Vandaag, op 2 februari, vond het landelijke Kennisfestival Basisvaardigheden plaats. Bijna 400 enthousiaste bibliotheekprofessionals, taalhuis- en IDO-medewerkers kwamen bij elkaar in de Prodentfabriek in Amersfoort. Het was al even geleden dat het werd georganiseerd. 2019 was de laatste keer. Ik vond en vind het altijd een heerlijk evenement dat wordt georganiseerd door SPN. Het is een evenement dat sprankelt door de deelnemers. Allemaal mensen die op hun lokale niveau hulpstructuren organiseren en burger voor burger op een menselijke manier verder helpen. Van die energie krijg ik hoop en word ik blij.
De organisatie had mij en mijn oud-collega Bart van Bergen gevraagd om een workshop te verzorgen over Basisvaardigheden en een aanstaande Zorgplicht voor gemeenten over bibliotheekwerk. Toen de organisatie mij dat vroeg was mijn eerste antwoord: maar basis basisvaardigheden staat helemaal niet in de bibliotheekwet, laat staan in de zorgplicht. 'Je maakt er maar wat van', zei de organisatie tegen mij. En wie zich er wat verder in verdiept vindt toch wel vele haakjes.
De meest recente is misschien wel het coalitie-akkoord 'Aan de slag' van D66, CDA en VVD. Daarin staat over bibliotheken het volgende zinnetje:
'We versterken bibliotheken in heel Nederland, waar mensen niet alleen terecht kunnen voor boeken, maar ook voor hulp bij laaggeletterdheid, digitale hulp en taallessen.'
Eén ding is daarmee helder: een bibliotheek is een biblitoheek die zich richt op tal van basisvaardigheden. Punt. Het coalitieakkoord besteed overigens ook veel aandacht aan digitalisering en de wens dat burgers voldoende weerbaar zijn.
Basisvaardigheden bestaat nog helemaal niet zo lang
Maar toch even terug in de geschiedenis. De bibliotheekwet werd in 2015 ingevoerd. Het woordje basisvaardigheden staat daar dus niet in. En het woordje Basisvaardigheden zijn volgens mij in biblliotheken pas ingevoerd nadat we in 2016 de samenwerking met de Belastingdienst startten. Dus ik vermoed dat het begrip Basisvaardigheden zo rond die tijd voor het eerst gebruikt is voor alle vaardigheden rond lezen, schrijven, financiën en gezondheid. En daarbij waren volwassenen vooral de doelgroep.
In de wet die in 2015 werd ingevoerd werden in artikel 5 de vijf functies van bibliotheken benoemd. Die vijf functies zijn:
- ter beschikking stellen van kennis en informatie;
- bieden van mogelijkheden tot ontwikkeling en educatie;
- bevorderen van lezen en het laten kennismaken met literatuur;
- organiseren van ontmoeting en debat; en
- laten kennis maken met kunst en cultuur.
In de wetswijziging die per 2027 naar alle waarschijnlijkheid ingaat wordt het woordje basisvaardigheden ook niet gebruikt maar komt het wel voor in de Memorie van Toelichting. Het bijzondere is dat het woordje Basisvaardigheden dan vooral voorkomt in de zin van het Masterplan Basisvaardigheden. Dit masterplan werd pas in 2022 gelanceerd. In dit masterplan zijn de extra inspanningen vastgelegd die scholen vooral moeten leveren om kinderen beter te laten lezen, schrijven en rekenen. Bibliotheken helpen daarbij vooral met hun programma's Bibliotheek op school en Boekstart. In de wet slaat het woordje Basisvaardigheden dus vooral op kinderen. Natuurlijk liggen die twee wel in het elkaars verlengde: voor kinderen gaat het meer om preventie tegen laaggeletterdheid terwijl het programma voor volwassenen curatief van aard is. Een programma als de gezinsaanpak verbindt die twee. Je hebt dus beide vormen van Basisvaardigheden nodig.
De zorgplicht
Mijn maatje Bart van Bergen legde aan de zaal uit, wat de zorgplicht en de wetswijziging gaat inhouden. Wie dat nog eens wil nalezen verwijs ik graag naar mijn artikel: 'De wijziging van de Bibliotheekwet in vijf vragen'. Daarin lees je wat de consequenties zijn voor gemeenten en dat ze een meerjarenplan moeten maken voor biblliotheektwerk. Dat meerjarenplan is natuurlijk een prima plek om Basisvaardigheden een prominente plek te geven. Bart legde vooral uit dat het vooral gaat om samen met je gemeente en andere partners te komen tot een goede invulling van Basisvaardigheden. Begin dus vooral niet alleen maar betrek je gemeente actief bij de goede invulling. En daarliggen met het meerjarenplan zoals gezegd goede mogelijkheden want de gemeente moet in overleg met de bibliotheek hierover.
Wettelijke verankering van de IDO's
Een belangrijke pijler onder de Basisvaardigheden zijn naast de taalhuizen natuurlijk de Informatiepunten Digitale Overheid, de IDO's. Daar is het afgelopen jaar veel om te doen geweest omdat het huidige demissionaire kabinet alle SPUK-regelingen afschafte. Daarmee sneuvelde ook de regeling die hoorde bij de IDO's. Deze werd omgezet naar een decentralisatie-uitkering maar er volgde ook een korting van 10%. Die korting is bij hoog en laag aangevochten in de Kamer. En die is in december, vlak voor het Kerstreces, ook van tafel gegaan.
In mijn artikel 'De vijf dossiers waar het bibliotheekwerk dit voorjaar mee te maken krijgt' schreef ik daar het volgende over:
Zo ongeveer de laatste brief die vorig jaar naar de Kamer ging was van staatssecretaris Van Marum met de beleidsbrief digitalisering over Q4. Daarin schrijft hij ook dat er een wettelijke borging nodig is van de IDO's:
- Het is mijn inzet dat laagdrempelige en empathische ondersteuning in de vorm van de IDO-dienstverlening in stand blijft. Bibliotheken blijven de primaire (maar niet exclusieve) uitvoerders hiervan, met ruimte voor gemeenten om, vanuit hun regierol, deze dienstverlening ook op andere plekken dan de lokale bibliotheek te organiseren.
- Om dit te borgen onderzoek ik samen met de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), of op termijn een wettelijke verankering mogelijk is van het bieden van laagdrempelige en empathische ondersteuning, waaronder de dienstverlening zoals deze nu wordt geboden door de IDO’s, de regierol van gemeenten hierbij en de rol van bibliotheken. Hierbij kan worden gedacht aan een eigen wet, maarer wordt ook onderzocht of de Wet stelsel openbare bibliotheekvoor-zieningen (Wsob) hiervoor een oplossing kan bieden.
- Voor de volledigheid wil ik opmerken dat eventuele wettelijke verankering geen invloed heeft op het budget dat beschikbaar is voor IDO-dienstverlening; het budget voor de IDO’s blijft beschikbaar en ik houd mij aan de eerdere toezegging om de 10% korting te compenseren.
De IDO's gaan dus linksom of rechtsom een wettelijke borging krijgen. Vanuit de wandelgangen begrijp ik dat er vanuit OCW ruimte is geboden om het in de bibliotheekwet op te nemen. Dan moet ook het geld overgeheveld van Binnenlandse Zaken (BZK) naar OCW. De staatsecretaris van Binnenlandse Zaken heeft hier kennis van genomen maar wil ook nog andere mogelijkheden onderzoeken. Op dit moment zitten de IDO's met een SPUK-regeling in de zijlijn van de Wet Modernisering Elektronisch Bestuurlijk Verkeer. De regeling voor de IDO's is officieel per 1-1-2026 vervallen dus er is in die zin een juridisch vacuüm.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten