dinsdag 9 augustus 2011

De eendagskeukenprins, het winkelconcept en de zelfbediening

Er zijn dagen dat ik de keukenprins probeer uit te hangen. Niet dat ik het ben – mijn smaak is niet verfijnd genoeg – maar een beetje moderne man moet af en toe aan zijn imago poetsen. Mijn gebrek aan kookkunsten probeer ik vervolgens te compenseren met ingrediënten die we normaal nooit gebruiken. En laten we wel wezen, wie geen verfijnde smaak heeft koopt gewoon spullen die dat toch doen vermoeden. Toch? Elke Mercedesrijder is er volgens mij het voorbeeld van.

Dus afgelopen week was het weer eens zo ver. Blijkbaar had ik het op mijn heupen. Nou ja, eendagskeukenprinsen moeten er ook zijn.

En u begrijpt dat voor mijn inkopen ons buurtsupertje niet voldoet. Aardige mensen, daar niet van. Deze keukenprins week uit naar het veeeeel grotere – en Koninklijke – Albert Heijn. Een grote winkel overigens, vergelijkbaar met de Gamma en de IKEA. En daar had natuurlijk al een belletje moeten gaan rinkelen bij mij.

Maar welnee, deze keukenprins reed al op zijn witte paard naar deze blauwwitte gigant. Het was overigens al wel een tijdje geleden dat ik daar geweest was. Zelfs op het paleis van de keukenprins waren er al geruchten geweest van de winkel waar je zelf alles mocht afrekenen.

En inderdaad, bij de ingang was een rek vol met glimmende laserpistooltjes neergezet. Handscanners. En omdat de keukenprins niet voor dom wilde doorgaan ging hij natuurlijk voor de bijl. De eendagskeukenprins ging zelf winkelen en afrekenen.

Dus ik trok mijn laserpistool uit het rek en…. Verrek, dat ding zit klem. Dan een andere. Oh, die ook. Harder trekken misschien? Nee, ook niet. Hmm, deze scanner kreeg ik ook niet meer goed terug en die barst in dat plastic leek me ook niet helemaal jofel. Ik frommelde de scanner zo goed mogelijk terug en wendde me tot het scherm.

Ah, ik moest mijn bonuskaart voor het scherm houden… Voor dat TV-scherm? Hmm, het zal wel. Dus trok deze keukenprins voorzichtig zijn bonuskaart langs het TV-scherm. En warempel, er gebeurde iets. “Pak de oplichtende scanner” zei het beeldscherm. Oplichtende scanner? Welke was dat? Volgens mij waren ze dat allemaal.

Even had ik het gevoel dat ik in die spelshow stond waar je stokken uit het plafond moest vangen. En dat je dan niet weet welke stok je moet vangen.

Nou, ik zag in ieder geval niets. Ik trok weer aan een paar laserpistolen maar er gebeurde niks. Het TV-scherm meldde inmiddels alweer: “Houd uw bonuskaart voor het scherm”. Dus met een prinselijk gebaar deed ik dat voor een tweede keer. Ah, nu een andere melding: “Er is iets mis met uw bonuskaart. Laat uw kaart aan een medewerker zien.”

Zie je wel, het lag niet aan deze keukenprins. Er was gewoon iets met de kaart. Ik naar een mevrouw achter balie. “Er is iets mis met mijn kaart en u moet er even naar kijken, zei het scherm.” De mevrouw keek naar de kaart maar dat was duidelijk niet genoeg. “Ik kom zo terug,” zei ze en ze vertrok naar ergens helemaal achterin de winkel. Het was mij inmiddels duidelijk dat ze andere collega’s in de koffiekamer ging waarschuwen om mee te kijken op de beveiligingscamera’s. Want niets is zo lachwekkend als een eendagskeukenprins die probeert zelf te winkelen. En inderdaad, er klonk gelach uit de koffiekamer en snel zag ik nog een paar collega’s aan komen snellen om ook op de beveiligingsschermen mee te kijken.

Even later kwam ze – met een gladgestreken gezicht - terug. “Zo, hij doet het weer, hoor”. Ik terug naar het TV-scherm. Bonuskaart er langs en … ja, er was een oplichtende handscanner. En ja, het was me gelukt. Ik had een handscanner in handen! Hoera! Het was me gelukt. Even keek ik om mee heen en stiekem kuste ik het apparaat.

Ik hoorde zacht gejuich uit de koffiekamer.

