
of het onderwijs.

Ook dit lijkt me nog niet heel ingewikkeld. Iedere goede ambtenaar en bibliotheekdirecteur kan hier vlot antwoord op geven. Daarnaast geeft de toelichting aan dat gebruik gemaakt moet worden bij de onderbouwing van deze CBS-gegevens:

CBS: Aantal inwoners en leeftijdsopbouw

CBS: Sociaal-economische status

Voor de openbare lichamen van Caribisch Nederland - die keurig zijn meegenomen in deze regeling - gelden licht afwijkende eisen, passend bij hun situatie.

Tot slot geeft het besluit aan dat er aandacht moet zijn voor de bijdrage die de bibliotheek moet leveren aan lokale opgaven. Dat verwoordt de regeling als volgt:

'Gemeenten en openbare lichamen moeten in het meerjarenplan onderbouwen hoe rekening is gehouden met de bijdrage die de bibliotheek levert aan lokale maatschappelijke opgaven, voor zover deze opgaven tot het domein van de openbare bibliotheek horen. Deze kunnen per gemeente of openbaar lichaam verschillen, waarbij de focus ... ligt op de bijdrage aan basisvaardigheden en brede ontwikkeling.'

Dit sluit dus goed aan bij de opmerking die bovenaan gemaakt werd dat gemeenten moeten laten zien hoe het bibliotheekwerk aansluit op de lokale uitdagingen. 

Hebben we daarmee alles? Nou, niet helemaal. Want hoe zit het nou met het geld voor de bibliotheek? Dat brengt ons bij vraag 3: Krijgen bibliotheken meerjarig financiële zekerheid?

Vraag 3: Krijgen bibliotheken meerjarig financiële zekerheid?

Ook over het geld voor de bibliotheek wordt wel iets gezegd in dit besluit. Niet hoeveel het moet zijn maar wel dat er een meerjarige financieel perspectief moet zijn. 

In het besluit zelf staat:

Het meerjarenplan bevat een begroting voor de uitvoering van de zorgplicht, bedoeld in artikel 6, eerste en tweede lid, van de wet, door de gemeente dan wel het openbare lichaam beschikbaar gestelde gelden.

In de toelichting wordt het net iets anders gesteld in een zinnetje dat ik hierboven ook al aanhaalde:

'Het [meerjarenplan, red.] onderbouwt ... de lokale keuzen in het bibliotheekbeleid en geeft inzicht in het beleidsmatig en financieel meerjarenperspectief ten aanzien van het lokale bibliotheekbeleid'.

Wat ik in de wandelgangen wel hoor is dat dit geen harde afspraak voor vier jaar is. Dat kun je jammer vinden maar er komt wel degelijk een financieel meerjarenperspectief of begroting die door de gemeente zelf is opgesteld... en vastgesteld. Het is dus niet een financieel meerjarenperspectief van de bibliotheek maar van de gemeente zelf. En dat is echt veel meer dan veel bibliotheken nu hebben. 

Dat brengt ons tot de laatste vraag met een aantal praktische opmerkingen: wanneer moet het klaar zijn, wie moet het maken en hoe vaak?.

Vraag 4: Wanneer moet het klaar zijn, wie moet het opstellen en hoe vaak?

Wanneer

In deze AMvB staat niet wanneer het meerjarenplan klaar moet zijn. Er staat dat het op een nader te bepalen tijdstip is. De thans bekende wetswijziging die nog door de Kamer moet, zegt er wel wat over in de Memorie van toelichting. Daar wordt gezegd:

'Het voornemen is dat gemeenten hun meerjarenplannen uiterlijk een jaar na publicatie van deze wet publiceren en dat de zorgplicht drie jaar na publicatie van deze wet in werking treedt, waardoor gemeenten uiterlijk op dat moment aan de zorgplicht moeten voldoen.'

Er vanuit gaande dat de wet per 1 januari 2027 ingaat dan zou zo'n plan dus af moeten zijn op 31 december 2027. Dat lijkt veel tijd maar als zo'n meerjarenplan langs de gemeenteraad moet, ben je zo een half jaar verder met een aanloop in een commissie en behandeling in de raad. Dan moet je dus in het voorjaar van 2027 wel opgesteld hebben. Veel gemeenten willen echter al eerder, dit om het rijksgeld dat per 2027 verwisselt van een decentralisatieuitkering naar een algemene uitkering in het gemeentefonds veilig te stellen. Er zijn daarom nu al gemeenten aan de slag terwijl de regeling nog niet bekend was. Is dat slim? Daar is zeker wat voor te zeggen en eigenlijk ook best logisch. Waarom wachten op verbetering als je vandaag kunt beginnen? Maar het hoeft dus zeker niet in 2026. Er is ruimte tot 31 december 2027.

Wie

Wat betreft dat opstellen van het meerjarenplan geeft het besluit nadrukkelijk aan dat de bibliotheek betrokken moet worden bij het opstellen. Dat kan verschillende vormen kennen. Er zullen gemeenten die zelf de pen vasthouden en hun eigen stuk opstellen maar er zullen ook gemeenten zijn die de bibliotheek zullen vragen grote onderdelen zelf aan te dragen. Zeker bij basisbibliotheken met veel kleinere gemeenten verwacht ik zo'n constructie. En ik verwacht daar ook dat daar een meerjarenplan komt voor meerdere gemeenten tegelijk waar elk van de gemeenten natuurlijk wel zelf over moet beslissen. 

Hoe vaak

Het besluit zegt niet voor welke termijn het meerjarenplan moet worden opgesteld. Maar de voorgestelde wijziging van de wet geeft in artikel 6, lid 3 aan dat elke vier jaar dat meerjarenplan moet worden opgesteld. De termijn van het plan is dus vier jaar.

Verder nog iets?

Gaan we er verder nog iets van vinden? En wat gaat er uit die consultatie komen?

Handreiking VNG

Tot zover het meerjarenplan. Het lijkt mij een voorstel dat goed te doen is. Misschien wat dun op de inhoud maar dat kan als kader. Die inhoudelijke invulling moet vooral komen van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) die al geruime tijd werkt aan een handreiking. In de wandelgangen hoor je wel dat die in concept al klaar is maar wacht nog op de definitieve wet. En dat snap ik niet. Waarom wordt deze niet alvast gedeeld? Gemeenten zitten hier namelijk met smart op te wachten, ook al is het maar een concept. Die willen de decentralisatieuitkering en uitkering in het gemeentefonds goed laten landen en willen daar eigenlijk al beleid voor maken. Een deel van de gemeenten is al vertrokken op dit pad. 

De handreiking van VNG zal inhoudelijk veel uitgebreider zijn dat het voorschrift van het ministerie. Daar zal het bibliotheekconvenant maar ook de streefwaarden voor bijvoorbeeld de financiën veel nadrukkelijker genoemd worden. De gemeenten die nu al aan de slag zijn of gaan, missen dus - gedeeltelijk - die informatie. Want inhoudelijk geeft de AMvB voor het meerjarenplan natuurlijk niet heel veel mee. Daarmee laat het veel ruimte aan gemeenten dus die handreiking van VNG zal zeker welkom zijn. Natuurlijk los van de expertise en ervaring van de lokale bibliotheek zelf.

Ondersteuning aan onderwijs in de zorgplicht?

Tot slot wordt er her en der wel gefluisterd dat de inzet voor het onderwijs wellicht sterker aangezet moet worden in deze AMvB. Want de zorgplicht bestaat eigenlijk niet uit twee delen maar uit drie. Want naast het hebben van een bibliotheek en meerjarenplan is er ook een artikel in de wet gekomen waarbij elke bibliotheek zich inzet voor de Bibliotheek op school  en vroeg- en voorschoolse initiatieven als Boekstart. Die is pas laat in de wetswijziging gekomen en daardoor misschien nog niet goed genoeg geland voor het meerjarenplan. 

Caribisch Nederland

Tot slot heb ik in dit artikel maar heel beperkt stilgestaan bij de speciale aandacht die ook de openbare lichamen van Caribisch Nederland krijgen. Voor mij moeilijker om te beoordelen maar ik zie wel de inzet om dit een volwaardige plek in het bibliotheekbeleid te geven. 

Tel uw zegeningen, andere instellingen zijn jaloers

U bent weer bij. Er loopt een internetconsultatie dus er zal zeker nog wel wat opgemerkt en ook veranderd worden. Ik verwacht de Vereniging van Openbare Bibliotheken met hun goede communicatie ook snel met een advies zal komen aan de bibliotheken. Maar de eerste schets is er dus en iedereen mag reageren. 

Het lijkt mij een werkbaar en ruim model. Niet te ingewikkeld, ruimte voor lokaal maatwerk en een financieel meerjarenperspectief. En ja, er zal nog wel gesteggeld worden hoe hard dat financieel meerjarenperspectief is. 

Het is goed om als sector te realiseren dat andere lokale culturele en maatschappelijke organisaties een moord voor doen voor zo'n regeling. Die kijken denk ik met een beetje jaloezie naar bibliotheekwerk. Er is natuurlijk altijd wat te wensen maar tel ook uw zegeningen, zou ik zeggen.

Dit artikel moet u eigenlijk samen lezen met het artikel 'De wijziging van de bibliotheekwet in vijf vragen.' Daarmee heeft u alle belangrijke informatie rond de wetswijziging bij elkaar. 


Geen opmerkingen: