maandag 30 mei 2011

Overijssel start de uitrol van white label website



In het afgelopen jaar heb ik veel verteld over de website zoals die in Deventer is ontwikkeld. Een concept dat aansluit bij de landelijke digitale ontwikkelingen, in de landelijke huisstijl en met modules van landelijke partijen zoals Muziekweb.

En van Deventer naar alle Overijsselse bibliotheken
In Overijssel streven we er naar om voor het eind van dit jaar alle Overijsselse bibliotheken op deze white label website over te zetten. Daarvoor is een strakke marsroute uitgezet. Voordat die uitrol echter kon beginnen moest Overijssel nog “even” het bibliotheeksysteem vervangen.

Die stap is twee weken geleden gezet. En daarmee is ook de uitrol van de white label website officieel van start. Als eerste zijn Zwolle en Hof van Twente overgezet. Die zaten nog op een soort tussenvariant. Vergelijk de plaatjes van de drie websites maar en zoek de verschillen!

En uiteraard een woord van dank aan mensen als Marianne Elsjan, Henk Kamp, Marc van der Meulen en Willard van den Berg. Weer een mooi staaltje werk! Nog maar 22 te gaan. Kom aan het eind van het jaar maar weer kijken!

Nog een paar kleine verberteringen
Tegelijkertijd kiest Overijssel er voor om dit jaar nog een klein ontwikkeltraject uit te voeren. Naast bovengenoemde collega's gaan we dat doen met Erwin Dekker (Blauwe Brug), Stefan Wijnberg (OBD), Jouke de Vries (Enschede) en Eddy Hamoen (iiccii). Er zijn nog aantal kleinere zaken die rond de huisstijl nog verwerkt moeten worden en ook het aantal opties rond sociale media zal worden uitgebreid. Daarnaast willen we graag gebruik gaan maken van de Iphoneapp van Cubiss. In het najaar hopen we die verbeteringen afgerond te hebben en zullen we die als eerste in de Bibliotheek Enschede laten zien. Kom daar dus in najaar ook kijken!

En dan stoppen we er mee…
Maar om eerlijk te zijn: dan stopen we er ook mee. Dan hebben we genoeg ontwikkeld. Huh, genoeg ontwikkeld? Ja, u leest het goed. Vanaf dat moment verwachten we dat Bibliotheek.nl zoveel snelheid heeft gemaakt dat deze vanaf medio 2012 op gelijk niveau zit met hun website-as-a-service (WAAS). En zodra dat zo is, heeft het geen zin meer om eigen ontwikkelingen te financieren. Dan moet je er met elkaar voor kiezen om gezamenlijk op te trekken. Kom daar volgend jaar dus eens kijken!

En zo trekken we met de Overijsselse bibliotheken verder. Stapje voor stapje te toekomst in. Vast, zeker en met een leuke snelheid. En bovenal met samenwerking. Met elkaar en met de rest van Nederland. Alleen samen heb je hier toekomst.

zaterdag 28 mei 2011

Hoop


Hoop doet leven. En in de afgelopen jaren is het meest sprekende beeld van deze hoop Barack Obama geweest. De eerste zwarte president van de Verenigde Staten. Met zijn slogan “Yes, we can!” stuwde hij het Amerikaanse volk op en liet ze opnieuw geloven dat verandering mogelijk was.

In de afgelopen tijd las ik het tweede boek van Roland van der Vorst met de titel “Hoop”. Roland van der Vorst is zich door Barack Obama gaan afvragen waar hoop vandaan komt. Wat maakt hoop zo aantrekkelijk?

Hoop is het licht in de duisternis. Hoop is het najagen van het niet bestaande. Hoop is de remedie tegen apathie, tegen fatalisme en tegen wanhoop.

Hoop is het licht in de duisternis. Van der Vorst heeft dat heel letterlijk opgevat met zijn boek. Het boek geeft door de fluorescerende voorkant letterlijk licht in de duisternis. Minder geschikt dus voor nachtkastjes. Het is maar dat u het weet.

