
Afgelopen donderdag was ik op het door SURF en KB georganiseerde symposium rondom GII:"Van vergezichten tot verwezenlijking".
Een dikke week geleden deed ik een oproep aan vooral directeuren van openbare bibliotheken om naar deze bijeenkomst te gaan. En dat was een verstandige oproep. Maar dat zal verderop in dit verhaal blijken. En het leverde een nogal pijnlijke situatie voor mezelf op.
Zelfde werelden, andere leveranciers
Het publiek was zeer gemêleerd van Universiteitsbibliotheek naar Openbare Bibliotheek en een aantal leveranciers. De eerste spreker was Marc van der Berg van de UvA. Hij toonde ons in een aantal sheets hoe de universiteitsbibliotheken hun technische infrastructuur regelen. Dat lijkt veel op openbare bibliotheken: allemaal een eigen systeem van een beperkt aantal merken en allemaal met hetzelfde bezig op hun eigen eiland. Overigens werken de universiteitsbibliotheken wel weer met allemaal andere leveranciers dan de openbare bibliotheken. Alleen OCLC is als contentleverancier is in beide branches actief. We doen dus veel hetzelfde maar wel met verschillende gereedschappen.
Einde van het IBL met GoogleBooks
Daarna was het de beurt aan Brandon Badger, product manager van Google Books. Een jonge gast die in zeemanstrui even uitlegt dat de missie van Google is "to organize all the world's information". Tja daar sta je dan als bedrijf dat nog geen 10 jaar oud is tussen de universiteitsbibliotheken waar de oudste de roots ergens in 14e of 15e eeuw zal hebben liggen. Maar leuk om te zien hoe snel de ontwikkeling bij GoogleBooks gaan. Inmiddels heeft GoogleBooks 12 miljoen boeken volledig beschikbaar waarvan bijvoorbeeld 1,5 miljoen in het Epub-formaat.
Zet dat af tegen de resultaten van OCLC. Eric van Lubeek, directeur van een groot deel van OCCL, liet zien dat OCLC nu beschrijvingen van boeken heeft van 170 miljoen titels. Zij zijn wereldwijd het grootste titelbestand. Als we dat afzetten tegen de 12 miljoen van GoogleBooks, kunnen we constateren dat Google echt heel hard aan het digitaliseren is.
In tegenstelling tot OCLC gelooft Google niet in catalogi. Google hanteert de opvatting dat de gebruikers de onderlinge verbanden tussen boeken moeten aanleggen. Een "social thesaurus" dus.
GoogleBooks verwacht dat het IBL gaat verdwijnen. Waarom een boek opsturen en weer terugbrengen als je het ook gewoon kunt uitprinten? Dat gesjouw met boeken door het hele land kan nooit goedkoper zijn dat wat geld uitgeven aan GoogleBooks. Kijk, dat is een interessante case voor de toekomst. Daar waar distributie nu nog een hot item is, zou het dus goed kunnen dat het dit over tien jaar niet meer is. Neemt niet weg dat je het nu ook goed moet regelen. Dus zet uw transportbusjes niet gelijk op Marktplaats.
Meneer Deckers, wilt u vertrekken?
In het middaggedeelte waren een aantal parallelsessies. En daar volgde een pijnlijke ervaring voor mij. Ik had mij aangemeld voor de sessie met bibliotheekdirecteuren over de afspraken die tussen universiteitsbibliotheken en openbare bibliotheken moeten worden gemaakt. Het zaaltje waarin dat moest gebeuren was klein en de dame die de sessie leidde - Josje Calff - bijzonder streng. Na aanmelding bleek de sessie overtekend en heeft de organisatie zelf een keus gemaakt wie er wél in de sessie mocht en wie niét. Wie geen directeur was, is van de lijst afgehaald. Ze las de namen voor en wie niet op de lijst stond moest vertrekken. Mopperend verliet ik de zaal. Natuurlijk had ze gelijk maar zuur en genant is het wel. Zeker met zo'n ego als het mijne ;-)
Het einde van de lokale catalogus
Vervolgens belandde ik in een sessie over de front-office. Daar werd gewerkt met stellingen waarop je mocht stemmen. Dat was leuk opgezet. Eén van de stellingen was dat de eigen catalogus wel weg kan. Een discussie die in openbare bibliotheken wel redelijk leeft. Mijn stelling is dat we best samen met één landelijk titelbestand kunnen werken. En de zaal - ook de universiteitsbibliotheken - dachten er precies zo over. En masse werd gestemd voor: weg met de eigen catalogus.
In de plenaire terugkoppeling kondigde Bas Savenije van de Koninklijke Bibliotheek aan dat er een visiedocument komt voor de gemeenschappelijke infrastructuur. Lijkt me een prima idee.
Mijn conclusie van de dag is dat universiteitsbibliotheken en openbare bibliotheken nog veel van elkaar kunnen leren. Wel gebruiken ze hele verschilllende leveranciers en kon in de samenwerking wel eens even vertragen. Zou natuurlijk niet moeten mogen, maar dat zal in de praktijk nog wel lastig zijn.
Veel gezamenlijke visie is er natuurlijk wel. En als je kunt opteren voor een - echte - gezamenlijke catalogus (dus zo één waardoor je je lokale catalogus echt weg doet) heb je een leuk begin. En als je vervolgens kunt opteren voor de afschaffing van het WSF/UKB-IBL door digitale levering of printing-on-demand a la GoogleBoos heb je volgens mij een prima vervolg. Dan werken openbare bibliotheken en universiteitsbibliotheken prima samen voor alle burgers in Nederland. Een leuk wenkend perspectief lijkt me.
Dank dus aan KB en SURF voor de organisatie. Nu nog even zorgen dat ik voortaan bij alle sessies mag zijn!