Maar wat nu? Het apparaat had drie knopjes maar liefst. Welke moest ik gebruiken? Hmm, dit was tricky. Eén verkeerde handeling en ik hing natuurlijk. Maar ha, ik was dat apparaat te snel af. Ik toog de winkel in, kocht mijn delicatessen en spoedde mij naar het betaalapparaat. Zo, ik wist nu zeker dat ik alle goede dingen had, nu durfde ik wel te gaan scannen. Want stel je voor dat je weer iets uit je mandje moet halen en weer langs de scanner moet halen. Was vast allemaal heel makkelijk, maar ik zag waanbeelden voor mee waarbij ik de hele voorraad krielaardappeltjes op mijn kassabon kreeg. En dan van wanhoop dat maar afrekenen om toch maar die winkel uit te komen. Zo zijn eendagskeukenprinsen.

Op de gok neem ik de grootste knop. Ik scan, ik hoor een piep. En jawel, na een aantal seconden staat wat ik heb gescand. Zo ga ik mijn mandje door. Dit loopt gesmeerd! Eigenlijk zou ik willen juichen of zo’n sliding maken die voetballers ook altijd maken na een doelpunt. Jawel, zelfs deze eendagskeukenprins kan het! Ik knipoog even naar de beveiligingscamera en weer hoor ik applaus uit de koffiekamer. Hmm, ze volgen me dus nog steeds via de camera’s. Opletten.

Op naar de betaalpaal. “Scan uw AH Bonuskaart” zegt het TV-scherm opnieuw. En uiterst geroutineerd haal ik mijn kaart er langs. Nog steeds een genoegzame glimlach op mijn gezicht. Huh, er gebeurt niets. Nee, niks laten merken keukenprins, gewoon nog een keer doen. En opnieuw haal ik mijn Koninklijke bonuskaart er langs. Weer niks.

O, er staat in kleine letters onder “Hang eerst de handscanner terug in de houder”. Op de achtergrond hoor ik gegniffel uit de koffiekamer. Ik zwaai nog even naar de camera en plaats de handscanner terug. En jawel, er klinkt zowaar gejuich.

De betaling was in vergelijking hiermee een fluitje van een cent. Ik pakte mijn mandje leeg, plaatste mijn kassabonnetje tussen mijn lippen en liep met mijn handen vol naar de uitgang.

Boenk.
Boenk?
Het hekje ging niet open.
Huh.
Ik keek vertwijfeld rond. Uit de koffiekamer hoorde ik nu een bulderende lach. En volgens mij viel er ook iemand van een stoel.

Oké, ik doe iets fout. Ah, daar nog een TV-scherm: “Haal uw kassabon langs het scherm om het hekje te openen.”

Tja. Daar stond ik met twee handen vol en een kassabon tussen mijn lippen. Eerst probeerde ik met mijn beperkte turnervaring om wat te buigen en zo de bon voor de scanner te houden. Maar hoe hard ik het ook probeerde, ik haalde het niet. Tenminste, niet zonder mijn boodschappen te laten vallen.

Nog geen meter verderop zat een caissière mij meewarig en werkeloos aan te kijken. Je zag haar denken: “Tja, jij wilde zo graag zonder caissière door het leven. Ik doe niets”.

Ik plaatste één potje tussen mijn knieën waardoor ik iets meer ruimte had om mijn arm te bewegen. Uiteindelijk slaagde ik erin om met één hand net mijn mond te bereiken, de bon uit mijn mond te grissen en voor de scanner te houden. En jawel, sesam opende zich. Ik hupste met het potje tussen mijn knieën door het poortje. Achter mij hoorde ik een luid gejuich. Het personeel kwam uit de koffiekamer en zwaaide nog even. Echt, bijzonder aardig.

Het is maar goed dat ik een eendagskeukenprins ben. Morgen halen we weer gewoon patat bij Ronnie’s Snackbar. Ik hoor gejuich... vanuit de kinderkamer.

Voor alle andere keukenprinsen heeft Albert Heijn op Youtube een informatiefilmpje geplaatst. Maar ja, daar kwam deze keukenprins natuurlijk pas achter na zijn gênante inkoopfestijn.

4 opmerkingen:

Transisalania zei

Prachtig! Dit te lezen beurt een mens op wanneer je net weer begonnen bent na je vakantie.

digisuus zei

Mark, ik heb in tijden niet zo gelachen. Dankjewel!

steenwijk23 zei

dat was idd even lachen ,leuk! maar ook weer triest natuurlijk dat het soms een zenuwslopend gedoe is die automatisering;)

Mark Deckers zei

@transisalania @digisuus: lachen is belangrijk!
@steenwijk23: moraal van het verhaal is dat zelfbediening diep ingrijpt op het communicatieproces tussen klant en bedrijf. Dat betekent dat invoeren van zelfbediening gewoon met heel veel zorgvuldigheid (en nuchterheid) moet gebeuren.