Ernst Bloch
Hoop heeft altijd alles te maken met uitstel van behoeftebevrediging. Hoe groter het verlangen, hoe meer we bereid zijn om er langer over te doen. Hoe groter het ideaal, hoe langer het mag duren. Overigens, wie daar eens wat verder over wil lezen en een leuk filmpje wil zien, doet er goed aan hier eens verder te kijken.

Van der Vorst heeft zich vooral laten inspireren door Ernst Bloch. Deze oost-duitse filosoof schreef het driedelige standaardwerk “Das Prinzip Hoffnung”. Bloch die zowel in Oost-Duitsland als de Verenigde Staten heeft gewoond, raakte in beide systemen gedesillusioneerd.
hoop roland van der vorst
Vier soorten hoop
In het boek wordt onderscheid gemaakt tussen vier soorten hoop: christelijke hoop, prestatiehoop, gemoedshoop en gelegenheidshoop. En elk van deze vormen van hoop is op een ander moment in de geschiedenis ontstaan.

Bij christelijke hoop gaat het om de hoopvolle gedachte dat er voor de christen een mooie plek ligt te wachten: het hiernamaals. En hoewel je lang moet wachten, is het dit de gelovige waard. Er is ook geen reden tot twijfel: hogere instanties komen hun beloften na. En deze vorm van hoop kennen we al eeuwenlang.

Al een stuk recenter is de prestatiehoop. Deze is ingegeven door de verlichting en de medische vooruitgang. Het geloof in menselijk kunnen en het geloof in vooruitgang. Dat mensen zelf hun verandering kunnen afdwingen is een hoopvolle gedachte en drijft ons voort.

Vervolgens schrijft Van der Vorst over gemoedshoop. Deze komt op in de romantiek en draait om het gevoel. Bij de romantiek gaat het er echter niet meer om iets direct te bereiken maar juist om de werkelijkheid te ontstijgen. Die vormen zien we heel nadrukkelijk terug in de liefde en in de kunst. Het gaat dus veel meer om een gevoel om iets te bereiken. En dat is een hele sterke drijfveer. Mensen kunnen bijvoorbeeld tijdenlang een onbereikbare liefde najagen.

En tot slot benoemt Van der Vorst de gelegenheidshoop. Deze is bijzonder praktisch van aard. De gelegenheidshoop geeft aan dat grote idealen beginnen bij hele kleine stapjes. Wie de aarde beter wil maken begint met het afkopen van de CO2-uitstoot van zijn of haar vliegticket. Wie de bio-industrie wil afschaffen, koopt scharreleieren. En wie van een onbewoond eiland af wil komen, gooit een fles met een briefje in zee. Het is hoogst onzeker of op deze wijze het ideaal behaald wordt maar als heel veel mensen dat doen, zou dat zo maar kunnen.

Op de scheidslijn van filosofie en marketingcommunicatie
In het laatste deel gaat Van der Vorst in op hoe je hoop kunt gebruiken en hoe het ons als samenleving helpt. De neiging van de mens is om te streven naar een sociaal en technologisch betere wereld. Dat heeft te maken met onze overlevingsdrang. Daarvoor is continue verandering nodig. En veel van die grote veranderingen beginnen met hoop. Van der Vorst legt uit dat hoop geen toeval is, het kan geleerd worden. En daarmee wordt het een soort levenskunst. En dat is misschien wel een de meest hoopvolle gedachte.

Een mooi boek op de scheidslijn tussen filosofie en marketingcommunicatie. Een mooi boek voor iedereen die geïnteresseerd is in wat mensen drijft en hoe zij omgaan met verandering.

Wie een interessant interview met Van der Vorst wil zien, kan terecht bij VPRO-boeken.

Het land is moe..


Het land is moe, de hemel grijs
De wind is koud, zo koud als ijs
Mijn jas is dun, de kleur is vaal
De weg is lang, de boom is kaal.

En zo begint het lied "Het land is moe". Een weemoedig lied met sporen van onrechtvaardigheid. Over hoe individuen het afleggen tegen systemen. Over hoe ontwricht en moedeloos alles kan zijn. Soms overvalt me dit gevoel wel eens. Als alles vast zit. Als het moeilijk is om met elkaar beweging en energie te creëren. Als het leven wind tegen heeft. En dan ook nog windkracht 8. En dan is heerlijk om even te leunnen op dit lied van Drs. P.

Drs. P. kennen we van spitsvondige en meestal vrolijke of absurde teksten. Dit is één van zijn uitzonderingen. En in zijn begeleiding kiest hij in toon en maat precies wat past bij die lamlendige situatie. Het lied hinkepoot naar het einde.

Ik ken nog wel wat mensen met wind tegen. En dan ook nog windkracht 8. Voor al die mensen: we halen weer een keer diep adem en gooien onze kop weer in de wind.

vrijdag 27 mei 2011

#minderboeiendeboeken


Het was gisteravond aan het begin van de avond. Ik zag een rare tweet met een net verkeerde boektitel voorbij komen van mijn collega Michael de Jonge. Binnen enkele minuten volgden er nog een aantal. Heel even dacht ik nog dat dit een eenmansactie was van mijn taalminnende collega. Later op de avond zag ik nog meer collega's voorbij komen. Langzaam werd het mij duidelijk dat het hier om een virale grap ging.

Voorbeelden?
De geeuw van mijn vader van Geert Maf
Mijn kruis tocht in spijkerbroek
Komt een vrouw bij de dochter
De man die zijn hoed voor een vrouw hield
Nou ja, en begint u zelf nu maar te verzinnen...

En al die titels dus vergezeld van de hashtag minderboeiende boeken. En jawel, dan wordt je trending topic. Op moment van schrijven zijn er zo'n 4.500 tweets bekend. En inmiddels is er ook al een site geopend: minderboeiendeboeken.nl.

Grappig. Binnen 24 uur is iets een gezelschapsspelletje van honderden mensen. Mensen die elkaar volstrekt niet kennen en heel even één ding gemeen hebben: een taalgeintje uithalen met boektitels.

Overigens is deze hype na 24 uur al weer voorbij. De internetgemeenschap is inmiddels begonnen aan #minderboeiendesongs. Ook dat houden we waarschijnlijk wel weer een dagje vol. En dan is het weer tijd voor de volgende hype. Het is een gekke wereld.

donderdag 26 mei 2011

Al die mensen die maar skypen

Vandaag kwam de commissie Digitale Bibliotheek bij elkaar. En het begint gewoon te worden dat minstens één commissielid via Skype deelneemt aan de vergadering. Nog heel even en dan....

Nou, kijk zelf maar.

woensdag 25 mei 2011

De mysterieuze krachten van het bibliotheekwerk : deel 7: Emiel Poortman

De afgelopen week waren nagenoeg alle Overijsselse bibliotheken gesloten. Het bibliotheeksysteem voor de bijna 100 bibliotheekvestigingen werd in één keer vervangen. De overgang van Bicat naar WISE. Deze hele operatie vond plaats onder regie van unitmanager Emiel Poortman. En vandaag gaan we Emiel Poortman maar eens in het zonnetje zetten. En ik ga uitleggen dat Emiel en ik helemaal niks met elkaar gemeen hebben.

De laatste keer dat de Overijsselse bibliotheken dit deden was eind 2001. Toen stapten we over van ALS op Bicat. En naast het systeem kenden we toen ook de overgang op de euro, de vervanging van 200.000 bibliotheekpassen en de invoering van zelfbedieningsapparatuur. Op dat moment had ik de functie die Emiel nu heeft. Ik begon destijds met een afdeling met 7 man en eindigde met 15. Hij begon met 15 en heeft nu rond de 30 ICT-ers aan het werk voor bibliotheken. En daarmee is het één van de grootste ICT-afdelingen voor bibliotheken in Nederland.

Tegenpolen
Emiel is inderdaad één van de stille krachten van het bibliotheekwerk. Een tijdje geleden zat ik samen met Emiel in een teamtraining. De trainer legde uit dat onze teamrollen volledig in elkaars verlengde lagen: wat ik niet heb, heeft Emiel. Wat Emiel niet heeft, heb ik. Daarmee zijn we elkaars tegenpolen. Dat kan twee dingen betekenen: of je hebt constant ruzie, of je vult elkaar perfect aan. We constateerden toen dat dat laatste het geval was.

Emiel staat niet met zijn mening vooraan maar zorgt wel altijd dat alles draait, dat alles betaalbaar blijft en dat alles redelijk begrijpelijk blijft. En wat te denken van al die gesprekken en afspraken met al die ICT-leveranciers. Wie zou dat graag overnemen?

Hard werken en om je heen blijven kijken
Ik ken Emiel als een werkpaard. Hij kan grote hoeveelheden werk verzetten en schrikt niet, terwijl hij al druk is, dat er nog even een stapel bij komt. Wie met een goed voorstel komt, vindt bij Emiel altijd een luisterend oor. Voor vernieuwingen staat hij open maar hij stelt ook altijd nuchtere vragen. Dus niet alleen hard werken met oogkleppen op maar ook om je heen blijven kijken.

En laten we wel wezen. Werken voor ICT is niet altijd een dankbare taak. Als het werkt hoor je niemand, als het stuk is, zitten we in de hoogste boom. Inmiddels is WISE in Overijssel in de lucht. Het meeste werkt en natuurlijk gaan er ook nog dingen mis. En je kunt geen oordeel vellen over een nieuw systeem na een paar dagen. De komende tijd zal dus uitwijzen hoe goed alles is gegaan.

Natuurlijk Emiel, het is een teamprestatie...
Emiel zal zeggen dat het onterecht is dat hij hier wordt geroemd. Hij zal zeggen dat dit een prestatie is van al die Overijsselse bibliotheken en van het hele ICT-team. Natuurlijk Emiel. Helemaal gelijk in. Zeggen wij dat het ook heel erg ligt aan Emiel.

Voor mij is Emiel dus een zeer gewaardeerde collega. En ik weet dat hij dat voor heel veel collega’s en bibliotheken ook is. Maar ook een collega die het tegenbeeld van me is. Waar hij houdt van Formule 1, trek ik nog een keer mijn hardloopschoenen aan. En waar hij graag knuffelt met zijn honden, daar staat bij mij het zweet onder de oksels.

Het is maar goed dat er Emiels zijn.

maandag 23 mei 2011

Zo maar doen dan? Iedereen overal lenen vanaf 2013

Question mark

Twee weken geleden begonnen we hier te praten over de mogelijkheid dat alle 4 miljoen bibliotheekleden per 1-1-2013 in elke bibliotheek zouden kunnen lenen. Daar kwamen toen veel positieve reacties op.

Ondertussen in mijn mailbox
Een week geleden deden we hier een open voorstel om het niet bij woorden te laten blijven maar om het om te zetten in daden. Op die actie kwamen al veel minder reacties. Tenminste, niet openbaar. Wat u niet kon zien is wat er allemaal in mijn mailbox gebeurde. Ik heb mijn stoute schoenen maar aangetrokken en ben zo vrij geweest om alle secretarissen van provinciale netwerken aan te schrijven. Aan hen heb ik de vraag gesteld of het een interessant item zou zijn om het te agenderen voor hun netwerkoverleggen.

Verder heb ik ook de directeuren van VOB, Bibliotheek.nl en SIOB een mailtje gestuurd en gevraagd of zij wellicht de regie willen oppakken. En zo kreeg ik dus heel veel informele reacties terug. Ik loop er met u maar eens doorheen.

Gelderland, Brabant, Overijssel, Friesland, Noord- en Zuid-Holland en Limburg
Gelderland reageerde zoals verwacht: wij doen al aan gastlenen, wij zijn al gewend aan het uitlenen buiten de provincie dus wij verwachten geen enkel probleem. Sterker nog: wij zijn er klaar voor.

Verder sprak ik Marieke Hezemans, projectleider-van-het-eerste-uur in Brabant en zij meldde hetzelfde als Gelderland: in Brabant doen we al aan interprovinciaal gastlenen. Een uitbreiding zou dus heel logisch zijn.

Overijssel beslist over hetzelfde fenomeen in juni in een Bicat-directie-overleg. Komt vast goed. Jellie Tiemersma, Friesland, meldde elke actie met enthousiasme te begroeten. In Friesland leent men nu onderling ook al uit. De enige uitzondering daar is Smallingerland. Die heeft dit nog in overweging.

Wim Keizer kondigde aan dat het onderwerp geagendeerd wordt in de vergaderingen van de dagelijkse besturen van het provinciale directie-overleg in Noord-Holland en in Zuid-Holland.

Johan Hoenink (Limburg) meldt dat per 1 juni de eerste Limburgse bibliotheek start met gastlenen. En daarna zullen er vast meer volgen.

Flevoland en Stichting PSO’s
Ronald Spanier van de Flevolandse service-organisatie pleitte er bij mij voor dat de PSO’s in Nederland deze draad maar eens moesten oppakken. Tja, dat kan natuurlijk ook. Perry de Wit (Gelderland) meldt inderdaad dat het goed kan zijn dat dit binnenkort op de agenda staat van de provinciale coördinatoren van PSO's. Deze coördinatoren vormen een overlegplatform dat de ICT-ontwikkelingen afstemt met Bibliotheek.nl.

Ministerie van OC&W
In een twitterbericht liet Aad van Tongeren, beleidsambtenaar van OC&W, weten dat ze daar eigenlijk nog wel een stapje verder wilden gaan dan mijn voorstel. Maar helaas waren 140 tekens te weinig om dat precies uit te leggen. Maar ik kan me bijvoorbeeld voorstellen dat daar richting certificering gedacht wordt of als onderdeel in samenhangende wetgeving. En trouwens, ik zie dit voorstel ook niet echt als eindpunt maar vooral als tussenresultaat in een steeds verder groeiende samenwerking tussen bibliotheken.

VOB
Ap de Vries, directeur van de VOB, liet me weten dat het belangrijk zal zijn om te weten wat we er ongeveer voor moeten doen en wat het ons op gaat leveren. Inderdaad belangrijke vragen. En goed om de antwoorden met elkaar te organiseren.

En zo zal ik de komende dagen nog wel een aantal reacties ontvangen. Dus blijf ze vooral sturen.

En nu?
Wat kun je hier nu zoal uit concluderen? Nou, dat er veel enthousiasme is maar ook dat er een aantal provincies zijn die er eigenlijk al klaar voor zijn. Daarnaast zijn er verschillende gremia die het wellicht al aan het agenderen zijn. Tja, welk steentje kan ik nu nog het beste bijdragen?

Net voor het weekend had ik een telefoongesprek met de immer joviale Coen van Hoogdalem, secretaris van de VOB-commissies Digitale Bibliotheek en Marketing. Hij gaf aan dat de commissie Marketing er misschien ook goed wat mee kon doen. En al pratenderwijs kwamen er op uit dat we misschien samen maar eens op persoonlijke titel een bijeenkomst moeten organiseren voor iedereen die mee wil praten. Voor al die clubs die al bezig zijn, die het al geagendeerd hebben of die willen agenderen. En misschien moeten we dan met elkaar maar eens kijken wat er nodig is. En wellicht zou je in zo’n bijeenkomst Brabant en Gelderland eens naar hun eerste ervaringen kunnen vragen.

Wat denkt u, is het wijs om samen met Coen die handschoen zo op te pakken? Is er nog iets beters te verzinnen? Rijd ik per ongeluk iemand in de wielen? En: wat zou u zelf kunnen doen? Graag jullie advies.

En tot die tijd geloof ik nog steeds dat wij een item hebben in het acht-uur-journaal op 1 januari 2013.

Foto: The Italian Voice